Jump to content
Piaras O'Hara

[1837/1838] Baby can't you see, I'm falling

Recommended Posts

Woensdag 20 december 1837 - 's middags - op de hoogste balkon

 

Kijk, serieus zijn en alleen maar volwassen proberen te zijn en netjes je huiswerk maken en elke dag op tijd naar bed gaan was leuk en alles, hoor, maar soms moest je toch wel een beetje kinderachtig zijn? Oké, Piaras was behoorlijk goed in kinderachtig zijn, hoewel hij zijn best deed om Volwassen™ te zijn in de buurt van Ella, en eigenlijk deed hij het dus wat te vaak, maar gelukkig kende hij mensen die het helemaal niet erg vonden om er in mee te gaan!

 

Dus ja, als hij papieren... eh... vogels??? hoe noem je die dingen voordat vliegtuigen uit waren gevonden, what the fuck, van het grootste balkon af wilde gooien met daarop domme grappen geschreven zodat mensen die op het terrein op zouden pakken, waarom niet dan, he? En gelukkig deed Eleanora Paget mee! "Kijk! Die van mij zweeft heel ver!" zei hij enthousiast, terwijl hij naar het stipje wees. "Hij gaat helemaal naar het verboden bos!"

 

Of hij vloog het meer in.

 

"Oh." Teleurgesteld pruilde Piaras naar zijn niet-vliegtuigje dat nu verdronk. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Nah, Eleanora was niet volwassen. Dat zag ze zelf niet zo, ze vond zichzelf heel volwassen en heel wijs, maar als puntje bij paaltje kwam, was het heel leuk om papieren vliegers vanuit de torens te smijten, samen met Piaras, en net iets te enthousiast te zijn bij elke mogelijkheid dat deze misschien verder zou komen dan de laatste. ‘De meermensen zijn er vast heel blij mee!’ zei ze opbeurend, in de volle overtuiging dat de meermensen behoefte hadden aan de grappen die erop geschreven waren.

 

En nee, ze had nog nooit een meermens gezien. Maar toch.

 

Het puntje van haar tong was te zien, als blijk van pure concentratie, toen Ellie haar vliegtuigje op precies de goede manier weggooide, in de hoop dat die van haar wél het Verboden Bos bereikte. Wat die niet deed, overigens! Nee, het kwam tegen het hoofd van iemand op het terrein. Ze giechelde toen ze de twee stipjes zag botsen en verstopte zich even weg van het raam, net alsof haar slachtoffer haar zou herkennen vanaf hier. ‘Die ging helemaal niet zo ver! Hoe doe jij dat?’

Share this post


Link to post
Share on other sites

"Oh ja!" knikte Piaras enthousiast. Hij had tot nu toe niet geweten dat meermensen een ding was, maar Eleanora wist altijd alles (Piaras ging er sowieso altijd vanuit dat iedereen om hem heen meer wist dan hij en meisjes wisten al helemaal alles beter, dus tadaa) en hij was ook goed in doen alsof hij alles al wist. Of eigenlijk niet, maar Piaras was dan alsnog altijd zo dom dat men heus niet doorhad dat hij een keer extra dom was. "Die zijn dol op grapjes!" Was hij nu van overtuigd.

 

"Kijk, je moet je pols zo houden!" zei hij en hij deed het voor, door natuurlijk direct een papieren vlieger weg te gooien.

 

Die in zijn gezicht teruggeblazen werd. Bedankt, wind. Je bent een fantastische wingman. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Als Piaras het zei, was het vast waar en dus knikte Eleanora, overtuigd van de voorliefde voor grapjes die elk meermens bij deze herbergde. Kijk eens, ze deden bijna aan liefdadigheid hier. Bijna, want ze vond het zelf veel te leuk om het onder “liefdadigheid” te kunnen vallen. Liefdadigheid was alleen maar liefdadigheid als het helemaal niet tof was om te doen, toch? Of zoiets. Ze wist het niet zo precies, deed alleen maar braaf wat haar bevolen werd om haar te doen, dus...

 

Ze lachte toen de vlieger in Piaras’ gezicht een thuis vond, iets te lang om af te doen als slechts lachen uit verbazing. Maar zijn gezicht! ‘Moet het echt zo?’ vroeg ze, benieuwd, nadat ze de lach half en half uit haar stem geveegd had. ‘Of werkt dat alleen maar om de vlieger in je gezicht te krijgen?’ Toch, toch wachtte ze zijn antwoord niet af en deed ze het na (oké, niet heel goed, want zo goed had ze niet opgelet, maar dat maakte niet uit, of, wel, dat maakte wel uit, maar Eleanora was van de trial and error, oké). Wat er voornamelijk toe resulteerde dat de vlieger door de wind, die nog niet weg was, naar binnen vloog.

 

Hm.

 

‘Zullen we ze van de trap gooien?’ stelde ze voor. Ja, wat, de wind wilde dat duidelijk!

Share this post


Link to post
Share on other sites

Hij grijnsde, Piaras schaamde zich wel een beetje maar had gelukkig ook een talent ervoor om zichzelf niet al te serieus te nemen. "Niet tegen de wind in gooien, denk ik," besloot hij maar, terwijl hij de vlieger nog een keer vastpakte en ditmaal met de wind mee gooide. Betekende wel dat het de hele andere kant dan het verboden bos op ging, maar hey, het vloog wel!

 

"Ja, vast wel een beter idee!" knikte hij enthousiast en snel bukte hij zich om zoveel mogelijk vliegers in zijn armen te duwen. "Je hebt goede ideeën!" glunderde hij naar Eleanora, want van Ella had hij geleerd dat meisjes dol waren op complimentjes. "En die jurk staat je ook heel mooi!"

 

Slijmbal. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Niet tegen de wind ingooien. Hm. Ja, dat klonk best slim, maar Eleanora had haar aandacht alweer gericht op haar eigen Goede Idee en dus zou ze het, helaas, helaas, niet in de praktijk kunnen brengen. Ze glunderde bij Piaras’ complimentjes, eerst, want dat was het belangrijkste deel van de dag (oké, niet waar, Ellie vond complimenten krijgen heel leuk, maar ze vond andere dingen heus wel belangrijker, hoor! Ze ging gewoon… nooit klagen als ze ze kreeg. Of zoiets) en riep enthousiast uit, een haast wetenschappelijke bevinding als een ander: ‘Je bent lief!’

 

Maar naast dat Piaras O’Hara lief was, waren er ook vliegtuigjes om te gooien, dus na een korte, spontane omhelzing sprong Eleanora alweer naar de trapleuning om eens goed te bekijken waar ze op zouden mikken. ‘Zullen we proberen om die lamp te raken?’ stelde ze voor, alvast een vliegtuigje uit Piaras’ voorraad stelend om een voorsprong te creëren (sorry) (maar ook niet, want Ellie kon voor geen meter mikken en zat er twee meter naast) (maar ook sorry, want het was Niet Aardig en Ellie was over het algemeen graag Wel Aardig).

Share this post


Link to post
Share on other sites

Lief was een beetje een onzinnig compliment, maar toch glunderde Piaras naar Eleanora. Het was ook leuk om complimentjes te krijgen, hoor, maar als het van Ella was gekomen had het wel iets meer betekend... Want ten eerste was het Ella, het centrum van het universum, en ten tweede gaf Ella nooit complimentjes dat Piaras kon zich voorstellen dat als ze hem eenmaal een complimentje gaf, het voelde alsof de zon voor het eerst scheen. Maar hij kon prima wachten, hoor, Ella, geen haast!

 

Een klein beetje haast.

 

"Oew, ja!" zei hij enthousiast en hij zei niets over zijn voorraad, want wat was de wereld een beetje zonder delen? Het was vast geen wedstrijd, en als het wel een wedstrijd was, hoorde hij Eleanora toch te laten winnen, dus hij pakte alleen keurig een volgend vliegtuigje en liet die mooi naar beneden glijden. Hij tikte tegen de lamp aan en viel toen direct naar beneden.

 

"HEY!" klonk het ergens, drie verdiepingen onder hen. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Waarschijnlijk zou Eleanora niet moeten lachen toen Piaras’ vliegtuigje doel raakte en meteen ook een onbedoeld doel. ‘Je kan echt goed mikken!’ riep ze uit, opgewekt. Niet eens ironisch bedoeld! Hé, hij had de lamp ook echt geraakt, of niet soms? Dat hij ook de verkeerde zaken raakte, was niet zo erg; dat deed zij immers ook en dat nam ze zichzelf ook niet echt kwalijk, dus het zou wel erg gemeen van haar zijn als ze nu Piarias erom zou beledigen.

 

En Eleanora was nooit gemeen.

 

Dus.

 

‘SORRY!’ riep ze terug, heel beleefd, maar dat zorgde er eigenlijk alleen maar voor dat er boze voetstappen via de trappen hun richting opkwamen. Ze keek naar Piaras, want natuurlijk deed ze dat, hij kon zowat alles oplossen, dus, dus, dus moest hij dat nu ook doen. ‘Denk je dat hij gewoon heel graag wil praten of…’

Share this post


Link to post
Share on other sites

Ehm, oh jee. Over het algemeen had Piaras de ervaring dat iemand naar je toe kwam rennen dat niet was om je vrolijk een stukje chocolade te geven en je te vertellen dat alles vergeven was, maar eerder om je uit te foeteren of in elkaar te slaan. "Snel, we moeten ons verstoppen!" siste Piaras en hij greep Ellie's hand vast, om haar mee te trekken. Alleen jammer dat ze boven in een toren stonden en de boze stier in kwestie de enige uitgang op kwam stormen. "Daar!" riep hij en hij dook achter een wandtapijt, samen met Ellie.

 

De voeten die eronder uit staken vielen vast niet op, toch? 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Oh, ja, verstoppen. Goed plan. Eleanora deed dat eigenlijk niet zo heel vaak, dacht er nooit aan en was daarbij ook net, net iets te trots op alles wat ze uitspookte (sorry, sorry, ze was net wat minder fier als ze op heterdaad betrapt werd, geen zorgen – alhoewel…), maar Piaras was vlugger dan zij en dus volgde ze braaf, in de aanname dat Piaras wist wat hij deed. En dat wist hij ook! Achter de gordijnen was een geweldige verstopplek.

 

Het had alleen beter gewerkt als het slachtoffer in kwestie niet zo’n geweldige vinder was, waardoor de gordijnen aan de kant werden geschoven en Piaras en Ellie en hun clandestiene zaakjes blootgesteld werden aan het zonlight.

 

Oh.

 

Eh.

 

Ze zwaaide kleintjes. ‘Dat,’ zei ze, wijzend op waar ze dacht dat het vliegtuigje terecht gekomen was, ‘ziet er niet levensbedreigend uit.’

 

Je zag er zelfs niets van.

Share this post


Link to post
Share on other sites

"... DAT IS MIJN NEUS," brulde de oudere jaars verontwaardigd terug toen hij eindelijk had uitgerekend waar Eleanora naar wees. "HOEZO, DAT ZIET ER NIET LEVENSBEDREIGEND UIT!" 

 

Ja, oké, Piaras kon best wel begrijpen dat de beste jongen in kwestie een beetje bezorgd was over zijn neus, in Piaras zijn mening zag die er wel enigszins levensbedreigend uit, maar als echte Griffoendor hield hij natuurlijk zijn mond dicht.

 

Hahahahahahahahaha.

 

"Ben je er al mee naar de ziekenzaal gegaan?" vroeg hij, terwijl hij bezorgd wat naar voren boog. "Hij is nogal... rood. Vind je niet, Ellie?" 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Eleanora bekeek de neus in kwestie nog eens goed. Ja, wat, als Piaras vond dat het zorgwekkend was, was het dat vast ook en Eleanora zou het echt niet op haar geweten willen hebben dat iemand door háár in die levensbedreigende staat kwam, hoor. Dat zou ze zichzelf nooit vergeven. ‘Zo rood is die toch niet…’ protesteerde ze zwakjes, maar nu Piaras het daar blijkbaar echt niet mee eens was, begon ze toch wel wat te twijfelen. ‘Of wel…’

 

In de aanname dat die vriendelijke ouderejaars (nu ja…) (maar hij had vast pijn, vandaar dat hij zo tegen haar schreeuwde) zich vast alleen maar zorgen daarover maakte, glimlachte ze vriendelijk naar hem. ‘Zullen we je naar de ziekenzaal brengen? Dan kan de zuster bepalen of het levensbedreigend is! Ik ken daar eigenlijk niet zoveel van, namelijk. Maar het komt vast wel goed!’ Haar blik gleed terug naar Piaras. ‘Of ken jij er veel van?’

Share this post


Link to post
Share on other sites

"IK WIL NIET NAAR DE ZIEKENZAAL!" was de mening van de oudere jaars, die chagrijnig zijn handen op zijn heupen zette en streng neerkeek op Piaras en Eleanora. "ER IS NIETS MIS MET MIJN NEUS!"

 

"Weet je het zeker?" vroeg Piaras bezorgd, terwijl hij een vinger uitstak om in de neus te porren. "Het voelt niet als een normale neus..."

 

"BLIJF AF!" Piaras pruilde toen hij een tik op zijn hand kreeg en trok hem snel terug. "Hij sloeg me," fluisterde hij naar Ellie, alsof ze dat zelf al niet had gezien. "Zou dat komen door die neus?"

 

"ER IS NIETS MIS MET MIJN NEUS!" schreeuwde de jongen nog een keer.

 

Piaras was het er echt niet mee eens, hoor. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Wat een rare jongen, observeerde Eleanora, zo snel boos en helemaal om niets! Ze bedoelden het toch goed? Waren alleen maar bezorgd om zijn welzijn? Specifiek betreffende zijn neus, dat wel. Maar dat was alleen maar vriendelijk. Als je over een bepaald iets ongerust was, betekende dat dat je je gewoon bezighield met alles, toch? Je lette niet op kleine details als je niet om iemand gaf. Kortom, ze had echt geen flauw idee wat het probleem was van die jongen, hoor. Vreemd gedoe.

 

‘Je mag geen mensen slaan!’ zei Ellie verontwaardigd tegen de jongen, voor ze op de tippen van haar tenen ging staan om de neus eens goed te bekijken. ‘Als je zo overstuur bent en je blijft beweren dat er niets is, is er overduidelijk dus wél iets en dús gaan we naar de ziekenzaal!’ Heel kordaat allemaal. Vriendelijk genoeg nam ze de jongen bij de pols en begon ze al naar beneden te benen, in het volle vertrouwen dat Piaras haar zou volgen en dat de zesdejaars het helemaal niet erg zou vinden. Nah. ‘Je mag echt geen risico nemen met je neus, hoor,’ vertrouwde Ellie haar gezelschap toe, ‘straks verlies je hem zomaar!’

Share this post


Link to post
Share on other sites

Piaras was erg onder de indruk van Eleanora's kordate gedrag. Hij was sowieso altijd onder de indruk van kordate mensen, hij zelf deed altijd maar gewoon wat zonder er over na te denken, maar Eleanora had gezag. Het zou hem niets verbazen als ze binnenkort klassenoudste zou worden, dat soort gezag, dus Piaras volgde haar natuurlijk braaf. 

 

De ouderejaars echter niet, die riep: "LAAT ME LOS!" en trok zichzelf hardhandig los uit Eleanora's greep. "IK GA HET TEGEN MIJN MOEDER ZEGGEN!" riep hij nog, voordat hij er vandoor rende.

 

"Wie zou zijn moeder zijn?" vroeg Piaras Ellie nieuwsgierig. "Een leraar op school?" Hopelijk niet iemand eng, zoals professor Hastings. Die vond hij toch altijd wel zo teleurgesteld kijken, deed hem denken aan zijn eigen moeder. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

‘Géén idee,’ gaf Eleanora eerlijk toe, want als er iets was dat Ellie was, was het wel eerlijk. Het kwam niet altijd overeen met andermans waarheid, dat was zo, maar ze zou nooit moedwillig liegen. Dat deed je toch niet? Daarnaast wist Ellie nauwelijks wat het was om leugentjes om bestwil noodzakelijk te achten. Ergens in haar achterhoofd kon ze Henry’s chagrijnig gezicht al zien bij zijn zoveelste realisatie dat Eleanora inderdaad goudeerlijk was en dat ze zo nu en dan alweer verdorde opmerkingen over anderen onthield en goh.

 

‘Ik hoop voor hem de zuster,’ zei ze, want als Piaras had gevonden dat er wat mis was met zijn neus, was dat so-wie-so het geval, of hij nu koppig wilde doen of niet. Echt, sommige mensen waren zooo dramatisch. Ze hadden gewoon willen helpen! Dat hij nu ouder en langer was geweest, betekende niet dat hij per definitie veel slimmer was dan zij. ‘Hij leek niet echt op een leraar die we hebben, toch?’ Want zoals iedereen wist, leken kinderen altijd als twee druppels water op hun ouders. Duh. ‘Wat wil je nu doen?’

Share this post


Link to post
Share on other sites

Piaras knikte. Oh ja, de zuster, dat klonk logisch, zo logisch dat hij direct besloot dat dat De Waarheid™ was en dat alleen als Ella hem vertelde dat het anders zat hij eraan zou twijfelen. Eleanora was slim, slimmer dan hij (alsof dat zo moeilijk was, sorry Piaras) en dus geloofde hij haar direct.

 

Ergens in zijn hoofd was een massieve lijst van alle waarheden die mensen hem ooit hadden verteld, georganiseerd op hoeveel hij de persoon in kwestie geloofde. Ella stond op één, Fagan stond op twee, zijn ouders stonden op 3 en 4 en dan kwam Eleanora.

 

Ergens onderaan bungelden ook nog de leraren, hoor.

 

"Nee, denk het ook niet echt," gaf hij toe. "Hoewel hij net zo chagrijnig lijkt als Ostrovsky."

 

Hm, wat gingen ze nu doen... Piaras stopte zijn handen in zijn broekzakken terwijl hij daar over nadacht. "Zullen we kijken in de ziekenzaal?" stelde hij voor. "Kijken of er nog interessante gewonden zijn?" 

 

Ja, hij zag de ziekenzaal als zijn persoonlijke rariteitenkabinet, oké. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Eleanora giechelde bij Piaras’ bemerking. Ja… ergens had hij wel wat weg gehad van het chagrijnige hoofd van de schooldirecteur (nu ja, één van – was het niet erg dat ze allebei zo strontchagrijnig als iets waren? Eleanora miste schoolhoofd Collingwood heel erg, hoor, die had tenminste kunnen glimlachen), maar het leek wel een beetje gemeen om erom te lachen. Ze konden er vast niets aandoen! Genetische afwijking. Of zoiets. Natuurlijk was het ook zo dat alle gedachten omtrent “wacht, misschien is dit een beetje gemeen” altijd achteraf kwamen, en hand in hand met de hautaine vermelding dat die jongen niet meteen het toonbeeld van aardigheid was geweest.

 

En zo hoefde je je nergens schuldig over te voelen. Simpel. Ze snapte nooit waarom mensen zo moeilijk deden.

 

‘Interessante gewonden?’ herhaalde ze, verbaasd. Waren gewonden interessant… Ze vond het maar grellig, hoor, die pijntjes en ofwel verveelde ofwel creperende gezichtjes en oh, nee, tegen bloed kon ze al helemaal niet – maar als ze in de ziekenzaal zelf waren, was hulp vast niet heel ver weg. ‘Zijn gewonden interessant?’ vroeg ze, terwijl ze alvast koers zette naar de ziekenzaal, want zo eenvoudig van geest was ze nu ook wel weer. ‘Wil je dokter worden?’

Share this post


Link to post
Share on other sites

Hoezo waren gewonden niet interessant? Het was Zweinstein! Af en toe had iemand een hoofd in de vorm van een pompoen, hij had ooit gezien dat er paddestoelen tussen iemands tenen groeiden en één keer zweefde iemand telkens naar het plafond en moesten ze hem vastbinden aan bed en dat bed vervolgens aan de vloer. "Dokter?" herhaalde hij verbaasd. "Eigenlijk nooit over gedacht..." Maar nah, dat was niet leuk, want dan moest je mensen beter maken en dat kon echt niet, hoor. Zijn leven was tragisch. 

 

"Nah, ik vind het gewoon leuk om naar te kijken." Hij haalde zijn schouders op, terwijl ze naar beneden haastten omdat ik dingen wil hebben om te beschrijven. "Er is altijd iets interessants om naar te kijken! Waar kijk jij graag naar, dan?" Nieuwsgierig eh... keek hij naar Eleanora. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

‘Echt waar?’ Maar dat was zo raar! Niet dat dat erg was of zoiets, Eleanora vond Piaras nog altijd heel leuk om mee om te gaan, het punt was alleen dat ze hoopte dat Piaras ook nog andere hobby’s had dan dat, want Ellie vond dat soort dingen altijd zo grellig en van grellige dingen zien kon ze gemakkelijk niet slapen (wat ze nooit zou toegeven tegenover Elena, want dat was vast kinderachtig) en zeker van bloed bleef ze liever ver, ver weg. Maar zo erg zouden de gewonden op Zweinstein vast niet zijn, toch? Dat waren vast vooral magische ongelukjes… Blauwe neuzen en zo. Dat kon ze wel aan.

 

Ze dacht even na over zijn vraag. ‘Daar heb ik nooit zo over nagedacht,’ zei ze eerlijk. ‘Mooie dingen zijn wel leuk! Maar ik doe liever dingen, denk ik.’ Wat een nietszeggend antwoord ook weer – maar daar was Eleanora goed in, de verpersoonlijking van een eeuwigdurende dialoog tussen alles doen en niets denken, alles zeggen zonder enige gedachte erover, niet ervoor en niet erna, en dat akelige besef dat ze niets te zeggen had. Al dacht ze daar liever niet over na. En als het wel moest, dan huilde ze wel tot iemand haar kwam vertellen dat ze heus niet zo oppervlakkig was.

 

Dapper schreed ze de ziekenzaal in, puur om met afgrijzen te kijken naar een net binnengebrachte gewonde met… ze wist niet eens wat, wist vooral dat er bloed was en draaide zich enigszins paniekerig om, want ew, ew, ew. ‘Zullen we alweer weggaan?’ Nee, dat gilde ze niet. Echt niet.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Create an account or sign in to comment

You need to be a member in order to leave a comment

Create an account

Sign up for a new account in our community. It's easy!

Register a new account

Sign in

Already have an account? Sign in here.

Sign In Now


  • Recently Browsing   0 members

    No registered users viewing this page.

×