Jump to content

Scott Evergreen

Afdelingshoofd Zwadderich
  • Content count

    182
  • Joined

  • Last visited

  • Days Won

    4

Scott Evergreen last won the day on November 22 2018

Scott Evergreen had the most liked content!

About Scott Evergreen

  • Rank
    You don't know me? Just... I'm really famous, okay?

OOC Profiel Informatie

  • Membergroups
    HH
  • Naam
    Dails

Profile Fields

Recent Profile Visitors

1,699 profile views
  1. [1838] The Cry of the Augury

    Soms vond hij Zaira veranderd sinds hij haar het aanzoek had gedaan. Daarvoor was ze zo vrij, zo avontuurlijk. Nu had ze soms nog steeds dezelfde glinstering in haar ogen, maar het was anders… door haar strenge familie, de afkeurende blikken die hen nooit leken te verlaten. Als hij haar voor zich alleen had wat ze in ieder geval wat vrijer, wat minder correct. Hij hield niet van correct en had zich nooit willen inlaten met of conformeren aan de rijke en elitaire tovenaarsfamilies. Maar met Zaira was er geen andere keuze geweest. Het was alles of niks… en Scott was altijd een man geweest die dan maar voor alles ging, al had dat lang niet gegolden voor zijn keuze in vrouwen. “Hmm… ik moet zeggen dat het mij ondertussen weinig meer kan schelen in wat voor vorm we gaan trouwen” sprak hij, ietwat plagend, maar de onderliggende toon niet geheel schertsend bedoeld – namelijk, dat hem met haar jawoord een bruiloft had beloofd, en ze hem toch wel een beetje aan het lijntje hield door de schuld bij haar familie te leggen. Maar hij werd gelijk ‘gestraft’ doordat ze in zijn oor beet en grinnikend, genoegen nemend met het gebaar, zoog hij speels even op de blanke huid in haar nek, net niet voldoende om blijvende tekenen achter te laten. “Ik geloof dat je toch niet helemaal de nette Lady bent die mij bij het aangaan van deze verloving werd beloofd” sprak Scott zwoel, terwijl hij haar wat dichter tegen zich aantrok. “Een dief in de nacht, hmm? En nog behendig ook…” Nee, hij was heus niet vergeten op wat voor wijze ze op vakantie die muur beklommen had! Lustig maakte hij het spoor van kusjes af over haar ranke hals, haar wang, haar volle lippen… Zachtjes beet hij op haar onderlip, voordat hij de kus verbrak. “Nu, je hebt in ieder geval mijn hart gestolen” mompelde hij tegen haar lippen, zachtjes grinnikend om zijn eigen woordgrap.
  2. [1838] The Cry of the Augury

    Vrijdag 31 Augustus 1838 Augury Concert Hall Benefiet- en openingsconcert van het seizoen Op enig moment was hij de tel kwijtgeraakt. Vroeger hield hij het bij, de hoeveelheid vrouwen met wie hij had gezoend, met wie hij verder was geraakt. Hij was daarmee gestopt toen hij met Michelle was getrouwd, had zijn schriften in een doos gestopt en er niet meer naar omgekeken (maar niet weggegooid). Hij had gedacht dat hij enkel nog háár wilde. Ze was de mooiste vrouw die hij ooit had gezien, half glamorgana met lang, glanzend blond haar en blauwe ogen. Ze was Frans en van rijke afkomst, met een blik die iedere man in een enkel moment betoveren kon. En hij was door haar betoverd geweest, had van haar gehouden. Maar de jaren waren voorbij gegaan en ondanks dat hij zo van haar hield, bleek dat niet genoeg. Er waren zoveel anderen die óók zo’n blik in hun ogen hadden, zoveel meer wilde avonturen te beleven dan enkel met haar. En toen had hij op die ene avond haar met een ander in bed aangetroffen en was zijn hart gebroken. Jaren later hadden ze de situatie geprobeerd te lijmen, maar het bleek niet meer voorbestemd. Nee, hij was de tel kwijtgeraakt. Hij was ook na Michelle niet meer begonnen met tellen en nu was er maar één die telde en dat was Zaira. Maar er was iets anders wat hij wel tellen kon, al was zijn informatie op dat punt beperkt; het aantal kinderen dat hij had verwekt. Met Michelle was dat niet makkelijk gebleken en nooit had een van die ontelbare vrouwen hem van enige bastaarden op de hoogte gebracht dan in twee instanties. De ene was een hoer, niet al te lang geleden – maar die had hij toch nauwelijks vertrouwd dat de informatie waar zou zijn. Maar de andere was een hooggeboren meisje geweest toen hij nog maar net op Zweinstein had gewerkt. Ze was de reden geweest dat hij de promotieplek in Frankrijk had aangenomen, dat hij was gevlucht naar het buitenland om haar en haar familie niet onder ogen te hoeven komen. Zij was alles kwijtgeraakt en hij was een leven begonnen met Michelle, tot alles uit elkaar was gevallen en hij had moeten terugkeren. En hij wist wie haar zoon was – wie zíjn zoon was, de bastaard die hij nooit zou erkennen. Hij had de jongen lesgegeven gedurende zeven lange jaren op Zweinstein en had haar familie beloofd dat hij nooit contact zou opnemen of meer in de buurt zou komen dan strikt nodig was. Het was een schande. Een geheim. En toch bevond hij zich nu in de Augury Concert Hall, toebehorend aan de Cadwgans. Hij wist niet precies waarom de Silvershores hun privé-lodge vandaag niet gebruikten, al kon hij ernaar gissen – hij mocht dan geen contact mogen opnemen met de jongen zelf, toch was hij matig geïnteresseerd over wat er tegenwoordig over de familie in de kranten verscheen. De reputatie van de Cadwgans was een deuk toegediend door een of ander huwelijksschandaal waar bastaarden bij betrokken waren. Nog meer bastaarden. Was het zijn schuld, dat een bastaard meer bastaarden verwekken zou? In ieder geval kwam het hem wel uit, want nu hadden hij en Zaira de hele lodge voor zich alleen. En het was donker, met slechts een enkele kaars tussen hen in, de muziek was hemels, ze hadden al wat drankjes op en ze had dit aan hem voor zijn verjaardag gegeven, en dus was hij haar.. dankbaar. “Hmm… je ruikt zo lekker” mompelde Scott in haar oor, zijn lippen in haar nek terwijl zijn hand over de dure, rijkbewerkte stof van haar jurk gleed. “Het is zo jammer dat dit alweer het laatste nummer is, want anders wist ik wel wat ik met je wilde doen…” En morgen moest hij alweer terug naar Zweinstein... Gelukkig was er straks ook nog een feestje, al was dat vast iets minder privé. OOC: Met Kelly! <3
  3. [1837/1838] Greenhouses are forever green

    “Hmm” sprak Scott kritisch, die zijn blik op zijn collega liet hangen en vervolgens de rest van zijn drankje achterover sloeg. “Daar moet wel iets op te vinden zijn – met uw toestemming, uiteraard. Wanneer alles weer wat rustiger is dan zal ik u een uitnodiging sturen en u zal die accepteren, en dan zullen we wel eens zien waar ons probleemoplossend vermogen ons brengt.” Hij grinnikte even in zichzelf, al hield hij zich voor de rest in; de man moest nu toch wel rond de dertig zijn! Hij wist wel dat sommigen zich… bewaarden voor de juiste persoon, of hoe dat dan ook werd genoemd, maar dat was natuurlijk flauwekul, een codewoord voor onkunnen in plaats van onwil. Hoe het dan ook zat, Professor Grey leek toch echt wel in de eerste categorie in plaats van de tweede te vallen. En natuurlijk was dat niet zijn probleem om op te lossen, maar de man was wel.. hm. Aandoenlijk. Iemand die naar hem luisteren zou en met wie (en om) hij nog zou kunnen lachen ook en waar hij best vrienden mee zou kunnen worden. “Het spijt mij ten zeerste, maar ik heb nog een hele stapel huiswerk wat ik nakijken moet” sprak Scott zuchtend, terwijl hij zijn blik liet hangen op de hoge stapel perkament op zijn bureau. “Maar.. hm. Wacht. Ik heb misschien nog wel iets voor u.” Hij stond op en liep naar een lange, ietwat wankelende ladder, welke hij vervolgens tegen een van de glazen muren positioneerde. Hij stapte enkele treden omhoog om een klein plantje in een miniscuul donkeren aarden potje, welke daar was ophangen aan ruw touw, los te maken van de kluwen waar het in was verstrikt. Trots kwam hij met het plantje naar beneden, welke hij voorzichtig voor Professor Grey op tafel deponeerde. “’Fata Quietas’ – het klinkt wat dramatisch” sprak Scott grinnikend. “Maar in realiteit is het best onschuldig, nuja… zo lang u de gestampte wortels van het plantje niet in uw voedsel krijgt, want dan moet u direct naar de ziekenzaal. Maar hang het ergens veilig en hoog op in de omgeving van uw bed, en in dat geval heeft het 's avonds een rustgevende werking.” Scott gleed even onnadenkend met zijn hand door zijn haar en glimlachte vriendelijk. “Dat was waar u naar op zoek was, toch?”
  4. A Silvershore by any other name

    Scott zou zichzelf verloochenen als hij een beetje pracht en praal niet zou waarderen. Hij wist heus wel dat de grote koetsen met de gevleugelde paarden niet voor hem waren gestuurd maar voor Zaira, maar het waren nu eenmaal prachtige beesten en dat was bijna alles waar hij over kon praten op de heenreis. Hij zat niet achter Zaira aan voor het geld, hoor! En het was niet dat hij zelf niet genoeg had. Maar het was een fijne bijkomstigheid dat er puurbloed Abraxas-paarden ter beschikking waren gesteld om naar een familie-uitje te gaan. Verzachtte de omstandigheden van het familie-uitje ook wat. Eigenlijk was hij nogal zenuwachtig om Thomas en Eric Silvershore weer onder ogen te moeten komen. “Je ziet er fantastisch uit” fluisterde Scott in Zaira’s oor, op de gelegenheid aangekomen – want dat was tenminste iets wat hij kon. Complimentjes geven, in het middelpunt van de aandacht staan… dat waren dingen waar hij goed in was. “Zoals altijd, natuurlijk.” Hij grijnsde afgeleid, een warme blik in zijn olijfgroene ogen, en kneep zachtjes in haar arm. “Ik weet zeker dat het goed komt.” Ja, dat wist hij zeker; want Scott had natuurlijk geen idee van alle geheime agenda’s die vandaag de revue zouden passeren. “Wat een prachtige kinderen” sprak de schrijver vleiend, terwijl hij zich over het wiegje boog waar Vasilissa en Eric Silvershore bij stonden terwijl ze tweeling uitstalden voor het aanwezige publiek – maar Zaira trok hem al gauw weer mee naar haar vader. Nu vond hij het natuurlijk niet echt een probleem om niet in de buurt van Eric te zijn, maar om die dan vervolgens in te ruilen voor Mr. Silvershore zelf… “Goedemiddag” sprak Scott ietwat afstandelijk, al maakte hij natuurlijk de verplichte buiging. “Hoe maakt u het?” Iets doen? Hij wilde niets doen! Maar misschien zou die vraag alleen voor Zaira gelden. Ondertussen gleed zijn blik naar de andere kant van de ruimte, waar hij plotseling Hunter en Lucia door de deur zag komen. Ah. Dit werd een ware Griffoendor reunie.
  5. [1837/1838] Ice, Ice, Baby

    Ze wist wat ze deed? Als in; ze beklom wel vaker in het halfduister ingestorte wanden van ijs? Dat was op zijn minst eh… interessant te noemen. Scott krabbelde overeind terwijl hij keek hoe Zaira weer lenig naar beneden klom. Misschien kregen alle Silvershores een opleiding tot muurklimmen? Eric had er ook al wat van gekund… “Nee, nee, volgens mij ben ik nog heel” sprak hij ietwat schor, terwijl hij zijn toverstaf op de grond vond en deze opraapte. Hij zat onder het gevallen sneeuw en ijs, maar voor de rest was er niets mee aan de hand. "En jij? Je hebt wat sneeuw in je haar..." Hij boog zich naar voren om het eruit te plukken en glimlachte ietwat schuldbewust. "Ik eh.. ik geloof dat dit mijn schuld is” sprak hij, ietwat terughoudend. “Mijn verontschuldigingen daarvoor. Ik moet wel zeggen… ik denk dat we een nieuwe soort hebben ontdekt! Ik zal het moeten verifiëren als we hieruit komen, maar dan vernoem ik ‘m naar jou!” Zijn verheugde gezichtsuitdrukking verviel iets terwijl hij nogmaals rondkeek. “Áls we hieruit komen. Denk je eh.. dat Eric snel zal komen?” Hoewel hij nou ook niet per se in deze omstandigheden zijn toekomstige schoonbroer ontmoeten wilde.
  6. [15+][1838/1839] Midzomernacht 4 - Royalty

    Het type vrouwen wat rondstruinde in het feeënbos, de kleine wezentjes aanschouwend? “Vrouwen die van donkere, mysterieuze tuinen houden waar feeën in ronddwarrelen” sprak Scott alsof dat het meest logische was in de wereld, fronsend met zijn wenkbrauwen. “Dat zijn in de meest grove zin van het woord alle vrouwen waar u in de regel mee van doen wilt hebben.” Of nuja – voor Scott Evergreen was er toch geen vrouw die hij zou begeren die niet van wat mysterie hield. Zelfs Zaira zou wellicht niet per se de feeën in het feeënbos willen aanschouwen, maar dat was nu ook niet bepaald de enige reden om het feeënbos in te gaan; doch op het moment wellicht wat teveel informatie voor Professor Grey. Scott hield het gesprek dus voor nu maar luchtig en over feeën. “Als ik u was zou ik gewoonweg voor een exemplaar gaan waarvan u denkt dat ze u aanspreekt. Probeer iemand in een van de groepjes aan te spreken – de vrouwen die alleen zijn, zijn hier waarschijnlijk met een eh.. andere reden. Maar het is ook weer geen goed idee om haar aan te spreken in de groep zelf; het zou het beste zijn om te wachten tot ze zich wat afzijdig heeft gehouden. U kunt daarvoor wel al oogcontact maken, uiteraard.” Scott grinnikte toen Grey begon over zijn beginzin, maar wist zijn gezicht weer in de plooi te krijgen. “Als u graag over toverdranken praat, dan lijkt me dat een perfecte zin. Nu.. ik denk dat de tijd rijp is dat u het eens gaat proberen.” Hij opende het hek van de feeëntuin en positioneerde zichzelf en Professor Grey op een gunstige hoek, waar ze wel konden zien zonder al te gemakkelijk gezien te worden. “Waarom kiest u niet iemand uit van dat groepje daar?” En hij knikte richting een groepje dames, welke zojuist de feeëntuin via een andere ingang waren betreden. “Ik zou zelf gaan voor de tweede van achter” sprak hij keurend, terwijl hij zijn groene ogen professioneel schattend over de dames liet glijden. Natuurlijk was niet heel veel van hen te zien, door het schemerduister van de glinsterende lichtjes en de maskers die iedereen droeg, maar er was al veel af te leiden van houding en manier van lopen – en kledingkeuze, uiteraard. “Maar die is voor u wellicht ietwat te hoog gegrepen.”
  7. [15+][1838/1839] Midzomernacht 4 - Royalty

    “Aha” sprak Scott, die na tien minuten in het gezelschap te zijn verkeerd van Professor Grey nog steeds probeerde in te schatten of het op sleeptouw nemen van zijn collega een fout was geweest of onder het label ‘leuke activiteiten’ viel. Kijk… misschien miste hij het flirten met vrouwen gewoon, oke! Hij was nu verloofd en moest trouw blijven aan Zaira anders zouden de Silvershores hem vermoorden, blablabla. Grey had daarentegen tenminste nog zijn hele leven voor zich, kon doen wat hij wilde! En dat was natuurlijk precies ook het probleem; want ookal zag hij er wellicht niet slecht uit, de man was gewoonweg een beetje soft, een beetje saai, nogal onhandig en vooral een beetje onzeker. Tijd om eens een poging te doen dat te veranderen. In ieder geval was dat met zijn uiterlijk gelukt. Scott had hem een van zijn bronskleurige mantels geleend en was zelf voor zilver met donkergroen gegaan – een accent wat de kleur van zijn eigen ogen alleen maar meer accentueerde. Het masker van de man kon er daarnaast wel mee door, al bleef hij er maar aanzitten zodat het steeds scheef op zijn gezicht bleef plakken. Scott hield uiteindelijk stil onder een van de laatste bomen voordat ze het kasteel zouden betreden, en trok Grey aan zijn arm zodat hij zijn voorbeeld zou volgen. De professor knipte met zijn vingers en er verscheen een huiself, die hem stilzwijgend twee drankjes overhandigde in ruil voor een sikkel. Hij beantwoordde Grey’s vragende blik met een nonchalante beweging van zijn schouders en duwde hem een drankje in handen. “Het heeft zo zijn voorrechten om beroemd te zijn” sprak hij grinnikend, voordat hij een blik op het kasteel wierp. “Oke… Ik weet niet of u als verbloemist ook wel eens iets met de feeëntuin heeft gedaan, maar het is doorgaans een terugkerend thema van de Midzomernachtfeesten” sprak Scott op samenzwerende toon, terwijl hij richting de tuin wees waar vele duizenden kleine lichtjes zacht zoemend rondfladderden. “En dat maakt het dan ook al jaren de beste plek om vrouwen te versieren. De balzaal… ach, daar is iedereen zo formeel, dat kan ook niet anders doordat het zo publiekelijk is. Soms is dat een voordeel, maar meestal…” Hij grijnsde. “Daar binnen… daar is alles donker, behalve het licht van al die schattige feetjes. Vrouwen houden daarvan.” Hij wierp een blik op Grey. “En u misschien ook wel. Oke… we gaan zo daar naar binnen, we lopen een klein rondje en dan kiest u iemand uit en probeert u het maar een keer. Als het goed gaat, vertel haar dan u over een uur te ontmoeten in een van de torens. Dat uitzicht… daar kan vast geen enkele vrouw een nee aan verkopen. Als het fout gaat… nuja.” Hij haalde zijn schouders op. “Dan probeert u het gewoon nog een keer.” Scott zette een paar passen richting de feeëntuin. “Ik zou een beginzin overigens alleen aanraden als u zich eh.. comfortabel genoeg voelt om die te gebruiken” voegde hij eraan toe, een ietwat sceptische blik in zijn olijfgroene ogen. “Had u misschien al iets in uw hoofd? Is er iets wat u vaker gebruikt?” Dit kon toch nog wel lachen worden.
  8. [1837/1838] Greenhouses are forever green

    “Spijt? Hmm…” Scott kneep zijn olijfgroene ogen voor een moment samen terwijl hij nadacht, zijn blik gericht op een van de vleesetende tulpen die erg veel moeite deed een vlieg te vangen. “Ik weet niet of dat het goede woord is. Al moet ik zeggen dat ik dat gevoel over die beslissingen deel – ook nu zou ook ik weer dezelfde handelingen voltrekken als ik toen heb gedaan.” Of hij opnieuw de man in elkaar zou slaan die hij in zijn echtelijk bed vond met zijn vrouw? Daar kon hij toch niet anders op antwoorden. Dat dat hem zo hypocriet als een glamorgana maakte omdat hij zelf ook zijn gehele getrouwde leven vreemd was gegaan? Nuja… dat was weer een ander verhaal. “En geen zorgen hoor – mocht u behoefte hebben aan groen, dan mag u altijd aankloppen.” Scott grinnikte toen Geoffrey zo blij was een uitnodiging voor zijn huwelijk te ontvangen – ach. Zaira nodigde al de Silvershore kennissen uit; zonder zijn collega’s was zijn zijde van de kathedraal vast maar leeg! Zijn vriendenkring ging er dan nog wel mee door, maar de kennissen die hij had opgedaan in zijn wekelijkse Verdonkeremaansteeg tripjes waren toch wel een ander soort gespuis. En hij had het nog klein willen houden.. maar goed, dat was vanaf het begin een verloren zaak geweest. “Nuja, de vrouw betaalt gelukkig voor het huwelijksfeest, hm?” sprak Scott, ietsje minder tevreden met de hele gang van zaken dan Geoffrey was met zijn uitnodiging. Och, hij hield van Zaira hoor! Het was meer al het gedoe eromheen wat hem tegenstond. En dan vooral wellicht het feit dat hij nog zo lang moest wachten op de huwelijksnacht… Scott nam nog een slok om de herinnering wat minder zuur te laten smaken, maar op dat moment maakte Geoffrey zijn laatste opmerking en kon hij het niet laten hardop te lachen. “Professor Grey” sprak hij, ondertussen een lichte blos op zijn wangen vanwege de whisky. “U wilt mij toch niet vertellen dat u nog nooit.. nuja, in uw woorden; een vrouw heeft bekoort?” En waarom zou een vrouw hem niet kunnen ‘bekoren’? Plotseling ietwat van zijn stuk gebracht staarde hij naar de man, waarbij hij zijn blik voor een moment kort naar beneden liet afglijden. “Is er soms iets eh… mis met u?” Je hoorde wel eens over die arme koorjongentjes in het katholicisme. Snipsnip.
  9. [1837/1838] Ice, Ice, Baby

    Scott was dan wellicht goed in zwoele woorden, in lange strandwandelingen op zeldzaam warme dagen, in weelderige brieven met krullerige letters die dieprode blossen bij de aangeschreven meisjes zouden produceren en in wat handige spreukjes die hem in staat stelden op onverwachte momenten zelfgekweekte rozen uit dure gewaden te laten verschijnen – maar voor momenten waarop daadwerkelijk gehandeld moest worden was hij compleet nutteloos. Die genen had hij reeds doorgegeven, overigens. Ondanks de benauwde situatie voelde hij de (absurde) neiging om Zaira te zoenen toen ze hem zo bezorgd aanstaarde en zijn gezicht zo teder vastpakte, tenmidden van de gevallen stenen en duisternis die hen plotseling omsloot. Hij verlangde gewoon heel erg naar haar! En enige toegang tot haar (of haar rokken) was hem al zo lang ontzegd… “Ik… die ijsbloem…” stamelde de man ietwat van slag, die zijn olijfgroene ogen verplaatste naar de bloem in zijn hand – verbazingwekkend genoeg was deze nog heel, hoewel er een klein krakje zat in een van de bladeren in de linkerbovenhoek. Hij liet zijn blik naar boven glijden toen Zaira hem wees op een klein stipje licht, ergens tegen het hemeldak van de grot. Hij wilde nog iets zeggen maar wist eigenlijk niet precies wat – en zeker niet toen zijn verloofde zo behendig opstond en iets met haar rokken begon te regelen. Ietwat verdwaasd kwam ook Scott overeind, en terwijl zijn ogen nog aan de semi-duisternis begonnen te wennen en hij rondkeek in wat voor benarde situatie ze terecht waren gekomen was Zaira al bijna naar boven geklommen en stelde ze hem een gewetensvraag waar hij het liefst nog iets langer over had willen nadenken. Eric Silvershore was nu niet precies iemand die hij zou rekenen tot personen die hem geliefd waren – al stond hij op een schamele twee, achter de heer des huizes die zich Thomas noemen moest. Aan de ene kant was het slecht nieuws als Eric erachter zou komen in wat voor benarde situatie hij Zaira had gebracht – en hij zou zeker de schuld krijgen, al was het voor de helft Zaira’s schuld geweest (wat het helaas niet was). Daarnaast zou Eric het hoogstwaarschijnlijk ook nog doorvertellen aan zijn vader, en Scott wist niet precies wat die man met hem zou doen als Eric klaar met hem was… waarschijnlijk kon hij maar beter direct emigreren. (Overigens überhaubt geen slecht idee, want hoe meer afstand hij tussen de rest van de Silvershores en zichzelf kon plaatsen kon zijn levensduur alleen maar verlengen). Aan de andere kant was de enige persoon die hen hier waarschijnlijk levend uit zou kunnen halen diezelfde Eric Silvershore. Verhongeren aan Zaira’s zijde of de wraak van Eric en Thomas Silvershore moeten ondergaan? Het eerste was waarschijnlijk het meest veilig. “Eh… ja, doe maar” sprak Scott zwakjes, zichzelf vervloekend. Ondanks dat het wellicht niet de beste optie was, kon hij moeilijk nee zeggen – zeker als hij op dit moment niet ook Zaira tegen zich in het harnas wilde jagen. Om de een of andere reden was en bleef ze verzot op haar broer. “Doe je wel voorzichtig, daar? Ik weet niet of het nu wel zo veilig is om naar boven te klimmen…” Wist hij veel dat Zaira jarenlange ervaring had met inbreken, waaronder mede in zijn eigen huis.
  10. [1837/1838] The smallest handcuffs in the world

    Scott staarde Zaira verschrikt aan toen ze plotseling begon over dat ze de Silvershore naam wilde houden. Pardon? En dan moest hij zijn achternaam maar veranderen in de hare, zeker? Het was al erg genoeg dat hij zich nu plotseling in deze familie moest mengen, upperclass en alles wat ze waren en alles was wat hij niet gewend was – enkel en alleen omdat hij zonodig verliefd moest worden op Zaira en nu met haar trouwen moest! Als hij ook nog eens zijn naam zou moeten opgeven, zijn enige houvast met de wereld die niet bestond uit dure kroonluchters en enorme landhuizen en onbeleefde broers die schouwer waren en hem uit het niets vervloekten…. en daarnaast, zijn naam was geld waard! Hij had hard gewerkt om zijn bestaan als de befaamde schrijver Scott Evergreen op te bouwen, en niemand zou zo gemakkelijk een streep door zijn imperium kunnen zetten! Maar dat zou hij natuurlijk nooit hardop uitspreken. Of nuja… “Wat is er mis met de naam ‘Evergreen’?” begon Scott, terwijl hij zijn stem nog redelijk neutraal probeerde te houden – maar dat was voordat hij werd onderbroken door Mr. Silvershore. Oh, ze dachten ook echt dat zijn huwelijk met Michelle een probleem zou zijn! Maar wisten ze dan niet dat dat al zo verschrikkelijk lang geleden was? Hij had zijn ex-vrouw al in geen jaren en jaren niet gezien! En hij had zoveel vrouwen gehad tussen haar en Zaira… het was niet alsof hij Michelle nog maar enigszins duidelijk op zijn netvlies had staan. Niet echt, in ieder geval. Ze was ooit de liefde van zijn leven geweest, natuurlijk. Maar ook niet meer dan dat. “Ik kan u verzekeren dat er geen sprake is van onzekerheid” sprak Scott, een ernstige ondertoon in zijn stem terwijl zijn blik voor een moment bleef hangen op de beschermende hand die Thomas Silvershore op de arm van zijn dochter had gelegd. De sfeer leek wat veranderd aan tafel… wat kouder, afstandelijker. “Ik heb haar al zeker twaalf- misschien dertien jaar niet meer gezien.” (Dank voor Gian voor het uitrekenen hiervan!!). “En misschien nog wel langer! Ze is vertrokken naar Frankrijk en nooit meer teruggekomen. Alle brieven die ik haar ooit heb gestuurd – die ik haar overigens voornamelijk in het begin van haar afwezigheid heb gestuurd – zijn aan mijn geretourneerd, en ik heb zelfs de ring van haar teruggekregen. Het huwelijk had ook plaatsgevonden in Frankrijk en ik kan mij niet herinneren dat er papieren zijn opgemaakt… U bent dan wellicht de jurist, maar ik zie niet in wat er tussen een nieuwe echtelijke verbintenis van mij en Zaira in staat.” Daarbij mocht Michelle dan wellicht (waarschijnlijk) zijn ex zijn – dat betekende niet dat hij de voorzitter van het Magisch Verbond, en daarmee het gehele Britse Ministerie van Toverkunst op haar af zou willen sturen. Het was voor haar, zoals voor hem, duidelijk genoeg dat het huwelijk over was… waarom zou ze hem anders de ring hebben teruggestuurd? Maar die hand van Thomas Silvershore bleef daar zo beschermend op Zaira’s arm liggen, en hij ergerde zich eraan. “U moet begrijpen… ik houd van uw dochter, Mr. Silvershore” sprak Scott met een licht gefrustreerde, machteloze ondertoon in zijn stem, terwijl hij zich ietwat licht in zijn hoofd voelde en opstond om hiervoor wat te compenseren. “En niets zal mij tegenhouden mijn liefde openlijk in een huwelijksakte aan haar te bewijzen.” Hij richtte zijn olijfgroene ogen ietwat schuldbewust op zijn verloofde. “Tenzij… zij mij natuurlijk niet meer hebben wilt.”
  11. 15+ - Deze twee hebben echt stiekem seks

    Daniel met elke Milf!
  12. [1837/1838] Greenhouses are forever green

    “Ah” sprak Scott medelevend, terwijl hij zijn blik op de man liet hangen, het glas whisky onaangeroerd in zijn handen. “Dat is op zijn minst… vervelend te noemen.” Ook hij zuchtte en leunde wat achterover. “Ik ben ook eens op staande voet ontslagen, moet u weten” voegde hij eraan toe, alsof hij er een moment over na had moeten denken die informatie met zijn collega te delen. “Jaren en jaren geleden, toen ik nog in Frankrijk woonde…” De Kruidenkundeprofessor glimlachte wat bitter en nam toen toch een slok van zijn glas. Toen hij zijn ex-vrouw Michelle had betrapt was er een soort waas over hem heen gevallen en, nuja… dat had ietwat explosieve gevolgen gehad. “Daarna ben ik terug naar Engeland gekomen – en nooit meer weggegaan, overigens.” Hij glimlachte in een poging tot luchtigheid en verplaatste zijn blik naar de vele boeken op de boekenplank, zijn naam glimmend in het licht van de olielampen. Professor Grey kende hem klaarblijkelijk niet; als er één persoon bestond die naast zijn schoenen liep, was het Scott Evergreen wel. Al moest hij zeggen dat zijn verloofde toch wel iets deed om hem wat meer op de grond te houden. “Ik kan u wel van een gesigneerd werk voorzien, mocht u daar behoefte aan hebben” sprak Scott, op een toon die verhulde dat hij leefde in een wereld waarin erg weinig mensen daar geen behoefte aan zouden hebben. “En u bent uiteraard altijd welkom de kennis die u opdoet hier in de praktijk te komen brengen. Tuinieren, in welke vorm dan ook, helpt mensen soms… ziet u. En er is hier ruimte genoeg.” Dat was in ieder geval waar; er waren vele kassen, met vele soorten planten. “Maar als u het eerst vraagt zal ik u wel naar de iets minder gevaarlijke kassen leiden.” Het afdelingshoofd van Zwadderich grinnikte de man toe, voordat ook hij een grote slok whisky nam. “Dankuwel, dankuwel… geen probleem uiteraard. Zaira en ik zijn nu al erg gelukkig. Er zal wel een uitnodiging uw kant op komen, binnenkort… de bruiloft staat gepland voor aankomende zomer.” Tenminste, als de Silvershores hem voor die tijd nog niet hadden omgelegd – je wist het maar nooit. “Groots is inderdaad het woord… vrees ik zo. Van mij had het allemaal niet zo gehoeven, maar ja… dat heb je wellicht, met die Silvershores.” De man glimlachte ietwat wrang. “En neemt u het van mij aan Professor Grey – er zijn vele soorten vrouwen, en vele zijn… op zoek. U bent heus de slechtste niet! Met een kleine make over, wat ander soort kleding, wat verbeteringen aan uw haardracht…” Hij kneep zijn olijfgroene ogen ietwat samen. “Wie weet, en u bent over een paar maanden klaar gestoomd om op mijn huwelijksfeest de liefde van uw leven te ontmoeten!” Hij wierp de man een schertsende blik toe. “De halve magische wereld is toch uitgenodigd, dus… de kansen kunnen toch niet zo klein zijn.”
  13. [1837/1838] Ice, Ice, Baby

    “Hmm…” sprak Scott vaagjes, Zaira’s woorden aanhorende. Oke, oke, ze mochten het feestje niet van haar familie afpakken – al had hij de Silvershores nou niet bepaald als de types ingeschat die nu daadwerkelijk voor feestjes leefden. Even grinnikte hij hardop terwijl hij zich een teleurgestelde, in feestmuts geklede Thomas Silvershore voor zich zag die hun huwelijksfeest net had gemist. Auwtsj. Scott wierp Zaira een flirterige blik toe over zijn schouder toen ze hem ongeduldig noemde, voordat hij zich weer focuste op de bloem. “Met de juiste temperaturen kan hij wel een tijdje goed blijven..” sprak hij, terwijl zijn olijfgroene ogen over het ijssculptuur gleden. Het was werkelijk prachtig, zeker als je bedacht dat het slechts door een wending van de natuur op deze manier bevroren was geworden. “Ik heb gehoord over jaren… maar ik denk niet dat ik over de juiste kassen beschik om zoiets voor elkaar te krijgen. De bruiloft zou toch wel moeten lukken…” Hij boog zich richting de bloem. Deze zat net buiten zijn bereik, vandaar dat hij zijn toverstaf trok en op zijn tenen ging staan. “En anders moet je me toch maar gewoon eerder trouwen.” Hij schonk haar over zijn schouder grinnikend een knipoog, voordat hij een zwiep gaf met zijn toverstaf. Zijn woorden aan Zaira waren nog niet eens geheel weggeëchood toen een onheilspellend, zwaar gekraak door de ruimte begon te bulderen. Het was een geluid wat diep ging, wat je voelde van je opperste kruin tot in de puntjes van je tenen – en Scott, die de bloem opving maar geschrokken opkeek, pakte Zaira’s pols en trok haar met een ruk naar zich toe, dieper de grot in, naar een punt dat relatief veilig leek. Zijn toverspreuk had niet alleen de bloem uit de muur gehakt, maar een diepe breuk in het ijs gemaakt in dat wat een draagmuur had geleken. Alles om hen heen begon te schudden, puin begon naar beneden te vallen voor wat wel uren leek te duren, terwijl hij op zijn knieën, ineengekrompen Zaira beschermend tegen zich aantrok, vol plotselinge angst en adrenaline. Hij was altijd goed geweest met planten, nooit met spreuken – zo bleek toch ook nu maar weer. Hij probeerde een krachtschild op te roepen en zijn protego spreuk hield wel wat tegen; maar ook dat leek te zwak voor de omstandigheden. Toen het gerommel op was gehouden was het een stuk donkerder in de grot, al was het zwakke, blauwe licht alsnog aanwezig. “Zai- zaira…” hijgde Scott, hoorbaar geshockt. “Gaat.. gaat het?” Hij keek om zich heen en slikte. “Kunnen we er nog uit, denk je?” Ohnee, als hij samen met de dochter van de leider van het Magisch Verbond zonder eten en drinken opgesloten in een grot de dood zou vinden, zou Thomas Silvershore hem echt vermoorden!
  14. [1837/1838] Greenhouses are forever green

    “Ah, dat spijt mij dan toch” sprak Scott, zijn woorden schuldbewust, zijn toon berustend. Zelf had hij ook wel eens moeite met de Zwadderaars, maar het hielp wel wat dat hij hun Afdelingshoofd was – al leek respect tegenwoordig toch niet meer zo vanzelfsprekend als vroeger. Hij hoorde de man aan en zweeg, nam nog een slok. “Wat een nare situatie. Al zou ik toch zeggen, met uw achtergrond… u geeft dan wel dreuzelkunde, maar wat bombastische vervloekingen om de schavuiten stil te krijgen kunnen heus wel op zijn tijd. Zo weet ik dat mijn trompettende narcissen prachtig zijn om de leerlingen met de grootste mond eens op te laten houden met praten.” Hij grinnikte en keek zijn collega opgewekt aan. “Het ambtenarenleven was niets voor u? Verbloemisten hebben toch ook wel een goede baan, niet?” Alles met het woord ‘bloem’ erin gaf toch het goede leven weer – of zo zou het zijn als je het hem vroeg, haha. Hij liet de honingkleurige drank wat ronddraaien in zijn glas, voordat hij zijn olijfgroene ogen wederom op de jonge professor richtte. “Nuja… ik wilde altijd schrijver worden, ik wilde dat de gehele magische wereld mijn naam kennen zou” sprak Scott, plotseling ietwat scherp. “En ik denk dat dat wel is gelukt, hm?” De bekende tovenaar wees met een zweem van trots achter zich richting de wand, waar zijn boeken zich netjes hadden verzameld op de boekenplank. “Ik heb ook wel lesgegeven op de Universiteit - doe dat nog steeds wel, overigens -, ben er een paar jaar uit geweest om mij te focussen op mijn werken… maar ik krijg hier de ruimte om te doen wat ik wil, heb grote kassen tot mijn beschikking en de leerlingen zijn… nuja.” Hij grinnikte opnieuw. “Het is leuk om ze te zien afstuderen, laat ik het zo zeggen. U weet vast wel wat ik bedoel.” Scott knipoogde en nam nog een slokje. “Maar dat betekent niet dat ik niet zoekend ben geweest naar wat het leven te bieden heeft op… andere vlakken.” Hij grinnikte. “Ik ben momenteel verloofd met een Silvershore, heeft u het gehoord? Wie had dat ooit gedacht – ikzelf toch niet, zeker!” Lachend zette de professor zijn glas op tafel. “En u? Verloofd, getrouwd… iets van dat?”
  15. [1837/1838] Greenhouses are forever green

    “Jazeker, ik heb in Frankrijk onderzoek gedaan naar onder meer agressieve hortensia’s” sprak Scott luchtig, terwijl hij zijn eigen glas tegen die van de Dreuzelkunde docent tikte en van de honingkleurige inhoud nipte. Ah… de eerste slok van een goed gevuld glas whiskey was altijd de beste. In Frankrijk had hij ook zijn eerste vrouw ontmoet, Michelle… Hun huwelijk was eigenlijk al afgelopen toen hij vertrok en zij later een positie op Zweinstein aan zijn zijde accepteerde, wat helaas verre van goed was afgelopen. En nu was hij verloofd met een ander, uit een nog veel machtiger tovenaarsfamilie... Dat verhaal zou echter moeten wachten, want eerst was Mr. Grey aan de beurt. “De leerlingen kunnen inderdaad wat lastig zijn… Geoffrey” Scott glimlachte en nam nog een slok. “Ik hoop toch niet dat mijn Zwadderaars vervelend waren? Want dan zal ik ze toch eens een lesje moeten leren…” Hij zuchtte en trok zijn jasje wat rechter. Het was een wild stelletje, de leerlingen aan Zweinstein, en zijn groene afdeling deed er toch niet voor onder – inclusief de meeste van zijn Klassenoudsten en Hoofdmonitoren. “En ik geloof niet dat Professor Damarcus binnenkort met pensioen gaat – al heb ik al stemmen op horen gaan die dat toch wat eerder zouden wensen.” Scott grinnikte opgewekt. “Maar u heeft gelijk hoor – ik kan wel een of twee voorbeelden bedenken waarin dreuzelkunde van pas kan komen. Als ik vragen mag, waar heeft u hiervoor gewerkt?”
×