Jump to content
Sign in to follow this  
Isaiah Haysward

[1837/1838] You're the light at the end of my immortality

Recommended Posts

26 januari 1838

 

Als Isaiah eerlijk was, vond hij er echt geen zak aan om verliefd te zijn op iemand. Het was niet per se interessant, het maakte hem niet eens efficiënt of productief, meer het tegenovergestelde, het was gewoon zo’n zeurend geval in zijn achterhoofd. Verholen woorden, de hoop dat hij erin lezen kon wat hij erin wilde lezen, die minieme eer van een glimlach en de preken die hij zichzelf achteraf gaf. Uiteindelijk, uiteindelijk sloeg het nergens op. En het duurde verdomme al veel te lang dat hij Douglas Carrington niet uit zijn hoofd kreeg, dat hij op de één of andere manier elk detail van zijn gezicht geïnventariseerd had, een nauwkeurige kaart van Douglas in zijn hoofd, de echo van zijn stem na elk gesprek met hem.

 

Hij dacht niet dat het wederzijds was. Wat oké was. Het was niet zo alsof er iets inzat – hij was getrouwd, Celia was een curieuzeneuzemosterdpot voor wie het nu al irritant genoeg was om geheimen te bewaren, hij zou bij God niet weten of Douglas op mannen viel, en dan nog had je het punt of het het waard was om zulke verlangens in de praktijk om te zetten. Kosten-batenanalyse. Die van Isaiah spraken zich nooit uit vóór een schalks initiatief.

 

Niet dat hij daarnaar geluisterd had toen Douglas weggewild had van een veel te lang uitgerokken bal waar Isaiah enigszins verplicht aanwezig was geweest (niet dat dat op zich verbazend was geweest, hij ging zelden naar dit soort dingen als hij er niet toe verplicht was, oftewel door maatschappelijke verwachtingen waar hij niet onderuit kon, oftewel door zaken), toen hij zichzelf had verteld dat Celia wel zelfstandig thuis kon geraken (hij kon zich niet voorstellen dat ze het erg zou vinden om uit het zicht van zijn waarschuwende blikken te kunnen zijn) (hij kon zich ook niet voorstellen dat hij het resultaat daarvan op prijs zou stellen, maar hij kon verdomme geen nee zeggen als Douglas het aan hém vroeg), toen hij met een laatste blik op de zaal Douglas naar de achteruitgang leidde en hem vroeg waar hij naartoe wilde.

 

Niet dat hij naar ook maar íéts luisterde dat hem normaliter enige rede in de oren zou fluisteren, niet dat het hem uitmaakte, niet dat hij ergens anders zou willen zijn, toen hij lachte om de laatste grap die Douglas had gemaakt. Stom, wellicht. Maar ergens maakte ook dat hem geen zier uit nu. Het was gewoon… simpel. Hij wist nauwelijks waar hij was, Douglas had hen hiertoe geleid, hij kon zich de laatste keer dat hij zorgeloos haast gedronken had met iemand en lachte en zich op een vreemdsoortige manier gewichtsloos voelde niet herinneren, maar hij herinnerde zich sowieso geen kut meer van iets anders dan nu. Alsof er alleen maar nu was.

 

En dat was niet zo, maar hij wilde wel heel graag dat het zo was.

 

‘Ik ben nog nooit in Amerika geweest,’ gaf hij toe, om aan te sluiten op Douglas’ verhaal erover, ‘maar het klinkt alsof ik er eens heen moet.’ Misschien, misschien ooit, misschien als Douglas hem er de weg wilde wijzen, misschien als hij ooit afleerde om daarop te hopen. ‘Wil je er zelf nog naar terug? Om er te gaan wonen en zo?’

 

OOC: Privé met Lily! <3

Share this post


Link to post
Share on other sites

Na al die tijd raakte hij toch nooit echt gewend aan de verplichte feesten van de elite. Hij wist prima hoe hij zich moest gedragen, wist hoe hij zich moest kleden (en als hij dat niet goed deed dan had hij altijd zijn zus die scherp maar raak commentaar kon geven). Hij was in deze wereld geboren dus het zou hem eigenlijk makkelijker moeten afgaan dan ademenen. Maar hij kon nooit helemaal wennen aan de sfeer, aan hoe alles zo nep was, aan hoe iedereen wist dan iedereen gewoon regels volgde en het allemaal niet meende en iedereen dan ook heel erg negeerde dat ze dat allemaal wisten. Hij kon het wel, maar hij kon het niet zonder dat hij zich altijd een vreemde eend in bijt voelde terwijl hij dat absoluut niet was.

 

En waar hij dit niet zo makkelijk kon doen als ademen was het verrassend makkelijk om weg te lopen en je avond voort te zetten met de persoon die je toch wel de adem benam. Zelfs al was hij daar dan niet van jongs-af aan op voorbereid. Het was gewoon organischer en echter. Maar alles leek beter te zijn met Isaiah, alsof hij nergens meer over hoefde te denken omdat het toch wel goed zat. Puur omdat het gewoon zo was.

 

Ik wil sowieso terug”, hij knikte driftig en liet nog net zijn glas uit zijn handen glippen. “Wonen weet ik niet, het is niet alsof ik echt iets heb om naar terug te gaan en ik ben nooit goed geweest in van iets niets maken”, hij was beter in andermans dingen overnemen (zoals zijn vader wilde) en er dan compleet zijn eigen draai en charme aan geven (zoals zijn vader vooral niet wilde) “Maar het is prachtig daar, we moeten- ik bedoel je moet echt eens- we kunnen er wel heen als je wilt ooit”, en hij glimlachte breed om even te verbergen dat hoewel dit hem zo makkelijk af ging hij toch soms vergat dat makkelijk en snel niet altijd de goede weg was.

 

Al wilde hij prima verdwaald raken als Isaiah met hem mee kwam.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Ergens wilde Isaiah protesteren, beweren dat Douglas juist goed was in van niets iets te maken – hij had ooit niets bij zijn naam gevoeld, immers, en nu wel, nu wel, en Isaiah had er echt niets mee te maken gehad, had geen enkele steen op zijn plaats gelegd voor de kathedraal waar hij elke gedachte aan Douglas stockeerde, echt niet – maar hij hield zijn mond, voor een keer. Meer omdat er te veel woorden uit zouden rollen, zinsneden die het daglicht nooit zouden mogen zien, als hij zichzelf toeliet nu iets te zeggen, dan omdat hij echt wilde beamen wat Douglas zoal zei.

 

Het was vreemd, ergens. Hij was nooit het type geweest dat teveel zei, altijd te weinig, weinig woorden, een boodschap meer in daden dan iets anders. Maar als hij bij Douglas was, wilde hij zichzelf wel uitleggen – gewoon, omdat hij een antwoord wilde horen, omdat hij wilde dat Douglas hem kende, omdat het meest op risico beluste deel van hem voor één keer zijn lot in andermans handen wilde gooien.

 

Hij had een hekel aan verliefd zijn, mocht dat nog niet duidelijk zijn. En hij wilde Douglas haten om zo gewillig het onderwerp van zijn laatste dagdromen aan te reiken, maar zelfs dat kreeg hij niet voor elkaar.

 

‘Ik ben er zelf nog nooit geweest,’ gaf hij toe. Hij was weleens uit Engeland geweest, dat wel, maar nooit ver weg, nooit uit Europa. Hij wist dat hij dat kon, in principe, in principe, maar het kwam er niet van. Of zoiets. Maar hij volgde Douglas met alle liefde overal heen. ‘We… kunnen weleens gaan.’ “Als hij wilde”, kom op, net alsof hij ooit nee zou zeggen tegen een reis met alleen Douglas. ‘Wanneer wil je gaan?’

 

Isaiah zei graag van zichzelf dat hij voor geen meter op zijn familieleden leek, maar hij was net zo impulsief als zij zodra hij in een achteloos moment zijn hart verloor. Ha.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Wanneer hij wilde gaan? Als het met Isaiah was dan was gisteren nog niet vroeg genoeg. Dan was het alsof er altijd te weinig tijd was omdat ze zoveel moesten inhalen. Omdat hij aan de ene kant niet te hard van stapel wilde lopen, liefdesverhalen die te hard liepen waren sneller voorbij leek wel, maar aan de andere kant vooral alles wilde weten, alles wilde vertellen, alles, alles wilde zolang het met Isaiah was. En dan was alle tijd van de wereld nog niet lang genoeg om dat te bereiken.

 

Maar ze hadden in elk geval nu. En daar moesten ze het mee doen.

 

Ik eh”, hij draaide zijn glas een paar keer rond in zijn hand en tikte het in een teug achterover. Om ready te zijn als Isaiah nu ja zou zeggen, om moed in te drinken om zijn antwoord eruit te gooien en om te kunnen doen alsof het een dronken opwelling was geweest en er hopelijk om te kunnen lachen zonder dat er meer dan zijn ego kapot ging als het antwoord nee was. “Wat dacht je van nu? het is daar nog wat vroeger dus er zijn nog dingen te zien ” Of was het daar later hij wist het niet eens meer in zijn enthousiasme.


Aka zijn schrijfster moet even tijdzones gaan googelen.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Isaiah lachte even bij het idee – nu vertrekken, gewoon opstaan en gáán, en dat samen met hem, hem, hem, de controlefreak, de persoon met routines en regels, die zich pas op zijn gemak voelde als hij alle touwtjes in handen had en ieders volgende stap met zekerheid voorspellen kon – maar omdat hij verdomme gestoord werd van Douglas’ aanwezigheid, stond hij op en stak hij zijn hand uit naar Douglas om hem overeind te helpen. ‘Laten we gaan dan,’ zei hij, vreemd zeker van zichzelf en van deze beslissing. Naïef en impulsief en gedreven door innerlijke driften en hij vond het niet eens erg ook.

 

En dus gingen ze. En dat was dan dat. In zijn hoofd plande hij onderweg wat er nu nog diende te gebeuren, maar eenmaal daar was het gemakkelijk om te vergeten, iets te zeer bezig met het algehele feit dat hij van een verplichte receptie naar Amerika was gegaan op een paar uur.

 

Ergens was het schandalig hoe snel je daar kon geraken met magie en met genoeg geld, maar Isaiah was bekend genoeg met schande, dus wat zou het. Hij keek om zich heen, een aandachtige blik naar de omgeving, de wereld waar hij nu zijn eerste stappen op zette, voor zijn ogen zich schuldig terug naar Douglas kropen. ‘Dus hier ben je opgegroeid?’

 

Wauw. Wat was hij weer goed in gesprekken.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Hij knikte, even zelf niet in staat om het gesprek echt voort te zetten. Niet omdat Isaiah’s gesprekstof nu echt zo slecht was maar omdat het gewoon vreemd was om hier te zijn. Hij was niet eens zolang in Engeland. Was langer hier geweest in de ivoren torens van de magische gated-community waar ze stonden en waar ze, als ze langs een paar perfecte groene grasveld tuintjes, met bloemen die nooit stierven en waar er regels waren in tot hoever je je gras moest knippen, zouden lopen ze ook de poorten van zijn eigen huis zouden bereiken. Maar opgegroeid klonk zo ver weg, deze plek was zover weg, alles wat hij hier had gehad was zover weg.

 

En ergens ver weg was hij daar misschien vrede mee aan het krijgen. Want het maakte niet echt uit waar hij was maar met wie hij was. En tot voor kort had hij nooit zo kunnen denken.

 

Maar nu hij hier was met Isaiah besefte hij het wel een beetje. Het was fijn om de plek van zijn jeugd te kunnen laten zien maar het liefst had hij dit zo snel mogelijk voorbij zodat ze ergens anders eigen herinneringen konden maken.

 

Opzich kon dat nu ook.

 

En onder dat idee kuste hij Isaiah dan ook nu, voorzichtig maar wel met de nieuw gevonden zelfverzekerdheid van dit besef.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Amerika was mooi, Douglas’ plaats van herkomst was er één waar hij wel vaker wilde komen, maar Isaiah zou tegen zichzelf liegen als hij hier zou kunnen terugkomen zonder alles aan Douglas te linken. Het voelde zo… zijn plek. En dat was wellicht ook zo, het was meer Douglas’ plek dan het ooit van Isaiah zou zijn, het had hem meer gemaakt dat het hem ooit zou raken, maar tegelijkertijd was dat precies waarom het hem ergens, ergens, ergens raakte. Gewoon. Dat Douglas hem hiernaartoe had genomen.

 

Dat was de alcohol, besloot hij, enigszins koppig. En precies op het moment dat hij dat besloot, besloot Douglas om hem te kussen, voorzichtig en aftastend.

 

Een tel bewoog Isaiah niet, meer omdat hij het niet kon verwerken dan omdat hij het niet wilde, maar zodra zijn trage, trage hersenen er een tekeningetje bij gemaakt hadden, beantwoordde hij de kus. Voorzichtig eerst, eveneens, maar iets aan het gevoel maakte dat Isaiah in het meest roekeloze deel van hem, normaliter altijd goed weggestopt achter lagen en lagen van arglistige argwaan, niet voorzichtig wilde zijn. Niet meer.

 

Hij wist niet wat hij moest zeggen toen de kus heel even op pauze werd gezet, maar aan de andere kant wist hij dat nooit, dus wat zei dat, werkelijk. ‘Ik wist niet…’ Hij kapte zichzelf af, keek heel even om zich heen om te zien of er iemand keek – ja, wat, dat deel van zichzelf zou hij nooit verliezen – en trok Douglas toen wat dichterbij om hem voor een tweede maal te zoenen. Daarin was hij beter, geloofde hij, dan in spreken.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Create an account or sign in to comment

You need to be a member in order to leave a comment

Create an account

Sign up for a new account in our community. It's easy!

Register a new account

Sign in

Already have an account? Sign in here.

Sign In Now

Sign in to follow this  

  • Recently Browsing   0 members

    No registered users viewing this page.

×