Jump to content

Scott Evergreen

Afdelingshoofd Zwadderich
  • Content count

    142
  • Joined

  • Last visited

  • Days Won

    3

Scott Evergreen last won the day on January 22

Scott Evergreen had the most liked content!

About Scott Evergreen

  • Rank
    You don't know me? Just... I'm really famous, okay?

OOC Profiel Informatie

  • Membergroups
    HH
  • Naam
    Dails

Profile Fields

Recent Profile Visitors

1,457 profile views
  1. Een tintelend gevoel van verlangen maakte zich van Scott meester terwijl hij zijn vingers over haar blanke, zachte huid liet glijden, haar zijden ochtendjas open vallend onder zijn aanraking, het enige geluid in de kamer die van hun wilde, onregelmatige ademhaling. Oh hij wilde haar… hij wilde haar zo graag. Hij voelde hoe ze de resterende knoopjes van zijn overhemd opentrok, hoe haar handen over zijn lichaam gleden, haar vingers in zijn dikke, donkere haar. Hij kuste haar opnieuw en wilde zichzelf juist uit zijn overhemd schudden toen plotseling… “Aaahh!” bracht Scott op niet zulke mannelijke wijze uit, toen hij plotseling en uit het niets met een kracht die hij niet had verwacht tegen het plafond van Zaira’s kamer werd geplakt. Hij stootte zijn hoofd hard tegen een van de dakbalken en knipperde fervent met zijn ogen, scheel van de plotselinge pijn. “Aaauww..” jammerde hij, duidelijk geschrokken, terwijl hij met zijn hand over zijn pijnlijke achterhoofd probeerde te vegen om de schade te onderzoeken. Zijn hand was echter (net zoals de rest van zijn lichaam) aan het plafond vastgeplakt en kreeg hij met geen mogelijkheid uit de huidige positie. Gelukkig maar dat hij verschillende onderdelen van zijn gezicht had verzekerd! Dat was natuurlijk voornamelijk vanwege zwerkbal en eventueel gebroken neuzen, maar het bleek maar weer dat ook dit soort nachtelijke uitstapjes gevaarlijk genoeg konden zijn. “Wat.. ik.. maak me los!” Maar dat was pas het moment dat hij zag wie er de kamer binnen was gestapt, en hij zichtbaar iets relaxte. Thomas Silvershore, degene die hij eigenlijk had verwacht.. tsja. Hij kende de voorzitter van het Magisch Verbond niet, niet meer dan een vriendelijk tien minuten gesprek op Zweinstein wellicht – Eric, daarentegen, was zijn Klassenoudste geweest toen hij Afdelingshoofd was van Griffoendor. Met Eric kon het nooit allemaal zo verschrikkelijk erg zijn. “Mr. Eric Silvershore! Wat een genoegen!” sprak Scott in een poging tot jovialiteit, in ieder geval voor zover dat ging terwijl je halfnaakt tegen het plafond was geplakt en je net betrapt was in bed met het zusje van je voormalige Klassenoudste. “Pardon? Noemt u mij nu oud?” Hij probeerde zijn armen over elkaar te vouwen en streng te kijken, daadwerkelijk ietwat gekrenkt in zijn ego – meer dan door deze simpele plafond-plakspreuk, in ieder geval – maar eh.. die spreuk werkte nog steeds naar behoren, helaas. Ietwat hulpeloos keek hij naar Zaira, voordat hij zijn blik terug richtte op Eric en opnieuw zijn mond opentrok. “Eh ja, ik zou het op prijs stellen als je me weer naar beneden zou kunnen laten, alsjeblieft. Dan kunnen we het hier even als volwassenen over hebben.” Ja, of dan vluchtte hij gewoon door het raam en zag hij later wel weer wat voor repercussies dit zou hebben. Dat kon natuurlijk ook.
  2. “Ik had je ook niet zo vrijgevig ingeschat” fluisterde Scott schor in haar oor, voor een moment zijn ogen sluitend om zichzelf wat te bedwingen. Hij wilde het goed doen, wilde het langzaamaan doen, wilde het alleen maar om haar laten draaien – en was daar goed in; eenieder die Scott ooit in hun bed had gehad zou hem nooit als een egoïstische minnaar beschrijven. Maar Zaira, oh.. Het liefste zou hij nu al haar kleding, alles wat ze nog aan had dan, van haar afrukken. Ze maakte hem zo gek, iedere keer als ze op haar lip beet; iedere keer als ze haar ogen op die manier naar hem opsloeg; als ze zo naar hem lachte.. Hij was wel vaker verslagen van lust, maar dat iemand op zo een wijze alle ruimte in je hoofd, in je lichaam kon overnemen – dat was speciaal, zelfs voor hem. Scott stond haar toe de knoopjes van zijn overhemd van zijn borst richting zijn buik te openen en liet zich ietwat zakken, zijn gewicht op zijn armen en niet op haar. Hij beet zachtjes op haar onderlip toen ze hem kuste, genietend van haar reactie, voordat hij een nieuw spoor van haar nek tot haar schouder initieerde. “Ik hoop maar dat de muren geluidsdicht zijn” sprak Scott buiten adem, terwijl hij zich ietwat ophief en Zaira aankeek, een uitdagende grijns op zijn lippen. “Want anders denk ik niet dat het de buren zal lukken om in slaap te komen vannacht.” En terwijl hij haar nogmaals kuste zocht zijn hand zich zoetjesaan een weg naar haar ontblote bovenbeen.
  3. “Dat hangt ervan af waar het verhaal over gaat” sprak Scott grijzend, zijn olijfgroene ogen glinsterend met een diep verlangen. “Of het een… liefdesverhaal is, of niet…” Hij zette nog een stapje dichterbij en liet zijn handen laag over Zaira’s heupen glijden, richting haar welgevormde billen. Het was dat ze slechts een zijden ochtendjas aanhad, want in tien lagen jurk was dat toch wat minder goed te voelen. Even sloot hij zijn ogen toen hij haar vingers over zijn borst voelde strelen en zijn mantel vervolgens van zijn schouders gleed, het volgende moment haar handen in zijn donkere, dikke haar. Scott was nogal nauwkeurig aangaande wie zijn haar precies mocht aanraken, maar eerlijk gezegd zou het hem nu minder kunnen schelen dan ooit. En het moment dat ze met haar tong langs haar lippen gleed… “Het oververhit raken is een verloren zaak” sprak hij hees, nadat de kus was verbroken. “Daarin was ik al verloren vanaf het eerste moment dat ik je zag.” Scott overbrugde de laatste centimeters tussen hen en zette zijn lippen in haar nek, net onder haar oor. “En je doet je achternaam eer aan, met die op winst beluste aanpak.” Zijn lippen zochten langzaam een spoor naar beneden, richting haar sleutelbeen. Het bed was erg dichtbij, de spanning tussen hen haast ondraagbaar, en toch wilde hij kijken tot hoe ver hij kon gaan, wilde hij eigenlijk dat zij degene zou zijn die hem mee zou trekken, gewoonweg als extra zekerheid dat dit daadwerkelijk was wat ze wilde. “Mijn prijs ligt echter in jou.” Hij rechtte zijn rug en speelde opnieuw met de randen van haar ochtendjas, ditmaal duidelijker met betrekking tot zijn doel, doch nog steeds ietwat terughoudend. "En wat jou betreft? Wat valt er voor de befaamde Miss Silvershore te winnen?"
  4. [1836/1837] A surprise for the Slytherins.

    Scott leunde achterover en sloeg zijn armen over elkaar terwijl hij naar Miss Bowman keek die zich een plekje tussen zijn inktpotten had verworven, een vermakelijke glinstering in zijn olijfgroene ogen. Een van de jongste drager van zijn KO-badges voegde zich ook bij hen en Scott liet zijn blik nieuwsgierig tussen de twee zweven, zich afvragend hoe de verhoudingen hier precies lagen. Hij had Zwadderich uiteraard altijd een warm hart toegedragen, maar was de laatste tijd zo druk bezig geweest met het schrijven van boeken, het bezoeken van evenementen (om handtekeningen uit te delen, uiteraard) en, nuja, om eerlijk te zijn, Zaira Silvershore, dat Zweinstein een van zijn mindere prioriteiten was geworden. Zijn welkom was er klaarblijkelijk niet minder om. “Dames, welkom – en gefeliciteerd nog, mag ik wel zeggen” sprak hij joviaal, terwijl hij hen grijnzend aankeek. “Miss Bowman – u kunt er zeker van zijn dat ik in het verleden het signeren van bepaalde lichaamsdelen zeker niet heb geweigerd. Gezien de eh.. passendheid van deze activiteit zou ik mijzelf op dit moment echter willen beperken tot zichtbare lichaamsdelen. Had u wellicht een bepaalde voorkeur?” Dat was voordat hij zich richting zijn andere crewleden draaide, die zich aan zijn linkerzijde had verschanst. “Heren! Mr. Salisbury; ik zal u gelijk een eerste les geven, en dat is dat vrouwen reeds de wereld domineren. Er is niets aan te doen - wij mannen zullen er maar mee moeten leven. Of we de ervaring echter aangenaam voor onszelf willen maken of niet, is aan ons.” Hij boog zich wat dichter naar de jongen toe. “En u zult zien dat u het erg aangenaam voor uzelf kan maken, als u zich ook maar een beetje voor de kneepjes van het vak interesseert.” Hij knipoogde richting Raine, voordat hij met een zelfingenomen grijns een hand door zijn donkere haar haalde en zijn blik vluchtig over de twee andere jongens liet glijden, die zich aan beide zijden van de Hoofdmonitor hadden gepositioneerd. “Mr. Lemon, Mr. Rhydderch…” – Ha! Jarenlange ervaring met het uitspreken van die naam had eindelijk zijn vruchten afgeworpen. Daarbij was er met zijn gehoor niets mis, geen onbelangrijke kwaliteit voor een leraar, of de jaren nu al een beetje begonnen te tellen of niet. “Geld is niet het belangrijkste in de wereld – en daarbij heb ik daarvan genoeg. Met een beetje geluk en als mijn agenda het toelaat, kan ik u in deze laatste maanden nog meer leren dan heel Zweinstein u heeft proberen bij te brengen. U zult merken dat succes en faam meer kan brengen dan een goed gevulde kluis bij Goudgrijp – al is het laatste uiteraard niet onplezierig, en brengt u bovendien een voorsprong op de eerste twee. En.. oh, perfect!” Met een enthousiaste blik op zijn gezicht, alsof er zojuist een droom was uitgekomen waar hij al maanden naar had verlangd, staarde hij naar zijn andere Hoofdmonitor die juist op dat moment met een gigantische stapel boeken aan kwam wankelen. “Perfect, perfect! Zet hier maar hier.” Achteloos wees hij naar een klein en wankel krukje, waar de stapel boeken nooit en te nimmer zonder om te vallen op gedeponeerd kon worden. Miss Bowman zat echter op de tafel, dus het kon moeilijk daar! “En Miss Salisbury – uiteraard zal ik uw boek signeren. Hmm.. in een mooie roze inkt, niet?” En hij doopte zijn pauwenveer in het potje, waarop hij verrukt de eerste pagina van het boek met krullende roze letters begon te vullen.
  5. “Ik denk dat ons verhaal zou moeten beginnen met een begin – niet met het einde” sprak Scott zwoel, zich heel precies bewust van de plekken waar haar vingers over zijn blote huid streken, de kus op zijn wang. Hij zette nog een stapje dichterbij zodat haar ademhaling nu in zijn gezicht streek, de lichte blos op haar wangen van dichtbij zichtbaar in het flakkerende kaarslicht. “De vraag is natuurlijk waar het verhaal start en wat we het begin moeten noemen, en waar het einde wordt ingezet.” Hij liet zijn vingers langs de rand van haar ochtendjas glijden, vragend, testend tot waar hij kon gaan. Hij voelde zich plotseling erg overdressed en warm in zijn dikke bontmantel en laarzen die hem tegen het slechte maartse weer moest beschermen. Ja, wat was het begin? Hij had in de jaren nadat Michelle hem voor de tweede keer had verlaten, naar Frankrijk was vertrokken en nooit meer iets van zich had laten horen, vele vrouwen gehad (daarvoor ook, overigens), in werkelijk alle wijzen waarop dat laatste woord geïnterpreteerd konden worden. En ze waren in alle vormen en maten gekomen: dik, dun, jong, oud, rijk en arm… de meesten echter dun en mooi en jong, alhoewel niet per se rijk. Rijkdom interesseerde hem niet zoveel, doch status… Het waren dames uit alle lagen van de bevolking geweest, van de hoerenstand tot de hoge adel. Maar Zaira… ze had het allemaal, leek het wel. Hij wist dat hij ooit eerder het gevoel had gehad wat hij nu voelde, jaren en jaren geleden, toen hij Michelle voor het eerst ontmoette en ze hem met haar half-glamorgana afkomst betoverde. Maar dit leek dieper, echter, betekenisvoller. En oh, wat verlangde hij naar haar. Dat speelde ook mee. Maar wat dat betekende? Hij had al eerder paden gekruist met een van de machtige tovenaarsfamilies die het Verenigd Koninkrijk kende, en dat had hem niets dan problemen gebracht. En nog een huwelijk? Hij was getrouwd, officieel, en hield verschrikkelijk van zijn vrije status. Hij zag echter geen toekomst, geen ‘begin’, zonder die formaliteit – en dat was waarom hij zich doorgaans niet aan dit onderwerp zou willen branden. Een einde dan? Ach, dat kon hij dan ook weer niet over zijn hart verkrijgen. “Assepoester verloor haar glazen muiltje – al liet Rossini dat gedeelte weg uit La Cenerentola” mompelde Scott, zijn stem dik van verlangen. “Misschien is het een begin als wij ook iets zouden… verliezen.” Daar die verliezen haar al gauw met niets over zouden laten, deed hij een stapje achteruit, geheel toevallig richting het bed, en keek hij haar met een ietwat onschuldige grijns aan, overduidelijk duidend op zichzelf. “Wat.. mantels, bijvoorbeeld. Dat kan vast geen kwaad – het is in deze kamer gewoonweg iets warmer dan verwacht.”
  6. Toen Zaira hem voor een moment losliet om de gordijnen te sluiten had Scott nauwelijks drie seconden om zijn omgeving in hem op te nemen, voordat hij haar lippen weer op de zijne mocht ontvangen. Het was een grote kamer en luxe ingericht, doch wellicht niet heel persoonlijk – aan de andere kant was dat te verklaren omdat hij had begrepen dat de Silvershores van Londen niet hun vaste woonstek maakten. Een lichte tinteling gleed over zijn rug toen Zaira een spoor van kusjes richting zijn oor deed glijden en vervolgens haar boodschap zo zwoel tegen zijn oorschelp uitsprak. Met een scheve grijns en een glinstering in zijn olijfgroene ogen probeerde hij haar blik te vangen, maar ze leek te gebiologeerd met het kussen van zijn hals, zodat hij zich toelegde tot haar ranke lijfje, waar hij zijn handen langzaam langs liet glijden, van haar taille tot iets onder haar heupen. Het viel hem op, enigszins schalks, dat ze hem niet had gevraagd wat hij midden in de nacht voor haar huis deed – en ook leek het haar zeer weinig te kunnen schelen dat hij haar klaarblijkelijk wakker had gemaakt. Daarnaast kon hij zich nauwelijks voorstellen dat ze geheel alleen in dit grote pand zou zijn, niet nadat hij zojuist met zoveel gemak naar binnen was geklommen. “En tot wat voor einde zie jij ons, dan?” sprak hij zachtjes tegen haar lippen, een ietwat plagerige ondertoon in zijn stem. Ze hadden de formaliteiten blijkbaar overgeslagen en elkaar wellicht een tijd niet gezien, maar nu was het net alsof ze verder gingen waar ze enkele weken geleden gebleven waren. Hij liet zich gewillig enkele stappen richting haar bed meetrekken, maar bleef voor het aanlokkelijk uitziende matras staan en legde zijn vingers zachtjes op haar onderkaak, zodat ze hem wel aan moest kijken. Eerlijk gezegd wist hij niet zo goed waarom hij hier was gekomen – ja, hij verlangde naar haar, maar hij zou niet pretenderen dat hij ook maar iets te zeggen hadden over het of, en wanneer van bepaalde activiteiten. Zaira leek echter zeker van haar zaak – en Scott, die niets liever wilde dan dat, die al maanden had uitgekeken naar… nuja. Ze was jong, wat betekende dat hij waarschijnlijk zichzelf toch van wat extra zekerheden moest vergewissen voordat hij zou handelen. “Weet je het zeker?” vroeg Scott zachtjes, terwijl hij zijn ogen gewillig in de hare liet branden. “Ik wil niet dat je in de problemen komt, omdat- ik wil ook niet dat je denkt dat ik alleen maar dáárom ben gekomen. Ik wilde je zien.” Hij moest zich inhouden om het touwtje van haar zijden ochtendjas los te trekken en daardoor de kracht van zijn woorden te ontdoen. Met immense zelfbeheersing veegde hij een pluk van haar donkere haar achter haar oor, een zachte uitdrukking op zijn gezicht ten midden van het vuur dat in zijn ogen brandde door haar kus en de intimiteit van haar slaapkamer, het knisperende vuur in de haard. Hij sloot zijn ogen en kuste haar loom, zijn ademhaling in beginsel diep, maar steeds wat wilder en oppervlakkiger. “Ik miste je.”
  7. Dinsdag 11 april 1837 Na de lessen in de Zwadderich leerlingenkamer <3 Terwijl Scott Evergreen zwierig door de bedompte kerker-gangen van Zweinsteins Hogeschool voor Hekserij en Hocus Pocus paradeerde, dacht hij aan hoe er de laatste tijd meerdere dingen in zijn leven waren veranderd. Één was erg aanwezig en permanent, maar helaas nog niet uitgespeeld – het andere was vandaag zichtbaar in onder meer zijn flamboyante, mosgroene hoed en mantel met zilveren gespen: hij had namelijk eindelijk promotie gemaakt naar Afdelingshoofd van Zwadderich! Jaren geleden had hij ooit dezelfde functie voor Griffoendor gehad, maar het was toch niet helemaal hetzelfde als je Afdelingshoofd van je eigen, oude afdeling werd. En dus, omdat hij vandaag wat te vieren had, zou er voor de Zwadderaars ook wat te vieren zijn. Zodra ze hoorden wat voor verrassing hij voor hen in petto had, konden ze hun geluk vast niet op! Met veel bravoure sprak hij het wachtwoord van de leerlingenkamer zodat de onopvallende muur geluidloos uit elkaar gleed, waarna hij voor een moment met een brede grijns in de opening bleef staan. “Zwadderich, ik heb een belangrijke mededeling!” sprak hij statig, alsof de hele afdeling zich daarmee vast aan zijn voeten zou kluisteren. In werkelijkheid was het een grijze, doordeweekse namiddag en was de helft van de leerlingen zich waarschijnlijk wat aan het opfrissen na hun lessen voordat het diner over een uur zou plaatsvinden. De enkele leerlingen die zich voor het haardvuur hadden gezeteld, keken ietwat ongeinteresseerd op. “Vandaag is de beste dag uit jullie korte leven, want vandaag is besloten dat ik jullie nieuwe Afdelingshoofd wordt!” Dit had niet geheel het gewenste effect, want de leerlingen keken elkaar voornamelijk met ietwat opgetrokken wenkbrauwen aan. Het verwachte applaus bleef in ieder geval uit. “En dat..” vervolgde Scott, al was hij hoorbaar ietwat teleurgesteld in hun reactie. “.. Betekent dat ik vandaag de hele middag handtekeningen zal uitdelen en al jullie boeken zal signeren met een persoonlijke boodschap!” Scott kon zich voorstellen dat deze informatie zo’n schock zou zijn dat de leerlingen dit even zouden moeten verwerken, dus ditmaal negeerde hij het gebrek aan enthousiasme. In plaats daarvan eigende hij zich een grote tafel toe waar zojuist nog enkele tweedejaars hun huiswerk aan hadden zitten maken, en begon hij zijn spullen uit te stallen – wat voornamelijk neerkwam op het uitpakken van zijn flamboyante pauwenveer die hij speciaal bewaarde voor het zetten van handtekeningen, en zijn fantastische lila inkt. “Oke, wie wil er eerst?! Niet allemaal tegelijk, hoor!” OOC: Naar het idee van Gian! Open voor heel Zwadderich, maar natuurlijk specifiek voor @Phoenix Waterford, @Raine Salisbury, @Grigor Rhydderch, @Raspberry Lemon, @Summer Salisbury & @Madeline Bowman die uiteraard opdracht hebben gekregen bij deze awesome signeer-sessie aanwezig te zijn >D
  8. Heksen Hoog

    Meer vrouwen? Hoedanigheid maakt niet uit maar.. meer vrouwen? @Scott Evergreen joint. En niet alleen als publieke stunt hoor. Nee hoor. Totaal niet.
  9. IC Zweinstein Mededelingen

    Hello! Scott is vanaf nu de nieuwe (IC) AH van Zwadderich! Please hide your secret stash of whisky, 'cause he will find it all >D
  10. Nuja, fysiek was er met Scott niets mis. Wellicht was hij wat ouder, wellicht was het niet geheel iets van zijn leeftijdscategorie om midden in de nacht steentjes op het raam van je geheime liefde te gooien – maar aan de andere kant, geheime liefdes waren nu ook niet per se iets van Scott’s leeftijdscategorie en daarnaast had hij nog nooit iets gedaan wat wel perfect binnen zijn leeftijdscategorie hoorde, dus daar hoefde niemand zich ook maar enige zorgen over te maken. Scott Evergreen zocht daarentegen altijd datgeen op wat nog op het randje van acceptabel lag, wat wellicht nog net door de beugel kon (of juist net niet). Hij was niet per se een gewild figuur in de hogere kringen, afgezien van zijn amusementswaarde en good looks. Hij was een schrijver van boeken die voornamelijk huisvrouwen aanspraken, en die huisvrouwen toonden zich openlijk uit de lagere klassen en wellicht wat minder openlijk uit de hogere. Och, hij had genoeg fans en had heel wat leerlingen die later invloedrijk bleken te zijn opgeleid, maar hij herinnerde zich de helft toch niet (de andere, invloedrijke helft meestal wel, overigens) en was doorgaans teveel met zichzelf bezig om veel mee te krijgen van ingewikkelde politieke verhoudingen of taboes die bij bepaalde personen niet doorbroken mochten worden. Zoals het wellicht een taboe was om midden in de nacht via de regenpijp omhoog te klimmen naar het balkon van Miss Zaira Silvershore. Voor een moment liet Scott zijn blik over haar heen glijden. Ze stond een etage boven hem in het halfduister, maar het was onmiskenbaar Zaira. Het was niet alleen een toevallige schittering van haar ogen of de vrolijke glimlach die ze hem zo onbezonnen toewierp, maar ook haar houding. Ze wierp hem een handgebaar toe wat hem vroeg om naar boven te komen, en voor een moment keek Scott naar de regenpijp van het statige huis. Hij had een van zijn vliegende paarden bij zich, maar die zou hij nooit zo kunnen manoeuvreren dat hij gemakkelijk bij het balkon kon komen. Nee; klimmen was zijn enige optie. Het moest niet heel lastig zijn – hij was redelijk atletisch, deed aan zwerkbal en hardlopen, en zo ver was het nu ook weer niet. Hij keek even om, voor het geval iemand toevallig het huis in de gaten hield, voordat hij zijn voet op de schroefdraad van de regenpijp zette waarmee deze in de buitenmuur was verankerd, en begon te klimmen. En, redelijk tot zijn verbazing, maar waarschijnlijk nog meer die van Zaira, gebeurde er niets. De regenpijp werd niet zo warm dat hij hem niet meer kon vasthouden; er was geen afstootspreuk over uitgesproken en er gingen (voor zover hij kon horen) geen alarmen af of waterdouches aan. Het was een gewone regenpijp, alsof die was gemonteerd aan een heel gewoon huis, die het blijkbaar fysiek mogelijk maakte om naar boven te klimmen. Dit was een beetje vreemd, en had Scott waarschijnlijk ook zo moeten voorkomen - als hij niet al wat had gedronken en het hem op dit moment ook zeer weinig kon schelen, als het resultaat er maar naar was. Wellicht waren de Silvershores gewoonweg niet voorbereid op mensen die probeerden in te breken zonder het gebruik van magie. Scott kwam dan ook met een triomfantelijke grijns bovenaan, waarbij hij zich soepel over het hekwerk van het balkon liet heen glijden. “Ik geloof dat je de ‘Romeo, oh Romeo, wherefore art thou Romeo’ bent vergeten” sprak hij ietwat hees en bij wijze van begroeting, lichtjes buiten adem. Voor een moment keek hij haar aan, heus wel van plan om naar binnen te stappen, heus wel bij zinnen dat het te zot voor woorden zou zijn om… maar hij had haar gemist, echt gemist, en dus trok hij haar naar zich toe en drukte hij zonder er verder bij na te denken en met de lichtzoete alcoholsmaak nog op zijn tong, open en bloot op het balkon dat uitkeek over het hele magische pleintje in Londen, zijn lippen hunkerend op de hare.
  11. Dinsdag 14 maart 1837 Silvershore mansion in London, iets na twaalven. Het was nacht. Het was nog niet echt heel erg laat; het was meer dat Scott Evergreen al redelijk vroeg begonnen was met drinken. Niet dat hij dronken was – wel wat aangeschoten wellicht, net genoeg om dat beetje voorzichtigheid dat zijn karakter kende met een redelijke directheid uit de deur te gooien. Het was meer dat hij altijd zo druk was, constant bezig met reizen tussen Zweinstein, Cambridge, zijn huis in Londen en Knighton, altijd maar aan het werk om zijn lessen voor te bereiden, bijzondere planten te verzorgen, zijn manuscript verder te schrijven en zijn fanmail te beantwoorden – voornamelijk dit laatste had natuurlijk prioriteit – dat hij zijn vrienden, familie, zijn liefje, nauwelijks zag. Maar vandaag had een van zijn beste jeugdvrienden een langverwachte promotie gekregen bij de Ochtendprofeet, en dus had hij zichzelf plotseling om twee uur ’s middags in een bar bevonden. Nu kon Scott wel wat hebben, had wellicht wat weg van een ‘professioneel alcoholist’ als dat een welbegeerde titel zou zijn, maar het gepraat en gelach met zijn vrienden over vroeger had zijn gedachten doen afdwalen naar heden en toekomst; en dat liefje, die daar op het voorgenoemde lijstje had gestaan. Vroeger had hij er vele liefjes op nagehouden, ook naast zijn huwelijk, maar als hij het aan zichzelf zou moeten toegeven was er tegenwoordig maar één in zijn gedachten. Het was wellicht omdat ze zichzelf niet geheel prijsgaf, zowel in woorden als in daden, dat hij zo naar haar verlangde. Maar het waren ook andere kwaliteiten die Zaira Silvershore zo aantrekkelijk maakten. Haar betoverende lach; de uitdagende schittering in haar ogen; dat begeerlijke lichaam.. en ook een vleugje van iets dat hij niet geheel kon verklaren. Iets wat hem op zijn gemak deed voelen, wat zijn dag spontaan beter maakte als hij haar zag… Maar dat laatste was het probleem, want hij had Zaira alweer enkele weken niet gezien. Och, ze schreven, en dat ging er soms redelijk pikant aan toe. Maar ze had natuurlijk haar reputatie om aan te denken, en ze konden niet al teveel samen en public worden gezien. Mocht Scott die extra paar glazen vuurwhisky niet hebben gedronken, dan had hij het ook nooit aangedurfd om het risico te nemen haar onaangekondigd op te zoeken. Maar zoals dit verhaal loopt, had hij die glazen echter wel gedronken, en bevond hij zich op dit moment op het imposante plein in Londen waar een van de huizen van de Silvershores aan was gevestigd. Zaira had hem tussen de regels door in een van haar brieven verteld waar haar kamer ongeveer was, net zoals ze hem had verteld dat ze dit tripje naar de stad met slechts een klein deel van haar familie zou ondernemen – en dus liep Scott, wellicht een tikkeltje onvast, richting het pand, zijn olijfgroene ogen omhoog gericht. Er leek in enkele van de kamers een zwak licht te branden, wellicht van een haardvuur of andersinds, maar voor de rest was het grote pand van binnen donker. Vorige keer dat hij hier was geweest had hij gewoonweg aangeklopt en was hij door iemand van het personeel binnengelaten, maar gelukkig was hij helder genoeg om te bedenken dat dit op dit uur waarschijnlijk wel anders zou zijn. Nee; in plaats daarvan keek hij voor een moment om zich heen, voordat hij zich bukte om een handvol keitjes van de met grind bezaaide oprijlaan op te rapen. Voor een moment kneep hij zijn ogen tot spleetjes terwijl hij de afstand inschatte, iets wat altijd ietsje moeilijker ging als je al wat had gedronken, voordat hij met gestrekte arm het eerste kiezeltje tegen het raam gooide waarvan hij dacht dat het de goede moest zijn. Tik. Hij had niet zo hard gegooid dat het raam was gebroken gelukkig, maar had na eventjes wachten ook niet het gewenste resultaat. Misschien was ze toch niet thuis – dat kon – of wellicht werd hij zo gearresteerd omdat hij midden in de nacht stenen op het slaapkamerraam van de voorzitter van het Magisch Verbond aan het gooien was. Om de een of andere manier kwam hem dat zo grappig voor dat hij even hardop moest grinniken. Tik. Tik-tik. OOC: Met Kelly e.a. <3
  12. [1836/1837] Love may be blind, but jealousy has 20-20 vision.

    “De vraag is eerder of jij mij aankan” sprak Scott uitdagend, die Zaira aankeek met een twinkeling in zijn olijfgroene ogen. “En durven.. hmm..” Hij trok haar extra dicht tegen zich aan, voordat hij het paard op een bepaalde manier aanspoorde en ze plotseling een duikvlucht naar beneden nam. Hij grijnsde breed, hield van het avontuur en de spanning die Ilithia hem gaf, en het gevoel van Zaira tegen hem aangedrukt was daarnaast ook verre van onaangenaam. “Maar ik vrees dat de tijd op is, en ik je moet terugbrengen voordat je in een pompoen verandert” fluisterde hij in haar oor, toen zijn schimmel haar enorme vleugels wederom uitsloeg en ze weer in horizontale positie kwamen. Ilithia brieste zachtjes en strekte voor een moment haar lange nek. Scott spoorde haar aan, net zo lang totdat ze verder daalde en daalde. “Maak je klaar voor de landing!” sprak hij opgewekt, net voordat haar hoeven de grond in een daverende galop raakten en hij het paard tot een langzame draf terugbracht. De lichtjes van Zweinsveld twinkelden in de verte en kwamen langzaam dichterbij. “Zal ik je snel weer zien?” vroeg hij haar zachtjes, terwijl zijn lippen een zacht plekje in haar hals vonden en hij haar kuste. “Deze keer duurde wel erg lang…”
  13. [1836/1837] Love may be blind, but jealousy has 20-20 vision.

    Hij spoorde Ilithia aan, totdat hij haar toestond om haar enorme vleugels uit te vouwen en ze het luchtruim betraden. Het bleef een bijzonder gevoel, die pit in onderin je buik, zodra de gevleugelde schimmel hoogte nam en kou van de donkere lucht langs hun oren begon te fluiten. Scott vouwde zijn mantel nog wat dichter om hemzelf en Zaira heen en zorgde ervoor dat ze stevig tegen hem aan zat geleund – iets waar hij zelf niet heel erg veel moeite voor hoefde te doen, overigens. Hij was zich erg bewust van haar hand op zijn knie, en ving haar andere hand op zodat hij zijn vingers door de hare kon haken. Het voelde verre van verkeerd aan, zij tussen zijn benen op de warme paardenrug. Zodra hij zijn blik redelijk kon afbuigen zonder dat ze enige objecten zoals bomen zouden kunnen raken, liet hij deze over haar glanzende haren glijden, over haar ranke nek. Plotseling wilde hij niets lievers dan zich naar voren buigen, dan zijn lippen op haar zachte huid te plaatsen. Dat was echter precies het moment dat ze zich omdraaide. Zaira zag er zo gelukkig uit, dat Scott als vanzelf vrolijk moest lachen om haar verwonderende uitdrukking in haar glanzende ogen. “Ergens ver weg” antwoordde Scott rustig, al klopte zijn hart wild. Hij sloeg een arm om haar middel en kreunde even zachtjes toen ze zijn hals begon te kussen. Hij boog zich naar voren en gaf haar een zacht, verlangend kusje op haar voorhoofd terwijl hij haar met moeite liet doorgaan. Nog even en hij zou het paard vrijwillig ter aarde laten storten, om ergens een stil plekje op te zoeken om haar eer te bezoedelen. “Je bent zo verschrikkelijk mooi” verzuchtte hij hees in haar oor. Scott hoefde zich in ieder geval geen zorgen meer te maken dat hij het koud zou hebben, want haar handelingen deden het bloed in zijn aderen koken. En ondertussen ging het paard maar steeds weer zachtjes op en neer, wat haar zachtjes tegen hem aan deed schommelen. Hij liet de hand die hij om haar middel had geslagen wat naar boven glijden, totdat hij lichtjes vlak tegen haar borst bleef aanliggen, wachtend op toestemming om door te gaan. “En uitdagend. Sexy, ook.” Zijn lippen gleden af naar haar oor, alsof hij wist wat ze dacht. “Iedere man zou gelukkig zijn om jou de zijne te kunnen noemen.” Of hij daartoe plannen had? Nuja, hij kon niet ontkennen dat het nooit door zijn hoofd was geschoten. Maar een Silvershore midden in de nacht van een feestje ontvoeren ter uitvoering van dat soort plannen? Dat eh.. ging nou ook wel weer erg ver.
  14. [1836/1837] Love may be blind, but jealousy has 20-20 vision.

    Leeftijdsverschil? Ach… Het was niet dat hij ooit zou vallen op een vrouw van zijn eigen leeftijd, en al was ze inderdaad wel wat jong - ze was een Silvershore die meer levenservaring leek te hebben dan goed voor haar was. Hij merkte het nauwelijks aan haar manier van spreken en doen, behalve dat de familie meer invloed op haar had dan hij eigenlijk zou hebben gewild. Maar het was gedeeltelijk haar aantrekkingskracht, die band met de Silvershores… het gaf datgeen wat er tussen hen speelde, wat je het ook noemen wilde, toch dat kleine stukje extra spanning en sensatie. En Scott hield van spanning en sensatie – hij was spanning en sensatie zelve, altijd op zoek naar de uiterlijke eindjes van het moreel kenbare en dan nog een stukje verder. Hij zou haar nooit dwingen, maar ook nooit laten lopen; zoals deze gelegenheid maar al te goed liet zien. En Zaira… och. Hij schonk haar een duistere blik vol lust bij de opmerking over haar nagels, en ook bij hem gingen zijn gedachten terug naar die prachtige grot, bij de watervallen, haar natte lichaam tegen hem aan, en… Het zou lastig worden niet woord bij daad te voegen en haar daadwerkelijk te ontvoeren. Ze was onder de indruk van zijn paard, en ook dat kon hij waarderen, want de gevleugelde schimmel was een van die dingen die tot zijn grote trots behoorden. “Ze heet Ilithia” sprak Scott zachtjes, terwijl hij een hand op de warme nek van de Granische Grijze legde. Haar dunne huid trilde lichtjes onder zijn vingers. Ilithia brieste toen Zaira haar over de neus aaide en Scott glimlachte. Hij trok zijn wenkbrauwen op bij haar opmerking maar controleerde nogmaals het zadel en hoofdstel, voordat hij haar hielp op het paard te klimmen. “U zult u ontvoerder niet horen klagen” antwoordde hij vrolijk, voordat hij soepel zelf in het zadel klom. Hij had Zaira voor zich neer gezet en pakte de teugels op, waardoor zijn armen haar aan weerszijden ontsloten. Ze kon werkelijk geen kant meer op, met als voornaamste reden natuurlijk dat ze niet zou vallen. “Ben je er klaar voor?” vroeg hij zachtjes in haar oor, terwijl hij haar tegen zich aan voelde leunen. Het voelde fijn om haar zo dichtbij te hebben, om haar haren in zijn gezicht te voelen kriebelen. Zonder op antwoord te wachten zette hij Ilithia in beweging in een vlugge draf richting het einde van het dorp. De merrie schudde voor een moment haar hoofd en strekte een van haar enorme vleugels uit, maar vouwde deze vervolgens weer op en voldeed aan zijn instructies. “Heb je wel eens eerder gereden? Of is dit de eerste keer?” Scott concentreerde zich voor een moment op de weg om een lantaarnpaal te ontwijken en boog zich vervolgens naar voren om in haar oor te fluisteren. “Hoe dan ook, je zal je maar goed moeten vasthouden als het op een echte ontvoering lijken moet.”
  15. Woensdag 18 januari 1837 Kas 4 Het was een gewone, grijze woensdagochtend, sneeuw lichtjes neerdalend uit de hemel. Scott had door de zware sneeuwval enkele van zijn lessen de afgelopen weken moeten verplaatsen en steeds weer de ingewikkelde spreuken over de kassen moeten vernieuwen in een poging het glas te beschermen tegen de metershoge witte vlokkenmassa. Sneeuw was leuk en wel om naar te kijken – maar op enig punt werd het allemaal alleen nog maar lastig. Ondanks alle moeite was het na de theorielessen in het kasteel echter wel weer tijd voor wat praktijkwerk waarbij de vingers heus wel een beetje vies mochten worden, anders zouden de lessen Kruidenkunde toch hun goede naam een beetje verliezen. En dus had hij met behulp van de Terreinknecht en zijn collega’s een waar pad van Zweinstein richting de Kassen uitgehold, waarbij de sneeuw op sommige plekken boven je hoofd reikte en zelfs een soort gangenstelsel was gecreëerd om het Terrein te kunnen trotseren. Morgen zou het waarschijnlijk allemaal voor niets blijken te zijn geweest, maar vandaag zou het in ieder geval van pas komen. De Bekende Tovenaar had Kas 4 omgetoverd tot een waar bloemenfestijn, en bij binnenkomst walmden de verschillende bloemengeuren je tegemoet. Het waren uitgestrekte en net bijgehouden bloembedden, met wilde en gekweekte bloemen door elkaar, hun blaadjes zachtjes en (wellicht van de meesten) ietwat onheilspellend trillend in de warmte van de kas. “Welkom, welkom” sprak Scott grijnzend, toen hij de ‘oohs’ en ‘aahs’ van de vierde-, vijfde-, zesde- en zevendejaars mocht ontvangen, die na een half uur zich door sneeuw te hebben geploeterd nu de warmte en overdadig kleurenfestijn van de Kas mochten aanschouwen. “Jassen, sjaals en mutsen graag daar in de hoek, bij de kachel.” Hij wachtte ietwat ongeduldig tot ze hun dikke mantels hadden afgewikkeld en hem stomend tegemoet kwamen. Het was ook wel heel koud en nat buiten. Enthousiast wreef de Kruidenkundeprofessor in zijn handen. “Zoals jullie zien, heb ik vandaag een ware traktatie voor jullie op het programma staan – een waar bloemenfestijn. Omdat het volgens de Professoren Johnson een goed idee is als zowel de dames als heren onder jullie enig idee hebben van wat respectabele bloemen zijn om als boeket aan iemand te geven, en welke niet – en dan heb ik het nog niet eens over welke je vingers eraf bijten wanneer je een verkeerde keuze maakt.” Hij glimlachte onschuldig. “Kan iemand mij enkele bloemen en hun betekenis als gift in een boeket noemen, om maar eens een voorbeeld te geven?” Hij zweeg even en voegde er toen aan toe; “Rozen, bijvoorbeeld? Of een andere bloem?” OOC: Les voor de vierde-, vijfde-, zesde- en zevendejaars!
×