Jump to content
Piaras O'Hara

[1838/1839] The almosts

Recommended Posts

Dinsdag 23 oktober 1838 - 's middags tijdens een vrij uur

 

Goh. Hand in hand lopen met iemand was eigenlijk best wel ongemakkelijk, als je er heel goed bij nadacht en nu was Piaras niet echt het type dat heel goed bij dingen nadacht, het was en bleef Piaras, maar dit was de eerste keer dat hij in het openbaar iemands hand vasthield en dat was... raar. Hij kreeg het niet helemaal goed voor elkaar om hun handen perfect in elkaar te laten passen. Moest hij bijvoorbeeld gewoon haar hand vasthouden of moesten ze hun vingers verstrengelen? En daarbij, wat was beter, zijn linkerhand of zijn rechterhand? De buitenkant of de binnenkant?

 

Ingewikkeld, hoor.

 

Maar goed, tot nu toe had Eleanora niet geklaagd en ze waren helemaal vanaf hun lokaal naar de binnenplaats gelopen, want de zon scheen en het was buiten warmer dan het leek. "Mooi weer, he?" glunderde hij dus naar haar. "Wat is je lievelingskleur eigenlijk?"

 

Dat moest je weten van je vriendinnetje, toch?

 


 

Privé! 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Ach, Eleanora dacht nooit zoveel over de dingen na, niet over hoe ze iemands hand moest vasthouden, niet over dat dit de eerste keer was, nah, alleen maar dat ze Verliefd was, zo verliefd, en daarmee kon ze al de rest invullen. Hoe ze handjes moesten vasthouden (vingers verstrengeld, wat Eleanora dan ook snel bewerkstelligde), waar ze over moesten praten, hoe vrolijk ze uit de ogen dienden te kijken… Het voelde als een sprookje en dat zou het ook zijn — met de prinses en de ridder en de draken van broers die haar niet steunden. Stomme Henry. Maar Piaras maakte het allemaal goed!

 

‘Hmmmm…’ Wat haar lievelingskleur was, was heel belangrijk om goed op te antwoorden. Piaras zou dat namelijk ongetwijfeld onthouden en haar allerlei bloemen geven in die kleur (TOCH), dus ze wilde er goed over nadenken in de mate dat ze dat wel moest doen hier, want het moest natuurlijk wel spontaan en oprecht blijven. ‘Roze, denk ik! Of nee, paars. Of oranje, dat is zo vrolijk… Of zou het geel moeten zijn? Omdat dat mijn afdelingskleur is? Ik ken niemand wiens lievelingskleur geel is!’ Wat een mysterie ook weer. ‘Wat is die van jou? Geel toevallig?’ Haar snoet stak ze parmantig in de zon, alle opmerkingen over dat ze bleekjes blijven moest negerend. ‘Ik hoop dat het zo warm blijft,’ zei ze dromerig, ‘dan zouden we kunnen picknicken!’

 

Heel romantisch.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Roze, of paars, of oranje, of geel... Ja, dat was wel eigenlijk ingewikkeld, bedacht Piaras zich met een frons, want hij wilde best weten wat Ellie's favoriete kleur was, vooral zodat hij er enthousiast naar toe kon wijzen zodra hij iets zag in haar kleur, want dat deed je met favoriete kleuren, toch, maar dan moest hij het maar gewoon met al die kleuren doen! Opgelost! "Kijk!" zei hij dus ook enthousiast en hij wees naar een oranje bloempje. "Ik denk niet dat je per se als lievelingskleur de kleur van je afdeling moet hebben," zei hij wijs. "Mijn lievelingskleur is ook niet rood! Maar felgroen. Niet Zwadderich-groen, dat is saai, maar... geelgroen!" Hij glunderde, want het was de beste kleur ooit, dank je wel!

 

Oh ja, picknicken! "Leuk!" zei hij enthousiast. "Ik houd van picknicken! Al die lekkere hapjes... Ik hoorde ooit eens dat er een kamer op Zweinstein is waar je in kunt picknicken!" 

 

Hij had jeuk, maar de hand waarmee hij altijd krabde was nu bezet... 

Share this post


Link to post
Share on other sites

‘Geelgroen?’ herhaalde Eleanora, ergens verbaasd. ‘Ik ken niemand anders van wie dat de lievelingskleur is!’ Oh, was haar vriendje niet bijzonder? Zo uniek? Nu ja, Eleanora was sowieso stiekem gefascineerd door alles wat hij deed, al was het maar omdat hij haar vriendje was en het zo verwonderlijk was dat er eindelijk iemand op die manier naar haar wilde kijken, nadat ze al die tijd met afgunst naar al haar vriendinnen had zitten loeren, zich afvragend wat er nu mis was met háár, maar kijk, al die zorgen waren voor niets geweest, dus haar verbazing was niet zo… verbazingwekkend. Zeg maar.

 

‘Is er echt zo’n kamer?’ Hoezo had zij die nog niet gevonden! Goed, goed, Ellie was niet de meest avontuurlijke persoon ter wereld, in alle eerlijkheid – zo veel van Zweinstein had ze nog niet ontdekt. Ze volgde haar vriendinnen overal heen, maar ze sleurde enkel en alleen anderen mee op de reeds betreden paden. Was dat laf? Ze wist het niet. Het maakte haar evenmin veel uit, eigenlijk. ‘Ben je er ooit geweest?’ Piaras enigszins haar richting op trekkend ging ze de kant op van een bankje, in de zon geplaatst, waar ze snel op ging zitten. ‘Is het eigenlijk wel leuk om binnen te picknicken? Dat moet buiten, vind ik.’

Share this post


Link to post
Share on other sites

Oh, Piaras vond zichzelf helemaal niet zo bijzonder, hoor. Hij was toch niet even slim als zijn broer of elke Ravenklauwer, niet zo ambitieus als Ella, niet zo vriendelijk als Eleanora? Hij hield wel van dingen doen, maar zonder daar zich wat van aan te trekken of anderen het ook deden of niet. Hij was net zo makkelijk een leider als een volger, zag in allebei geen enkel probleem. Het enige wat Piaras echt wilde, was afwisseling. "Niet?" vroeg hij dus verbaasd. "Ik ook niet, hoor, maar het is zo'n vrolijke kleur!" 

 

Braaf volgde Piaras Eleanora naar het bankje, want als je eenmaal handen vasthield met iemand anders kon je maar net zo goed gewoon volgen, voordat ze je helemaal ergens heen begonnen te trekken, en hij plofte vrolijk naast Eleanora neer. "Nee, nog nooit," gaf hij toe. "Ik heb er alleen van gehoord. En ja, buiten picknicken lijkt me wel leuker," knikte hij enthousiast. "Maar dat kun je alleen doen als het echt zomer is en dat is toch zonde?" Er zou een winterse versie moeten zijn! Op de één of andere manier. "Wat doe jij het liefste in de winter?" 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Kon je echt alleen maar picknicken in de zomer? Ja, ja, het was een stuk kouder dan, maar hoefde dat echt de end all, be all te zijn? Eleanora voelde zich niet graag gebonden aan alledaagse zaken zoals seizoenen en wat ze al dan niet in die perioden mocht doen. Kom op, ze hadden magie! Alles kon! Haar liefste vader keek soms verwilderd naar alle wilde plannen, niet mogelijk in de dreuzelse wereld, gelukkig wel in de magische wereld (de mogelijkheden waren eindeloos! Dat besef alleen al had de sterren in Eleanora’s glanzende ogen geplaatst van kinds af aan, Henry overal naartoe volgend in de hoop dat hij nog eens iets moois zou doen met de magie die hij tentoongesteld had), maar Piaras zou dat niet doen. Piaras was zoals zij, in meer opzichten dan enkel het feit dat ze allebei magie bezaten. Uit hetzelfde hout gesneden, zoals dat genoemd werd.

 

Ze vond het een interessant spreekwoord. Stelde zichzelf altijd als een Pinokkio voor. Al bij al was ze blij dat ze van vlees en bloed was — ze kon zich niet voorstellen dat ze er mooi zou uitzien in haar houten huid.

 

‘We kunnen het vast wel vinden!’ zei Ellie vol zelfvertrouwen. ‘De oudere leerlingen hebben er vast ook wel van gehoord en kunnen ons dan wel tips geven.’ Of hen ernaartoe brengen, dat kon ook, maar dat klonk toch net wat minder avontuurlijk. ‘Maar buiten picknicken in de winter… Zou dat niet bijzonder zijn?’ Zo mooi! Op de witte sneeuw, een tafereel uit oude sprookjesboeken, hij en zij, hen alleen, de wereld voor twee tieners en niemand anders. Was dat niet romantisch? Ze kon zich de frisse geur van het onder sneeuw bezaaide schoolterrein al inbeelden, als was het een verse herinnering in plaats van een verzonnen droombeeld. ‘Hoe moeilijk kan het zijn! Er zijn vast spreuken om ons warm te houden.’ Ze giechelde. ‘Ik ken ze gewoon niet.’ Tja. Maar dat was niet erg, toch? Alles weten was geen vereiste om een goed persoon te zijn! ‘Sleeën! En sneeuwballengevechten.’ Voor iets anders had ze veel te veel energie. ‘En daarna warme chocolademelk met heel, heel veel slagroom. Zo’n hele berg!’ Wat was mate? De mens was de maat van alle dingen en daarmee ook van hoeveel slagroom redelijk was. ‘En jij?’

Share this post


Link to post
Share on other sites

Oké, oké, als ze het zo zei, klonk het ook wel fantastisch en magisch en als een hele beleving waarvan Piaras zich op dit moment niet kon bedenken waarom niemand anders het zo had gedaan. Waarom zou je alleen heel saai buiten picknicken in de zomer, als iedereen het deed, als het 's winters zoveel mooier was! "Dit moeten we gaan doen," zei hij enthousiast. "Picknicken! In de winter! Die spreuken ken ik ook niet, maar ik zoek ze wel op." Of hij vroeg iemand om het ze te leren, want Piaras had dit jaar nog maar één keer een boek geopend. Vraag maar niet hoe hij dat over het algemeen deed met huiswerk en in de les en zo.

 

"Sneeuwde het maar," zei hij triest, terwijl hij een blik naar buiten wierp. Nou ja, het sneeuwde vast wel een beetje, maar niet op de manier zoals hij wilde, met dat er overal een meter sneeuw lag en het meer bevroren was! "Zullen we dan ook anderen uitnodigen of wil je met zijn tweeën picknicken?" vroeg hij enthousiast, want met Eleanora wilde hij alles doen wat zij ook wilde.

 

"Ik houd van marshmallows!" knikte hij gretig en zijn ogen begonnen te glimmen. "In het winter kunnen we wel een vuurtje maken om ons warm te houden en dan gaan we marshmallows roosteren! Die kunnen ook wel in de chocolademelk." Deed hij eigenlijk nooit, omdat zijn moeder dan heel boos keek, maar het kon wel. "Ik houd van hele hoge bulten sleeën! Zouden we van het dak van de Grote Zaal kunnen sleeën? Als we allerlei sneeuw naar de zijkant brengen?" 

 

Kon niet misgaan. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Create an account or sign in to comment

You need to be a member in order to leave a comment

Create an account

Sign up for a new account in our community. It's easy!

Register a new account

Sign in

Already have an account? Sign in here.

Sign In Now


  • Recently Browsing   0 members

    No registered users viewing this page.

×