Jump to content
Seneca Damarcus

Cold and self-involved

Recommended Posts

De enige reden dat hij door deze weerzinwekkende kou aan het strompelen was, kwam omdat zijn gerenommeerde wijn voorraad inmiddels een niet-bestaande was geworden. Na het opdrinken van de laatste fles, waarbij hij alweer om tien uur s ’avonds de bodem al kon zien, was zijn dorst nog niet gelest. Nu liep hij hier, omhuld in zijn gebruikelijke driedelige pak en een met bond gevoerde mantel waar een klein geheim achter zat. Niet alleen was de mantel een steenduur stuk uit zijn collectie, ook  - en dit had hij nooit iemand verteld – was het bond gemaakt van de vacht van kleine wit gekleurde puppy’s. Niet dat hij ze zelf vermoordde, aangezien hij het zich niet kon permitteren om zijn handen vuil te maken aan bloederige hondjes, maar achteraf waren genoeg tovenaars in zijn duistere kringen die wel voor een paar galjoenen wat hondjes wilden doden. Hij had al zoveel gebruikelijke stoffen en materialen in alle vormen en maten, dat hij eens in de zoveel tijd wat aparts nodig had. You can’t blame him right?

 

Seneca was enkel en alleen een diepe schaduw in de slecht verlichte straat en onder zijn kap was alleen de kleine twinkeling van weerkaatsing te zien in zijn diepbruine ogen. De oranjekleurige gloed die door de geruite ramen op de kozijnen viel, de rookpluimen die uit de ouderwetse schoorsteen omhoog rezen en in de donkere lucht deden vervagen, het toosten met het getik van glas tegen glas en het aangename bulderende gelach van gasten die zich er al vermaakten; De Koperen Ketel was een ietwat minder aangename plek om zijn alcoholinname te vergroten, maar wellicht was er nog een kans op menig gezelschap voor de nacht. Wat interesseerde het hem ook, hij had zoveel op dat er meer bittere substantie in zijn bloedbaan zat dan de lichaamseigen stof zelf. Het was uiteindelijk een zachte plof dat klonk toen hij neerkwam op de barkruk en na een kleine wuif met zijn hand stond er binnen no-time een jenever voor zijn neus. Genoeg wijn, het was tijd voor het zwaardere geschut.

 

@Tabitha Fox

Share this post


Link to post
Share on other sites

Tabitha was dronken, zo kon je haar op dit moment eigenlijk wel het beste beschrijven. Ze had een drankspelletje gespeeld met een groepje jongens en het was nu eigenlijk haar taak om naar de bar te lopen en een nieuw stel shotjes te bestellen, maar eigenlijk begon Tabitha de jongens best vervelend te vinden. Ze waren meer bezig met elkaar te overtroeven dan met haar en dus was Tabitha alleen van plan om naar hen terug te keren als er bij de bar niet iemand interessanter was. Of leuker. Of rijker. Of überhaupt iemand die naar haar keek, want op dit moment nam ze overal genoegen mee. 

 

Enigszins wankelend en heel wat giechelend had ze zich eindelijk richting de bar gelanceerd en daar kwam ze terecht naast een man die haar bekend voorkwam. Oh, was dat niet de nieuwe leraar Verweer tegen de Zwarte Kunsten op Zweinstein? Streng en veeleisend, maar daar hield Tabitha op zich wel van, hoor. Voldoen aan iemands eisen was toch altijd een beetje een uitdaging... Ook al was ze ook wel een tikje lui. Er moest wel iets tegenover staan, hoor.

 

"Oh hallo," zei ze zwoel, terwijl ze naast hem tegen de bar leunde en langzaam haar ogen over hem liet glijden. Hij zag er altijd goedgekleed uit, alsof hij zijn kleren met zorg uitkoos en het niet erg vond om daar veel geld aan uit te geven... Jongens van haar leeftijd hadden nog wel eens dat gevoel voor stijl niet en Tabitha had helaas niet genoeg geld om zich zo te kunnen kleden. "Je bent toch niet eenzaam?" 

 

Ergens hoopte ze dat hij haar niet zou herkennen als die zesdejaars die altijd maar net voldoendes haalde. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Het was eigenlijk iets om voor te schamen, dat hij zo dronken was in het openbaar, terwijl hij bekend stond als een machtig tovenaar. Hij zag er uit als een man waar menig mens grapjes om maakt. Een man dat stilletjes zijn verdriet weg dronk van zijn bittere bestaan. En het ergste was nog dat niets daarvan was gelogen, want ook hij was die man van de grapjes. Alleen was hij een man met macht, dure kledij, een bekende naam en een ‘goed’ betaalde baan. Dat maakte het hele tafereel alleen nog maar treuriger. En wat voor verdriet had hij nou eigenlijk? Een vervelende jeugd, niet veel liefde gekend? Hij moest zich er niet zo ellendig om voelen, want eigenlijk is hij alleen maar in het voordeel geweest zijn gehele leven. Hij had niets om kwijt te raken, geen gevoelens die gekwetst konden worden en geen emoties die hij hoefde te tonen. Hij was rijk, had macht en er waren genoeg mensen die hem vreesden. Meer had hij niet nodig.

 

Een kleine grinnik ontstond bij de hersenspinsels die door zijn hoofd tolden. Hij dronk juist om dit soort gedachten uit de weg te gaan, maar telkens kwamen ze steeds meer onrealistisch terug. En als hij niet in gedachten verzonken was en genoot van zijn eigen miserabele zelf, dan stond er wel weer iemand naast hem om hem te storen. Kleine onschuldige meisjes die naar hem hapten alsof ze hem allemaal een enkeltje naar Azkaban wilde bieden. Alsof ze hem wilde lokken in hun kleine meedogenloze klauwen om zijn wil naar jonge meiden te triggeren. Gek genoeg was het ook altijd rond een tijdstip en op een plek waar deze jonge meiden niet hoorden te zijn. Het meisje naast hem bijvoorbeeld, oogde niet ouder, maar jonger dan achttien. En ook zij had blijkbaar de enorme behoefte om hem te storen. Na haar woorden kon hij alleen maar achteloos omhoog kijken om te zien wat voor persoon er achter de ietwat geforceerde zwoele stem zat. Zelfs de vraag die volgde hoorde hij steeds vaker en vaker. Zijn eenzaamheid is wat hun lokt, wat ervoor zorgt dat ze bij hem blijven en hun petieterige nageltjes in hem vast klauwen. Ze houden zich stevig vast terwijl hij zijn honger probeert te onderdrukken – maar hij is te zwak. Met wazige ogen bekeek hij haar van top tot teen en wist al meteen dat hij vast zat in haar web van schoonheid en maagdelijke jeugd. ‘Hello, love.’ Siste hij zachtjes, terwijl hij weer naar zijn halfvolle drankje keek voor hem en in een grote teug achterover gooide. ‘Altijd lieverd.’ Zijn gebruikelijke antwoord, want daar vielen ze voor. ‘En wat doe jij op deze sublieme, maar ietwat melancholieke avond?

Share this post


Link to post
Share on other sites

De manier waarop hij naar haar keek was eigenlijk ergens wel een beetje vies, alsof hij haar met zijn ogen al aan het uitkleden was, maar Tabitha had eigenlijk nooit begrepen wat nou het verschil was tussen goede en slechte aandacht. Hij keek naar haar, daar ging het toch om? Zoveel mensen letten nooit op haar, lieten hun blikken zo langs haar glijden zonder aandacht te besteden aan wie ze was, en ze wilde juist zo graag gezien worden dat elke manier waarop iemand haar bekeek de juiste manier was. 

 

"Ach, wat sneu," pruilde ze naar hem. "Eigenlijk zou niemand eenzaam moeten zijn, toch?" Maar daar wilde ze wel wat aan doen, hoor. Ook al was het vooral om haar eigen eenzaamheid te stillen, om dat gapende gat in haar eigen maag te vullen, want ze wilde altijd meer en niets van wat haar gegeven werd was meer dan genoeg.

 

Ah, een melancholieke avond... Tabitha giechelde bijna, ze vond het altijd zo grappig als mensen van die poëtische woorden gebruikten om gewone avonden, gewone dingen, te beschrijven. Het was geen melancholieke avond, het was gewoon een normale avond zoals morgen dezelfde avond zou zijn en gisteren ook, maar ze deed haar uiterste best om die giechel binnen te houden en in plaats daarvan mysterieus te glimlachen. "Ik verveelde me," gaf ze zachtjes toe, terwijl ze iets meer naar hem toe leunde, alsof hij een te grote zwaartekracht had voor haar om te weerstaan. "De meeste mensen zijn zo leeg van binnen en ik was op zoek naar iemand met meer... inhoud." 

 

En dat was hij toch wel?

Share this post


Link to post
Share on other sites

Leeg. Een grappig woord was het eigenlijk. Hij was niet leeg - hij was de eigenaar van genoeg botten, spieren, pezen, bloedvaten en andere gekkigheid binnen zijn verouderde huid. Toch voelde hij zich wel leeg, als een hol omhulsel met genoeg tierelantijn versierd, dat enige schijn bood voor het dorstige oog van de andere geesteloze mislukkelingen. Het zal waarschijnlijk wel aan de leeftijd liggen, want het onderdrukte gegiechel van de puber naast hem vertelde hem al dat er nog weinig diepgang in dat tere zieltje zat. Ze zwom aan de oppervlakte, met alleen oog op de helderblauwe, met zon belichte zee – niet-wetend dat er in de diepte onder haar genoeg watermonsters zich schuil hielden, wachtend op de duisternis van de nacht. Het arme kind.

 

Eenzaamheid was een keus. Dat is wat hij vond in ieder geval. Hij koos ervoor om zijn leven te ontvluchten en dat was de beste keuze die hij ooit had kunnen maken. Hij hoorde niet thuis in een wereld met gemaakte lachjes, lieflijke praatjes en ‘warme’ knuffels. De idioterie. Als het erop aan zou komen dan zou iedereen elkaar bedriegen om zijn of haar eigen hachje te kunnen redden. Daarom was onafhankelijkheid niet een duivelse vloek, maar een godsgeschenk en een uiting van kracht. En krachtig was hij zeker. Dus de conclusie was eigenlijk dat hij graag eenzaam was. Behalve tijdens momenten als deze natuurlijk, dan kon hij wel genieten van de wereldvreemdheid van een jong meisje, die zich ‘verveelde,’ omdat ze te weinig prikkels om haar heen had. ‘Well, my sweet little cherry-blossom, aren’t we all empty souls? hij grinnikte zachtjes. Alsof zij zichzelf als leeg zou bestempelen. Het kind had meer emoties en gevoelens alleen al, dan iedereen in de kroeg samen. Maar hij zou er wel van kunnen profiteren. ‘I’ll tell you everything you want to know, if only you ask,’ het was even stil terwijl hij haar verlangend en doordringend aan keek. ‘Darling.’ Maakte hij zijn zin af, met het zachte gesis van een duistere slang. Een slang dat zich om haar heen zou verstrengelen en langzaam zou verstikken.

 

Hij was weer in zijn element.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Was iedereen een lege ziel? Hm... Dat was een vraag waar zelfs sobere Tabitha geen aandacht aan wilde besteden, ze hield helemaal niet van dat filosofische gedoe. Ze wilde wat ze wilde en de rest was allemaal maar opvulsel. Tijd om te verspillen, moeilijke dingen om te doen, terwijl de wereld zo simpel kon zijn. Tabitha wilde aandacht en veel ook, en vooral aandacht van rijke mannen die misschien een extra cadeautje gaven als ze lief genoeg was en extra haar best deed.

 

"Het zou sneu zijn als iedereen echt leeg is," pruilde ze maar, in een halfslachtige poging om hem een beetje een redelijk antwoord te geven. "Dan klinkt het net alsof we allemaal maar die leegte in onszelf proberen te verdringen." Ze kantelde haar hoofd even, zodat ze hem extra goed aan kon kijken, zo'n beetje vanaf een nieuwe hoek, alsof er ineens iets nieuws aan hem zou verschijnen. 

 

"Jij voelt je toch niet leeg van binnen?" zei ze, terwijl ze ietsjes naar hem toe schoof. "Want misschien kan ik helpen om je iets meer hmm..." Opgevuld te voelen, maar dat klonk zo stom dat ze een giechel nauwelijks binnen kon halen. "Om je daar vanaf te leiden?" En enigszins brutaal legde ze haar hand op zijn arm. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Een lieve man die cadeautjes gaf, was hij zeker niet. Het grappige van rijke mensen was vooral dat ze erg gierig konden zijn en dat was dan ook de reden waarom ze hun rijkdom behielden. Hij zou hooguit wat drankjes voor het meisje betalen, maar hij zou nooit haar verleiden met cadeautjes – dan zocht hij wel een ander slachtoffer. Niet dat hij wist dat zij dat misschien hoopte, maar goed, aandacht kon hij genoeg bieden. Echt waar!

 

Hij had niet zo’n serieus pruilerig antwoord nodig, heus niet. Hij was de dronken en oude man die neerslachtig mocht praten over het leven, maar dat gaf haar niet de privilege om er ook daadwerkelijk op in te gaan. Iedereen wist toch dat je oude mensen moest laten lullen en vooral niet al te veel moest reageren op hun melancholieke taal? Nu moest hij hier ook weer antwoord op geven, verdomme. ‘Dat is ook zo.’ Hij wilde er een vraag van maken, maar dan kwam hij nooit van het onderwerp af. Dus een bevestiging van wat het knappe dametje zei was beter.

 

Hij had haar weer even naar haar omgedraaid en kon meteen haar gekantelde hoofd opvatten als een kleine poging om avances te maken. De vraag die daarna kwam was het juiste stapje in de goede richting om hem te overtuigen. Ja, hij zou het meisje naast hem in zijn klauwen willen hebben. Hij wilde zijn scherpe tanden in haar tere huidje zetten en zijn slangachtige gif in haar spuiten. Het was haar eigen schuld, want zodra ze haar hand op zijn arm neerlegde was er helaas geen weg meer terug. ‘Oh honey, I would love some distraction from my empty and pathetic little life.’ Het was zijn beurt om een pruillipje te vormen, waarna hij nog een grote slok nam van zijn drankje. Hij boog even voorover, iets meer naar haar toe en hief vervolgens zijn linkerhand richting haar zachte en licht blozende wangen. ‘En hoe ziet u die afleiding voor zich?’ Een liefdevolle glimlach, om de poppenkast compleet te maken. Ze maakte het hem zo makkelijk.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Ja, natuurlijk maakte Tabitha het hem makkelijk. Ze hield ervan als dingen makkelijk waren, als de wereld logisch was en als ze eindelijk kreeg wat ze wilde. Ze wilde aandacht, ze wilde rijk zijn, ze wilde dat iedereen links en rechts verliefd op haar werd, maar de wereld had zo zijn eigen plannen, leek zich niets van die van haar aan te trekken, en dus deed ze het maar op een mindere manier. Ze nam genoegen met dat mannen met zoveel lust in hun ogen naar haar keken, dat ze haar wilden hebben, gewoon om iets op te vullen in zich zelf.

 

Al dan niet letterlijk. 

 

"Ik moet toegeven dat ik niet, hm, een expert ben," fluisterde ze, terwijl ze lieflijk glimlachte. "Maar ik ben erg goed in het opvolgen van instructies..." Dat was betwijfelbaar, maar in dit geval had ze natuurlijk een heel ander doel dan in het dagelijks leven. Op dit moment wilde ze alleen maar dat hij haar aanraakte, dat ze zijn volledige aandacht opnam voor één moment en in ruil daarvoor wilde ze keurig naar hem luisteren. "Dus misschien moeten we een... rustigere plek zoeken?" Ze wierp een blik naar de deur als hint. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Create an account or sign in to comment

You need to be a member in order to leave a comment

Create an account

Sign up for a new account in our community. It's easy!

Register a new account

Sign in

Already have an account? Sign in here.

Sign In Now


  • Recently Browsing   0 members

    No registered users viewing this page.

×