Jump to content
Lyre Lennox

[1834/1835] Desmond & Lyre en het Geheim van het Duistere Doolhof

Recommended Posts

De kerkers - midden oktober - na het wegsluipen bij een rondleiding van de saaie Hoofdmonitor Samuel Everett...

 

"Kom nou Des! Kom! Voor hij er achter komt dat we weg zijn!" Lyre hield stevig de hand van Desmond vast, hem lichtjes achter haar aan sleurend over de trappen in het donkere gangenstelsel. Het was hier kouder dan boven de grond. En er hing zo nu en dan om de hoek een beetje viezige schimmellucht, alsof er een oude Roquefort kaas in een hoekje lag te vergaan onder een grote laag groene donsjes. Het zou vast lijken op een enorme grasberg, wat best cool was, maar het zou wel stinken. Een grote, stinkende grasberg. Misschien kreeg het wel pootjes! Lyre's fantasie sloeg voor een moment op hol en even schudde ze haar hoofd, om de gekke gedachten van zich af te gooien.

 

"Hier Des! Hier de hoek om!" Lyre kon haar enthousiasme bijna niet meer bedwingen. Ze had er zo naar uitgekeken om op avontuur te gaan met haar beste vriend! Ja beste vriend! Want Desmond was cool en ze konden het zo goed met elkaar vinden, dat ze hem zonder het te zeggen had gekroond tot haar beste vriend. Wist hij dit? Geen idee, zij vond dat het zo was, dus was het zo. Na een tijdje lopen merkte ze dat haar beentjes minder snel gingen en dat er nauwelijks voetstappen achter die van hen te horen waren. Ze draaide haar blonde krullenkoppie even om en begon toen wat onzeker om zich heen te kijken. "Ehh... Desmond...? Waar zijn we eigenlijk...?"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Ja, de rondleiding was echt heel saai geweest. En braaf. Samuel had niet eens vragen willen beantwoorden over geheime gangen, iets over dat die te gevaarlijk waren voor kinderen of zoiets. Pff. Desmond en Lyre waren toch geen kinderen meer? Ze waren volwassen! Nou ja, ze gingen naar Zweinstein en dat was volgend Desmond volwassen. Oké, officieel was dat natuurlijk vanaf zeventien, maar pff. Zeventien.

 

Goed, ze waren dus weggevlucht en nu renden ze samen door de gangen heen, op zoek naar… nou, eigenlijk nergens naar op zoek. Ze wilden gewoon zo ver mogelijk rennen! Desmond was sowieso veel te druk met te proberen niet te struikelen en adem te halen. Eigenlijk was hij best blij toen Lyre stil stond en hij leunde even hijgend tegen een muur aan.

 

”Geen idee,” zei hij, enigszins enthousiast. ”Wat gaaf dat de kerkers zo groot zijn!” Er was zoveel meer dan de lokalen! ”Kijk, een deur! Zullen we proberen of die open kan?” Enthousiast begon hij al aan de deurklink te rammelen.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Een deur! Desmond had een deur gevonden! Hij was briljant! Hij was geniaal! Hij was... traag want zij had de deur allang gezien. Alleen zij was niet zo slim, want ze had er niets mee gedaan. Desmond wel, die had direct een plan. Waarom had zij nou nooit een plan, zo snel als hij?! Het was soms niet eerlijk. En daarom was Desmond briljant en geniaal en was zij... iets minder briljant en geniaal. Ach, wat deed het er toe... samen waren ze ultra briljant en gigantisch geniaal. Punt.

 

"We kunnen het proberen. Stap eens opzij..." Lyre trok haar toverstok uit haar binnenzak en richtte het op de deurknop. "Alohomora." De deur klikte en kraste, maar echt openzwaaien deed hij niet. Ze had verwacht dat de deur spectaculair open zou zwaaien, zoals je in die avontuurlijke toneelstukken altijd te zien kreeg, maar het leek slechts alsof de deur werd opengeblazen door een dwarsliggend scheetje... flauw hoor. De deur opende zich in een kleine kier, die een soort groenig licht toeliet op het nieuwsgierige gezicht van Lyre. De kleine blondine grijnsde onheilspellend en trok aan Desmonds's gewaad. "Kom! We moeten verder kijken wat er achter de deur zit!"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Desmond mocht dan wel de deur hebben gezien, het was niet bij hem opgekomen dat je daar daadwerkelijk iets mee kon doen met een toverstok. ”Ooh,” zei hij dus ook, volkomen onder de indruk, toen Lyre de deur opentoverde. Nou ja, niet helemaal, op een kier toverde. Maar voor grijpgrage vingers die de rest van de deur open konden trekken was dat natuurlijk al meer dan genoeg.

 

”Ja!” zei Desmond enthousiast en hij trok netjes de deur open. Binnen was het… nou ja, groen. Hij zag niet zo direct waar het licht vandaan kwam, het leek zo’n beetje overal wel vandaan te komen, maar het licht was groen. ”Wauw,” zei hij en hij deed een stapje naar binnen. Oh, het kwam van de muren vandaan! Daar zat een soort groen, lichtgevend slijm op! ”Durf je het aan te raken?” vroeg hij aan Lyre, want zelf aarzelde hij een beetje.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Menig meisje van elf jaar zou met een verafschuwende en walgende blik hebben gekeken naar het groene, druipende lichtgevende slijm aan de muur. Het slijm dat enorm veel weg had van snot en dus automatisch een link legde tussen jongens van die leeftijd en tussen de groene, druipende viezigheid.

 

Het was dus een vrij logische reactie van Lyre om er spontaan op af te lopen met een twinkelende blik in haar ogen, om vervolgens haar luid joelende stem te horen in de galmende ruimte. "COOOOOOOL! Het is net snot!!!" Het meisje met de dansende, blonde haren ging naast haar vriend staan en reikte met haar vingertoppen naar de groene smurrie aan de muur. "Ik weet het niet... straks raak ik het aan en dan wordt ik ook groen..." Terwijl dat idee zich ontpopte in haar hoofd, kwam er een grote glimlach en een onheilspellende blik op haar gezicht. "...dat zou best wel cool zijn..."

 

In de verte klonk een luid rommelend, haast grommend geluid, dat de haren op Lyre's armen overeind zette. De onheilspellende lach trok weg en de twinkelende blik verdween uit haar ogen terwijl ze licht geschrokken naar Desmond keek. "...W-wat was dat...?" Kwam er als een zachte fluistering uit haar keel.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Lyre was stoer, dat bewees ze maar weer eens door naar voren te stappen en blij te joelen over hoe cool het spul eigenlijk wel niet was! Ja, het leek inderdaad wel een beetje op snot, maar waar dat ervoor zorgde dat Desmond het wat minder graag wilde aanraken, maar Lyre had daar helemaal geen problemen mee. Ja, wel misschien met dat het haar groen toverde, maar verder? ”Maar dat zou toch stoer zijn?” grijnsde Desmond. ”Dan ben je altijd te herkennen!” Hij porde even in haar nu nog witte huid.

 

Maar toen hoorde ook hij dat gerommel. Desmond keek verbaasd op, maar maakte zich niet direct zo’n zorgen als Lyre. ”Misschien viel er iets om?” stelde hij voor en hij wierp een blik naar de open deur. Die natuurlijk direct op dat moment dicht sloeg.

 

”Eh… Lyre? Ken je die spreuk nog van zonet?”

Share this post


Link to post
Share on other sites

"Eh... Welke spreuk ook alweer?"

 

Terwijl Lyre normaal gesproken met haar nieuwsgierige neusje in zo veel mogelijk spannende avonturen dook, begon ze hem nu toch wel een beetje te knijpen. Heel stiekem... Heel ontwijkend, omdat ze Desmond absoluut niet wilde laten merken dat de grote, heldhaftige Lyre Lennox eigenlijk zo mak was als een lammetje en zo bang als een bibberend schaapje. De dichtslaande deur liet haar hart een slagje overslaan en met een licht sprongetje draaide het blonde meisje zich razendsnel om. Met een angstige blik in de ogen keek ze even naar Desmond. Maar dit duurde niet voor lang, ze mocht niet laten zien dat ze een bangerik was!

 

"Ehm..."

Ze schraapte kort haar keel en trok even haar mantel recht. "Ik schrok niet... ik..." Lyre keek even vluchtig om zich heen, op zoek naar iets wat ze als reden kon gebruiken voor haar smoes. "...ik..." Haar grote ogen gleden in hoog tempo over de muren, de vloer en tot slot over een steen in de vloer die net iets hoger lag dan de anderen. "...ik struikelde een beetje over die steen." Ze wees parmantig met haar vingertje naar het uitstekende gesteente en wiebelde met haar grote teen er langs. De stof van haar schoen schuurde langs het oppervlak, tot ze er, zo impulsief als ze was, bewust op stapte. De steen zakte voor een stukje in en een luid geschuif, gebrom en gekraak vulde de ruimte. Een aantal meter verderop ontstond een donker gat in de lichtgevende, groene waas. Het leek wel een soort... poort? Zo stoer als ze maar kon kijken, keek ze naar haar vriend.

 

"Zullen we gaan kijken...?"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Welke spreuk dat was? Nou, de spreuk waarmee ze de deur open had gekregen, natuurlijk! Maar Lyre leek niet zo erg meer te weten wat ze nu allemaal aan het doen was en dat vond hij best sneu voor haar. Ze hoefde zich heus niet stoerder voor te doen dan ze was! En eigenlijk vond hij het dus ook best kwetsend dat ze tegen hem loog. Desmond pruilde naar haar, maar hij vroeg zich af of ze dat wel opmerkte met dat ze zo bezig was met die steen.

 

Maar hey, nu hadden ze wel een poort. ”Oh!” riep hij uit en nieuwsgierig stapte hij naar voren. Ze moesten dan wel door het slijm heen en daar had hij niet zo’n zin in want hij hield niet van slijmerige dingen, dat voelde altijd zo vies, maar er was niet echt een andere weg naar buiten. ”Oké, ik ga erdoor!” kondigde hij aan. Hij nam diep adem en dook met zijn hoofd naar voren door het slijm heen.

 

Ew, ew, ew, ew, ew, ew, ew, ew, ew! Hij had hierna echt een flinke douche nodig. Maar hij was nu wel terecht gekomen in een tunnel. ”Kom mee!” riep hij naar Lyre.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Lichtelijk walgend keek Lyre naar de druipende slijmproppen, die langzaam naar beneden gleden in de opening van de poort.

 

Gatver. Snot was best oké, maar dit werd wel een beetje goor... Ze had Desmond nog even in zijn hand willen knijpen, bemoedigend, om hem nog even dat steuntje in de rug zou geven voor hij zijn hoofd tussen de smerige slijmdraden zou steken. Met een half bemoedigende, half beschaamde blik keek ze toe hoe de jongen werd besmeurd onder het plakkerige goedje en in haar hart kreeg ze een beetje medelijden met hem. Ze wist dat hij niet zo veel van viezigheid hield en dit was wel heel erg veel viezigheid voor Desmond om doorheen te ploegen.

 

Al gauw volgde Lyre hem, rillend van het koude goedje dat langs haar wangen en hals naar beneden kroop. Voorzichtig probeerde ze hem in te halen in de tunnel, die steeds donkerder leek te worden. Het lichtgevende groene slijm langs de muren werd naarmate de tijd minder en minder, tot het pikkedonker hen op stond te wachten als een enge man in een nog enger steegje. Voorzichtig pakte Lyre Desmond's arm beet, gewoon omdat ze het stiekem ergens een beetje eng en spannend begon te vinden. De heldhaftige Lyre zakte een beetje weg in haar schoenen en keek met alerte ogen rond in het steeds donkerder wordende duister. 

 

"Weet jij die spreuk nog met dat licht?"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Desmond deed zijn uiterste best te negeren dat hij helemaal onder het slijm zat, want als hij er eenmaal over na ging denken, zou hij echt heel graag een bad willen nemen en dat kon natuurlijk niet, nu ze op onderzoek waren. Plus eh, de deur was dicht, dus ze moesten haast wel. Maar toch kon hij het niet helemaal laten om een klein beetje te rillen toen Lyre ook door het slijm heen kroop.

 

”Oh, ja!” zei hij enthousiast en hij greep zijn toverstok. ”Alohomora!” Nee, Desmond, verkeerde spreuk. Hij bloosde een beetje en probeerde het toen nog een keer: ”Lumos!” Ja, ha, dat was de spreuk die wat deed en een ietwat miezerig straaltje licht verscheen uit zijn toverstok. Maar hey, het was meer licht dan tot voor kort!

 

”Kijk, kijk,” fluisterde hij en hij wees naar de andere kant van de gang. ”Daar moeten we heen!” Hoopte hij.

Share this post


Link to post
Share on other sites

De lichtstralen van Desmond's toverstok deden haar bijna verblinden en even kneep Lyre haar ogen samen tot kleine spleetjes. "Ah, Desmond, dat is fel!" ​Al snel opende ze haar ogen weer tot ze weer normaal kon kijken, hoewel een diepe frons tussen haar wenkbrauwen nog duidelijk liet zien dat het felle licht niet echt prettig werd ontvangen door haar kijkers. Vlug keek ze in de richting waar Desmond naar wees en knikte ze gefocust. "Hm-hm... Daar moeten we heen..." 

 

Met een lichte twijfel stapte Lyre bij Desmond vandaan en nam ze een paar stappen vooruit, in de hoop dat haar vriend haar zou volgen. Toen besefte ze zich dat Desmond degene was met het licht en dat ze, als ze voor hem zou lopen, regelrecht het duister in zou stappen en dat was eng. Ho, wacht, eng? Ze vond toch niets eng? Ze was stoer! En dapper! En... ja toch stiekem wel een beetje bang in het donker. Dus zonder na te denken liep het kleine meisje weer terug naar haar metgezel en bleef braaf naast hem, zodat het donker haar niet kon grijpen... eh... zodat ze niet in het donker hoefde te lopen.

 

Plotseling zag ze iets bewegen in haar linkerooghoek en uit schrik sloeg Lyre een kreetje. "IEK!" Geschrokken sloeg ze haar handen voor de mond. Fluisterend richtte ze zich op Des. "Wat was dat?"

Edited by Lyre Lennox

Share this post


Link to post
Share on other sites

Fel? Verbaasd keek Desmond naar de punt van zijn toverstok. Zo fel was het licht helemaal niet! Hij had zelfs graag gewild dat het wat feller was. Hij had Caspian de spreuk wel eens zien gebruiken en bij hem was het echt een prachtige lichtstraal. "Alles wel oké met je?" vroeg hij voorzichtig, terwijl hij nog eens met zijn toverstok schudde, want hij vond het licht echt niet zo fel.

 

"Wacht op mij!" riep hij snel toen Lyre er dreigde vandoor te lopen, maar plotseling gilde ze. Snel flitste Desmond met zijn toverstok rond. "Wat, wat?" riep hij paniekerig. "Ik zag niets!"

Share this post


Link to post
Share on other sites

"I-ik denk het... Ik zag iets..." Lyre wees met haar vinger richting de kant waar ze een vluchtige schim in het duister had zien verdwijnen. Het was best wel eng geweest, maar misschien had ze het zich gewoon door de spanning een beetje verbeeld. Misschien was ze zo onder de indruk van alle geheimzinnige dingen die op hun pad kwamen, dat ze begon te hallucineren. Of misschien had dat groene slijm haar brein aangetast en kon ze beter even blijven staan waar ze stond. Ze verzette haar voet naar een iets uit de grond stekende steen, die leek weg te zakken, zodra ze haar gewicht er heen verschoof.

 

Van dat even blijven staan kwam niet veel terecht, want voor ze het wist voelde ze de stenen onder haar voeten verdwijnen. Een groot gat bevond zich op de plek waar Lyre zojuist had gestaan. Juist, gestaan, want ze stond er niet meer. In de donkere diepte galmde haar stem na.

 

"AAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAAH!"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Lyre! Geschrokken deed Desmond nog een poging zijn beste vriendin vast te pakken, maar ze was allang verdwenen in het gat dat plotseling was ontstaan! Hij zakte neer op zijn knieën. "Lyre!" brulde hij naar beneden. "Lyre, waar ben je?! Is alles oké?" Wat als ze gewond raakte! Hij zou een leraar moeten zoeken!

 

Of hopelijk was ze helemaal in orde en kon hij haar volgen, maar dan moest hij het wel zeker weten…

Share this post


Link to post
Share on other sites

"Ik ben hier!"

 

Lyre schreeuwde zo hard ze kon, maar de afstand die haar lichte stem moest overbruggen was vrij groots. Het klonk hol op de plek waar ze was. Verder was er voor haar niets bekend van de ruimte waar ze zich in bevond, alleen dat het hol klonk... O, en dat ze zacht was geland. "Ik ben oke! Zachte landing!" Zachtjes tastte ze in het duister om zich heen, op zoek naar iets wat bekend kon voelen, maar het enige wat ze voelde was een soort veerachtige ondergrond. Heel zacht, alsof ze was geland op het bed van een stinkend rijke koning. Een matras gevuld met veren... Dat bewoog. Op de maat van haar ademhaling...

 

"Des! Doe eens lumos door het gat heen! Dan kunnen we misschien wat zien!"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Desmond kon opgelucht adem halen, want blijkbaar was er helemaal niets aan de hand. Ja, ze klonk wel ver weg, maar blijkbaar was de landing behoorlijk zacht geweest. "Gelukkig!" schreeuwde hij terug naar beneden. Maar dan was het natuurlijk wel de vraag waar ze was en hoe ze haar ooit weer omhoog moesten krijgen. Misschien dat hij toch maar een leraar moest gaan halen.

 

"Dat is geen goede grammatica," mompelde Desmond tegen zichzelf, maar hij deed toch braaf wat Lyre van hem vroeg en liet zijn toverstok boven het gat hangen. "Zie je iets?" brulde hij, want hij zag Lyre nauwelijks… Misschien moest hij zelf naar beneden springen.

 

Aan de andere kant, wat als ze er dan nooit meer uit zouden kunnen komen?

Share this post


Link to post
Share on other sites

Met grote ogen keek Lyre naar het licht in de duisternis. Haar pupillen versmalden zich van grote soepborden tot speldenknopjes.

 

"Eh-"

 

Het zachte, veertjesachtige dek waar ze op zat, was inderdaad van veren gemaakt. En het rook zelfs naar veren. Sterker nog... het rook naar eend. Pekingeend? Nee. Dat rook lekker, als het tenminste goed was klaargemaakt met een lekker kruidendekje. Nee, Lyre rook de boerderijeenden die ze wel eens had geroken bij het meertje, vlakbij haar huis. Die roken gewoon naar eendenpoep en vettige verendons. Het verendek onder haar bewoog. Op en neer. Heel rustig, als een ademhaling. In het duister zag Lyre een schim, maar ze kon niet goed zien wat het was.

 

"Desmond, wil je je toverstok iets meer naar links richten...?"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Oké, zijn toverstok dus iets meer naar links! Desmond deed direct wat Lyre zei en scheen zijn toverstok direct naar links. Het was nogal donker daar, maar in de schaduwen zag hij wel vaag iets. Iets… met ogen?

 

Geschrokken gaf Desmond een gil en sprong hij naar achteren, maar er gebeurde nog iets veel ergers… door alle schrik was zijn toverstok uit zijn handen gevallen en die viel nu recht naar beneden!

Share this post


Link to post
Share on other sites

  • Recently Browsing   0 members

    No registered users viewing this page.

×