Jump to content

Adeline Bruxley

Magisch Verbond
  • Content count

    72
  • Joined

  • Last visited

About Adeline Bruxley

Recent Profile Visitors

516 profile views
  1. 13 december 1836 Adeline wist eigenlijk niet zoveel van Dantes terzielerraces. Heel slecht en zo, ze vond het heus wel leuk om te zien, maar ze had telkens ze hier was het gevoel dat ze twintig ongeschreven regels brak zonder het überhaupt door te hebben. Alsof ze hier niet echt hoorde. Maar dat was oké, besloot ze telkens weer voor zichzelf, want ze was hier voor Dante, niet om de clubregels van één of ander uit de kluiten gegroeid puberaal clubhuis (ja, ja, dat mocht ze vooral niet hardop zeggen, want het was niet waar en het was denigrerend, maar eh… ja) een voor één op te volgen. Ze was hier alleen maar voor Dante. En dus had ze zich netjes gezet waar ze moest zijn om naar Dante te kijken terwijl hij deed waar hij goed in was, en ze was niet zo heel zeker wie er nu precies aan het winnen was, maar het zag eruit alsof hij goed bezig was, waardoor ze, zonder het echt te proberen, haar Trotse Vriendin™-gezicht naar boven haalde. Als ze erbij stilstond, zei dat genoeg. Ergens. Adeline haalde nooit iets onbewust naar boven, was zelfbewuster dan ze zou toegeven, was op elk moment van de dag bezig met het hoe en wat van elk aspect van haar leven – een mens gebouwd met meticuleus, routineus gecontroleerde mechanismen, waarvan er nauwelijks puur uit de natuur ontsproten waren – en toch, toch hoefde ze maar Dantes gezicht te zien om een routinecheck te vergeten. Ze zat er niet mee. Niet echt. Zou ze wel moeten doen – maar als Dante er was, voelde het altijd zo… zinloos. Omdat er zoveel meer dingen waren die ze belangrijker vond dan dat, en iets van driekwart begon met Dantes naam. En het was precies dat dat maakte dat ze voor geen meter doorhad dat ze niet meer zo afgescheiden van iedereen stond dan ze aanvankelijk voor zichzelf gepland had. OOC: Privé met Renée! <3
  2. Goh, wat kwam Adeline hier precies doen? Nu, eerlijk gezegd had Adeline sowieso wel een boon voor het Redgrave Hotel, al was het maar omdat de luxe, de haast vanzelfsprekende decadentie haar aansprak, haar deed denken aan alle dingen die ze voor zichzelf wilde, voor het leven dat ze voor zichzelf wilde. Ze wílde in de positie staan dat ze het leven dat in het Redgrave Hotel zonder verpinken aan elke gast geschonken werd kunnen zien als normaal, banaal – ze wilde het, en liefst nu. Dat… was niet zo simpel, in feite. Want ze was niet rijk. En ze kon wel met de eerste de beste man met net wat te veel geld in bed duiken om hem de weelde van haar lichaam te laten zien en zij de weelde van luxehotels kon meemaken, dat was niet hetzelfde. En het stond haar steeds meer tegen, dat concept, want ze wilde het voor zichzelf en ze wilde het met Dante, niet met enig ander. Was heel leuk om bij stil te staan als ze strikt genomen net wegging van één of andere afspraak. Ja, ja, aparte timing, maar Adeline had best vroeg geleerd dat de gemiddelde rijke man zich het best gedroeg als je gewoon netjes deed wat ze van je wilden. Ja, wat? Je moest wat met je leven als Golddigger En Geen Trophy Wife Alec Ga Weg™. Maar eerst, langs dit kind hier komen. Ze zocht het volgende karretje wel op om zich beter te voelen over zichzelf. ‘Oh, vast wel!’ kirde ze dus, zoals ze altijd deed als ze geen zin had in mensen. ‘Dit hotel is zo groot… Zou je me kunnen helpen om de uitgang te kunnen vinden?’ Ze wierp een zijdelingse blik op het karretje (the one that got awaaaay). ‘Je hebt het niet zo druk, toch?’
  3. [1836/1837] Heerlijk ongemakkelijk

    Adeline zou het best vinden om een trophy wife te zijn, want dat zou inhouden dat ze rijk was geweest, maar Alec had de positie nu niet bepaald aangeboden, dus als ze er ooit achter zou komen dat hij zo over haar dacht, gooide ze hem een waterput in. Pfft. Hoe durfde hij? Helaas wist ze het niet. En nogmaals helaas, je moest vast niet iemand in een waterput gooien als a. er geen waterput in de buurt was en b. de Eventueel Gegooide in kwestie familie was van wie dit hele warenhuis dan ook runde. Boe. Ze glimlachte ietwat ongemakkelijk. ‘Ik, eh, zal het laten weten.’ Niet iedereen was rijk, Alec. Moest hij dit er echt inwrijven? ‘Maar eh, je hebt het vast druk, je weet wel, met geld naar mensen gooien in de geest van investeren en zo,’ dat klonk niet bitter, toch, mooi, ‘dus ik zal je met rust laten.’ Ze haatte rijke mensen. Tenzij ze haar geld gaven. Had Alec zin om in haar carrière als non-trophy wife te investeren? Toevallig?
  4. [1836/1837] From A to Z

    ‘Jij komt hier niet vaak, hè?’ stelde Adeline, niet echt om een antwoord te krijgen, vooraleer ze het de moeite niet vond om hem van antwoord te dienen en hem naar het eerste het beste hotel waar ze weet van had dat niet rechtstreeks uit de hel afkomstig was nam en blablabla, ik vind dit niet interessant, onthoud vooral dat Adeline geen hol uit eigen zak betaalt, bedankt, en ta-da, daar waren ze dan op een hotelkamer, geheel op het verzoek van Valentine Ingram, wiens naam ze nog niet eens wist omdat hij dat ~mysterieus~ vond. Het was moeilijk om hem echt heel serieus te nemen, oké. Had ook wat te maken met dat simpele concept dat Adeline weinig mannen serieus nam als het enige waar ze op zoek naar waren seks was en dan besloten de route van de ~gesprekspartner~ te proberen, net alsof de hele bar niet allang doorhad dat dat niet het contact was waarnaar je op zoek was. En verder zag Adeline rijke mannen als geld met een fallus. Sorry. ‘Goed, jij wilde weten waar ik het beste in was,’ zei ze, want eh, dat was soort van het enige boeiende gedeelte aan zijn verhandeling over gesprekspartners (over iets van vijf dagen zou ze ~gesprekspartners~ vergeten zijn, beloofd) en dus moest ze daar maar op inhaken. ‘Nog voorkeuren waar jij je testrit wil proberen of…?’ Moest vast niet zo spottend klinken, maar… gesprekspartner.
  5. [1836/1837] Heerlijk ongemakkelijk

    ‘Nee,’ gaf Adeline toe. Zo’n geweldige studente was ze nu ook weer niet geweest dat ze veel vroeger dan het modeltraject haar diploma in ontvangst had kunnen nemen, en hoewel het niet zo was dat ze voor geen meter kon schrijven, was het moeilijk om echt te zeggen dat ze zo’n groots talent was dat iedereen haar op haar achttiende had willen hebben. Tja. Vond zij best, hoor. Ze had geen irreële dromen met rijen van boeken op haar naam in elke boekhandel, van handtekeningen op de eerste pagina’s en plottwists waar decennia later nog over gesproken zouden worden. Nee, haar eigen dromen werden gevuld met een onbestemd gevoel van overdaad en het besef dat ze haar eigen immer frisse vingers altijd met Dantes warme exemplaren zou kunnen verstrengelen. ‘Sinds een paar maanden nu, geloof ik,’ voegde ze eraan toe. ‘De tijd gaat best snel, eigenlijk. Het lijkt net alsof ik gisteren pas aangenomen werd.’ Oké, Alec was een getallenpersoon. Dat, eh, was leuk voor hem, nam ze aan. ‘Wat doe jij dan eigenlijk voor werk?’ Ze keek hem aan, nieuwsgierig, meer omdat ze niet zo goed wist wat hij zoal deed, behalve dan de naam dragen van de winkel waarin ze stond – Adeline, de volgende keer denk je hierover na – dan uit oprechte interesse. Sorry.
  6. [1836/1837] From A to Z

    Ha. Conversaties waren voor mensen die niets beters te doen hadden, maar ze moesten wel even converseren over wat haar goede punten waren? Juist, ja. Eerlijk gezegd had Adeline weinig zin om een essay op te hangen aan waar ze zoal goed in was, want eh, alles, oké, bedankt. Goed, niet alles, verre van alles, maar God, hij was niet op zoek naar een eerlijke verhandeling over haar goede en slechte punten en ze voldeed vast wel aan de verwachtingen die hij zocht en echt, als ze dat niet deed, was dat zijn probleem, niet dat van haar. Hij was degene die naast haar was komen zitten, tenslotte. ‘Waar ben ik het beste in…’ herhaalde ze. ‘Dat lijkt me iets waar ik jouw mening over wil horen.’ Eerlijk gezegd wist ze nog niet eens waar ze het best in was (a.k.a. ik heb geen zin in over dit soort dingen na te denken, aangenaam, ik ben Margaux en ik maak over alles slechte grappen, maar ben vreemdsoortig preuts op willekeurige gebieden en dat ook alleen maar op sommige momenten) en eh, ze wist niet eens wat voor hem aanlokkelijk zou zijn, dus dan kon ze het net zo goed vaag laten. ‘Ik kan het vast wel vertellen, maar ik kan het net zo goed laten zien.’ Nu ja. Laten zien. Soort van. Hij was geen leuke gesprekspartner, oké, konden ze gewoon beginnen aan wat hij met zijn binnenkomers geïntroduceerd had en stoppen met praten… En daarna wilde ze zijn geld.
  7. [1836/1837] Heerlijk ongemakkelijk

    Oh, God. Het was niet zo dat Adeline haar werk doodsaai vond – was het niet; als Adeline eerlijk was, hield ze best wel van schrijven en ze mocht haar beide pollen kussen dat ze zo gemakkelijk een baan had gevonden die zo nauw aansloot bij wat ze tof vond om te doen, maar net zoals met alles in haar leven was het niet genoeg, want nooit was er iets genoeg, en ergens vond ze het altijd gek dat mensen dat niet altijd schenen te begrijpen – het was wél zo dat ze eigenlijk niet zo veel zin had om met Alec te praten. Was niets persoonlijks, hoor. Ha. Fuck dat. Het was wel persoonlijk; ze had geen zin om met Alec Holow te praten omdat ze geen hol gemeen hadden en ze het nu al ergerlijk vond dat hij alles zoveel meer voor elkaar had dan zij. Dat hij gewoon netjes kon opnoemen hoezeer hij wel niet aan de criteria van een succesvol persoon voldeed, terwijl zíj het niet verder schopte dan een halfslachtige “goh, ik heb een baan”. Zak. Hoe durfde hij? ‘Oh, eh.’ Ik heb geen zin om een naam te verzinnen, dus laten we even doen alsof ze nu de naam van het literair tijdschrift opnoemde, oké, moving on. ‘Ik heb weleens wat van je vriend gelezen, geloof ik,’ vervolgde ze beleefd. ‘Hij heeft een goede pen.’ Tja, wat moest ze anders zeggen… Zijn stijl gaan afkraken was vast niet de bedoeling. ‘Jij geen schrijftype?’
  8. [1836/1837] From A to Z

    Jaaaaaa, dat was net iets teveel. Adeline probeerde hem niet uit te lachen, wat best wel slecht ging, wat er, heel gezellig allemaal, voor zorgde dat ze een spottende lach liet horen zonder het tegen te kunnen houden, want oh, God. Dames en heren, iets in hem had geweten dat hij een gesprekspartner als zij zou vinden en dat was wat hem hier gebracht had! God. Waren alle jongens zo de laatste tijd? Want… wauw, dan had ze echt nog geluk gehad met de man van wie ze hield tegenkomen in één of ander mysterieus circus en impulsief zijn bed in rollen. Kijk eens aan. ‘Als je hier bent voor een gesprekspartner, ben je bij de verkeerde persoon, ben ik bang,’ zei ze, echter, iets zoeter dan haar lach van zonet zou impliceren. Ter compensatie. ‘Ik ben veel beter in andere dingen.’ Ze was een prachtige gesprekspartner, overigens, maar niet voor mensen die zo antwoordden als ze iets vroeg. Sorry.
  9. [1836/1837] Heerlijk ongemakkelijk

    Wauw. Hóé had Alec Hollow het in vredesnaam voor elkaar gekregen om schijnbaar zijn hele leven op orde te krijgen, terwijl zij nu, eh, in theorie werk had als journaliste en verder een vriend had van wie ze heel veel hield, hoor, maar die weinig bewondering zou oogsten op reünie (hoefde ook niet, maar eh, ja, het was wel zo) en daarbuiten zowat niets? Hallo? Had hij echt niet één ding of zo kunnen overlaten? Dan had ze nu niet meer beleefd dan iets anders moeten glimlachen en haar hoofd maar paniekerig afzocht naar de beste manier om haar huidige leven samen te vatten. ‘Wat leuk,’ zei ze kalm, echter, en enigszins afstandelijk. ‘Ik… werk als journalist.’ En zo nu en dan ging ze met rijke mensen naar bed en doorzocht ze hun portemonnee als ze niet opletten, maar dat hoefde hij niet te weten. ‘En…’ Ongemakkelijk keek ze hem aan. ‘Eh.’ Kon ze het over Dante hebben? Geen idee eigenlijk. Wilde ze wel, hoor – als ze had gedacht dat iemand het wilde horen, kon ze vijf uur lang over hem praten, maar het hebben over haar criminele vriend (waarom is het zo’n ding om criminele lieven te hebben bij mijn personages, hallo, get ur shit together) was… God, het was vast niet illegaal, maar ze wist gewoon niet of het echt, eh, kon of zo. En ze wilde graag niets verkeerds doen bij Alec. Al was het maar uit een kinderachtige behoefte goed uit deze ontmoeting te komen. ‘Het is fijn om te horen dat je goed terecht bent gekomen,’ besloot ze maar.
  10. [1836/1837] From A to Z

    Jup, Adeline was niet zo lastig om mee te babbelen en ook niet zo ontzettend lastig om in bed te krijgen en al helemaal niet als je duidelijk een heel stuk rijker was dan zijzelf. Noem het klassisme. Of nu, ja, misschien was het simpelweg het gezonde verstand dat het moeilijker was om de vergoeding die je jezelf had toegekend te verkrijgen bij iemand die geen geld had. En dat had ze nodig omdat ze van geld hield en van het idee dat ze met alles kon wegkomen (kon ze niet – ze hield het zichzelf alsnog graag voor) en ergens ook omdat het als een goed excuus gold voor dat scherpe idee dat het niet altijd Dantes bed was waarin ze de nacht doorbracht en dat ze zich niet kon voorstellen dat hij dat echt… oké zou vinden. Maar hij wist het niet. En Adeline hield zichzelf heel graag voor dat dat maakte dat ze best zachtjes kon lachen bij zijn reactie en erop in kon gaan zonder hem te vertellen dat ze een vriend had en hij weg moest gaan. Oeps. ‘Hm, ja, daar zit wel wat in.’ Eh, ja, hoe anoniemer, hoe beter, in se. ‘Ik vind wat mysterie altijd wel spannend.’ Ze streek haar rok glad, meer voor het bekende gebaar dan omdat het echt nodig was. ‘Zeg eens, wat heeft je tot bij mij geleid?’ informeerde ze, iets zijn richting op leunend.
  11. Oké, eh, dat was dan ook weer dat. Elara Burrows wilde niet met haar in één huis leven, wat ergens best kwetsend was, frustrerend ook, want hallo, Adeline had nog niet eens iets gedáán om haar hier reden toe te geven – buiten bestaan, buiten simpelweg bestaan en van de man houden die haar in dit huis liet wonen zonder dat schijnbaar overlegd te hebben, buiten zelf niet intelligent genoeg zijn om te vragen of hij dat overlegd had. Maar dat was geen echte reden. Dit… dit was één of ander principe of zo, in se iets waar zij persoonlijk vrij weinig mee te maken had. Maar eh. Ja. Ze had alsnog wat anders verwacht. En ze kon zich best indenken dat het een hele verrassing was, maar moest dit echt zo? Ze ging wat dichter bij Dante staan, liet een nadenkende blik van Elara Burrows naar Dante glijden en vroeg woordeloos om zijn aandacht door haar hand licht op zijn arm te liggen. ‘Dante, wil je dit met haar alleen bespreken?’ vroeg ze. ‘Want als het gemakkelijker is, kan ik wel even weggaan of zo.’ Ze had niet echt zín om weg te gaan, maar ze had ook geen zin in een puber met een kort lontje die ging zeuren om hoe weinig zin ze wel niet had in met haar samen te wonen; en krijgen wat ze wilde, namelijk teruggaan naar zonet, naar de situatie vóór Elara haar komst had aangekondigd, zat er toch niet in. Dan kon ze net zo goed proberen te doen wat binnenkort wat gemakkelijker kon maken. Ze keek weer naar Elara, enigszins behoedzaam. ‘Is het voor jou fijner als ik even wegga zodat je dit met Dante alleen kan bespreken? Als dat gemakkelijker is…’ Ah, als Adeline heel eerlijk was, wilde ze het liefst van al tegen Elara gillen dat ze er maar mee moest leren omgaan, dat ze het niet kon maken om hier een punt van te maken, niet op deze manier, niet op een manier die van haar omgeving eiste dat ze enkel naar Elara’s behoeften in het leven keken en liefst nog er meteen voor zorgden dat elke voorkeur opgevolgd werd. Gewoon. Omdat Adeline egoïstisch genoeg was om dat type aandacht voor zichzelf te willen. En omdat het zo verdomde frustrerend was dat ze zich maar vriendelijk en inschikkelijk moest instellen om te “hopen” op een zekere graad van tolerantie. Alsof het haar daar omging.
  12. [1835/1836] Say yes to the dress

    Adeline pakte het glas champagne aan en nam er een kleine slok terwijl ze om zich heen keek, naar alle jurken die er hier tentoongesteld werden. Zonder er veel erg in te hebben vormden haar lippen een afwezige glimlach, deels omdat ze ervan hield als ze modetips mocht geven – het was niet eens zo dat ze zodanig veel van mode hield; ze vond het gewoon leuk om te bekijken wat naar haar bescheiden mening, voor zover die bescheiden bleef in Adelines hart vol gevoel voor grandeur, mooi bij iemand zou staan en ergens vond ze het ook gewoon leuk dat er zo opvallend aandacht werd besteed aan haar mening – en deels omdat ze het altijd fijn vond met haar vriendinnen op te trekken. Ook al waren zowel Cecily als Amber verbazingwekkend optimistisch en naïef, tot op het punt dat Adeline zich ergens afvroeg waarom ze er niet gestoord van werd. Maar ze werd het niet. Want ze was op ze allebei gesteld geraakt, ergens, op de één of andere manier, zonder dat ze het echt doorhad, en dus, dus, dus liet ze haar ondeskundige ogen doorheen de ruimte dwalen om die perfecte bruidsjapon te zoeken voor haar oudere vriendin. Met een zwierige zwaai van haar toverstok, zoals Adeline alles deed, zwierig, sierlijk, zoveel als ze kon, al was het maar voor het geval iemand haar dan voor de eerste keer zag, sommeerde ze een jurk naar haar keuze hun richting uit en toonde ze die met een frivool draaitje aan haar vriendinnen. ‘Ta-da! Groots, waardoor niemand om je heen kan; met veel kant, want dat past wel bij je; en met een brede rok, want dat is geloof ik in de mode.’ Ze keek van Amber naar Cecily. ‘Jullie verdict?’
  13. [1836/1837] Heerlijk ongemakkelijk

    Sommige mensen hadden niet de luxe om op eender welk moment in dit warenhuis te kunnen binnenvallen. Dat gepeupel moest zich helaas beperken tot een dag dat ze toevallig vrij waren en voor het leeuwendeel van het plebs was dat een zaterdag, wat maakte dat één specifiek persoon uit die zee aan mensen met de verkeerde achternaam eigenlijk alleen vandaag hiernaartoe had gekund, want hallo, ze had een druk leven, oké. Goed, het viel in principe mee, maar ze had in elk geval nog geen tijd gehad om een bepaalde riem te kopen die zowel zij als Alec wilde hebben om de één of andere reden, weet ik veel, Gianna dwong me om iets te beslissen en dus komt mijn eigen aankoop van vandaag uit de bus. Ta-da. Ik beslis bij deze dat het om een riem gaat die Adeline voor haar vader wilde kopen als verjaardagsgeschenk, bij wijze van stille hint, want Adeline Bruxley was even subtiel als goed in haar ex niet tegenkomen. Kijk, dit is er wat er gebeurt als ik plots dingen moet gaan beslissen. Ik vind het nog altijd gemeen. ‘Ja,’ bevestigde Adeline, ‘best wel lang geleden inderdaad.’ Ik heb geen zin om uit te vogelen hoelang geleden, maar het was in elk geval vast wel een aantal jaar geweest, een aantal jaar waarin Adeline eerlijk kon bekennen dat ze niet ontzettend veel bezig was geweest met Alec Hollow. Dat was niets persoonlijks, hoor – Adeline hield er gewoon niet zo van om met dingen, of mensen, bezig te zijn die ze achter zich had gelaten, al een hele tijd geleden zelfs – en daar hoefde nu ook weer niet per se verandering in te komen. Maar hij had haar naam al gezegd en was in se al een gesprek begonnen en nu wegrennen was vast geen strak plan, want ten eerste was dat onbeleefd en ten tweede was deze winkel van zijn familie en eh. Ja. Dat. ‘Dus, eh, hoe is het je vergaan?’ informeerde ze maar, beleefd, en ergens vroeg ze zich af hoelang ze dit zou moeten rekken vooraleer ze zich kon wagen aan die vrolijke “oké, was leuk om je te zien, ik ga nu terug naar huis waar iemand op me zit te wachten die beter is dan jij, ciao”.
  14. Adeline was er in theorie van op de hoogte dat Dante één of andere puber in huis had gehaald en dat de puber in kwestie ooit haar gezicht zou moeten laten zien, dat meer dan waarschijnlijk in de zomer, maar toen was die zomer aangebroken en was elk sprankje kennis dat Adeline bezat over die huisgenote van Dante het raam uitgevlogen. Of nee, ze wist het wel, maar ze had er, eerlijk gezegd, nooit meer aan gedacht. En dus verschoot ze zich een ongeluk toen ze opeens een stem hoorde, een bevreemdende combinatie met het klaaglijke gevoel dat in haar opwelde toen Dante er zo ineens zonder waarschuwing vandoor schoot. Nu, dat werd snel genoeg vervangen door een zekere nervositeit bij het idee dat ze er nu voor moest zorgen dat Elara haar mocht, ook al leek ze op zijn minst enigszins chagrijnig bij Adelines inmenging hier in het huishouden. Ze streek haar rokken even glad en stond toen op om zich te wagen aan een persoonlijk voorstelrondje. Ze glimlachte, zo vriendelijk als ze kon, en hield zich voor dat ze vast wel alleen maar aardiger gevonden kon worden dan die fantastische eerste indruk als Die Ene Vrouw Die Dante Zo Ver Had Gekregen Dat Hij Elara Vergat Op Te Halen. En hey, als Elara haar niet mocht, was dat, uiteindelijk, niet zozeer haar probleem, zolang dat kind maar het type was om gewoon bijdehand te worden in plaats van efficiënte pogingen te ondernemen haar weg te krijgen. Ze deed dit meer voor Dante dan voor ’n ander. ‘Hallo,’ zei ze, zodanig opgewekt dat het op kirren begon te lijken. ‘Ik ben Adeline. Het was Elara, toch?’ Vast wel. ‘Hoe is het met je?’ Gelieve een goed humeur te hebben, Elara, schat, zodat ze dan alvast verder konden gaan en konden beginnen met dat eten en die drank waar Dante het over had, want dat leek Adeline best gezellig. Plus, het was altijd gemakkelijker om in de gratie te komen bij tieners die het tof hadden. Strategieën en zo. ‘Het is zo fijn om je eindelijk eens te ontmoeten!’ Of zoiets.
  15. [1836/1837] From A to Z

    Op zich was Adeline een goede keuze voor betekenisloze seks. Dat had geen interessante reden, buiten dat simpele feit dat voor Adeline heel weinig van betekenis was – ze gaf om geld en om zichzelf en om Dante, zoveel om Dante, en al de rest kon haar betrekkelijk weinig schelen. Er was elegantie, er was reputatie, er was waardigheid, en dat vond ze stuk voor stuk belangrijke zaken, maar die sorteerde ze allemaal netjes in het vakje van Zichzelf. Ze was er niet goed in, dat ook, in veel waarde hechten aan al de rest. Het voelde zo triviaal. Het enige waar Adeline om gaf, was weelde, als het erop aankwam – monetaire weelde, de weelde van Dantes algehele bestaan, van dat zweverige gevoel als ze zich in zijn armen kon nestelen, van haar eigen weelderige haarbos en alles, alles, alles wat zich daarmee kon meten. Nu, nu was er niet zo heel veel dat dat kon. En die jongen, man, ergens op die scheidingslijn, ook niet, maar kijk, als je een heel leven zonder betekenis tegemoet ging, kon je daar ook goed mee om. Dat moest. In se. Al was het maar om niet gestoord te worden. Plus, Adeline had zoiets onzinnigs als zingeving niet eens nodig. Dat was alleen maar kruiperig geneuzel over niets. ‘Oh, hallo,’ begroette ze hem terug. ‘Natuurlijk mag dat.’ Eh, ging zij niet moeilijk over doen. ‘Ga toch zitten,’ vervolgde ze met een zwierig gebaar richting de dichtstbijzijnde stoel. ‘Vertel eens, ben je hier ook helemaal alleen verzeild geraakt?’ Ze glimlachte, koket. ‘Alleen iets gaan drinken is nooit zo gezellig, vind ik altijd.’ En kijk toch, dat zei ze ook alleen maar omdat hij voor haar wilde betalen.
×