Jump to content

Ayden March

Huffelpuf Vierdejaars
  • Content count

    23
  • Joined

  • Last visited

  • Days Won

    1

Ayden March last won the day on March 23

Ayden March had the most liked content!

1 Follower

About Ayden March

Profile Fields

Recent Profile Visitors

94 profile views
  1. Een verrassende ontmoeting

    Schaamteloos stotterend verklaarde Damian dat hij er wel bij kon, en Ayden lachte zachtjes met hem mee toen het boek viel. Het geklungel vertederde hem en hij vroeg zich af of hij dat zou moeten laten blijken. Er was een vleugje hoop in hem dat Damian zich wat beter op zijn gemak zou voelen dan. “Wat wilde je gaan lez- OH!” Juist bukte Ayden zich om het boek van Damian van de grond rapen, toen hij in zijn ooghoek een paar voeten van de plank zag glippen. Het boek dat hij zelf zojuist nog tegen zich aan geklemd had gehouden, belandde eveneens op de grond omdat hij beide handen nodig had om Damian te grijpen en te behoeden voor een pijnlijke val. In een seconde probeerde hij de zwaartekracht te slim af te zijn en ving hij de Ravenklauw op, maar niet zonder zelf achteruit te struikelen, tegen de volgende kast tot stilstand te komen en daarbij zijn rug te bezeren. De lucht had zich uit Aydens longen geperst en hij moest twee keer zuchten om de sterretjes die hij zag terug naar het heelal te sturen. Pas toen had hij in de gaten dat hij Damian nog steeds vast had. Te stevig ook; zoals een Dreuzelpatiënt op een houtje beet als er een wond ontsmet moest worden. “Sorry,” zei hij, en liet hem maar snel los. “Sorry ook voor- Het spijt me dat-” Ten alle tijden was het beter om eerst na te denken en dan pas te spreken, maar nu hij zojuist aangevallen was door een zware eikenhouten boekenkast die het aangedurfd had om in de weg te staan, was zijn denkvermogen een beetje vertroebeld. “Ik wilde je niet van je stuk brengen," verklaarde hij uiteindelijk oprecht. "Ik had moeten wachten totdat je veilig op de grond stond voordat ik je aansprak."
  2. Het waardeer-een-post(-van-iemand-anders)-topic

    Ik kan echt heel goed driedubbelposten. Dit mooie voorbeeld van Show, don't tell komt uit Love is... being stupid together. De hele post vind ik goed geschreven, maar de zin hierboven blonk uit.
  3. Spinning Wheels

    “Natuurlijk mag jij in dit boek kijken,” antwoordde Ayden, en vervolgde: “ik vond het in de bibliotheek en ik dacht: hier moet ik wat mee!” Hij legde het boek geopend op Noahs benen, per ongeluk geopend op de bladzijde waar ‘Snelheidsspreuken voor Slakachtige Spullen’ stond. “Snelheid, daar maak je mensen jaloers mee,” lachte Ayden. “Sloom zijn is suf!” En een ander dingetje, namelijk het zweven, was ook echt een aandachtspunt. De bezwering die momenteel de stoel kon laten zweven, was meer een spreuk zoals ‘Locomotor rolstoel’, waarmee Noah dan wel een trap op kon, maar altijd als de allerlaatste Huffelpuf in de Astronomietoren zou zijn. “In dit boek staan ook de spreuken waarmee je je eigen tovenaarsvervoermiddel kan maken; de Vliegvlugbezweringen. Staat bijna achterin, kijk maar even.” Hoeveel uren het had gekost om dit boek in de bibliotheek te vinden, vertelde hij niet aan Noah. Het was het waard geweest, bij voorbaat al, want Ayden had medelijden met Noah, maar wilde dat eigenlijk niet laten merken omdat dat veel te depressief was naar zijn zin. Het was gewoon vreselijk, die rolstoel, en al die mensen die voorovergebogen met Noah spraken. Het was alsof daarmee de gelijkheid (die toch vaak al ver te zoeken was op Zweinstein) was weggevaagd. Een beetje alsof men het tegen een kleuter had. “Weet je - je zou eigenlijk ook ruimte moeten hebben voor een passagier,” vond Ayden. Alleen was ook maar alleen, en als Noah straks de blits zou maken, zouden er twee meisjes tegelijk met hem willen rollen. Dat werd nog geinig! Met de punt van zijn toverstaf wees hij naar de alinea: ‘Zweefspreuk voor Zware Zaken’. “Zullen we daar dan beginnen? Al ik je rechterwiel betover en jij het linker, moet het lukken, toch?”
  4. Spinning Wheels

    Soms, of eigenlijk vaker dan Ayden wilde, waren er dingen die hij, ook al deed hij heus zijn best, niet begreep. Eén van die dingen was dat zijn klasgenoot Noah zomaar ineens aan een rolstoel gekluisterd zat en daarbij verklaarde dat hij niet meer kon stappen. ‘Sta op en loop!’ had Ayden nog geroepen, maar bij Jezus was het effect toch groter geweest, want Noah bleef, heel on-Noah-achtig, zitten. Nu had Ayden verwacht dat zijn klasgenoot er wel mee zou zitten, letterlijk en figuurlijk, maar dat bleek geheel niet het geval. Noahs humeur was niet aangetast, en die rolstoel was eigenlijk wel handig. Tenminste… als je bejaard was, maar dat was Noah niet. Ayden vond dat Noah’s stoel toch minstens op één wiel over een op tien meter hoogte gespannen touw moest kunnen rijden. Of veertig kilometer per uur achteruit moest kunnen. Of dat hij met twee Transfiguratiespreuken een vliegmachine kon worden, want wat met een bezem kon, dat kon natuurlijk ook met een rolstoel. Als vliegen niet lukte, kon hij altijd nog proberen er een poolstok-hoogspringstoel van te maken. “Kom, Noah, we gaan wat cools doen,” opperde Ayden terwijl hij de rolstoel een duwtje gaf, de gang in. In de Leerlingenkamer was er eenmaal te weinig ruimte om te kunnen racen. “We gaan je stoel pimpen! Iedereen zal jaloers worden, echt waar. We zijn per slot van rekening tovenaars, die kunnen alles.” Onder zijn arm had hij zijn Bezweringenboek geklemd. Het was nu ook weer niet zo dat hij alle spreuken zomaar uit zijn hoofd wist, maar twee wisten meer dan een, dus het kwam vast allemaal goed. OOC I: Oké, niet in de Leerlingenkamer zelf, maar op de gang... OOC II: Privé met Margaux. <3
  5. Een verrassende ontmoeting

    Als een echte hardwerkende Huffelpuf die zijn nieuwsgierigheid niet kon bedwingen, was Ayden de bibliotheek ingeslopen. De rest van de school leek buiten te zijn, en hoewel hij van de zon en van frisse lucht hield, hield hij misschien nog meer van de muffe geur van boeken. Niet dat hij echt een boekenwurm was. Eraan ruiken was in veel gevallen voldoende, tenzij hij iets wilde weten en dat was nu het geval. Bezweringen in combinatie met Transfiguratie. Het was een dankbaar onderwerp. Juist was Ayden een nieuw gangpad ingeslagen toen hij een van zijn favoriete Ravenklauwers zag. Eentje met talent om zich in hachelijke situaties te werken: Damian Leigh. De jongen balanceerde op zijn tenen op de tweede plank van onder en strekte zich uit om een boek te kunnen pakken waar hij nog steeds niet bij kon. Ayden bleef even stil toekijken. Het was gewoonweg te mooi om te zien. Ontspannen leunde hij met zijn schouder tegen de kast en hield een boek dat hij eerder gevonden had, tegen zijn borst geklemd. Damian was klein, vond Ayden. Kleiner dan de meeste Zweinsteinleerlingen. En op de een of andere wijze maakte hem dat knuffelbaar. Tijdens zijn eerste ontmoeting met Damian had Ayden nog gedacht dat hij hem (en Maia ook, trouwens) moest koesteren en die mening was in de afgelopen maanden niet veranderd. Hij zou zijn hulp aanbieden, ook al was het grappig om te zien hoe Damian van de tweede naar de derde plank wist te klimmen. Nog heel even drukte hij zijn weekhartigheid opzij om te genieten van de kleine Damien-show, maar beende uiteindelijk naar de Ravenklauw toe. “Kan je erbij?” vroeg hij. Stomme vraag natuurlijk, maar zo eenvoudig was het nu ook weer niet om een opening te vinden in een gesprek met een jongen die altijd tegen hem stotterde. “Of zal ik je nog een plankje omhoog tillen?”
  6. Mag ik misschien nog meedoen? (evt. per 1 mei, wat je maar wil)
  7. [1836/1837] Let's get lost

    Het was grappig geweest om te zien hoe de eerstejaars een sneeuwballengevecht hielden en Ayden had zich dan ook in de gevarenzone bevonden toen er plotseling hoge muren van sneeuw en ijs om hem heen groeiden. Zomaar, vanuit de grond rezen ze op in de vorm van een heus doolhof. "Ook wel cool," zei hij zacht tegen zichzelf, ook al had hij het sneeuwballengevecht eigenlijk leuker gevonden. Met zijn hand voelde hij aan de ijswanden, die wit en zo hier en daar ijsachtig blauw waren. De wanden smolten niet onder de warmte van zijn hand en het lukte hem ook niet om er tegenop te klimmen zonder pikhouweel en touw. Pasgeleden was hij nog naar een lenteritueel geweest om alle sneeuw juist te laten smelten, maar iets dergelijks durfde hij hier niet te bewerkstelligen uit angst dat er gewonden zouden vallen. Het is een spel, dacht hij positief. Ik hoef alleen maar de weg naar buiten te vinden. Hij nam een gang, ging aan het einde rechts, sloeg toen halverwege naar links, merkte dat die gang in een flauwe bocht naar rechts liep, dus nam hij nogmaals een gang naar links. Plotseling zag hij een van de eerstejaars die zojuist nog zo'n fijn sneeuwballengevecht had gehad. Er hingen stukjes ijs en sneeuw als kerstdecoraties in haar vlammende rode haren. Haar stem was schril maar nog vol plezier toen ze luidkeels een excuus riep. Wie ze geraakt had, kon Ayden pas zien toen hij naar haar toe liep. Toen grinnikte hij, want het was té mooi om te zien: een Zwad uit zijn jaar die moeite had om de sneeuw uit zijn haren en oren te krijgen en tegen Maia snauwde dat ze er iets van moest zeggen. "Goed gedaan," zei hij met een knipoog tegen de eerstejaars, maar dat was voordat Maia hem voorstelde als Lord Paget. "Oh. Oepsie. Hihi! Je hebt majesteit van een sneeuwbal voorzien. Ik hoop dat het hem smaken zal." Met een tralala, ik ben er even niet-blik keek hij Maia aan en groette haar woordeloos met een glimlach. Haar blik echter, week af naar iemand die in een benauwde positie zat: Damian. Ze zei dat de eerstejaars het goed kon maken door hem te bevrijden. "Haha, ja! Een eerstejaars to the rescue," lachte Ayden, en passeerde het roodharige meisje. Snel knielde hij neer bij het gat waarin Damian zat. "Hoe vast zit je precies? Maak je maar geen zorgen, the Lord en ik krijgen je er wel uit."
  8. [1836/1837] Zonnige winterdag

    Agossie, nu had hij Damien zo erg laten schrikken dat hij spontaan zijn schoolwerk liet vallen. Ayden had het gevoel niets goed te kunnen doen al was hij zich van geen kwaad bewust. Zo angstaanjagend was hij toch niet? Voor Damian was hij kennelijk een monster en dat speet hem oprecht. Hij bukte zich om twee wegwaaiende vellen perkament te grijpen en gaf, toen hij weer overeind kwam, antwoord op de vragen van het voorname meisje, dat aan haar tongval te horen uit een voorname familie afkomstig was. Even keek hij haar aan en glimlachte. "Vanaf mijn eerste jaar hier," zei hij eerlijk nadat ze vroeg of hij al lang Zwerkbal speelde en op de vraag of hij in het team zat trok hij zijn schouders omhoog. "Voor mij hoef je niet een Zwerkbalwedstrijd te komen kijken," zei hij olijk, "want ik zit op de reservebank. Dat is de plek voor iemand die van alles kan, maar daardoor eigenlijk nergens echt goed in is." Er was geen enkele reden om op wat voor manier dan ook tegen hem op te kijken, vond hij. Eerder keken ze op hem neer; dat zou misschien gemakkelijker zijn. "Waren jullie bezig met huiswerk voor Toverdranken?" vroeg hij toen hij een korte blik op de twee vellen perkament wierp. Hij gaf ze daarna terug aan Damien. "Dat is waarschijnlijk mijn slechtste vak. Hoewel Verweer bij mij ook best Zwakzinnig is. Ik snap het gewoon niet: waarom zou je iemand willen vervloeken? Het idee alleen al!" Onderzoekend keek hij even naar Damien, die zojuist had verklaard dat hij niet vliegen kon. Moest hij er nu op aandringen of juist zijn excuses maken dat hij het had aangeboden? Hij wist het niet en het viel ook niet te proeven in de sfeer. Misschien moest hij echt maar verder trainen, hoe zinloos dat nu ook leek vanwege zijn status als reservespeler. "Weet je het zeker?" vroeg hij. "We kunnen anders wel met zijn tweeën op deze bezem, ruimte zat en je bent volgens mij niet heel zwaar. Misschien wil Maia wel even je schoolspullen in bewaring nemen." Oh, nu zou Damian vast gillend weghollen en Maia bleek wegtrekken. Goed gedaan, Ayden, beet hij zichzelf toe.
  9. Margaux zkt. plot!!

    Je zegt het precies goed: Wat is het ongeveer? Ik denk biseksueel (dat levert immers de meest vreemde situaties op, hoera!) maar zelf heeft hij nog geen flauw idee. Zie ook het topic 'Zonnige Zomerdag'; hij vindt Damian en Maia beiden erg lief en leuk, maar heeft (vooralsnog) geen romantische gevoelens. Ik denk dat hij wel versierbaar is, maar zelf initiatief nemen zit er nog niet in. Dit lijkt me voor nu nog het meeste bij zijn leeftijd passen; niet iedere jongen verandert in één minuut van kind naar casanova.
  10. Margaux zkt. plot!!

    Hoera voor dubbele plotadvertenties! Eens even denken, want ik sta niet dagelijks stil bij wat ik graag schrijf. Romantiek en drama zijn absolute favorieten. Dronkenschap (of op andere wijze gedrogeerd) vind ik ook bijzonder leuk, compleet met one-night-stands en ziekenzaal achteraf. Ik hou van een vette vleug gayness, hoewel ik ook prima (of in ieder geval minstens net zo goed) heterorelaties schrijven kan. Iets wat een beetje ongemakkelijk is, vind ik ook gaaf; verplicht een toverdrank moeten brouwen met je ex (en dat het dan ook nog Amortentia moet worden) bijvoorbeeld. Of bijles vragen aan de verloofde van het meisje dat je gisteren in een dronken bui innig hebt gezoend. En dat dat meisje dan ook nog verliefd geworden is daardoor, maar helaas kan ze niet partnerswitchen vanwege de armoede van haar nieuwe lover. Verder ben ik er altijd wel voor om karakters een klein beetje het volledig tegenovergestelde te laten zijn van Mary Sue/Gary Stu en ze iets vreselijk onhandigs te laten doen. Een verkeerde opmerking op een fout moment, een toverspreuk die niet helemaal uitpakt zoals had gemoeten, een (ja, natuurlijk) ontploffende ketel, struikelpartij, etc. Kunnen we er al wat mee?
  11. Margaux zkt. plot!!

    Mooi! Ik denk dat ik dat Hannah-topic volgen ga. Uhm, ideeën schud ik niet zomaar uit mijn mouw (ja, soms wel ook hoor, maar het is niet dat ik een hutkoffer vol met de meest fantastische plotten heb) en ik ben eigenlijk een u-vraagt-wij-draaien-type. En ik ben nog steeds een beetje zoekende als newbie, dus ik doe ook maar wat hè. Dus ook mijn pm-box staat wagenwijd open (voor iedereen die dit leest) voor ideetjes, verzoekjes, wilde plannen en leut!
  12. Margaux zkt. plot!!

    Heb je je plot en/of tegenspeelster al gevonden, Margaux? Als je denkt: goh, wat schrijft die Sonja toch lekker, maar Ayden is een eikeltje: Ik wil anders best een poging wagen en een personage aanmaken die de liefde (en ook haat) van Hannahs leven gaat worden.
  13. Spoorzoeken extreme - Bezweringen derde, vierde en vijfdejaars

    Als vierdejaars was Ayden in het nadeel vergeleken bij de vijfdejaars, maar in het voordeel vergeleken bij degenen die een jaar jonger waren dan hij. Hij moest zich verstoppen, maar hij kreeg die rotspreuk maar niet onder de knie. Dat was niet best. Helemaal niet best. Zijn stappen had hij al zo groot mogelijk gezet. Ergens wenste hij dat hij gewoon de bezem had genomen en voorzichtig het bos ingevlogen zou zijn, maar hij vermoedde dat dat niet de bedoeling was. Bovendien zou het zijn toverkunsten niet bevorderen. Hij draaide zich nog eens om sprak de spreuk uit terwijl hij naar zijn mening toch echt de juiste toverstokbeweging maakte en beoordeelde zijn toverwerk wederom als matig. Zijn voetstappen waren niet meer te zien, maar er was duidelijk in de sneeuw gewoeld. Verderop hoorde hij de kleutertjes kraaien, en met een beetje (of een heleboel) geluk zouden zijn achtervolgers denken dat het die kleintjes geweest waren die in de sneeuw hadden gewoeld. Hij hoopte het maar. Juist was hij achter een boom om gelopen, waarbij dicht in de buurt van de stam geen sneeuw lag, dus dat was makkelijk, toen hij takken hoorde kraken. Was hij nu al ontdekt? Of was het de sneeuw, die als zware lading op de boomtoppen lag en telkens in kleine lawines naar beneden stortte? De boomstam was grillig van vorm en had naar het leek een speciale holte voor hem. Wist hij nu ook maar een Kameoflagespreuk, dan zou niemand hem hier vinden. Op zijn hurken wachtte hij in spanning af, en spitste zijn oren. Soms leek het duidelijk alsof hij iemand zwaar hoorde ademen. Soms was het doodstil. Het beviel hem maar niets; hij had eigenlijk geen zin in een sneeuwbal in zijn nek.
  14. Was hij vervelend geweest? Betweterig? Had hij iets gezegd op momenten waarop hij stil had moeten zijn? Was hij brutaal of onrespectvol geweest zonder het te beseffen? Dat was lastig te zeggen, want hij was eenmaal geen Ziener. Tenminste, niet dat hij wist, ook al prijkte er boven ieder proefwerk een U. Ayden dankte zulke goede resultaten aan kennis, want zijn moeder was Waarzegster bij het circus van zijn vader. Dan wist je dat soort dingen nu eenmaal. Het feit was dat hij moest nablijven. De jonge professor Evans had tegen de klas gezegd dat iedereen mocht gaan, behalve hij. Verbaasd had hij haar blik gezocht, maar niet gevonden, en moest zich inhouden om niet heel hard ‘Waarom?’ door de klas te schreeuwen. Hij baalde er wel van. Nablijven was raar; het was zijn eerste keer ook, en dat terwijl hij niet de braafste leerling van de school was. Toen de laatste leerling vertrokken was, kon hij het niet laten om gelijk van wal te steken. “Professor, het spijt me!” Wat hem precies moest spijten wist hij niet, maar misschien leidde het ertoe dat hij eerder weg mocht. “Ik eh…” Welk excuus zou hij even verzinnen? “Ik heb in de glazen bol gezien dat ik nu toch echt wel moet gaan! Want u eh… moet hoognodig theebladeren checken. Echt!” Zou ze erin tuinen? Hij hoopte het maar. (ooc: privé met Gabriella Evans)
  15. [1836/1837] Zonnige winterdag

    Ogenblikkelijk kreeg Ayden de neiging om deze twee Ravenklauwen te koesteren. Hij zou ze willen verkleinen en op een veilige plek in zijn hutkoffer willen bewaren en ze met veel toewijding verzorgen alsof het uit het nest gevallen kuikentjes waren. Een Hoofdmonitor was ook vooral leuk om als vriendin te hebben, vooral als ze huiswerkhulp aanbood. Hij had het koud, maar was er zeker van dat zijn glimlach warm was. "Wat lief dat je dat aanbiedt, Maia," zei hij redelijk zacht en vol ingehouden enthousiasme omdat hij haar niet aan het schrikken wilde maken. Het was een opmerking die recht uit zijn hart kwam want doorgaans noemde hij mensen niet snel 'lief'. "Je zit niet in mijn jaar, anders was ik je wel tijdens de lessen tegengekomen." In dat geval zou ze hem eerder zijn opgevallen. "Ik zit in de vierde," voegde hij er ter verduidelijking aan toe. Het andere Raafje leek helemaal te willen verdwijnen, of in ieder geval maakte de jongen zich kleiner dan hij al was. Nergens voor nodig, vond Ayden, maar hij wist niet goed wat hij moest doen om hem op zijn gemak te stellen. Wegvliegen en hem met rust laten behoorde tot de mogelijkheden, maar Ayden ving tegelijkertijd signalen van oprechte interesse op, zoals de vraag welke hindernissen er dan zoal waren. En hij zei zijn naam. Het was D-D-Damien. "Ayden March," zei hij in de hoop dat Damien niet naar zijn schoenen bleef kijken. "Aangenaam kennis te maken." Gevoelsmatig hingen er ijspegels aan zijn onderbroek en het was dat hij handschoenen droeg, anders zou hij gezien hebben dat zijn vingers onderhand blauw werden. Het kon hem eigenlijk niet zo heel veel schelen. Met een handige beweging sprong hij, half vliegend met zijn bezem, naar de rij waar Maia en Damien zaten. "Wil je soms een stukje vliegen?" zei hij en bood Damien zijn bezem aan. "Mag, hoor. Durf je dat?"
×