Jump to content
Evangeline Lennox

[1835/1836]Desperate times ask for the most dangerous measures

Recommended Posts

Maandag 28 december - 20.00 - Claerwen Valley, Wales 

 

Een jaar geleden was Evangeline waarschijnlijk het gelukkigste meisje van heel Wales geweest. Een jaar geleden had ze in een smoezelige smederij haar ja-woord gegeven aan de jongen waar ze van hield. Maar vandaag werd ze zoals alle dagen alleen wakker in haar eigen bed, leefde ze haar dag in haar ouderlijk huis en was het net alsof er die dag niets gebeurd was. Beneden klonk het zachte stemgeluid van haar familieleden, door de dunne muren van het huis. Eva zat op de rand van haar bed en draaide de bobbelige gouden munt rond in haar hand. Ooit was het een mooie galjoen geweest en toen, voor een dag, haar trouwring. Nu was hij vervaagd en misvormd. Was er niets meer over van de gladde randjes en de mooie gegraveerde tekening, net zoals er niets meer over was van haar eigen sprookje. Want het was allang haar sprookje niet meer. Of dat was de wereld haar wilde laten geloven.

 

En toch speelde ze nog steeds dezelfde rol als alle jaren, ondanks dat haar leven stil leek te staan op de plek waar die van anderen doorging. Over vier dagen was de bruiloft van haar broer. Na haar zussen was het nu zijn beurt. Het was geen huwelijk uit liefde -de consequenties die hoorden bij een iets te wilde nacht- maar er was vriendschap en er waren geen gebroken harten die achter bleven. Het was niet perfect, het was niet gepland, maar het was eigenlijk ook niet heel verkeerd. En het liet haar wel eens twijfelen of ze misschien teveel verwachtte uit het leven. Maar Eva had altijd veel verwacht uit het leven en niemand had haar ooit beroofd van die dromen. Want wat konden dromen voor kwaad? Zolang je maar realiseerde dat ze niet voor jou gemaakt waren. Dat was waarschijnlijk waar het fout was gegaan. Niemand had haar ooit verteld dat haar dromen niet voor haar waren, dat haar visie op de wereld er niet eentje was die aan haar besteed was, of ook maar aan alle mensen in haar omgeving en nu was ze te kritisch op elke vorm van commentaar. 

 

Het ging niet alleen om liefde. Het ging om veel meer dan dat. Om alles er fout was in deze hele wereld en dat niet zo hoorde te zijn. Het leven zou nooit perfect zijn, zelfs meisjes met hoge verwachtingen wisten dat, maar dit was gewoon fout. Je kon mensen niet zo behandelen, ze wegstoppen of martelen wanneer het jou uitkwam. Ze had een deal met Owain Cadwgan gemaakt die ze nooit had moeten sluiten. Want ze kon hem niet houden. Het dreef tegen elke vorm van haar normen en waarden in en in plaats van dat het iets oploste, gaf het de verkeerde personen alleen maar meer macht en Keane een reden om weg te blijven. Het moest ophouden en de enige manier om een vicieuze cirkel te doorbreken, was om er uit te stappen en er iets aan te doen. Maar uiteraard, was ze niet van plan om dat volledig alleen te doen.

 

Het was nu of nooit. Ze had afgelopen zomer al moeten gaan, maar dat had ze niet gedaan en nu had ze daar spijt van, maar misschien was er nog genoeg tijd om het goed te maken. 

 

OOC: Prive 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Evangeline liet de munt in de zak van haar jurk glijden en griste het stapeltje brieven van Rhiann Cadwgan van onder de geheime plank in haar nachtkastje vandaan. Ze had ze deze kerstvakantie elke avond gelezen. Ze hadden haar slapeloze nachten en met Keane’s woorden in haar achterhoofd de nodige twijfel bezorgd over wat voor acties ze zou ondernemen. Maar met elke nachtelijke twijfel kwam er 's ochtends twee keer zoveel vastberadenheid. Met de kerstvieringen achter de rug, was het een stuk rustiger in huis en zou niemand er meer zo erg op letten als ze een avond verdween. Een avond, het was alles wat ze nodig had.

 

De brieven verdwenen in haar kleine, leren tasje voor ze haar dikke wintermantel aantrok en naar beneden begon te sluipen. "Ik ga nog even met een paar vrienden naar Cambridge!" gilde ze richting de woonkamer, terwijl ze haar sjaal en muts van de kapstok griste. Het was koud deze dagen en het landschap buiten was bedekt met een dikke laag sneeuw. "Eef liefje, neem je niet liever het haardvuur? Dat is veel prettiger reizen." Eh.. "Nee, we hebben nog geen connectie naar daar….ik kan prima verschijnselen. Tot vanavond!" En met die woorden, lieten ze haar gewoon het huis uit lopen.

 

Wales was in vergelijking met heel Groot-Brittanie niet zo groot, maar Evangelines ouders waren nooit echt grote reizigers geweest en ze was nog niet eerder in het gebied geweest waar ze nu naar toeging. Iets wat ze zeker zou betreuren als ze zou zien wat voor prachtige landschappen je er kon schilderen in zomer en winter. Echt verdwijnselen er heen durfde ze niet zo goed. Het stond nogal bekend als een dreuzelgebied en ze wilde niet het risico nemen om de avond te verpesten door voor de neus van een dreuzel te verschijnselen. Maar het was te ver om te lopen en haar paardrijvaardigheden waren ook niet bepaald gevorderd genoeg om in de sneeuw zo'n stuk te reizen. Gelukkig was er een redelijk simpele oplossing voor dit probleem. Ze hoefde alleen maar langs de kant van de weg te gaan en even haar linkerhand uit te steke-

"Hallo daar, waar moet het heen Miss?" 

"Llansantffraed-Cwmdeuddwr, alsjeblieft." 

"Het is dat u weet hoe u het moet uitspreken Miss, welkom in de Knight Carriage. Dat is vijf knoeten, miss."

Evangeline graaide haar zuur verdiende geld uit haar zak en liet de vijf bronzen muntjes in de hand van de jongen vallen. Nog voor ze haar plek had bereikt waren ze al vertrokken. 

 

De Knight Carriage was de mooiste uitvinding van de eeuw en het meest indrukwekkende magische voertuig dat Evangeline kende, met zijn vier verdiepingen en de vier grote, gevleugelde paarden die het voertuig voorttrokken op hoge snelheid. Llansantffraed-Cwmdeuddw lag maar een paar kilometer van Claerwen Valley vandaan, maar het had een veiligere keuze geleken, al kon ze zich ergens niet voorstellen dat Owain Cadwgan zijn nodige connecties bij iets armzaligs als de Knight Carriage zou hebben. Het was beter om het zekere voor het onzeker te nemen. Er was maar een andere tussenstop tussendoor en ruim vijftien minuten later stond ze in Llansantffraed-Cwmdeuddwr. Vanaf daar was de wandeling dankzij alle sneeuw iets langer dan ze had verwacht, maar uiteindelijk kwam ze aan in Claerwen Valley. De plek waar ze volgens de brieven moest zijn.

 

Claerwen Valley was geen groot dorp, maar in het donker waar ze haar toverstok niet zomaar mocht gebruiken kostte het Eva de nodige moeite om het huis te vinden. Maar het was daar. Het bestond, zo echt als de letters op het papier en aan het licht achter de gordijnen te zien was er overduidelijk iemand thuis. Evangeline staarde voor een minuut naar het flikkerende licht, zich afvragend wat ze precies achter die deur ging vinden en of het werkelijk aan al haar verwachtingen zou voldoen. Maar haar tenen voelden bevroren aan en het was zo koud dat ze vanzelf over het pad naar de voordeur gedreven werd. Twijfelend hief ze haar hand op en bonkte toen vier keer hard op de deur.

Share this post


Link to post
Share on other sites

9a06f81b-357f-4f6a-aa88-4b2ab03dcb3e_zps

 
Rhiann Cadwgan droeg officieel nog steeds haar eigen naam, maar de mensen in het dorp kenden haar niet anders dan ‘Susie’. Ze had vroeger een meisje gekend die Susie heette, met lang blond haar in twee lange blonde vlechten, een gezet meisje uit Huffelpuf met een jampotglasachtige bril. Ze had een hekel gehad aan Susie. Ze had Susie gepest op elk moment dat het maar mogelijk was. En dus, toen ze zelf buiten gratie was gevallen, toen ze zwanger uit haar ouderlijk huis was gezet, haar moeder gestorven en haar vader witheet van woede door de ongenade waar ze haar toch al fiscaal uitgeklede familie met de status van burggraaf in had verwikkeld, had ze de naam Susie aangenomen als boetekleed voor de verschrikkingen waar ze het meisje doorheen had laten gaan. Dat was nu zeventien jaren geleden, maar hoeveel ze het ook probeerde te vergeten, toch kwamen de herinneringen vaker dan ze wilde naar boven drijven. Zo dacht ze beschaamd terug aan haar Zweinsteinperiode, aan de arrogantie en wijsheden die ze als populairste en knapste meisje van de school had rondverspreid alsof het niets was. Ze dacht aan het ongelukje dat ze had begaan, maar vooral dacht ze terug aan het eerste moment dat ze de kleine baby na negen maanden voor het eerst in haar armen had mogen sluiten. Die baby had alles veranderd, en op de een of andere manier alles waar ze doorheen had moeten gaan weer goed gemaakt. Hij was het waard geweest – en niet minder omdat haar vader haar voor negen jaar met rust had gelaten. Oh, hij stuurde geld uit de magere Cadwgan-kas, hoewel ze hoorde dat hij rijkdommen door de jaren heen langzaam maar zeker op zijn eigen (en wellicht illegale) manier verzamelde. Hij stuurde paarden en kleding en soms een van zijn bediendes met wat nieuws. Maar negen jaar lang kwam hij nooit in persoon en ontving ze nooit brieven. Ze was gelukkig geweest, die negen jaren. Keane had gegroeid als kool, en al moest het zwaar zijn geweest om zonder vader op te groeien, toch stampte hij dapper door modderige plassen en reed hij op zijn pony als een echte man. Ze waren maar met z’n tweetjes, maar ze waren gelukkig. Totdat haar vader hem plotseling, uit het niets bij haar had weggenomen. Totdat alles wat ze had opgebouwd voor niets was geweest.
 
Rhiann liet haar vingers over de zware, donkergroene mantel glijden. Het nieuws dat Keane zou gaan trouwen was zelfs tot in de uithoeken van Radnorshire gekomen, ondanks dat het haar weinig had verrast. Haar zoon was nu zeventien, geïndoctrineerd in de Cadwgan-clan en haar vader had vast een tactisch huwelijk voor hem geregeld. Soms wenste ze dat Keane beter had onderwezen in de gevaren die vanuit de familie loerden, maar aan de andere kant – hij was pas negen jaren oud geweest. Ze had zich destijds niet kunnen voorstellen dat haar vader ook maar een seconde naar haar bastaard om zou kijken, niet als hij nog steeds zijn eigen zonen bij haar stiefmoeder kon verwekken. Ze was naïef geweest, natuurlijk. Ze was niets veranderd ten opzichte van vroeger. Maar ze hoopte dat Keane deze mantel om zijn schouders zou dragen als hij zou trouwen, zelfs als hij niet kon weten dat zij het voor hem had gemaakt. Rhiann maande met haar toverstaf de bol licht nog wat dichterbij, en kneep haar ogen tot spleetjes terwijl ze de naald en het gouddraad de juiste kant op positioneerde met het puntje van haar staf. Het waren de gouden draken van het schild van de Cadwgans die ze wilde maken, en ze was juist bij een van de grote, gouden vleugels aangekomen, toen…
 
Boem, boem, boem, boem!
 
Rhiann schoot overeind, waardoor de zilverkleurige naald haar hand open haalde en tinkelend op de grond viel. Geschrokken stond ze op, plotseling twijfelend richting de deur starende. Ze had met niemand afgesproken en ze kende niemand die op dit uur nog op die manier op haar deur zou bonken. Misschien was het wel – maar de angst dat haar vader op ieder moment van de dag voor haar deur zou staan was van vroeger, want wat maakte het nu nog uit? Wat kon hij haar nog afnemen? Ietwat behoedzaam liep ze naar de keuken om haar hand in een theedoek te kunnen wikkelen, waarna ze naar de voordeur toe liep en haar toverstaf stevig vast greep. Rhiann opende het bovenste gedeelte van de deur, op haar hoede voor de ongenode gast.
 
“Sorry, maar ik denk dat je aan het verkeerde adres bent” sprak Rhiann nadat ze het meisje met het lange, rode haar van top tot teen had bekeken. “Naar wie ben je op zoek?”

Share this post


Link to post
Share on other sites

Het duurde even voor de deur werd geopend. Evangeline wiebelde ongeduldig van haar ene voet op de andere in een poging om haar bevroren tenen een beetje op te warmen en bestudeerde haar ademwolkjes in de lucht, terwijl ze luisterde naar de zachte geluiden vanuit het huis, die langzaam steeds iets luider werden tot het bovenste deel van de deur openzwaaide. Evangeline keek omhoog, recht in een paar wantrouwende grijze ogen. De vrouw in de deuropening had niet heel veel weg van Keane, op haar donkere haren na, misschien. Maar, veel belangrijker, ze had overduidelijk zodanig veel weg van het schilderij dat ze had gezien in Cadwgan Castle dat Evangelines hart hoopvol begon te kloppen. 

 

Rhiann Cadwgan had niets te vrezen van Evangeline, maar dat wist ze natuurlijk ook niet en Eva begreep eerlijk gezegd maar al te goed de behoedzame blik op haar gezicht. Het was dezelfde blik die ze zelf wel eens had gehad als ze zich bij Keanes grootvader in de buurt bevond. "Eh, hallo," begroette ze de vrouw met een opgelaten glimlachje, plotseling alle tekst kwijt die ze had voorbereid toen er al meteen werd gezegd dat ze vast op het verkeerde adres was. "Ik ben op zoek naar Rhiann Cadwgan. Ik geloof dat dit het juiste adres was?"

 

Voor een moment twijfelde ze over haar volgende woorden. Het was riskant om de deur binnen te vallen met de waarheid. Maar als ze wilde dat deze vrouw haar vertrouwelijke informatie door ging spelen, dan zou ze er voor moeten zorgen dat miss Cadwgan haar vertrouwde. En om dat voor elkaar te krijgen zou ze eerst zijn moeder moeten vertrouwen. Haar blik gleed even door de tuin, alsof ze voor de zekerheid controleerde dat er niemand stond af te luisteren. "Mijn naam is Evangeline Lennox, ik ben... " Ja, wat was de beste manier om haarzelf te introduceren. Hallo, ik heb een affaire met uw zoon, was niet bepaald een zin die bij de meeste "schoon"ouders in goede aarde viel. Zelfs als die ouders zelf niet de meest nette levens hadden geleid. Ze kende deze vrouw helemaal niet, dus ze kon niet goed inschatten hoe die informatie zou worden opgevat. Of zouden de roddels uit Bath destijds ver genoeg hebben gereisd om te weten wie ze was? "Ik ben een hele goede vriendin van haar zoon, Keane Cadwgan." Eva liet haar bruine ogen gericht op het gezicht van de vrouw liggen, benieuwd wat die zin voor reactie teweeg zou brengen. 

 

"Bent u de persoon waar ik naar op zoek ben? Of weet u anders waar ik haar kan vinden? Er is iets belangrijks dat ik graag met haar zou willen bespreken." Ademloos en vol verwachting keek de donkerharige vrouw aan. Hopelijk mocht ze naar binnen of kon ze weg voor iemand verder doorhad dat ze hier was, want als ze nu betrapt werd... had ze een heel erg groot probleem. Voor de zekerheid hield ze haar toverstok stevig vast in haar zak, om elk moment te kunnen verdwijnen als het nodig was. "Het gaat over Keane," drong ze voorzichtig aan. Wat het karakter van deze vrouw ook was, als dit werkelijk Rhiann Cadwgan was -en het moest bijna wel, het adres en de gelijkenis met het schilderij-, dan was ze een moeder. En als er een ding was waar je van uit kon gaan bij echte moeders, was dat ze zich altijd zorgen maakten om hun kinderen. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Het was een prachtige nacht, met een wolkenloze hemel en fonkelende sterren. Daarnaast was het koud, zoals alle decemberdagen in Wales. Sneeuw sierde haar tuin en de straat. Rhiann’s adem veranderde stilzwijgend in wolkjes terwijl ze naar het meisje keek, naar haar dikke mantel, naar haar bruine ogen die schitterden in het licht afkomstig van de olielampen in haar gang. Ze zag eruit als een lief meisje, niet ouder dan zeventien of achttien jaar. Zo oud als Keane… zou ze magisch zijn? Er kwamen bijna geen tovenaars in haar dorp.

 

Maar zodra ze begon te praten kreeg Rhiann de neiging om de deur in haar gezicht dicht te slaan en te doen alsof ze er nooit was geweest. Bleek wist ze deze neiging te onderdrukken en greep ze haar toverstaf onder haar mantel wat steviger vast. Ze gebruikte niet heel veel magie om mee rond te komen, maar dat betekende niet dat je het per se verleerde. Ze was vroeger altijd goed geweest in vervloekingen, en als het moest kon ze dit meisje heus wel aan. En nu was het de afweging… had ze kwade bedoelingen, of niet? Rhiann liet haar uitspreken en slikte. Ze kende Keane? Haar zoon, waar ze al zo lang niets over kon horen, niets over wist dan datgeen dat haar van horen-zeggen bereikte, naar het dorp kwam dat lag verborgen tussen de meren in de bergen en waar enkel vissers zich hun weg naartoe baanden. Maar hoe wist dit kind haar naam? Niemand wist wie ze was, zeventien jaren lang had ze minder dan eenmaal per jaar gesproken met iemand die wist wie ze was, en dat was altijd iemand afkomstig uit Cadwgan Castle. Maar dit meisje… Rhiann probeerde in haar uiterlijke kenmerken iets af te leiden, van ook maar iemand die ze in haar oude leven had gekend, maar het meisje was haar geheel onbekend. Daarbij bewoog ze zich voort en sprak ze op een manier die niet eigen was aan inwoners van het landhuis in Cefnllys, niet eens geheel eigen aan de inwoners van Radnorshire zelf. Maar ze sprak Welsh terug, zoals Rhiann haar ook had aangesproken, vanuit gewoonte omdat ze tegenwoordig altijd en iedereen in haar moedertaal aansprak. Uit haar accent leek af te leiden dat ze in Wales was geboren, hoewel wellicht iets meer richting de grens met Engeland. Rhiann twijfelde, maar uiteindelijk won haar nieuwsgierigheid het van haar behoedzaamheid.

 

“Niemand kent me hier als Rhiann Cadwgan” sprak ze langzaam en zachtjes, al grensden de landerijen van haar buren niet dicht tegen die van haar. “En niemand heeft me in tijden zo genoemd.” Aan de ene kant wilde ze niet dat dit meisje hier, openlijk op de stoep dit soort geheimen verspreidde - maar ze wilde haar ook niet zomaar in haar huis uitnodigen zonder dat ze wist wie ze precies was en wat ze hier deed. Rhiann overwoog voor een moment twijfelend haar keuzemogelijkheden, voordat ze de onderkant van de deur opende, opzij stapte om het meisje binnen te laten, een vlugge blik naar buiten wierp om er zeker van te zijn dat niemand haar had gezien en vervolgens de twee delen van de voordeur sloot. Ze maakte echter geen aanstalten om het meisje verder dan haar gang binnen te laten en positioneerde zichzelf tegenover haar, het meisje met haar rug tegen de voordeur.

 

“Hoe weet je wie ik ben? En hoe ben je achter mijn adres gekomen?” Dwingend staarde ze het meisje aan, een ietwat kille blik in haar grijze ogen die wellicht aan haar vader zou kunnen herinneren. “Het spijt me dat ik zo argwanend moet zijn, maar als je mijn familie zou kennen, dan zou je het wel begrijpen.

Edited by Rhiann Cadwgan

Share this post


Link to post
Share on other sites

Eva wist niet zeker of er meer verwijt of verwondering in Rhiann's stem klonk toen de vrouw zachtjes beweerde dat het jaren geleden was dat iemand haar bij die naam had genoemd. Maar het maakte niet uit, want het belangrijkste was dat met die zin haar vermoedens bevestigd werden. Deze vrouw hier voor haar was Keane's moeder. Na maanden van enkel graven naar informatie had ze eindelijk iets bereikt. Zelfs als miss Cadwgan nu zou besluiten om haar deur alsnog in Eva's gezicht te smijten, zou het niet helemaal voor niets zijn geweest. Nee, dan zou ze waarschijnlijk nooit meer datgene bereiken waar ze mee bezig was, maar ze zou op zijn minst Keane het adres kunnen geven -en, Keane kennende, aangezien ze bij een van hun eerste ontmoetingen al had gezegd dat hij zijn moeder eens op moest zoeken en hij dat nooit had gedaan, hem de nodige aansporing geven om er wat mee te doen. En dat was ook iets waard. "Ik ben ook niet van hier," glimlachte ze verontschuldigend. "Ik kom uit Caelic." Ze zweeg even twijfelend. "Wilt u dat ik u anders noem?" Met grote bruine ogen keek ze de donkerharige vrouw aan, zich afvragend of ze het misschien verpest had, maar na een korte stilte klonk het zachte geluid van het ontgrendelen van de onderste deur. 
 
Het voelde als een opluchting om binnen te kunnen stappen, veiliger. Weg van alle ogen die haar zouden kunnen betrappen. Eva klopte braaf zoveel mogelijk sneeuw van haar schoenen voor ze naar binnentrad. Ze was binnen. Of... in ieder geval in het huis, want het was maar de vraag hoeveel binnen werkelijk betekende als je meteen werd ingesloten bij de voordeur. Eerlijk gezegd voelde ze zich een beetje in het nauw gedreven, maar ze zou niet klagen. Miss Cadwgan had haar ook allang weg kunnen sturen, maar in plaats daarvan stond ze hier nu sneeuw te druppen op de deurmat van iemand die haar overduidelijk nog niet echt vertrouwde. "Dat is oke, ik begrijp het wel," antwoordde ze, zorgvuldig nadenkend hoe ze de volgende vragen ging beantwoorden. 
 
De eerste vraag was nog redelijk makkelijk. "Uw zoon heeft me wel eens wat over u verteld. Niet heel veel, eigenlijk, maar... dat is waarom ik uw naam ken." Natuurlijk stond Rhiann's naam ook wel ergens in een boek, maar dat was niet hoe Eva ooit voor het eerst met haar had kennisgemaakt. "En u lijkt op het schilderij dat ik zag in Cadwgan Castle." Het was een verstopt schilderij, maar dat kon Rhiann niet weten. Ze was waarschijnlijk al jaren niet meer in Cadwgan Castle geweest. Maar al bij al was het niet zo moeilijk om uit te leggen hoe ze de naam van deze vrouw wist. Eva wist meer over Rhianns oude leven dan over haar nieuwe, al zei dat in dit geval ook niet zoveel. Het was de vraag hoe ze aan dit adres kwam die pas echt moeilijk was. Ze kon niet zeggen dat ze het van Keane had, want het was een leugen en het zou doen geloven dat hij geen moeite had willen doen om zijn moeder nog eens terug te zien, of haar uberhaupt te schrijven. Iets wat ze eigenlijk niet kon geloven. Gezien Rhiann hier blijkbaar niet onder haar eigen naam leefde, stond het vast nergens geregistreerd, dus het kon ook niet dat ze dit adres zomaar uit een register had gehaald. Maar kon ze zomaar vertellen dat Rhiann's brieven aan haar vader had... gestolen en gelezen? Dat was wel erg gevoelige informatie om het gesprek mee te beginnen. Beter gekwetst door de waarheid dan getroost door een leugen werd er wel eens gezegd, maar mensen die zomaar persoonlijke brieven openden kwamen niet echt betrouwbaar over. En vertrouwen was wat ze op dit moment harder nodig had dan de waarheid. 

 

"Het was niet bepaald makkelijk om dit adres te vinden," besloot ze uiteindelijk. "Het is duidelijk dat je familie liever heeft dat het niet gevonden wordt." En met familie doelde ze eigenlijk op één specifiek familielid die alles voor de rest verpeste. "Ik snap dat het raar is om opeens iemand zo op je stoep te hebben staan en ik heb eerlijk gezegd geen idee wat ik zelf zou doen in zo'n geval, maar ik ben hier echt met de beste intenties." Ze wilde Keane helpen. En zichzelf en zelfs zijn moeder, maar daarvoor had ze eerst haar hulp nodig. "Is er iets wat ik kan doen om er voor te zorgen dat u weet dat ik het meen?"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Rhiann negeerde de vraag over hoe het meisje haar moest noemen en staarde haar wantrouwig aan. Ze twijfelde over de beweegredenen van het meisje – een twijfel die werd benadrukt toen ze uitsprak dat ze de situatie wel begreep. Dit was voor Rhiann een trigger om haar toverstaf onder haar mantel vandaan te halen en op de borst van het meisje te richten, haar ogen toegeknepen in een argwanende frons. Er stond, uit het niets, een meisje op haar stoep die verklaarde haar zoon te kennen en ook nog eens op de een of andere manier banden had met haar familie? Rhiann had de afgelopen jaren erg veel tijd gehad om over haar familie na te denken, vooral nadat haar vader op een dag naar haar toe was gekomen en Keane bij haar had weggehaald. Natuurlijk kon het dat dit meisje de Cadwgans kende. Ze kon van adel zijn, ze kon uitgenodigd zijn op feesten en op die manier in haar ouderlijk huis zijn geweest. Maar ze had nooit gehoord van adellijke lieden die in het tovenaarsgehucht Caelic woonden, en haar vader had háár nooit toegestaan vriendinnen te worden met meisjes die niet zelf van adel waren, laat staan met jongens. Zou niet hetzelfde voor haar eigen zoon gelden, die door haar vader was aangenomen als zijn eigen? Aan de andere kant was ze er reeds zeventien lange jaren tussenuit geweest en wellicht was Caelic veranderd. Rhiann zweeg, greep haar staf nog wat steviger vast, kneep haar lippen op elkaar en luisterde wat het kind te vertellen had. Ondanks dat ze wist dat het het beste was, vond ze het lastig het meisje zomaar haar huis uit zetten als er kans was dat ze informatie over haar zoon zou kunnen krijgen, enige informatie, meer dan dat ze op het moment bezat… maar het was een risico, een risico wat ze zo afgewogen mogelijk moest nemen.

 

En eigenlijk was het nu wel klaar. Rhiann rechtte haar rug en wilde het meisje juist sommeren om weg te gaan, toen ze haar vertelde dat haar intenties werkelijk zuiver waren. En toch. Er klopte iets niet, ze gaf haar te weinig informatie, en Rhiann voelde aan dat er iets niet pluis zat. Ze wist teveel en vertelde te weinig. Maar ze leek ongevaarlijk, voor het moment dan, en haar vraag was zo uitnodigend… en daarbij had ze gezegd dat ze belangrijke informatie had.

 

“Ik wil dat je me vertelt over Keane” sprak Rhiann, die haar toverstaf niet liet zakken en haar ietwat grimmige blik aanhield, voor het geval het meisje de dingen die ze zei niet daadwerkelijk meende. “Wat hij doet, wie hij is, hoe het met hem gaat…”

Edited by Rhiann Cadwgan

Share this post


Link to post
Share on other sites

Het verzoek wat kwam was eigenlijk niet eens geheel onverwacht, al had Evangeline ergens gedacht dat de vrouw misschien eerst wat meer over haar zou willen weten. Maar ze vroeg naar Keane. Natuurlijk vroeg ze als eerste naar Keane. Het was jaren geleden dat ze hem had gezien. Waarschijnlijk net zo lang geleden dat ze van hem had gehoord, persoonlijk dan, want er waren in de groten buitenwereld vast ook roddels, kranten en tijdschriften. Eva wierp even een zenuwachtige blik op de toverstok en vroeg zich af waar ze in godsnaam moest beginnen. Er was zoveel wat ze over Keane kon vertellen, zoveel dingen die ze over hem wist en die ze met hem had beleefd. Maar ze was hier natuurlijk niet om hun hele levensverhaal op tafel te gooien. Kon ook niet, want de tafel was nog lang niet in zicht en in plaats daarvan stond ze nog altijd tegen de deur aangedrukt. Zou er iets zijn wat ze al wel wist? Of moest ze beginnen bij het begin?

 

"We gaan samen naar Zweinstein, andere afdelingen wel. Hij zit in Zwadderich. Dat is ook waar we elkaar hebben leren kennen en we bevriend raakten in de derde klas. Op school doet hij het goed. Hij is Hoofdmonitor en aanvoerder van het zwerkbalteam." Oh wacht. Dat laatste niet meer. Want hij was gestopt... voor haar. Maar dat was nog niet zo lang geleden en hij speelde nog steeds met veel plezier. "Keane is drijver, hij is echt goed." Eva glimlachte, een kleine twinkeling in haar ogen terwijl ze aan het vertellen was. "Hij is ook best wel populair op school, veel vrienden... Hij vind het leuk op Zweinstein. Wat hij minder leuk vind is naar huis gaan." Eva slikte en liet een korte stilte vallen. Het voelde zo stom om hier over te beginnen in de hal, maar een betere optie was er niet echt. De toverstok voor haar neus deed haar zodanig ongemakkelijk voelen dat ze ook amper durfde te bewegen. "Keane heeft niet echt een goede band met zijn grootvader. Lord Cadwgan kan nogal overheersend zijn. Maar het is niet alleen dat." Was dat het maar. Het gebeurde zo vaak dat mensen niet goed overweg konden met sommige familieleden. Met een gepijnigde blik in haar ogen keek ze miss Cadwgan aan. Ze gaf heel veel om Keane en het deed pijn als de mensen waar je van hield pijn leden. "Hij behandelt hem niet goed. Echt niet goed."  

 

De pijn in haar ogen maakte plaats voor iets vastberaden. "En daarom ben ik hier. Ik heb uw hulp nodig."

Share this post


Link to post
Share on other sites

Rhiann knikte langzaam terwijl ze over de woorden van het meisje nadacht. Zwadderich. Natuurlijk. Ze had haast niet anders verwacht. Maar wat ze vervolgens vertelde, dat hij populair was, Hoofdmonitor, aanvoerder van het zwerkbalteam… dat waren precies de verwachtingen die haar vader van een mannelijke Cadwgan zou hebben, de standaarden die hij van haar had gehad en waar ze ruimschoots aan had voldaan. Nu was ze geen aanvoerder van het zwerkbalteam geweest, maar Klassenoudste en onbetwiste Queen-Bee. Zou haar vader bang zijn dat Keane hetzelfde als zij zou eindigen? Was dat waarom hij haar kind zou terroriseren? Rhiann keek het meisje met een moeilijk te peilen blik aan, haar ogen ietwat toegeknepen en haar lippen strak op elkaar. Maar het volgende moment hief ze haar toverstaf op en stopte deze in haar zak, waarna ze zich kordaat omdraaide en richting de keuken begon te lopen.

 

“Kom” sprak ze, het feit negerend dat dit meisje waarschijnlijk zowel van adel als een Zwadderaar was en daarmee aan haar vroegere vereisten tot het aangaan van iets dat eruit zag als vriendschap voldeed. Aangekomen in de simpele maar praktisch ingedeelde woonkamer wees ze naar een grove eikenhouten tafel en bood ze het meisje een stoel aan. Haar ogen schoten voor een moment nerveus naar de portretjes die ze van Keane had toen hij klein was op de grote haard, waar een warm haardvuur een gezellig licht wierp door de gehele kamer. “Wil je soms iets drinken? Ik heb gluhwein warm staan.” Zonder op antwoord te wachten verdween Rhiann naar de keuken en kwam een kleine tien minuten later terug met twee stomende bekers.

 

“Vertel” sprak ze, terwijl ze een van de bekers op tafel neerzette en het meisje ietwat dwingend aankeek. “Vertel wat je me wilt vertellen, en waarom je het risico hebt gekomen hier naartoe af te reizen – want ik weet hoe nauwkeurig mijn vader is, en je hoeft niet te vertellen hoe je achter mijn adres bent gekomen, maar het kan niet gemakkelijk zijn geweest.”

Share this post


Link to post
Share on other sites

Kom. 

 

Evangeline had nooit gedacht dat zo een klein woordje zo'n sterk gevoel van opluchting in iemands lichaam teweeg kon brengen. Zelfs de nog altijd ietwat moeilijke blik op Rhianns gezicht kon daar niets aan veranderen. Ademloos schopte Eva de laatste stukjes sneeuw van haar schoenen en volgde toen vlug Keane's moeder richting de woonkamer. Het deed haar een beetje denken aan thuis, maar dan een stuk opgeruimder en ook met veel minder mensen. "Ja graag." Haar vingers voelden nog altijd lichtelijk bevroren aan, maar voor Eva helemaal was uitgepraat was de vrouw al verdwenen. Eva besloot haar moment alleen maar te gebruiken om het zichzelf gemakkelijk te maken. Ze trok haar zware mantel uit en hing hem over de rugleuning van de stoel voor ze ging zitten en liet vervolgens haar blik nieuwsgierig door de kamer glijden. Dit was niet het huis waar Keane was opgegroeid en toch wilde ze het liefst alles in haar opnemen. 

 

Tegen de tijd dat miss Cadwgan terug kwam zat Evangeline nog altijd braaf op haar plek en trok ze opgelaten haar blik los van een van de portretjes boven de haard. Ze had nog nooit eerder beelden gezien van zo'n jonge Keane. In Cadwgan Castle waren ze niet te vinden, niet dat Eva er echt naar had gezocht. Het deed haar afvragen of Keane's moeder uberhaupt een idee had van hoe haar zoon er op dit moment uitzag. Het roodharige meisje sloot haar koude vingers om de warme beker en keek de andere vrouw door de stoom heen aan. "De beschrijving die ik daarnet heb gegeven klinkt best wel als een perfecte erfgenaam, toch? Alleen zou uw vader dat niet me eens zijn. Keane is... best wel gesteld op zijn vrijheid, op het maken van zijn eigen keuzes. Alleen zijn dat zo nu en dan keuzes waar Lord Radnor het niet mee eens is. Uw vader is altijd streng geweest, maar het gaat steeds meer buiten de gewone proporties." Eva nam een slokje van de gluhwijn en liet het warme gevoel door haar lichaam glijden. 

 

"Hij gebruikt niet gewoon argumenten om zijn wil door te drukken. Hij bedreigt Keane, en de mensen om hem heen als het moet. Maar dat is niet het ergste... Vorig jaar met oud en nieuw liep het volledig uit de hand. Het was rond de tijd dat Keane opnieuw verloofd werd. Dat is een van de dingen waarmee hij van mening verschilt met zijn grootvader. Keane wilde er over praten, maar uw vader wilde er niks van weten en toen vervloekte hij hem. Geen gewone vervloeking... de cruciatusvloek." Eva sloeg haar ogen neer. "Ik begrijp het als dat moeilijk is om te horen, maar het is echt waar. Ik heb het zelf gezien." Het roodharige meisje liet de beker los en hief haar blik op naar de vrouw aan de andere kant van de tafel. "Ik geef om Keane en ik zou willen dat hij dat nooit meer mee hoeft te maken, maar er is niets wat ik zelf kan doen om daarvoor te zorgen." Het was net zoals met zoveel andere dingen, in je eentje bereikte je niet zoveel. Zeker als je maar een achttienjarig meisje was tegenover een tovenaar met jaren ervaring. "Maar ik weet dat u ook om hem geeft, u bent ben zijn familie. En misschien, als u me wil helpen, dat we er wel wat aan kunnen doen." Hoopvol keek ze Rhiann Cadwgan aan. 

 

En als de macht in huize Cadwgan wat was verschoven, konden ze andere zaken bespreken... maar zo ver was het helaas nog niet. 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Ondanks dat Rhiann al jaren geen lid meer was van de Cadwgan familie, sprong haar automatische verdedigingsmechanisme voor een moment aan toen het meisje los barste in een klaagzang over haar vader en stiefmoeder. Men sprak niet over de negatieve zijde van adellijke huizen, dat was nu eenmaal niet hoe het hoorde. Dit soort dingen moesten geheim blijven, mochten niet aan de buitenwereld worden getoond.  Het strakke keurslijf dat de kinderen van graven, markiezen, hertogen en wat dan ook droegen was iets wat van binnenuit wellicht ietwat mocht vieren, maar naar buiten zo keurig en strak als mogelijk moest worden aangetrokken. Het koste maar een enkele fout om over de streep te gaan, iets wat ze zelf aan de levende lijve had ondervonden. Rhiann keek het meisje met een ietwat treurige, doch scherpe blik aan. De roodharige maakte zich zorgen om haar zoon, oprechte zorgen, zoveel was wel duidelijk. Maar het klonk ook alsof ze haar vader had onderschat.

 

De dochter van de Graaf zweeg terwijl ze een slok van haar gluhwein nam. Terwijl het meisje haar vragend aankeek staarde ze in de knisperende vlammen, alsof in gedachten verzonken. Toen stond ze op en ging ze met haar rug naar de haard staan, zich warmend aan het vuur.

 

Keane zal nooit een perfecte erfgenaam zijn, enkel en alleen om wie hij is” begon ze zachtjes, haar blik gericht op het meisje. “Ik begrijp wel dat mijn vader problemen met hem ervaart. Ik heb hem niet opgevoed als een erfgenaam van het Cadwgan-fortuin, maar als bastaard. Hij heeft liefde gekregen, mijn volle aandacht. Hij is verwend en eigenzinnig, met een voorliefde voor passie en avontuur en kunst.” Ze glimlachte voor het eerst sinds het binnentreden van het meisje. Een glimlach die iets verslapte toen ze verder sprak.

“Mijn vader wilde altijd al een zoon. En toen hij die kreeg… nuja… een grotere teleurstelling was er niet.” Ze ging ervanuit dat het meisje, die grondiger onderzoek had gedaan dan ze ooit voor mogelijk had gehouden, ook wist van haar psychisch gehandicapte broer die al jaren was weggestopt in een van de bijgebouwen van het landgoed van Cadwgan Castle. “Maar ik had nooit verwacht dat hij achter mij zou aangaan, niet nadat hij mij op die manier had afgedankt. En dat hij Keane bij mij zou wegnemen…” Van alles wat haar was overkomen, was dat uiteindelijk het ergste geweest.

“De jongen heeft het dus eigenlijk aan mij te danken” vervolgde ze. “Als het aan mijn vader had gelegen, had hij nooit liefde gekend. Het is zijn manier om hem nog een beetje te temmen, neem ik aan. Al moet een cruciatusvloek nu niet bepaald pedagogisch verantwoord worden geacht – verbaast het je werkelijk nog waar Owain Cadwgan toe in staat is? Die vloek wordt overigens al jaren in de familie gebruikt. Ik denk dat hij wilde weten uit welk hout Keane precies was gesneden. Al vraag ik me af of hij de test heeft gehaald, Keane was altijd al een beetje kleinzerig.” Ze glimlachte bij de gedachte aan haar kleine, donkerharige zoon, die zijn teen stootte of van zijn paard was gevallen.

 

“Maar waar wil je precies hulp bij? Want als het gaat om het verslaan van Lord Radnor…” Rhiann zuchtte en ging terug aan tafel zitten. “Dat gevecht heb ik al jaren geleden verloren en ik zal je advies geven wat je een hoop onrust zal besparen – beter volg je zijn regels op, en waag je je er niet aan.”

Share this post


Link to post
Share on other sites

Het was bewonderingswaardig en misschien ook wel zorgwekkend hoe rustig Keane's moeder al deze informatie leek te incasseren. Hoe ze eigenlijk niet eens onder de indruk leek te zijn van wat er was gebeurd, omdat die vloek al jaren in de familie werd gebruikt. Wat? Wat was dit voor familie? Waar was ooit de grens zo verlegd dat ze dachten dat dit oke was? Evangeline kon de vrouw alleen maar met grote ogen aanstaren, terwijl Rhiann uitlegde waarom Keane niet de perfecte erfgenaam was. Niemand was natuurlijk perfect en Eva had hier uiteraard helemaal geen verstand van, maar ze had nooit gedacht dat Keane het zo slecht deed. Het probleem was gewoon dat het nooit goed genoeg was, dat de standaarden te hoog waren. Ze glimlachte even bij de beschrijving die zijn moeder van hem gaf, want het was inderdaad hoe ze Keane kende. En ze was blij met de manier waarop zijn moeder hem had opgevoed, want anders had ze waarschijnlijk nooit van hem kunnen houden. 

 

"Ja, om eerlijk te zijn was ik best wel verrast. Tot dat moment had ik eigenlijk geen idee wat er zich binnen de muren van Cadwgan Castle afspeelde. Nu zou het me inderdaad niet zoveel meer verbazen, maar dat maakt het niet goed. Het kan me niet schelen of zoiets al jaren wordt gedaan in de familie, het is niet normaal. Dat is niet hoe je familie behandelt." Eva moest even diep ademhalen om haar frustratie niet al teveel te uiten. Bij Merlijn, ze was -bijna- getrouwd met Keane. Ze ging geen kinderen in een familie introduceren waar het normaal was om elkaar te martelen en vervloeken als test. Noch zou ze dat Josephine toewensen, die geen flauw idee had waar ze instapte.. Het moest stoppen en het liefst nu meteen.  "Misschien is Keane een beetje verwend, maar een opvoeding zou altijd moeten bestaan uit liefde en niet uit continue afstraffing. Er zijn andere manieren om ervoor te zorgen dat je kind zich gedraagt." Evangeline had haar eigen opvoeding eigenlijk altijd als vanzelfsprekend gezien, maar hoe meer ze van het leven leerde, hoe meer ze besefte hoe gelukkig ze eigenlijk was. Haar ouders waren soms ook wel eens streng, maar niet op die manier. Al zou Owain Cadwgan vast niet vinden dat ze hun betweterige dochter die zich te graag met andermans zaken bemoeide goed hadden opgevoed. 

 

Dat ze beter kon stoppen en gewoon Lord Cadwgan's regels op moest volgen was niet bepaald wat Evangeline graag wilde horen. Dat was niet waarvoor ze gekomen was. Maar ergens was het te verwachten. Hoe lang woonde Rhiann nou al hier en wat had ze er aan gedaan of kunnen doen om Keane terug te krijgen in haar leven, of om hem eens een keer te zien. Ze had brieven geschreven, brieven waarvan Eva wist dat er geen enkele was geopend en dat was ongeveer het enige wapen wat ze had. "Ik snap het als u niet durft of kan helpen..." knikte Eva. "Maar gelukkig bent u niet zijn enige familielid." Een diepe zucht gleed over haar lippen. "Ik weet dat Keane's vader nog leeft."

 

Voor een moment bleef Evangeline stil, Rhiann een moment gunnend om hierover na te denken, en was er alleen het zachte, knetterende geluid van het haardvuur op de achtergrond. "Ik heb het hem nog niet verteld, want ik wil geen incomplete informatie geven en het is nogal een grote ontdekking als je al jaren gelooft dat je vader dood is." Haar vingers tikten gespannen tegen de beker, terwijl ze langzaam haar laatste informatie prijsgaf. "Ik weet dat uw advies is om me hier niet mee te bemoeien, maar dat kan ik niet doen. Zoals u zei, Keane heeft niet altijd het sterkste karakter. Hij kan zelf al helemaal niet op tegen zijn grootvader en ik wil niet degene zijn die toekijkt hoe hij er aan onderdoor gaat." Niet als ze er iets aan zou kunnen doen. De wereld veranderde niet in één dag, maar hij veranderde al helemaal niet als niemand het ooit probeerde. "Ik hoor al deze informatie niet eens te hebben. Maar ik heb het en ik zou het mezelf nooit vergeven als ik er helemaal niets mee zou doen." Dat het eerder niet was gelukt, betekende niet dat het nu ook niet zou lukken. Want Eva was niet van plan om dit alleen te doen en ze geloofde in een betere wereld. "Luister, ik heb alleen een naam nodig. Ik weet dat het een Evergreen is, maar dat is niet genoeg... Alsjeblieft? U bent de enige die het weet." 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Terwijl Rhiannon's grijze ogen over het meisje gleden, bedacht ze stilzwijgend dat het tijd werd dat ze te weten kwam wat de precieze beweegredenen van dit meisje waren. Ze had gezegd dat ze een vriendin van haar zoon was, maar er waren grenzen tot waar vriendschap reikte. Niemand handelde domweg uit de grond van het hart, en de moeite die dit meisje had moeten doen was klaarblijkelijk meer dan een gemiddelde persoon voor een gemiddelde vriendschap over zou hebben. Daarbij toonde ze emoties bij haar woorden die lieten zien dat ze om Keane gaf, en daadwerkelijk geshockeerd was met betrekking tot de wijze waarop de Graaf met hem om was gegaan. Maar haar bedoelingen leken niet slecht - ze klonk alsof ze het beste met hem voor had en toonde doorzettingsvermogen dat haast niet voor mogelijk gehouden zou moeten worden. Keane zou van geluk mogen spreken als het meisje ook maar iets meer om hem zou geven dan ze haar letterlijk vertelde - al schatte Rhiann haar kwaliteiten niet per se waardig voor de titel van Lady Radnor, maar dat was iets wat haar vader maar moest oordelen.

 

Rhiann incasseerde de woorden van het meisje rustig, tenminste tot het moment dat ze over de vader van haar zoon begon. Van schrik liet de dochter van de Graaf haar glas bijna uit haar handen glijden. Geshockeerd staarde ze het meisje aan. Maar... hoe? Zou hij iets door hebben laten schemeren? Maar waarom zou ze hier zitten, als ze het toch al wist? Was het toch allemaal een test van haar vader, omdat ze wellicht terug mocht komen naar het kasteel? Of waren de beweegredenen van dit meisje toch wel zuiver? Hoewel ze steeds weer terug leek te komen op het eerste, bleek uit niets omtrent de houding van het meisje dat ze daadwerkelijk er een geheime agenda op na hield. Niet zulks een geheime agenda, in elk geval.

Rhiann nam met kloppend hart een slokje van de gluhwein en wist zichzelf weer wat te bedaren. "Onrust werkt niet goed op het hoofd", zei haar vader altijd. En in dit geval had ze haar hoofd nodig.

 

"Keane gelooft niet dat zijn vader al jaren dood is" sprak Rhiann zachtjes, hoewel het haar niet geheel lukte de nasleep van shock uit haar stem te verwijderen. "Ik ben altijd eerlijk tegen hem geweest over onze... situatie. Maar ik heb hem ook nooit verteld wie zijn vader is." Ze stond op uit haar stoel, liep langzaam een keer of twee heen en weer in een poging zichzelf nog wat te kalmeren, en zakte weer neer. Er waren maar drie mensen op deze aardbol die wisten wie Keane's vader was, en dat waren ook de enige drie die het ook maar iets aangingen. Het meisje vroeg het antwoord op een vraag waar ze jarenlang omtrent had gezwegen en waarvan haar vader haar op het hart had gedrukt er nooit met een ziel over te spreken - waarom zou ze dat nu wel doen?

 

"Als ik zo vrij mag zijn - heb ik het genoegen op het moment met de verloofde van mijn zoon te spreken?" sprak Rhiann plotseling ietwat scherp en koeltjes, niet geheel tevreden met de kant waarop het gesprek was gedraaid. "Of kan je wellicht nogmaals anderszins verhelderen wat je precieze relatie met hem is en waar deze vragen vandaan komen? Het is mij niet geheel duidelijk, geloof ik."

Share this post


Link to post
Share on other sites

Het was niet zo moeilijk om op te merken dat het onderwerp dat zojuist was aangesneden er eentje was die miss Cadwgan niet aan had zien komen en waar ze zich ook niet echt bij op haar gemak voelde. Eva had niet echt anders verwacht, maar toch was het elke keer spannend om de reactie van de vrouw op haar woorden af te wachten. Ze kende Rhiann Cadwgan eigenlijk helemaal niet. Het was soms best lastig om in te schatten wat ze beter wel of niet kon zeggen en op welke toon. Het wantrouwen maakte het er ook niet bepaald gemakkelijker op en ze kreeg ook niet echt antwoord. In plaats daarvan kreeg ze een vraag teruggekaatst, eentje de stiekem wel een beetje stak. Want als Owain Cadwgan zich niet met de zaken had benoemd, was deze vraag gewoon simpel met ja te beantwoorden. Maar als Lord Cadwgan zich er niet mee had bemoeid, had Eva hier waarschijnlijk ook niet gezeten. 

 

Eva haalde diep adem en overwoog voor een moment haar opties. Ze was hier binnengekomen als "een vriendin van Keane", en ze kon die positie natuurlijk eigen houden, maar het was duidelijk dat Rhiann wat moeite had om die woorden te geloven. Eva dacht graag dat ze haar verliefdheid zodanig onder controle had dat ze prima kon doen alsof er niets tussen haar en Keane speelde, mar soms was het best lastig om niets door te laten schemeren. En blijkbaar had ze tijdens dit gesprek niet goed op haar toneelspel gelet. Dat was ook best lastig als je iemand probeerde te overtuigen van je oprechte goede bedoelingen. Ze besloot er niet verder om te liegen, al wist ze niet zeker of de waarheid zoveel beter was. 

 

"Nee," antwoordde het roodharige meisje, een zacht kraakje van frustratie hoorbaar in haar stem. Eva tuurde in het haardvuur en friemelde met haar vingers aan een loshangende krul. "Maar u gokt in de goede richting." Ze had het kunnen zijn. Zijn verloofde, zijn vrouw. Het voelde zo oneerlijk, maar Eva wist niet zeker of miss Cadwgan het zou begrijpen. Hoewel ze allebei op hun eigen manier om Keane gaven, leken ze toch duidelijk een verschillende mening te hebben over het verloop van sommige zaken. "Keane en ik hadden een affaire," legde ze uit. Verleden tijd, want de tegenwoordige tijd was zeker hier te gevaarlijk om uit te spreken. "We leerden elkaar kennen in het vierde jaar en werden verliefd. De affaire duurde ongeveer twee jaar, toen werd zijn eerste verloving verbroken en hoefde het geen geheim meer te zijn. Dus besloten we er ook geen geheim meer van te maken." 

 

"Ik denk dat Lord Cadwgan me toen ook al niet echt mocht," ging ze verder, na de nodige slok Gluhwijn. Dit verhaal was niet bepaald datgene waarvan ze ooit dacht dat ze zichzelf zou introduceren aan haar "schoonmoeder". Rhiann Cadwgan was dan misschien een gevallen vrouw, ze zag eruit alsof ze zich graag vasthield aan bepaalde standaarden. "Hij heeft er later niet bepaald een geheim van gemaakt dat hij vind dat ik geen goed gezelschap ben voor zijn kleinzoon. Mijn familie is immers niet van dezelfde standaarden. Mijn vader is schilder, geen Lord. Maar toendertijd zei hij er niets over. Misschien nam hij onze relatie niet echt serieus." Zou dat het zijn? Of had hij altijd al geweten dat hun mooie verhaaltje nooit goed af zou lopen?  "Maar we waren wel serieus. We waren gelukkig." Het voelde soms vreemd om terug te denken aan die tijd van vrijheid. Aan die korte maanden waarin ze niet bang hoefde te zijn om zijn hand vast te pakken in de gang, of een kusje te stelen tijdens het ontbijt. Het had zo vrij gevoeld, maar het had zo verschrikkelijk kort geduurd. 

 

"We wilden graag trouwen en we dachten ook dat dat kon, dat we het lot in eigen handen konden nemen." Stom. Zo stom. Ze hadden weg moeten blijven, een advertentie in de krant moeten zetten, niet zo dronken moeten worden, zeker moeten zijn dat in Schotland waren beland. Ze hadden een kans gehad en ze hadden het verpest, met hun misplaatste optimisme. "Maar Lord Cadwgan laat niets aan het lot over... of aan wie dan ook. Het was alsof uw vader kon ruiken dat we iets van plan waren. Plotseling had Keane een nieuwe verloofde, stonden er aankondigingen in alle kranten." Ze had hem voor moeten zijn, één stapje maar. Misschien dat als ze toen had geweten wat voor persoon hij was, dat ze wel anders had gehandeld. Maar zoals haar moeder altijd zei, het was makkelijk praten achteraf. Je moest jezelf leren vergeven voor de fouten die je had gemaakt en de situatie nemen zoals hij nu was. Maar Eva kon het niet. Want wat er na de aankondiging van de verloving had gevolgd, maakte het allemaal nog veel erger. 

 

"De cruciatusvloek was niet gewoon een test." Plotseling was haar stem gevuld met emotie. "Het was een straf. Omdat Keane moeilijk deed over de verloving. Het was mijn schuld." Natuurlijk was het niet haar schuld wat er was gebeurd. Het enige waar Eva schuldig aan was, was verliefd worden op de verkeerde persoon. Maar in huize Cadwgan was dat een grote misdaad. Het bewijs lag overal in hun geschiedenis. "Het was de eerste keer, maar het zal niet de laatste zijn. Ik heb geprobeerd het te stoppen, maar dat kon ik niet. En ik had geen recht om er ook maar iets van te zeggen, want het waren familiezaken. Alleen familie had het recht om er iets van te zeggen, zoiets was het geloof ik wat Lord Cadwgan zei. Hij luister niet naar me. Hij luistert waarschijnlijk ook niet naar u. Misschien... misschien luistert hij dan wel naar Keane's vader." 

 

Het was een wilde gok, maar eentje uit onverwachte hoek en Eva wilde de kans graag nemen. Dan had ze het in ieder geval geprobeerd, om het goed te maken. "Ik heb alleen een naam nodig. Meer niet. En denkt u niet dat Keane ook gewoon het recht heeft om het te weten?"

Share this post


Link to post
Share on other sites

Rhiann keek het meisje aan, haar grijze ogen dichtgeknepen tot spleetjes. Het vierde jaar. Rhiann wist dat haar zoon eerder verloofd was geweest, mede door het daarop volgende schandaal. Natuurlijk was ze zelf de reden geweest van haar eigen ondergang, was zij degene geweest die de foute keuzes had gemaakt. Rhiann had nooit iemand anders de schuld daarvan gegeven dan zichzelf, ook niet de vader van Keane. Op zich was het hetzelfde als het om haar zoon ging, al kon het best zo zijn dat dit meisje de ondergang van Keane’s eerste verloving was geweest. Hij had van haar gehouden, en zij van hem? Ze kon op zich wel zien waarom. Ze zag er lief uit, als iemand die Keane datgeen zou kunnen geven wat hij nodig had. Maar met een vader die schilder was… Nee, dat was niet iets wat haar vader zou kunnen accepteren – zeker met betrekking tot de financiële moeilijkheden waar de Cadwgans in verkeerden, met het feit dat Keane de enige erfgenaam was die met een goede verloving wat geld in het laadje zou kunnen brengen. Een huwelijk met dit meisje zou niets waard zijn.

 

Maar vervolgens vertelde ze haar over hoe de cruciatusvloek precies op haar zoon was uitgeoefend, dat het geen test was geweest, maar… een straf. Straf doordat hij waarschijnlijk zijn affaire met dit meisje had doorgezet terwijl hij een nieuwe verloving in het verschiet had liggen. Dat haar vader daarachter was gekomen was… onbesuisd van haar zoon. Ze wilde dat ze bij hem was geweest om hem advies te geven. Ze wilde dat ze hem had kunnen helpen. Ze wist hoe het was om bestemd te zijn als trofee, om niet datgeen te kunnen doen wat het hart verlangde. Maar was het kwaad niet allang gedaan? Haar vader kennende zou hij voorwaarden hebben gesteld, en zolang hij zich aan die voorwaarden hield…

 

Maar dat was het ding. Misschien was hij wel zo dom om haar vader te tarten, om door te gaan met zijn roekeloze gedrag.. Met… dit meisje, die zo hopeloos was geworden dat ze de moeder van haar geheime vriendje op kwam zoeken…

 

“Natuurlijk niet” sprak Rhiann kortaf, die een slok van haar gluhwein nam en het meisje recht aan keek. “Je denkt dat mijn vader zou luisteren naar de man met wie ik eenmaal een losse avond heb gehad, een avond die mij meer heeft gekost dan ik ooit had kunnen voorstellen? Je kent Owain Cadwgan niet als je denkt dat informatie rond Keane’s vader je daarmee zal kunnen helpen. Hij is dan misschien knap en rijk, maar van lagere komaf dan ik ooit had kunnen bedenken. Die man heeft me alles gekost en iets teruggegeven wat me vervolgens is afgenomen. Daarbij, als Keane geen contact met mij kan hebben, hoe zou ik het dan ooit over mijn hart kunnen verkrijgen dat hij wel met hem…” Haar woorden stokten in haar keel en ze greep haar glas met beide handen vast.

 

“Het spijt me van de cruciatusvloek. Je snapt dat ik wil dat mijn zoon gelukkig is, en als ik jou zo hoor was zijn keuze op jou gevallen. Als het niet is wat mijn vader wil, is het echter een hopeloze zaak. Je ziet wat hij mij heeft aangedaan. Ik denk echter niet dat je bang hoeft te zijn dat mijn vader jou ooit iets aan zal doen. Welke afkomst je ook hebt…” Ze nam nog een slok gluhwein. “Hij zal geen schandaal willen maken en het in de familie willen houden.” Ze nam nog een slok, haar ogen ditmaal scherp op de roodharige gericht om haar reactie te testen.

 

“Het zou wat anders zijn als jullie relatie nog steeds zou doorgaan, natuurlijk.”

Edited by Rhiann Cadwgan

Share this post


Link to post
Share on other sites

Natuurlijk niet. 

 

Evangeline's kopje gluhwijn tuimelde bijna uit haar handen door de plotseling zo strenge ondertoon in de stem. Oke, ze had wel verwacht dat Keane's moeder haar misschien niet zo zou mogen, maar ze had gedacht dat ze toch wel een beetje een redelijk verhaal neer had gezet? Blijkbaar was Rhiann Cadwgan het daar niet mee eens. Hoe ze ooit had kunnen denken dat Owain Cadwgan naar Keane's vader zou luisteren. Hoe? Nou, gewoon! Omdat Evangeline geen flauw idee had hoe de hele situatie in elkaar zat, omdat niemand er ooit over praatte. Omdat hoop het enige was wat haar nog een beetje overeind hield en als ze zich ergens aan vast kon klampen, ze dat graag deed. Omdat Lord Cadwgan er verdomme zelf over was begonnen, waardoor het juist zo belangrijk leek. Wist zij veel wie die man was! Als ze haar dat nou eens zouden vertellen, misschien dat ze het dan eindelijk wel begreep. 

 

Eva wist niet goed hoe ze zich moest voelen bij de woorden van Keane's moeder. Verschillende emoties stroomden door haar lijf. Ergens voelde ze schaamte, omdat het plan waar ze zoveel op had ingezet, zo voor haar neus werd afgekraakt en Rhiann haar deed overkomen als een naïef, dom meisje dat geen flauw idee had in wat voor situatie ze terecht was gekomen. Daar zat waarschijnlijk ook een kern van waarheid in, maar Evangeline was nog niet echt in staat om dat toe te geven en al helemaal niet in het hier en nu. Ze voelde zich ook boos, al wist ze niet zeker of dat gericht was op haarzelf, op Owain, op zijn moeder, of gewoon op alledrie. Hoe kon ze nou zeggen dat ze Keane gelukkig wilde laten zijn en er vervolgens helemaal niets aan doen, niet eens iets proberen. Het enige wat ze hoefde te doen was een naam geven. Niemand hoefde ooit te weten waar die naam vandaan kwam. Zodra Eva de deur uit zou lopen zat er geen enkel risico meer aan vast en toch was dat blijkbaar teveel gevraagd. 

 

Gelukkig had ze volgens Rhiann niet zoveel te vrezen als het ging om Keane's grootvader. Tenzij hun relatie natuurlijk nog steeds doorging...

 

Evangeline probeerde haar gezichtsuitdrukking onder controle te houden, maar ze kon bijna voelen hoe de kleur een beetje wegtrok uit haar gezicht. Zwijgend keek ze de vrouw aan, want hoewel ze zich had voorgenomen om niet te liegen, wilde ze ook geen antwoord geven op deze vraag. Hardop uitspreken dat hun relatie nog steeds in leven was voelde als er een extra vloek over uitroepen. 

 

"Ik maak me geen zorgen om mezelf," antwoordde ze en dat was niet eens geheel een leugen. O ja, als ze voor Owain Cadwgan's neus zou staan zou ze zich absoluut zorgen maken over zichzelf. Maar met de man op een afstandje was ze niet zo op zichzelf gericht en bovendien had ze iets goed te maken aan Keane. "Dat is Keane's taak en hij nam het erg serieus." Hij nam het nog steeds heel serieus, maar gelukkig had hij er na hun ruzie voor gekozen om haar niet meer helemaal te negeren. "Maar natuurlijk zijn we niet meer samen. Dat zou niet echt een slimme zet zijn." Dat was wat Rhiann graag wilde horen, toch?  Dat was wat zij zou willen horen als het om haar kind ging.

 

"Het hoeft niet te zijn zoals je zegt. Ik kan je in contact brengen met Keane, als je wil. Hij heeft nooit brieven ontvangen van hier, maar post kan je onderscheppen. Meisjes met pakketjes onderscheppen is een stukje moeilijker. Ik ben nu toch hier." Ze glimlachte zwakjes. In ieder geval voor een keertje zou het kunnen. Daarna werd het lastiger, maar misschien viel er iets te regelen. Er was nu in ieder geval een adres. "En je mag dit hebben." Eva graaide in haar zak en legde voorzichtig het glimmende voorwerp op tafel. Ondanks de kleine deukjes die ze er zelf in had gemaakt toen ze het ooit kwaad uit het raam richting Keane's hoofd had gesmeten, was het zilveren medaillon nog steeds mooi. Het was een van de weinige dingen van Keane die ze had, die ze vroeger bijna altijd bij zich droeg, maar ergens voelde het oneerlijk als ze keek naar de portretjes van vroeger hier boven de open haard en ze dacht aan het portretje dat in het medaillon zat. Zij kon Keane elke dag zien, als ze wilde. Ze zat bij hem op school, voorlopig in ieder geval toch nog wel en zijn moeder had misschien wel geen idee hoe hij er nu uit zag. Ze klapte het open en schoof het over de tafel haar kant uit. "We zijn niet samen nu, dus ik heb het toch niet meer nodig." 

 

Nu, konden ze het dan nog een keer over die naam van zijn vader hebben? Gewoon voor de zekerheid.

Share this post


Link to post
Share on other sites

Rhiann knikte eenmaal ter conformatie toen het meisje uitsprak dat de relatie met haar zoon verleden tijd was. Het was inderdaad niet minder dan ze wilde horen, al als ze terugdacht naar zichzelf, van die leeftijd… Het was niet dat Scott Evergreen een toevallige uitzondering was geweest, dat ze zichzelf nooit had laten gaan. Natuurlijk had ze haar harde les geleerd, een waar ze voor de rest van haar leven onder zou moeten zwichten en steunen. Het zou dezelfde les zijn waar deze griet onder zou moeten zwichten en steunen, mocht haar dat ongevallige gebeuren waar geen enkele ouder op zou zitten te wachten. Terwijl ze het roodharige meisje zwijgend aankeek bedacht ze plotseling wat haar vader zou doen met nog een Cadwgan bastaard, maar dan eentje van de mannelijke lijn, waar een dame aan vast zat die makkelijker geroyeerd kon worden dan een eigen dochter. Ze rilde en nam een slok verwarmende glühwein. Sommige dingen waren te bars om de tijd te nemen over na te denken.

 

Bij de suggestie dat het meisje zou kunnen fungeren als postuil leunde Rhiannon wat achterover, haar donkere wenkbrauwen gefronst. Het zou een manier zijn om haar vader te tarten en in contact te komen met haar zoon, iets wat ze al bijna acht jaar had gewild en haar constant was miskend. Het zou natuurlijk onbezonnen zijn. Rhiann was er op dit punt van overtuigd dat er geen aspect van haar leven was waar haar vader niet mee te maken had, dat ze constant onder zijn bespiedende oog stond en zelfs dit een risico was wat ze eigenlijk niet zou moeten kunnen nemen. Er waren ergere dingen die Owain Cadwgan haar aan kon doen dan haar wegzetten in een hutje op de hei, dat was iets waar ze zeker van was. Aan de andere kant… de suggestie was verleidelijk, verleidelijker dan ze zou willen toegeven. Ze miste Keane, ze miste haar zoon die tien jaar van haar leven datgeen was geweest waar ze zich aan vast had kunnen klampen en datgeen wat het haar verbannen bestaan waard had gemaakt. Ze had altijd gedacht dat ze hem voor zijn zeventiende verjaardag nog wel een keer zou kunnen zien, maar nu was hij bijna achttien en had ze hem nog steeds niet in haar armen kunnen nemen. En dit meisje bood haar die uitweg, stelde dat ze in ieder geval brieven zou kunnen schrijven waarvan ze nog nooit een grotere kans had gehad dat ze daadwerkelijk aankwamen...

 

“Hoe kan ik vertrouwen dat je 100% discreet zou handelen?” vroeg Rhiann, maar haar toon was al wat meer afgevlakt als eerst, zeker toen het meisje plotseling een zilver medaillon haar richting op schoof. De dochter van de Graaf stond nieuwsgierig op en trok het aan de ketting naar zich toe. Het bungelde zwaar in haar handen, het gesmede zilver afgewerkt op een manier zoals ze dat van de huis-zilversmid van de Cadwgans herkende; fijn en precies, met oog voor detail. Erin afgebeeld stond een jongen, zijn rug recht en met donkere haren. Hij had felgroene ogen, precies zoals ze herinnerde, maar hoewel ze enkele van zijn kinderlijke trekken nog wel kon terugvinden was hij werkelijk opgegroeid en volwassen. Voor een moment haatte ze haar vader, dat hij haar dat had laten missen, dat ze gescheiden was van het enige in de wereld waar ze ooit werkelijk echt van had gehouden. Ietwat timide liet Rhiann haar blik terugflikkeren naar de roodharige.

 

Dankje” sprak ze zachtjes op een geheel andere toon als eerst. Ze klapte het medaillon dicht en liet haar blik over de twee versmolten huizen gaan. “Jouw familie?” vroeg ze, terwijl ze haar vinger over een roos liet glijden die de Cadwgan-draak in zijn bek droeg. Beter had haar zoon de zilversmid voldoende betaald zodat hij zijn mond zou houden over de opdrachten die hij binnenkreeg. Vervolgens opende ze het weer en keek ze wederom in het onbekende gezicht. “Heeft hij dit voor je laten maken?”

Share this post


Link to post
Share on other sites

"U zal me vooral gewoon moeten vertrouwen." Dat moest iets moeilijks zijn, in de Cadwgan familie, om je vertrouwen zomaar in andere mensen hun handen te leggen. Hoe kon je zomaar anderen vertrouwen als je eigen familie al niet te vertrouwen viel. "Maar ik kan beloven dat ik mijn best zal doen. Ik heb ook dingen te verliezen als de verkeerde mensen erachter komen." Dat was motivatie genoeg om zo discreet mogelijk te blijven. En ze wist dat het veel voor Keane zou betekenen. Hij zei misschien nooit dat hij zijn moeder mistte, niet zo direct in die woorden, maar dat deed hij wel. Het zou zoveel fijner zijn als ze elkaar gewoon eens konden zien, maar zolang die optie er niet inzat waren brieven de beste tweede optie.

 

Miss Cadwgan leek haar onverwachte cadeau wel te kunnen waarderen. De manier waarop ze het in haar handen droeg en er naar keek zei eigenlijk al genoeg. Evangeline kon zich niet voorstellen hoe het moest voelen om je kind zo lang niet te zien. Soms als ze na een half jaar terug thuis kwam met kerst had ze bij haar eigen broertjes en zusjes al het idee dat ze ze niet meer herkende. Natuurlijk hadden ze nog steeds grotendeels hetzelfde uiterlijk en hun ondeugende lach, maar kinderen groeiden en veranderen continue, vooral als ze nog klein waren. Acht jaar was een lange tijd. Rhiann was misschien zelf ook wel veranderd. Evangeline bestudeerde de vrouw tegenover haar zo onopvallend mogelijk en probeerde de details van haar gezicht in haar hoofd op te slaan, zodat ze ze later uit kon tekenen op papier.

 

Jouw familie? Eva knikte. "De roos van Lennox." En de draak van Cadwgan. Het ene zo groot en sterk, het andere zo klein en breekbaar. Precies zoals Owain Cadwgan de situatie waarschijnlijk graag zag. "Het medaillon heeft hij laten maken. Er zijn er twee... één voor ons allebei. Hij ging naar Frankrijk dat jaar, om één jaar te studeren aan Beauxbatons, dus we zagen elkaar best lang niet." Evangeline vond dat eigenlijk de meest belachelijke reden ooit om je kind naar het buitenland te sturen, maar goed, misschien was dit in de hoger klassen wel een normale reden. "De schilderijtjes erin hebben we zelf gemaakt. Hij heeft deze geschilderd." Er was niet heel veel tijd om elkaar te zien die zomer vanwege Keane's continue etiquettelessen waarvoor hij thuis moest blijven van zijn opa, dus dan was het makkelijker om die van jezelf te doen.  Eva glimlachte en tuurde even naar het schilderijtje in het medaillon.  "Hij is een oke schilder, niet zo goed als hij zwerkbal kan spelen, of de cello." Dingen die zij dan weer niet kon. Keane had wel eens aangeboden om haar piano te leren spelen, maar het was er nooit echt van gekomen en nu was al helemaal niet echt het moment. Maar misschien op een dag dat iemand het haar zou leren. Het moest geweldig zijn om een muziekinstrument te kunnen bespelen, het klonk altijd zo mooi. Haar blik gleed af naar de piano in de kamer. "Heeft u hem leren spelen?"

 

Zelfs in zo'n drukkende situatie als deze was het best interessant om zo met zijn moeder te kunnen praten, haar iets te vertellen over alles wat ze gemist had in de afgelopen jaren. Zou ze niet duizend vragen hebben? Eigenlijk zou ze het onderwerp weer terug moeten sturen, maar heel even het laten gaan was vast ook niet erg.

Share this post


Link to post
Share on other sites

“Hm” sprak Rhiann, maar het harde van haar afkeuring was verdwenen. Ze was niet altijd zo streng en voorzichtig geweest, maar een rijk, jong en naïef meisje groeide snel op als ze plotseling in de boze buitenwereld als alleenstaande moeder op haar eigen benen moest staan. Ze zou voor haar karaktereigenschappen echter niet alleen maar externe factoren de schuld mogen geven; Keane mocht dan uiterlijk op zijn vader lijken – ook hij bezat ergens een warme persoonlijkheid, net zoals bij zijn moeder meer dan een enkele keer verstopt onder een diepe laag ijs. Rhiann was altijd al afstandelijk geweest tegen vreemden, en dat was er gezien haar huidige situatie niet minder op geworden. Maar een schilderijtje van haar zoon, geschilderd door zijn eigen hand… Zou het niet ieder moederhart wat doen smelten? Ze had gewild dat het ook nog eens bewoog, maar misschien kon ze daar zelf een spreukje voor bedenken.

 

“Speelt hij nog steeds cello?” Rhiann keek naar het meisje terwijl haar vingers over het zilver gleden. Voor een moment flikkerden haar grijze ogen naar het klavier in de hoek van de kamer. Ze wist niet zeker of ze al deze dingen wel aan dit meisje wilde vertellen en of Keane het zou waarderen dat ze hun levensverhaal aan een vreemde openbaarde. Aan de andere kant kende het meisje haar zoon, en als dat wat ze vertelde waar was, kende ze hem haast beter dan zijzelf hem nu zou kennen. En ze had hier al zo lang niet over kunnen praten…

“Ja, ik heb hem leren spelen.” Ze moest de neiging onderdrukken om niet op te staan en naar de piano te lopen. De enige manier hoe ze zich echt vrij voelde, vrij van alle druk die haar vader op haar uitoefende door in haar nek te hijgen, was als ze de klep van haar klavier openklapte en plaatsnam op de kruk.

Eerst op de piano. Later op een viool. Maar hij wilde wat zwaarders, wat diepers… ik vond het altijd prachtig als hij cello speelde.” Even zweeg ze. “Ik weet dat het niet gepast is voor een jongeheer om een muziekinstrument te spelen, maar toen hij opgroeide… wij waren van geen enkele stand, verbannen van de buitenwereld. Het was pas toen mijn vader… Nuja.” Rhiann dronk het laatste beetje gluhwein op en genoot voor een moment van het warme gevoel dat de drank haar gaf.

 

“Ik had nooit verwacht dat hij hem van mij zou afpakken.” Ze had het al een keer gezegd, maar nu zei ze het nogmaals, nu zachter en haast met een brok in haar keel. Het was een waarheid die ze jaren niet had uitgesproken, misschien wel nooit, en nu ineens tweemaal op een avond. “Dat hij ineens zou komen en alles waar ik zo hard voor had gewerkt in een klap zou verwoesten. Ik had eindelijk mijn plek gevonden. Ik was eindelijk gelukkig. En toen…” Ze haalde diep adem.

 

“Evangeline, was het toch? Evangeline, als ik je advies mag geven… wat er ook gebeurd, zorg ervoor dat je nooit eindigt met een Cadwgan bastaard in je buik. Het zal misschien op enig punt voelen als het beste wat je ooit had kunnen overkomen…” Zij had nooit echt nagedacht over het krijgen van kinderen, ze had het kind vervloekt toen ze nog zwanger was, maar toen ze hem eenmaal in haar armen kon nemen was het het beste gevoel op de wereld geweest. “Maar het zal uiteindelijk voor jou resulteren in het slechtste wat je ooit had kunnen voorzien.”

Edited by Rhiann Cadwgan

Share this post


Link to post
Share on other sites

"Ja, hij speelt nog steeds," glimlachte Eva en voor een moment dwaalden haar gedachten af naar de muziekzaal en de zware, indrukwekkende tonen die Keane uit zijn cello kon toveren. Ze wist niet hoe hij het deed. Hij had het haar wel eens laten proberen en als zijn hand haar hand leidde, klonk het nog best wel oké, maar zodra hij losliet had ze geen flauw idee meer wat ze aan moest met het stokje in haar handen, hoe ze het precies tegen de snaren moest drukken en heen en weer kon bewegen zonder dat het vals klonk. Het leek zo makkelijk als je het iemand anders zag doen, maar de werkelijkheid was zo anders. Het had vast ook een tijd geduurd voor hij het kon, net zoals zij niet vanaf het begin had kunnen schilderen zoals ze vandaag deed. "Hij kan prachtig spelen," beaamde ze. "Ik vond het altijd leuk om gewoon naar hem te zitten luisteren." Het had iets betoverende, die diepe klanken. En je merkte gewoon dat hij het met plezier deed. Dat maakte alles altijd mooier. 

 

Voor een moment was het even alsof ze hier niet op geheime missie was, maar gewoon op bezoek. Het vuur in de haard knetterde zachtjes en buiten was het eindelijk even opgehouden met sneeuwen. Maar zo fijn als het was om over Keane te kunnen praten, het bracht ook verdriet met zich mee. Want zelfs al kon ze Rhiann vertellen over alles wat ze had gemist, het punt bleef dat ze het had gemist. Dat ze nooit had kunnen zien hoe blij hij was toen hij voor het eerst tot zwerkbalaanvoerder was benoemd, of hem had uit kunnen zwaaien voor zijn eerste debutantenbal. Dat ze altijd er mee moest leven dat haar vader haar kind bij haar had weggehaald en ze een deel van zijn leven over had geslagen. Hoe normaal het voor een moment ook leek om hier te zitten, zo vlug leek het gesprek plotseling een andere kant uit te gaan. 

 

Ze was hier gekomen voor advies. Ze wilde advies. Maar dit was niet echt het advies waar ze op had zitten wachten, of wat ze wilde horen. Evangeline was altijd een meisje geweest met een kinderwens. Dat was zo geweest voor ze Keane leerde kennen en daar was eigenlijk nooit iets aan veranderd. Maar dat was ook waar haar harde grens lag. Waarom ze zo hard haar best deed om dit huwelijk te voorkomen. Omdat als hij eenmaal getrouwd was met iemand anders, alles anders was. Het zou gewoon hetzelfde heetten, voor iedereen zou het nog steeds gewoon een affaire zijn. Maar vanaf dat moment zou hij haar niet meer kunnen bieden wat ze altijd het allerliefst gewild had later. Gewoon een normaal, heel, gezin. Natuurlijk droomde ze van kinderen met Keane, maar ze kon ze beter niet hebben, niet op die manier. Dan zou ze kiezen voor wat ze wilde en niet voor wat het beste was. Haar wangen kleurden lichtjes rood en verlegen tuurde Eva in haar bijna lege kopje. "Nee, dat weet ik." Het gold alleen maar meer nu ze wist hoe zijn grootvader was. Als hij Keane al zo behandelde, hoe gedroeg hij zich dan wel niet tegen bastaarden waar hij niks aan had? "Ik ben altijd heel voorzichtig geweest." En meer dan dat kon ze niet doen, toch?

 

"Was het echt zo erg?" vroeg ze voorzichtig. "Hoe is het nu om te wonen, hier?" 

Share this post


Link to post
Share on other sites

Create an account or sign in to comment

You need to be a member in order to leave a comment

Create an account

Sign up for a new account in our community. It's easy!

Register a new account

Sign in

Already have an account? Sign in here.

Sign In Now


  • Recently Browsing   0 members

    No registered users viewing this page.

×