Jump to content

Owain Cadwgan

Magisch Verbond
  • Content count

    163
  • Joined

  • Last visited

  • Days Won

    27

Owain Cadwgan last won the day on January 9

Owain Cadwgan had the most liked content!

About Owain Cadwgan

  • Rank
    Looks are important, but blood tells all

Profile Fields

Recent Profile Visitors

997 profile views
  1. [15+][1838] Happy Wife, Happy Life

    Ze was een mooie vrouw, Aria. Op de een of andere manier werd ze er enkel mooier op nu ze crepeerde van de pijn. Het haalde wat van de harde blik uit haar blauwe ogen en verzachtte haar daadkrachtige voorkomen. Het waren dingen die hij in haar bewonderde, maar ook verachtte; Na die eerste, had hij immer vrouwen uitgekozen die hij genadeloos naar zijn hand zou kunnen vormen. Het was precies wat hij ook voor Keane had gedaan, al had hij daar niets dan geklaag over moeten verduren. Begreep de jongen dan niet hoeveel spannender en intellectueel uitdagender, maar ook hoeveel lastiger het was om samen te zijn met een vrouw die er zulks een eigen mening op nahield? Die wellicht ja en amen zou knikken maar achter je rug om toch geheel anders zou doen? En tuchtmaatregelen, zoals deze… pfft. Daar zag hij zijn kleinzoon toch niet snel toe overgaan. Toch was dat daadwerkelijk wat nodig was, als hij de Cadwgan-naam in die situatie eer zou willen aandoen. “Maar natuurlijk, mijn liefste” sprak de Graaf zoetjes. Zonder zijn harde, grijze ogen van haar af te trekken sommeerde hij een glas, gevuld met ijskoud water. Hij stapte op zijn vrouw af, het glas in zijn ene hand en zijn staf in zijn andere, voordat hij zijn arm om haar heensloeg en de punt van zijn toverstok hard in het zachte gedeelte van haar buik boorde. Het glas hield hij stevig vast, net buiten haar bereik. “Maar dan moet je me wel beloven dat je je zult houden aan míjn regels” fluisterde Owain in haar oor, dreigender dan ooit. “Zweer het, op het leven van Clementine.” Want ja, zoals zij beiden wisten, was Gabriël hem teveel waard.
  2. IC Buitenwereld Mededelingen

    Met ingang van 1 januari 1839 adopteert Graaf Cadwgan als pleegkinderen: Gabriël Lionel & Clementine Amelia beiden geboren op 22 januari 1835. Beter geven deze niet zoveel overlast als hun voorgangers.
  3. [1838]It's not the vow but the bond that's unbreakable

    De draden die zich om hun handen sponnen glansden witheet, zich vermenigvuldigend terwijl ze steeds feller begonnen te gloeien. Ze weerspiegelden zich in Owain’s harde, grijze ogen, die zijn blik op de draden gevestigd hield. Vanuit het kerkelijke kruis, dat zich aan zijn rechterzijde bevond, keek een houten gravure van Jezus met hen mee terwijl de draden nog eenmaal fel smeulden in de halve duisternis, voordat het geheel uitdoofde en hen achterliet met enkele sporen op hun handen die na een tiental minuten zouden verdwijnen. De Eed die hun ziel vanaf nu zou verzwaren was iets lastiger uit te wissen. Owain liet de hand van het meisje los zodra dat mogelijk was zonder de Eed teniet te doen en stapte gracieus achteruit. Even liet hij de stilte voortduren die was ingezet na de laatste woorden van Miss Lennox. De Onbreekbare Eed was gezworen – zijn zoveelste. Hij zou haar laten gaan, wat zoveel betekende als dat ze nu het probleem was van Helena. Owain wierp de vrouw een indringende blik toe. “Ik vertrouw erop dat u het vanaf hier overneemt?” sprak hij, meer als herinnering aan de afspraken die bij deze Eed waren komen kijken dan iets anders. “Ik zal uiteraard direct mijn zaken op orde brengen.” Zijn blik gleed voor een moment af naar Miss Lennox, voordat hij terugkeek naar Helena. Haar man vrijlaten, blablabla. Als Aria die kinderen nou maar terugkreeg en Miss Lennox in een of ander gesloten gesticht belandde, dan kon hij eindelijk weer door met belangrijkere zaken. “Maar ik zal u eerst nog persoonlijk naar de poort begeleiden, uiteraard.” Meer om te controleren dat ze niet over zijn terrein zouden dwalen dan iets anders. Je kon het personeel toch ook niet meer vertrouwen, dezer dagen.
  4. [1838]It's not the vow but the bond that's unbreakable

    "Belooft u, Lord Owain Cadwgan, dat u mij na deze Eed Cadwgan Castle laat verlaten en dat u mij niets aan zal doen, zolang u nog leeft?” Het was interessant, de vraag of Owain hetzelfde was uitgevallen mocht hij wél met Helena Baring zijn getrouwd. Het was interessant omdat dat zou impliceren dat het ergens haar schuld was, ookal kon een direct verband niet bewezen worden – Isabella, vele anderen… háár schuld. Owain gaf Helena het liefst overal de schuld van, maar of het écht had uitgemaakt was maar de vraag. Helena was mondiger, zou zich meer gericht hebben op de ethische zijde van vraagstukken waar de Graaf zich het liefst van afzijdig hield. Owain’s scherpe kantjes zouden wellicht wat zijn gepolijst, maar hij zou ook wel zo zijn manieren hebben gevonden om zijn zin te krijgen. Hij schrok er van huis uit niet van terug om bij mensen hun gedachten te infiltreren, om ze te laten wegrotten in zompige kelders… het kwam erop neer dat hij haar de schuld gaf van iets waar zij beiden beter waren uitgekomen. Ze had zijn trots gekrenkt. Ze had na die daden niet heel veel anders mogen verwachten van een man als Owain Cadwgan. En of hij Helena vertrouwde? Nee, voor geen meter; maar het was verstandig om niemand in het leven vol te vertrouwen. Ieder vertrouwen kon uitlopen op een kwestie van leven of dood, en je schopte het niet tot Graaf, noch tot deze leeftijd, door zo lichtzinnig in het leven te staan. Owain keek hoe de gouden draden zich om hen beider handen begonnen te spinnen en glimlachte, minachting in zijn grijze ogen. “Dat beloof ik” sprak de Lord na een kleine stilte, een zekere irritatie in zijn zware stem. Even bleef hij stokstijf stilstaan, voordat hij opnieuw zijn mond opende. “Belooft u, Miss Lennox..” – zijn afgrijzen van die naam was nog nooit zo groot geweest! “… dat u afstand doet van uw oudstgeboren zoon, Mr. Griffith Tristain Lennox…” – hoewel, de durf om die naam daarin op te nemen! “… en hem in de meest brede, juridische zin overdraagt aan de familie Cadwgan, inclusief alle bijbehorende claims die daaruit voortvloeien omtrent het welzijn van uw kind?” Voor een moment keek hij haar aan, voordat hij er met een duistere glans in zijn grijze ogen dezelfde woorden aan toevoegde die hij zelf zojuist had moeten aanhoren. "... zolang u nog leeft, uiteraard." Nog even en dat zat de trut hoog en droog opgesloten in een tehuis, zonder kind en met alle schaamte en schande van dien. Nog even… en dan was dit alles eindelijk ten einde.
  5. [1838]It's not the vow but the bond that's unbreakable

    De aanwezigheid van Mrs. Lennox leek toch iets te doen met de manieren van haar kleindochter, want de woorden ‘my lord’ had hij al een tijd niet over haar tong horen glijden. Kon ook iets te maken hebben met de invloeden van zijn eigen dochter, waar de slet nu enkele maanden bij had doorgebracht. De Graaf had zo nu en dan contact opgenomen met Rhiannon, gewoonweg om te bezien hoe ze het daar maakte. Hij had informatie genoeg gekregen, dus daar had hij zich geen zorgen over hoeven maken. De bijbehorende blik die hij van het kind ontving was daarentegen wel weer een tikkeltje vervelend en Owain moest zich inhouden om daar met legilimentie geen einde aan te maken. Ah, wat had hij nu graag de genoegdoening verkregen om de trut haar keel langzaam dicht te knijpen, om haar te horen smeken terwijl ze jammerde voor haar leven. Het was het enige echte wat hij op had moeten geven in deze deal. Het enige wat hij nu nog wel zou kunnen bewerkstelligen - wat hij nu voor de laatste keer gewoonweg zou kunnen doen, of het nu Helena’s bijzijn betrof of niet. Maar hij was een man van zijn woord, of het woord reeds gegeven was of niet. En hij kreeg er natuurlijk wel het een en ander voor terug. Een deal was een deal. Owain boog zijn hoofd iets, om te laten weten dat hij instemde met Helena’s woorden, en zette een stap richting het meisje. “Uw hand, alstublieft” sprak hij kil, voordat hij Evangeline’s staarwedstrijd accepteerde en zijn koude, grijze ogen in de hare boorden. Snapte ze dan niet dat ze had verloren? Of nuja; dat ze haar kind was verloren, maar de enkele reden dat ze de situatie levend zou verlaten, te danken had aan haar grootmoeder? Nuja, het wicht was altijd al ondankbaar geweest. Helena moest het er maar voor over hebben; maar goed, ze wist vast wat ze (indirect) had opgevoed. “Wat mij betreft mag u beginnen.”
  6. [1838]It's not the vow but the bond that's unbreakable

    Onwillekeurig sprongen Owain’s gedachten naar de laatste keer dat hij op deze manier met Helena door de gangen van Cadwgan Castle had gelopen. Ze waren twee geheel andere mensen geweest, toen – welke in staat waren tot geheel andere daden, wensen, verlangens… Zwijgend opende hij deur na deur. Sommige waren gewoon open, anderen waren vergrendeld met ingewikkelde spreuken. Nadat Mr. Bennett de kinderen had meegenomen, was het dreigingsniveau in Cadwgan Castle opgeschaald tot het hoogste level. Niet alleen om bepaalde personen buiten te houden, overigens. Anderen hield hij liever binnen, ver van de spiedende ogen van karakters zoals Helena Lennox. Buiten aangekomen woei er een gure november wind. Owain leidde Helena over het krakende pad, wat na enkele meters afsloeg richting het kerkje. Bij haar uitspatting draaide Owain zich half naar Helena toe, alsof hij iets wilde zeggen – maar hij zweeg en wandelde slechts stoïcijns door, wellicht plotseling voorzien van de schaduwen van een ietwat spottende glimlach. De kleine familiekerk van de Cadwgans had een rijke historie. Veel van de vroegere Cadwgans waren er getrouwd, wat knusse aangelegenheden moesten zijn geweest. Daarnaast lagen er veel van hen begraven; zijn overgrootouders, zijn eigen ouders, zijn jongste broer… zijn oudste zoon, ook. Zijn eerste vrouw, zijn tweede vrouw... Hij was met Aria getrouwd in dit kerkje, toen ze behoefte hadden aan een private setting om het huwelijk in te bezegelen. En hij had er reeds een Eed gesloten. Zulke Eden moesten toch enige status hebben en niets zei status dan het Huis van God. Betekende niet perse dat er ook zaken moesten plaatsvinden die met God’s goedkeuring plaats zouden vinden, overigens. “Ik wilde uw kleindochter niet de kans ontzeggen toch nog aan enig altaar met een Cadwgan te kunnen staan” sprak Owain loom, die overduidelijk genoot van de situatie nu die zich eenmaal afspeelde – want hij was nog steeds niet geheel tevreden met waar deze deal op was uitgelopen. “Hetzij dan niet vrijwillig”. Hij wierp Helena een blik toe die meer zei dan zijn woorden, maar juist op dat moment stapte de huiself met het onderwerp van de onderhandelingen naar binnen. “Ah, Miss Lennox heeft besloten dat zij ons toch graag met haar aanwezigheid wilt verblijden” sprak Owain glimlachend, die het meisje overnam van de huiself en haar naast zich positioneerde. Met een zwaai van zijn toverstaf verwijderde hij de touwen om haar polsen, al was dat vooral door de blik die Helena hem schonk en het feit dat het nogal lastig was om anders een Eed af te leggen. Betekende niet dat hij haar zou vertrouwen – wat ook de reden was van de bewaking bij alle uitgangen. “Ik neem aan dat u weet wat wij van u vragen en dat u bereid bent hiermee in te stemmen?” Zie! Hij vroeg het zelfs netjes.
  7. [15+][1838] Happy Wife, Happy Life

    Owain gebruikte niet graag de Imperiusspreuk. Aria had gelijk op dat punt, dat er betere manieren waren om iemand te dwingen iets doen. Daarbij zat er een bepaald soort… eer in het behalen van een overwinning op dat vlak, om ervoor te zorgen dat iemand iets zelf doch uit een gedwongen kader deed; bijna alsof ze er zelf voor hadden gekozen. Imperio was iets voor als al het andere niet meer werkte, eigenlijk voor als al het andere had gefaald. Hij baalde nog steeds dat hij Keane onder de Imperiusvloek had moeten zetten. Klaarblijkelijk kon zelfs een imbeciel de vloek over een langere periode breken… al had het de jongen toch nog meerdere maanden gekost. In dit geval was het echter een handige manier om Aria te laten komen tot het soort innerlijke berusting wat hij zocht. Doorgaans liet Owain het kat-en-muisspel aan anderen over – meestal aan Daniel Bennett – en speelde hij niet zelf met zijn slachtoffers. Hij was te druk om enige eer uit de pijn van anderen te behalen. Maar met Aria, die hij als vrouw toch niet duchtte als een gelijke tegenstander maar wel de eerste in jaren was die daar enigszins in de buurt kwam, met de moeder van kinderen die hij toch al een tijd geleden had ingezet in het schaakspel wat hij speelde van hemzelf tegen de rest van de wereld, daarbij was het toch wel lichtelijk… fascinerend. Hij zou teleurgesteld zijn als ze niet wat vlugger dan zijn kleinzoon uit een Imperiusvloek zou breken, maar het was interessant om de wil uit haar blik te zien wegslippen. “Nee” sprak Owain nogmaals loom, die zich ietwat voorover boog om de effecten van de drank nog iets beter te kunnen bestuderen. “Integendeel. Ik denk dat je… nog maar een slok moet nemen.” Hij bewoog de punt van zijn staf minimaal, maar genoeg om zijn wil duidelijk te maken, voordat hij vriendelijk glimlachte - iets wat zijn ogen verre van bereikte. “Ik zou toch niet willen dat mijn boodschap minder dan kristalhelder zou zijn.”
  8. [1838]It's not the vow but the bond that's unbreakable

    Owain glimlachte sereen. Ze mocht nog wel een maand wachten, als ze echt wilde. Natuurlijk had hij de afgelopen weken geen moeite gedaan om al die zaken te regelen – wat dacht ze wel, dat hij een of ander administratief wisselkantoor onderhield? Hij had geen tijd om zich persoonlijk te bemoeien met gevangenissen, niet nadat hij zoveel moeite had gedaan om Tristain Lennox in de eerste plaats op te sluiten. Een persoon laten wegrotten op een plek waar niemand keek was daarnaast normaalgesproken nog wel goed te regelen. Iemand vrij krijgen was daarentegen altijd iets lastiger (ook zonder het proces bleef de vraag hangen waarom de snuiters in de eerste plaats waren vastgezet). Een persoonlijk geschreven brief met handtekening deed doorgaans echter wonderen. Ah, ze wenste te worden herenigd met haar familie. Nee, dat zou de gemiddelde mens toch niet als iets vreemds bezien, al was het werkelijk de vraag of enige haast het waard was om te gaan twijfelen aan zijn woord en goede eer in deze context. “Ik kan het mij voorstellen. Het is vast zwaar voor u geweest” sprak Owain op een toon die niet geheel bij zijn woorden aansloot. Het was namelijk de bedoeling geweest dat het zwaar was – anders had die man in de gevangenis gooien ook niet gewerkt als pressiemiddel. Duh, Helena. Maar toen verstrakte zijn gezicht iets en in plaats van direct te antwoorden nam hij eerst eens een grote slok thee. Het was waar dat niemand Keane in maanden had gezien – dat was waarom hij de jongen dan ook had verplicht om zijn brieven in persoon te beantwoorden, zodat niemand al teveel argwaan zou krijgen. “Zoals algemeen bekend is, heeft hij een tijd in Italië doorgebracht bij zijn vrienden van Beauxbatons” sprak Owain, een ietwat getergde blik op zijn gezicht. “En nu ondersteunt hij mij bij een groot scala aan werkzaamheden. Ik ben een erg druk man, Mrs. Lennox.” Hij knipte in zijn vingers. “Het is voor u dat ik wat tijd had vrijgemaakt.” Met een knal was er een huiself aan zijn zijde verschenen, waar Owain minzaam op neerkeek. “Mrs. Helena Lennox ondervindt een groot gevoel van spoed om met haar kleindochter te worden herenigd” sprak de Graaf loom. “Zeg tegen Miss Lennox dat haar tijd op is en ze volgens afspraak de bastaard moet afstaan. Ik neem aan dat ze niet moeilijk zal doen, maar je weet je te doen staat indien het anderszins mocht lopen. Breng haar naar de afgesproken plek.” Na het verdwijnen van het beest, die zo diep had gebogen dat het neusje haast de grond had geraakt, stond de Graaf op en bood hij Helena zijn arm aan. Hij had een luchtige glimlach op zijn gezicht, maar de blik in zijn ogen was kouder dan ooit. “Zullen we dan maar gaan?”
  9. [1838]It's not the vow but the bond that's unbreakable

    Natuurlijk had hij geen haast. Rijke mensen hadden geen haast. Wellicht was Helena dat vergeten – ze was nu, wat, twee of driekeer zolang uit het wereldje dan dat ze erin had gezeten. Dit soort dingen pakte je langzaam aan en nu het haar betrof al helemaal; ergens voelde het nog steeds als een verlies dat hij de roodharige hoer zou moeten laten gaan en Helena mocht dat voelen ook. Ze mocht weten dat dit haar overwinning was, een Eed waar niemand vast geheel blij van werd, maar de uitkomst van een compromis tussen twee partijen waarbij er één nog schoorvoetender had ingestemd dan de ander. Zij had het gebeuren in een Onbreekbare vorm willen gieten. En zulks een Eed… dat sloot je niet zomaar af. Dat had een inleiding nodig, een middenstuk en een einde, precies zoals het hoorde. Maar Helena had nooit geduld gehad voor alles wat hoorde. Ze was altijd al bezeten geweest van een eigenaardig soort rusteloosheid, behalve toen het hun aanstaande verloving had betroffen. Toen moest het ineens allemaal verschrikkelijk langzaam aan, zodat ze er vervolgens met een of andere schilder vandoor kon gaan. Hij had zich wel eens afgevraagd wat er was gebeurd als hij destijds wel op zijn strepen was gaan staan – als hij de termijn inderdaad op een jaar zou hebben gezet en daarna hun huwelijk had plaatsgevonden (waar zij dan, uiteraard, niet anders dan mee instemmen had gekund, met of zonder druk van haar ouders). Zou alles dan gewoonweg ‘gelukkig’ zijn afgelopen? Of zou het wrede lot hen dan toch uiteindelijk naar eenzelfde punt hebben gebracht, maar met andere spelers op het veld? Hij vroeg zich plotseling af of hij zichzelf ertoe zou kunnen brengen om haar op dezelfde wijze als Isabella om het leven te brengen. Owain glimlachte sereen toen Helena uitsprak dat ze geen thee meer wilde en liet zichzelf nog eens inschenken. Een dure jasmijnbloesemthee, hand geplukt aan de andere kant van de wereld. Wie kon dat nu weigeren? “Ik zou toch niet durven” sprak hij slechts, een licht humoristische tint in zijn grijze ogen. Hij vroeg zich af waarom ze zo’n haast had. Haar arme kleindochter bracht nu haar laatste minuten met haar achterkleinkind door – en als het aan hem lag, dan zou het wicht het kind nooit meer zien. “U begrijpt, er zijn wat administratieve handelingen die eerst nog moeten worden verricht. Niet alleen het bijeenrapen van achteloos achtergelaten eigendommen, maar ook het opmaken van papierwerk kost nu eenmaal wat tijd. Gevangenissen…. ah. Bureaucratie is daar een hoog goed.” Hij sipte van zijn thee, zijn blik indringend, zijn toon nonchalant. “Maar het spijt mij, ik wist niet dat u dringender zaken had die uw aandacht opeisten. Het is vast een… druk bestaan, daar in Caelic.”
  10. [15+][1838] Happy Wife, Happy Life

    “Nee” sprak Owain scherp, alsof hij zijn hond aan het opvoeden was in plaats van zijn vrouw. Bij dit soort zaken moest je oppassen niet teveel magische druk uit te oefenen op het breekbare glas, maar met een zwiep van zijn staf wist hij de fles uit de lucht te kapen en netjes te laten landen op zijn bureau. Hij kon niet met zekerheid zeggen dat ze met opzet had gehandeld, maar Aria had een van de duurste flessen in zijn kast gesommeerd - weliswaar hadden ze die tezamen als huwelijkscadeau ontvangen, maar dat betekende niet dat deze achteloos op donderdagavond opengetrokken kon worden. Niet in de eerste plaats omdat de Aartshertog die tot dit cadeau was overgegaan zíjn kennis was, niet die van Aria. Maar ook omdat het verre van netjes was zulke delicate cadeaus op een doordeweekse dag en zonder het bijzijn van de schenker te nuttigen. Zou ook de kans om de Aartshertog weer eens te zien compleet vergooien, overigens. “Dit is wat jij gaat drinken” sprak Owain vriendelijk, doch wellicht met een zachte noot van ongeduld in zijn stem. Hij glimlachte even vreugdeloos, zijn stem zacht en dreigend. “Dus waarom begin je niet eens?” Met de impliciete imperio op zijn lippen wees hij zijn staf op haar. “Drink.”
  11. [15+][1838] Happy Wife, Happy Life

    Als Aria inderdaad dacht dat Owain ooit openlijk zou toegeven dat hij fout zat, dan zouden er nog wel meer teleurstellingen volgen dan enkel vandaag. En als erkenning daarnaast ook nog eens iets was dat ze zocht, dan was ze in Cadwgan Castle al helemaal aan het verkeerde adres. De Graaf deed aan schaken, niet aan poker. Hij zou nooit all-in gaan op een stel snotneuzen, al waren ze formeel gezien zijn eigen bloed en kon hij aardig genoeg met hen opschieten. Aria had maar te dulden hoe lang het duurde; het was Helena die hij moest uitroken, niet zijn eigen vrouw. Owain hield van schaak omdat het je in staat stelde het spel rustig op te bouwen, om de tijd te nemen, om de stukken zo te positioneren dat je tegenstander pas doorhad dat schaakmat de enige consequentie kon zijn op het moment dat het allang te laat was. Je had geen bluf nodig op het moment dat je slimmer was dan je tegenstander. Owain was altijd al in 99% van de gevallen slimmer geweest dan zijn tegenstander. En ja, slimmer bestond er zeer zeker ook uit dat je vals speelde op de momenten dat je tegenstander even niet keek. En zie! Ook Owain Cadwgan zou toegeven dat hij wel eens fouten maakte. Wellicht. In 1 van de 100 gevallen. Dat soort momentjes maakten alleen maar dat je je tegenstander op een later moment harder zou kunnen terugpakken – maar zoals altijd bleef geduld de sleutel. Met die gedachte bleef hij Aria aankijken, al moest hij moeite doen zijn versnelde ademhaling te onderdrukken. In plaats dwong hij zichzelf te glimlachen, die gevaarlijke blik steeds dieper gereflecteerd in zijn grijze ogen, voordat hij zich abrupt omdraaide. De Graaf liep naar zijn bureau, waar hij zichzelf opnieuw inschonk, voordat hij van de schoorsteenmantel een eigenaardig kristallen flesje pakte met een smaragdgroene inhoud. Hij stapte terug richting zijn echtgenote, wiens scherpe blik hij wederom loom accepteerde, voordat hij haar glas ongeveer halfvol goot. “Wijn is zo… ordinaire” sprak hij rustig, voordat hij zijn eigen glas tegen het hare tikte. “Waarom probeer je dit niet eens. Proost.” En mocht ze weigeren, mocht ze het in haar hoofd halen om te willen vertrekken of zelfs zo onnozel te zijn het drankje in zijn gezicht te willen werpen, dan had hij haast ongemerkt zijn toverstaf op haar gericht om ervoor te zorgen dat hij haar dan wel zou dwingen te drinken. Zou hem teleurstellen, overigens. Maar blijkbaar was het een avond vol teleurstellingen.
  12. [15+][1838] Happy Wife, Happy Life

    Owain sloot heel even zijn ogen, maar het lukte hem niet geheel om tot tien te tellen. Tot vijf misschien. Wellicht zes. Hij had het idee dat hij vroeger meer geduld had gehad. En wie was daar de schuldige van? Als hij Aria’s causaliteitsketen volgen moest dan kon hij nog wel wat verder terug; wie was de schuldige schakel, de conditio sine qua non? - Volgens Aria zou Mr. Bennett niets hebben gedaan als Helena het hem niet had gevraagd; - maar Helena zou niets hebben gevraagd als Keane niet de ‘hele kettingreactie’ in gang had gezet; - waar hij uit moest afleiden dat ze daarmee bedoelde dat hijzelf, Owain, ertoe was gedwongen Miss Lennox en de bastaard te kidnappen; - wat hij natuurlijk nooit had gedaan als zijn kleinzoon niet zo’n imbeciel was geweest en zijn roodharige slet had bezwangerd; - wat alles uiteindelijk toch weer terugbracht bij Evangeline Lennox. Natuurlijk kon je verder terug, als je toch aan het redeneren was. Zo had zijn dochter de keuze kunnen maken hem niet te laten vallen door zomaar haar benen te spreiden voor de eerste de beste boer die ze tegenkwam. Of hij had Rhiannon kunnen dwingen het kind af te staan, of zelfs te kunnen kiezen zich van haar te ontdoen – maar als je dan toch op deze manier rekende, kon net zo goed de schuld worden gelegd bij Helena Lennox zelf; en was zo de cirkel niet weer rond? Het was Helena geweest die de verloving had gebroken, die hem tot in zijn diepste wateren had beledigd doordat ze een schilder had verkozen boven… Oke. Oude koeien uit de sloot. Dat was wat er gebeurde met zo’n redenering. Het irrelevante werd relevant gemaakt – en dat was verre van iets goeds. “Aria…” sprak Owain met zijn kaken op elkaar geklemd, terwijl hij er duidelijk moeite had zijn woede in te houden. “Jij was degene die mij heeft gesmeekt om Mr. Bennett toegang te geven tot het kasteel! Niemand heeft zomaar toegang tot Cadwgan Castle en ik had je gezegd dat het mij verre van verstandig leek om hem toe te laten.” Hij zette een stap in haar richting, een gevaarlijke en harde blik in zijn grijze ogen. “Het antwoord is en blijft nee. Heb ik mijzelf duidelijk gemaakt?”
  13. [1838] More than we bargained for

    Bij het voltrekken van de overeenkomst voelde Owain geen opluchting – dit was een businessdeal, zoals hij er zoveel sloot. Het was nu zaak om enkele dingen in gang te gaan zetten om tot deze onbreekbare eed te komen, die híj toch zou moeten initiëren. Hij zou het Aria vertellen, iets wat hem nodig leek onder de situatie waar ze zich in bevonden, maar wat hij bij vroegere echtgenotes nooit zou hebben gedaan – het vergrootte nu eenmaal de kans dat er meer mensen van de informatie op de hoogte raakten dan nodig was, en dat was altijd een onnodig risico om te nemen als het voorkomen kon worden. Daarnaast moest hij definitief regelen wat er zou gebeuren met Rhiannon, nu er eindelijk duidelijkheid was over hoe het zou gaan met Miss Lennox, wat ook maakte dat hij zich kon gaan richten op wat hij wilde doen met de situatie rondom Keane – en Josephine. Die laatste leek zich namelijk steeds meer te distantiëren van zijn kleinzoon, en het probleem leek toch dat het de jongen minder kon schelen dan zou moeten. Had ook iets met die imperiusvloek te maken, maar goed. Die vloek had helaas minder opgelost dan hij in gedachten had gehad. Het waren allen hoofdpijndossiers an sich, maar in ieder geval geen openliggende vraagstukken meer. Ondanks alles was hij vanavond dus wel een stukje opgeschoten. “Volgende maand zou wel te doen moeten zijn” sprak Owain afwezig, die het laatste beetje op zijn vorkje deed balanceren en er een delicate hap van nam. Och, ja – Tristain Lennox. Die stond in zijn lijst van al die zaken die nog afgehandeld moesten worden, doch niet al te hoog. Maar als Helena instemde met een maand, dan zou hij die natuurlijk ook voltallig nemen. Ze had best van hem mogen eisen dat haar echtgenoot morgen alweer op straat zou staan, maar zo graag hoefde ze hem klaarblijkelijk toch niet terug. Dat, of ze onderschatte zijn macht bij het Ministerie. De keuze tussen die twee was toch lichtelijk.. interessant te noemen. Even keek hij haar schattend aan. Het was waarschijnlijk het laatste, maar het kon natuurlijk ook het eerste zijn. Helena leek vanaf het begin van dit gesprek al meer begaan met haar kleindochter, dan met haar man. “En ik kan u wel een halfuurtje schenken om uw kleindochter op de hoogte te stellen van de beoogde gang van zaken. Dat zou wel genoeg moeten zijn, denkt u niet?” Hij nam nog een slokje wijn en stond toe dat de huiselven hun lege borden weghaalden. Hij had Helena al zoveel geschonken (ergo; Evangeline’s leven) dat ze hem nauwelijks om meer vragen kon! En anders was zijn scherpe blik, voltrokken van die immer ietwat dreigende ondertoon in zijn grijze ogen die toebehoort aan een man die gewend was om te krijgen wat hij wilde en geen tegenspraak duldde, vast voldoende om haar ervan te overtuigen dat het zinloos was om naar meer te vragen.
  14. [1838] More than we bargained for

    Zweer het? Het was geenszins aan Helena om te bepalen in wat voor vorm ze deze overeenkomst zouden gieten – want tot een overeenkomst was het geworden, helaas. Het moment dat zij de kinderen van Aria had laten wegnemen en hij had ingestemd Helena te ontmoeten om tot een oplossing te komen; dat was het moment vanaf wanneer duidelijk was dat zij beiden hun wensen op tafel zouden moeten leggen en met elkander op gemeenschappelijke gronden zouden moeten instemmen. Dat was het geen waar Aria het toe had gemaakt, toen ze hem dwong met Helena af te spreken en zijn tijd op was om Daniel te schaduwen in een poging op die wijze Gabriël en Clementine terug te nemen. Maar nu zat dan hij hier met Helena aan tafel, vijftig jaar nadat dat wellicht nog eens had moeten gebeuren, en eiste ze van hem dat hij Evangeline Lennox op de ultieme wijze met rust zou laten. En ze vroeg hem dat niet alleen gewoonweg te doen, maar ze vroeg hem… nuja. Ze zei het niet in zoveel woorden, maar een onbreekbare eed? Dat leek er toch bij in de buurt te komen. De vraag was of hij bereid was een onbreekbare eed af te sluiten waarbij hij niet alleen zijn wens Evangeline Lennox naar de knoppen te helpen moest opgeven, maar het meisje ook niet in de toekomst nog met een vinger aan te raken. En wie weet wat er nog komen ging? Natuurlijk zou hij opdracht kunnen geven tot… maar spelen met onbreekbare eden was als spelen met vuur, met je leven. Desalniettemin waren er wellicht meer die hij aan zijn kant had die het meisje misschien wat aan wilden doen, mocht de kans zich nog eens voordoen om zich te vergelden. Aria was nu niet bepaald blij met de gang van zaken, en hij kon zich wellicht voorstellen dat Rhiann… maar goed. Instemmen was in ieder geval niet wat hij het liefste deed. Ook niet per se waarop hij had geanticipeerd, al had hij wat ruimte ingecalculeerd tot waar er fouten in zijn zorgvuldig opgestelde plan zouden kunnen sluipen. Hij zou zichzelf, noch zijn familie, niet toestaan ten onder te laten gaan aan een simpele wens tot wraak. Het was belangrijk in het oog te houden wat werkelijk belangrijk was. Maar dat betekende natuurlijk niet dat hij vergelding voor immer achterwege zou moeten laten. Evangeline Lennox had zaken kapot gemaakt en een zweem van onzekerheid over zijn familienaam gegooid - en zoals alles in het leven draaide de (magische) wereld op niets anders dan de gradatie van reputatie-zekerheid. Maar goed; er waren andere manieren om zich op Miss Lennox te wreken dan haar persoonlijk wat aan te doen. En een overeenkomst in deze vorm had ook wel zo zijn voordelen als het ging over tot waar zijn macht over het meisje zou reiken… “Een onbreekbare eed, dan” sprak Owain loom, die Helena's arm losliet en wat achterover leunde. “Tussen uw kleindochter en mijzelf. Ik zal zweren…” Hij fronste zijn wenkbrauwen iets, zichtbaar lichtelijk geïrriteerd dat het op deze manier moest. “… dat ik Evangeline Lennox niets aan zal doen zolang ik leef. Zij op haar beurt, zal mij bezweren dat zij, zonder zijn afkomst te verzwijgen of verhullen, alle claims op haar kind zal opzeggen en hem zal overdragen naar de familie Cadwgan om op te voeden zoals wij dat gepast achten.” Hij had het kind, dat was het belangrijkste. “Daarnaast…” Owain zocht Helena's blik weer op. Het zachte bruin van haar ogen herinnerde hem aan vroeger. “Belooft u mij Gabriël en Clementine te overhandigen en Miss Lennox bij terugkomst te zenden naar een tehuis voor alleenstaande moeders." Ten schande en schaamte, waar claims op niet-bestaande huwelijken in een donker graf zouden sterven. Hij ging er toch vanuit dat Mr. Bennett er weinig bezwaren tegen zou hebben, zeker met enige invloed van Aria - en anders moest hij dan toch maar een stevig gesprek met de man inplannen. "Ten derde zal ik mijn best doen uw geliefde echtgenoot weer op vrije voeten te krijgen. Garanties zou ik natuurlijk niet kunnen afgeven, op dat vlak.” Hij glimlachte even minachtend, een spottende blik in zijn grijze ogen, voordat hij haar zijn hand toestak. “Hebben we een deal?”
  15. [1838] More than we bargained for

    Natuurlijk was de ene plek wel beter dan de ander. Natuurlijk was het niet per se gemakkelijk om op te groeien in een adellijke, verheven familie – maar wie zou er ooit bij zinnen voor iets anders kiezen? Want natuurlijk was macht, aanzien en rijkdom beter dan een leven zonder al die gemakken! Dat Helena hem nu zo had veracht dat ze liever haar hele leven naar de knoppen had gegooid dan met hem te zijn, dat zij haar punt had moeten maken door niet alleen zijn hart met een stel goedkope regenlaarzen in de modder te vertrappen, maar ondertussen ook nog alles wie ze was geweest neer had gehaald om maar zoveel mogelijk afstand tussen hen te creëren… Haar frustratie wakkerde zijn hervonden rust aan, wat ervoor zorgde dat hij haar met een hooghartig soort belangstelling kon gadeslaan terwijl hij van zijn wijn uit het kristallen glas sipte en enkele hapjes van zijn bord prikte met het zilveren bestek. “Ik ga helemaal niemand overtuigen.” Hij glimlachte even humorloos, iets wat zijn grijze ogen niet bereikte. “Dit is menens, Helena. Het is dit, of… Nuja. Ik weet niet of je al eens in Azkaban bent geweest? Maar ik kan mij toch niet voorstellen dat Tristain het er erg lang zou volhouden.” Hij had de naam met een wraakzuchtig soort emotie uitgesproken, wat liet doorschemeren dat hij toch niet zo rustig bleef als hij zich graag zou voordoen. “En wat Miss Lennox zelf betreft…” Langzaam kauwde hij op de volgende asperge, voordat ook hij met zijn servet zijn mond depte. Owain keek Helena koeltjes aan, zijn hoofd wat schuin, voordat hij zich wat voorover boog en zijn hand op haar arm legde. Hij meende dit. Wat Helena ook mocht denken – dit was geen spelletje. Zijn stem was geworden tot een fluister, dreigender en imponerende dan hij zich tot dan toe has opgesteld. “Ze mag al van geluk spreken dat ze er zo vanaf komt.”
×