Jump to content

Thomasin Hastings

IC Leraar
  • Content count

    88
  • Joined

  • Last visited

  • Days Won

    2

Thomasin Hastings last won the day on February 17

Thomasin Hastings had the most liked content!

About Thomasin Hastings

OOC Profiel Informatie

  • Membergroups
    MV
  • Naam
    Kelly

Profile Fields

Recent Profile Visitors

125 profile views
  1. [OOC: 15+ in verband met heftige emoties van angst, wanhoop en minder aangename perikelen van zwangerschap.] Dinsdag 27 september 1836 - laat in de avond, Catsfield, slaapkamer. Thomasin is nu ongeveer drie maanden zwanger. Armand en Thomasin waren nu twee maanden getrouwd. De maand augustus wel heel ontspannen en rustig verlopen. Het was immers nog vakantie. Er was dus alle tijd geweest om elkaar wat beter te leren kennen en om Armand wegwijs te maken in Catsfield en alles wat er eigenlijk bij kwam kijken, wanneer je meer met dreuzels omging. Zo had hij bijvoorbeeld een nieuwe set dreuzelse kleding aangemeten gekregen en waren ze regelmatig gaan paardrijden (want dat was toch anders dan wanneer je op een Pegasus of Hippogrief rondreed). Armand was ook voorgesteld aan al het personeel, hij had in de tussentijd ook al zijn eerste preek van Beth ontvangen -Thomasin meende dat het iets te maken had met dat de kokkin uit haar slof was geschoten omdat Armand een uur voor het eten nog koekjes had gegeten en zo zijn eetlust had bedorven, maar het kon ook een andere 'halsmisdaad' hebben betroffen-. In september was Thomasin natuurlijk begonnen aan Zweinstein als docent. Met behulp van het anti-emeticum dat Armand voor haar had geregeld was het goed gelukt om de misselijkheid in bedwang te houden. Ze werkte, omdat het een keuzevak betrof, maar twee dagen per week op Zweinstein. Die ene nacht verbleef ze dan op de school, hing ze uiteraard veel bij Irwin rond, en kwam daarna per magische koets weer terug naar huis. Dat was prima te doen. Op de heenweg in de koets bereidde ze immers haar lessen voor en op de terugweg sliep ze, werkte ze aan haar onderzoek te Cambridge, nam ze wat boekhouding van Castfield door of bedacht ze boodschappenlijstje en/ of andere zaken die er nog moesten gebeuren. Voor wie het nog niet duidelijk is: Thomasin kan niet stilzitten. Vandaag had Thomasin in de ochtend gewerkt, had ze in de middag cijfers van de eerste tussentoets duelleren bekend gemaakt, had ze geluncht met Irwin en met hem samen nog wat combinatielessen bedacht. Daarna was ze in de stallen nog wat Hippogriefen gaan aaien en had ze ook nog geassisteerd bij een strafuur en merkte ze bij zichzelf dat ze niet eens meer verbaasd was om welke redenen leerlingen strafwerk opgelegd kregen - alle veren in het lokaal bijeenbinden totdat het een agressieve kip was geworden, serieus?-. Na een lange koetsreis was ze net voor het eten op Catsfield gearriveerd. Thomasin moest toegeven dat ze bek- en bekaf was. Ze had het idee dat ze op haar laatste tandvlees liep, dat haar wallen ongeveer ter hoogte van haar neusvleugels hingen en dat haar schouders te zwaar waren om nog fier overeind te houden. Ze zag ook wat bleek -zag ze de laatste tijd altijd- en de misselijkheid was weer eens opgevlamd. Met een zucht van opluchting wandelde ze de salon binnen. De vrouw glimlachte lichtjes toen ze Armand zag, liep naar hem om hem te begroeten. Ze hield het bij slechts een eenvoudig kusje, want haar boeten konden niet meer. Thomasin slaakte een zucht van verlichting toen ze eindelijk, eindelijk, op de bank zat en wist dat ze voorlopig even kon blijven zitten. Nuja, totdat het diner werd geserveerd. Tenzij... Het was een belachelijk idee. Het was tegen alle regels in. Het kon niet. Armand zou vast in shock zijn... Ze kon echter niet meer en daarom scheen dit haar nu het allerbeste idee aller tijden toe. "Zullen we anders op de bank eten?" Nee, dat zíj dat ooit zou zeggen, dat had ze zelf ook niet verwacht. Het paste in het geheel niet bij haar karakter, maar ze wilde gewoon zo graag even blijven zitten, even niets meer doen. Even niets. Thomasin legde haar handen op haar onderbuik, het ging vanzelf en ze dacht er niet verder bij na. "Hoe was jouw dag, lieverd? Thuiswerken een beetje gelukt?" [OOC: privé met Ann]
  2. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Wat een opluchting, Thomasin kneep zachtjes in de hand van Armand, maar kreeg vrijwel meteen daarna alweer wat grotere ogen. Ze schudde haar hoofd. "Nee, natuurlijk krijg jij daar niet de schuld van. Armand..." Hoe had dit in een uur tijd zo'n ongelooflijke rotzooi kunnen worden? Ze keek hem ernstig, vooral ook een tikkeltje bezorgd aan. "Dat je dit wilt doen, wilt gaan proberen, dat betekent al heel erg veel voor me. Ik vind het heel fijn, ben je dankbaar, dat je het wil proberen. Uiteraard zijn er geen garanties voor de uitkomst." Ze beet op haar lip, streelde over de rug van zijn hand, die ze in de tussentijd op haar schoot had gelegd. Wat betreft dat niet over Armand praten? Dat was een beetje lastig. "Dat kan ik je niet beloven," want ze kon zich er niet aan houden. "Hoe kan ik het nou niet over je hebben? Je bent mijn echtgenoot, ik ga mijn leven met je delen, je gaat een heel groot en belangrijk deel van mijn leven beslaan. Ik zie niet hoe ik je volledig uit onze conversaties kan houden zonder dat dat heel geforceerd en onnatuurlijk gaat worden." Ze keek hem aan, glimlachte voorzichtig. "Maar dat hoeft toch niet negatief te zijn? Misschien gaat Irwin je door mijn verhalen wel meer waarderen?" Thomasin dacht na, zocht naar een compromis of een elegantere oplossing. "Ik kan hem wel vragen zich meer open te stellen en je een kans te geven? Zeker totdat jullie met elkaar gesproken hebben? Omdat zijn meningen zijn gebaseerd op een ver verleden?" Maar gelukkig was alles niet zo mis, dat het niet meer herstelt of op zijn minst gepauzeerd kon worden. Thomasin lachte verbaasd toen Armand haar weer optilde, grinnikte vervolgens. "Ja, even goed de tijd nemen bij alle drempels." Ze kuste hem terug, voelde zich haast schuldig om de mate opluchting die ze voelde dat het voor nu weer goed was, dat hij weer wat was ontdooid, dat hij haar niet meer aankeek met die intens verdrietige blik boven hangende schouders. Ze kon er niet goed tegen hem sip te zien en zeker niet als dat door haar toedoen was. Gevoelens voor iemand krijgen, was maar lastig. Als je geen band met iemand had, was het veel makkelijker om hard, koud en afstandelijk te zijn -dûh-. "Ja, ik geloof je." Thomasin streelde zacht over zijn wang, speelde met haar vingers door het lichte baardje op zijn kaaklijn. "Ik had niet aan je mogen twijfelen." Haar glimlach werd iets breder. "Je houdt van me." Ook al kon ze het nog niet overtuigend terugzeggen, was het toch zeer vleiend en prettig om het van een ander te horen.
  3. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Thomasin keek Armand niet begrijpend aan? "Wat is er subtiel? Of juist niet?" Ze keek naar de deur waar Rosie doorheen verdwenen was. "Ik wilde je gewoon even onder vier ogen spreken zonder een bediende erbij." Zelfs zonder Rosie erbij. Ze had het toch helemaal niet vervelend geformuleerd? Als Rosie en Armand plannen wilden maken voor rondleidingen, dan kon dat ook altijd op een ander moment. Dit was even belangrijker voor Thomasin.Zo vreemd was het toch niet dat ze probeerde de kou die tussen hen was ontstaan wat te sussen,opdat ze hopelijk nog een fijne afsluiting van hun huwelijksdag konden hebben. Ze wilde niet met een dubbel gevoel, de echo van een knagend schuldgevoel, terugkijken op deze dag. Dus de mogelijkheid dat Armand iets vervelends zou willen doen met de kleine Rosie was in het geheel niet eens bij haar opgekomen. Waarom zou hij dat immers doen? Nadat zij haar zegje had gedaan, was het haar beurt om te luisteren. Ze beet op haar lip en toen werden haar ogen groot. Hij hield van haar. In de boeken was dit altijd het moment dat je zoiets terugzei, maar dat kon ze niet. Niet oprecht. Dus ze zei het niet terug. Ze geloofde hem echter wel. Voorzichtig pakte ze zijn hand. "Is het iets wat opgelost kan worden als jullie eens met elkaar gaan praten? Al dan niet met mij erbij?" Ze begreep heus wel als ze haar er liever niet bij hadden als er dingen uitgesproken moesten worden. "Of wat zou voor jou een oplossing of een geruststelling zijn." Ze keek ernstig, streelde met haar duim over de rug van zijn hand. "Je weet dat Irwin mijn beste vriend is, maar jij bent mijn echtgenoot." Ze sloeg haar blik op en keek hem recht aan. "Je bent belangrijk, jouw geluk en gemoedsrust is belangrijk. Natuurlijk zal ik je op nummer één zetten." Dat moest, dat hoorde. Had ze dat ook niet beloofd vandaag? Zij het in een net wat andere formulering dan dat ze nu gebruikte. Ze glimlachte kleintjes. "Alleen ben ik ook niet perfect en zal ik soms nog even moeten wennen dat ik mijn leven, mijn geluk, nu met iemand deel en op korte termijn zelfs met twee iemanden." Voorzichtig speelde ze met zijn hand. "Zullen we terug naar bed? Even aan niemand anders denken, dan aan elkaar? Nogmaals, het spijt me. Maar ik ben blij dat je me de ruimte geeft dit soort gepieker te delen en te bespreken. Ik wilde je niet kwetsen. Ik had me alleen niet de impact van mijn woorden op jou bedacht." Ze haalde haar schouders op. "Ik ben niet zo...tactisch?" Helaas, helaas. Was ze dat maar wat vaker.
  4. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    "Mijn ouders wonen hier in de buurt hoor," zei Rosie met een glimlachje. "En ik kan best regelmatig naar huis. Dus ik heb geen heimwee, hoor." Want daar maakte de man zich vast zorgen over, vanwege dat ze hier al vanaf zo jong was. "Mijn ouders hebben een boerderij aan de buitenrand van het dorp. Ik kom uit een groot gezin en dat ik hier dus kon werken was heel erg fijn voor iedereen. Ik stuur mijn salaris ook naar mijn ouders. Ze zijn aan het sparen voor een nieuwe koe." Ze glimlacht. "Lady Thomasin heeft me ook leren lezen en helemaal zelf opgeleid. Dat was wel nodig hoor. In het begin was ik zó onhandig." Rosie haalt haar schouders op en lacht een beetje. "Geen zorgen. Ik heb tegenwoordig alles onder controle." "Zal ik u binnenkort een rondleiding geven door het dorp en alle belangrijke winkels en plekken? En de molens en de boerderijen?" Rosie was zowel enthousiast over haar idee als dat ze gewoon heel erg graag wilde dat Armand zich welkom en op zijn plek zou voelen. Hij zou nu immers wel de nieuwe Lord zijn. Dus dan was het wel belangrijk dat hij zich niet de vreemde eend in de bijt zou voelen. "Dat komt allemaal wel, Rosie, dank je." Rosie keek lichtjes geschrokken naar haar meesteres en stond snel op. Thomasin glimlachte naar het meisje. "Je hebt niets verkeerd gedaan, maar ik wil graag even wat privacy?" Rosie knikte, maakte snel een knix voor the Lord en Lady, pakte het dienblaadje en liep snel weer naar binnen toe. Zodra Rosie naar binnen was vertrokken, trok Thomasin haar mantel wat dichter om zich heen en ging ze naast Armand zitten, waar net het dienstertje nog had gezeten. "Ik wil er voor gaan, ik ga voor ons huwelijk mijn uiterste best doen, ik wil leren je dichtbij te laten en je te vertrouwen. Ik wil je beter leren kennen. Het spijt me dat ik je dat stukje nu nog niet kan bieden." Ze beet op haar lip. "Dat wilde ik even zeggen." Ze zocht zijn blik. "Als je nu weer alleen wilt zijn..."
  5. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Thomasin dacht inderdaad dat Armand een beetje tijd voor zichzelf nodig had. Ja, ze voelde zich intens schuldig, maar ze had niet het idee dat hij in woede was weggestormd. Hij was nog lief geweest,had de dekens over haar gelegd en een kus gegeven. Het was gewoon dat het was allemaal rauw op zijn dak was gekomen en dat hij even zonder haar aanwezigheid al deze informatie een plek moest geven. Ze hoopte dat hij het in enige mate zou begrijpen, ondanks dat hij het er niet mee eens was of dat hij het natuurlijk liever anders zag. Thomasin was ervan overtuigd dat met de tijd haar vertrouwen in Armand steeds verder zou groeien, maar ze moesten elkaar eerst maar eens beter leren kennen. Ze was er overigens ook van overtuigd dat Armand wel weer terug zou komen. Mocht het wat langer duren dan de verwachtte tijd, dan kon ze altijd nog gaan kijken of alles wel in orde was. Voor nu wilde ze hem zijn tijd gunnen. Rosie had overigens al wat klaarstaan voor het geval ze tóch niet naar de slaapkamer waren gegaan en eerst hun zenuwen hadden willen verdrinken met likeur en de zenuwachtige zenuwen in de maag hadden willen stillen met wat de eten. Dus dat was makkelijk mee nemen als de helft van het kersverse echtpaar naar buiten kwam. Pas toen ze eenmaal bij hem stond, had ze gezien dat er iets was, hoewel dat in theorie dus alles had kunnen zijn. Het meisje nam naast Armand plaats en knikte glimlachend. "Ja, ik woon hier al bijna zeven jaar. Sinds mijn twaalfde." Ze schonk voor zichzelf ook een bodempje likeur in, gewoon voor één of twee slokjes, zodat ze niet onder invloed aan het werk zou kunnen zijn, maar wel een beetje meekreeg van de smaak. Dat was voor Lord Armand vast gezelliger. "De Lady woont hier al sinds haar zeventiende. Ze lijkt heel streng, strikt en afstandelijk, maar eigenlijk is ze heel lief en begaan met alle mensen van het landgoed. Tom, de stalmeester, beschreef haar vroeger wel eens een beetje als een wild hertje. Schuw, maar als je haar zélf naar je toe laat komen, dan kan je er de mooiste band mee opbouwen." Rosie glimlachte hem warm toe. "Ik weet zeker dat jullie heel gelukkig worden. Oh! Ik heb u nog helemaal niet persoonlijk gefeliciteerd. En als ik u eens kan helpen om hier wat beter te aarden, dan moet u het vooral zeggen hoor. U komt al van een ver, exotisch land en dan ook nog eens in een heel hechte gemeenschap." Dat kon best moeilijk zijn en Rosie hielp graag.
  6. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Wat had ze verwacht? Ze had niet gedacht dat hij haar antwoord met gejuich zou ontvangen. Natuurlijk was het niet leuk om te horen dat ze ontvankelijk zou zijn voor enig commentaar dat Irwin zou leveren. Irwin was immers niet zomaar iemand voor haar, zoals al zo vaak aangestipt. Ze kon zijn waarschuwingen nu eenmaal niet klakkeloos in de wind slaan. Ze hadden voldoende samen meegemaakt om het serieus te nemen, wanneer Irwin besloot dat ze iets moest weten of dat het nodig was om haar te waarschuwen. Hij had niet het motief om haar geluk te verpesten. Dat geloofde ze gewoon niet. Armand trok wat dat betreft aan het kortste eind, wand zij kenden elkaar pas enkele maanden en hoewel ze nu getrouwd waren, had ze met Armand nog lang niet zo'n vertrouwensband. Het was gewoon niet realistisch dat hij momenteel als winnaar uit de strijd zou komen zou ze gedwongen moeten worden tussen Irwin of Armand te vertrouwen. Maar het was een akelige kwestie Thomasin had het gevoel dat er een emmer ijswater over haar werd uitgestort, toen Armand opstond en aankondigde dat hij een stukje moest gaan lopen. Ze sloeg haar ogen neer bij zijn woorden. Het voelde alsof een verweer nu leeg zou zijn. Het was te makkelijk om te roepen dat ze er ook daadwerkelijk voor wilde gaan. Ze meende het wel, maar misschien was ze het Armand nu verschuldigd om iets beter na te denken over haar repliek, zodat ze hem oprecht te woord kon staan, maar ook iets kon zeggen wat hem meer zou overtuigen van haar goede wil. Ze liet hem weglopen. Hij had het recht zich terug te trekken en zijn gedachten op een rijtje te zetten. Hoe moeilijk ze het ook vond, voor nu had het even geen zin om achter hem aan te lopen. Misschien straks, als er een uur verstreken was, dat ze zou kijken of hem alles wel was, vragen of hij nog wilde praten en misschien had ze tegen die tijd beter nagedacht over haar woorden. Thomasin zuchtte, want zoals het nu ging, was alles behalve hoe ze zich haar huwelijksnacht had voorgesteld. Ruzie. Bravo. Het was dus niet Thomasin, die bij Armand kwam kijken, maar wel de jonge Rosie. Ze glimlachte hem voorzichtig toe en bracht hem een glaasje Catfieldse likeur en wat gesneden plakjes worst, de lokale lekkernij. "Gaat het, m'lord? 't Is vast een heftige dag zo helemaal met trouwen, niet?" Ze ging niet naast hem zitten, maar ze liep ook niet direct weg, ze bleef beschikbaar voor het geval de kersverse man des huizes wilde praten of zijn hart wilde luchten.
  7. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Het was waarlijk een opluchting dat Armand het geloofde en dat hij ook Irwin goed genoeg kende om te weten dat dit iets was wat hij gewoon kon doen zonder verdere bijbedoelingen. Irwin had het belangrijk gevonden om Thomasin te waarschuwen en dit was de enige gelegenheid geweest.Dat was hem wel te vergeven, ondanks dat het allemaal heel erg ongunstig was. Ze had misschien meer een punt moeten maken en hem met meer overtuiging uit haar kamer moeten zetten, maar dat had ze niet gedaan. Irwin en zij waren al bevriend sinds ze elf waren. Dus het was niet nodig. Er zou niets gebeuren. Ze kon zijn aanwezigheid aan zichzelf verantwoorden, maar wat lastiger misschien aan een ander. Als Armand haar niet zou geloven, dan zouden ze misschien toch wel met enige achterstand aan hun huwelijk beginnen.Evenals dat Armand dat nu een beetje was. Echter was dat nu wel weer redelijk bijgetrokken. Armand bleef lief, bleef haar door de haren strelen. Ze voelde zijn zucht. Ze wilde hem ook geruststellen, net als hij dat bij haar deed. Thomasin was echter heel erg slecht in troosten. En met fysieke aanraking was ze nog wat onwennig. Ze had er niet werkelijk iets tegen. Als hij haar door de haren streelde, dan vond ze het zelfs prettig, maar om het zelf te doen ervoer ze toch nog een drempel. "Nee, ik mag toch hopen dat hij ons niet tijdens de huwelijksnacht komt storen? Dat is wel een dingetje." Dan hoorde je toch op een bepaalde wijze in elkaar te investeren en daar kon je niet echt de kritische blik van een beste vriend gebruiken. Overigens wist Thomasin ook zeker dat Irwin dat niet eens zou willen aanschouwen. Dus de kansen waren positief dat Irwin hen niet kwam verblijden met zijn gezelschap. En zou ze hem blijven veroordelen? Als Irwin een nieuwe theorie opperde?Ja, dan zou ze dat niet meteen afdoen als onzin. Vanwege Armands achternaam zou ze het niet meteen afdoen als klinkklare onzin. Dat was een nare realisatie. Ze beet op haar lip. "Nu misschien nog wel." En dat was oneerlijk. Ze voelde zich nu zo ongelooflijk schuldig, maar het was de waarheid. "Maar ik zal altijd alles waar ik mee zit of over twijfel met je bespreken." Dat was een belofte die ze wel zou kunnen maken.
  8. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Armand leek niet meer heel erg boos te zijn,wel nog een beetje gekwetst -wat logisch was-, maar hij leek erin te berusten omdat hij nu tenminste de kans kreeg om het tegendeel te bewijzen en om haar de zorgen te ontnemen. Ze liet zich tegen hem aan op het bed trekken. Dat had als voordeel dat ze hem niet meer recht in de ogen hoefde aan te kijken en dat had als nadeel dat ze hem niet meer recht in de ogen kon kijken. Als ze hem al niet recht aan kon kijken, qua geweten, hoe zou ze zichzelf dan ooit recht aan kunnen kijken. Had ze verkeerd gehandeld? Dat vroeg ze zich zeer af. Ze ging nog eens alle stappen na in haar hoofd. Het gesprek gisteren had ze heel aardig gevoerd. Irwin had haar dingen verteld en ze had hem oprecht geloofd, want ze zou niet weten waarom Irwin over zoiets tegen haar zou liegen. Hij had haar vooral op het hart gedrukt om koppig te blijven en zichzelf. Dus er was op geen enkele manier een sturing geweest van wat ze met Armand moest doen of dat ze zich anders tegen hem moest gedragen. Dus dat maakte alles wat hij verder had gezegd heel geloofwaardig. Ze had ermee gezeten en ze had zich afgesproken of Armand daadwerkelijk zulke dingen had gedaan. Irwin had ook nog de slag om de arm gehouden dat Armand van haar kon houden en dat hij de afgelopen jaren was veranderd. Dus het antwoord zou ook heel terecht 'nee' kunnen zijn. Die kant leek het nu op te gaan. Het piekeren was dus voor niets geweest. Armand hield dus wél echt van haar en hij had gewoon een beetje de schijn tegen gehad? En nu had ze hem gekwetst. Hij had gelijk. Ze had, behalve zijn familienaam, niets om de beschuldigingen op te baseren. Thomasin verschoot een beetje van kleur. Armand wist wie het was! Irwin. Goed, dat was misschien niet zo heel erg moeilijk te raden. En waarom was Irwin hier? Oh, ja, dat was wat moeilijk uitleggen. Het wás oprecht heel onschuldig, maar dat was onmogelijk om goed te kunnen verklaren natuurlijk, want dat was pas iets wat echt alle schijn tegen had. "Om te praten, vooral. Hij.. ehm...was pas net terug uit Canada. Dus de timing was misschien niet optimaal door het tijdsverschil." Ze maakte zich onbewust wat kleiner. "Hij wilde me overtuigen niet met je te trouwen." Dat was toch echt het hoofddoel van zijn bezoekje geweest. "Niet dat dat enige kans had." Alleen al vanwege plichtbesef en verantwoordelijkheidsgevoel was de poging kansloos geweest. "En ik heb hem ook wel uitgefoeterd dat hij een dame niet in het holst van de nacht in de slaapkamer dient te bezoeken." Ze keek vluchtig op naar Armand. "Er is niets onzedelijks gebeurd, hoor. Hij heeft ook gewoon in de vensterbank gezeten." Dat zou hij toch wel geloven?
  9. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Er was zeker een andere koning, maar niet op het speelveld van haar hart. Deze andere koning stond vooral veel adviserend commentaar te roepen vanaf de zijlijn en wist het -altijd- allemaal net even ietsje beter dan Thomasins eigen schaakstukken op het bord. Niet dat de koning aan de zijlijn zelf zoveel ervaring had in de liefde, maar hij was wel een expert betreffende de familie waar ze nu in terecht was gekomen en daarom mocht hij adviezen blijven roepen naar hartenlust. Niet dat ze daar iets aan had, want momenteel was de support koning niet aanwezig en stond ze er alleen voor op het schaakbord. En dat verloor ze, uiteraard, jammerlijk. Thomasin liet haar handen uit haar gezicht halen, bloosde weer een beetje toen hij haar handen kuste en ze in de zijne hield. Ze keek hem met grote, schuldbewuste ogen aan, klemde de lippen voor een moment op elkaar, aarzelde wat ze nu moest zeggen. Ze wilde niet liegen, maar het voelde ook niet helemaal juist om Irwin hierin te betrekken of naar hem te wijzen. Het zou dan lijken alsof haar beste vriend aan kwaadsprekerij had gedaan, maar zíj was degene geweest, die hem had geloofd. Alles wat hier gebeurde, was haar schuld en ze wilde nu niet de schuld of de oorzaak naar een ander verleggen. "Sinds vannacht," antwoordde ze zachtjes en naar waarheid. Liegen kon ze nu eenmaal niet. Liegen was ook nooit het juiste om te doen. De harde waarheid was immers altijd beter dan een leugentje om bestwil. Ieder had toch altijd het recht te weten waar hij of zij aan toe was? "En iemand heeft het me verteld, ter nadenken gegeven, maar ik zeg liever niet wie, want ik wil niet dat je een ander dan mij de schuld geeft van het feit dat ik in staat was om dergelijke dingen te denken." Ze hoopte dat hij hier genoegen meenam en dat hij deze redenatie zou begrijpen. Zie, liegen deed ze niet. Ze zei dan dat ze de gevraagde informatie niet wilde geven. Ergens was dat stom, want zo wist de ander wel dat dergelijke informatie bestond.
  10. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Nu vond Thomasin zichzelf misschien niet naïef, een beetje waar, maar tegen dit niveau van manipulatie en toneelspel was ze gewoon niet opgewassen -niet dat ze dat doorhad-. Ze zag het niet. Het enige wat ze zag was zijn bleke gelaat, de trieste blik in zijn ogen, de ellendigheid in zijn hangende schouders. Dat had zij veroorzaakt. Ze had dat met haar ongegronde beschuldigingen voor elkaar gekregen. Het was Irwin die het haar had verteld.Irwin geloofde ze en vertrouwde ze volledig, maar als ze Armand dan hier en nu zo voor zich zag zitten, dan kon ze het eigenlijk niet geloven. Ze wilde het ook niet geloven. Een deel van haar had spijt dat ze het had gezegd, hoewel een groter deel meer spijt had gehad als ze het nooit had gezegd want dan was het altijd blijven knagen. Daarbij was dit gewoon het beste om te doen, niet? Moest je het, zeker in een huwelijk, niet uitspreken wanneer je ergens twijfels of piekeringen over had? "Nee. Nee.... " Ze sloeg haar handen half voor haar gezicht schudde snel haar hoofd. Ze voelde zich direct heel erg schuldig. Ze had dit anders moeten brengen. Ja, dat was duidelijk. Alleen de uitvoering was vooral niet haar sterkste punt. Als hij zo hardop zei waar ze hem eigenlijk van beschuldigde. Dat klonk verschrikkelijk, dat was verschrikkelijk. Dat was onacceptabel gedrag en zeggen dat hij zoiets had gedaan, terwijl hij haar daar inderdaad geen directe aanleiding voor had gegeven... Thomasin beet op haar lip. "Nee. Dat heb je niet, nooit."Hij was in het begin onuitstaanbaar opdringerig geweest en verschrikkelijk klef met zijn complimenten, maar dat waren dingen die vervelend waren en die kwamen natuurlijk niet in de buurt van de onuitspreekbare misdaden waar ze hem nu even van beschuldigd had. "Je hebt niets misdaan." Nee, zijn gedrag had er juist voor gezorgd dat ze jegens hem was ontdooid. Overigens had ze constant ook wel in haar achterhoofd dat Armand een Foulkes-Davenport was, zij nu ook overigens, ze kende de verhalen over de familie, ze wist dat ze manipulatief konden zijn. Ze wisten dat ze ver konden gaan om hun zin te krijgen. Alleen dat weten en op een afstandje vinden was heel andere koek dan dat volhouden terwijl er iemand recht voor je neus leek in te starten. "Sorry. Mijn oprechte excuses. Ik... Ik kreeg het mijn hoofd niet meer uit zonder het met je besproken te hebben."
  11. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Thomasin kon het niet helpen om ook even te grinniken. "Als je me had neergezet, dan had je vast op je kop gehad van Beth en dan had je me opnieuw over de voordeur van de drempel moeten dragen en dan had ze je de komende twee maanden een onbehoorlijke vlegel gevonden en gemorst met teveel zout in je eten, hoor." Vast niet echt, maar Beth, de kokkin, was altijd wel erg uitgesproken in haar mening en ze vond vaak dat ze dankzij haar leeftijd ook het recht had om deze uit te spreken. Het eten verpesten was echter vast haar eer te na. Dus daar hoefden ze niet daadwerkelijk bang voor te zijn. Overigens wist Thomasin heus wel van hoe de familie Foulkes-Davenport over dreuzels dacht. Ze kende de verhalen immers van Irwin. Ze wist nog hoe ze vroeger op school nog daadwerkelijk moeite had gedaan om hem ervan te overtuigen dat dreuzels heus wel konden lezen en dat ze heus wel meer konden dan een goed getrainde hond. Dus dat zou bij Armand vast niet veel anders zijn, behalve dat Armand wat ouder was en vast al een aantal van die conclusies zelf had getrokken in de korte periode dat hij nu bij Catsfield over de vloer kwam. Thomasin was voornemens om haar echtgenoot te helpen, hem wat meer in te wijden in de dreuzelse gebruiken en het dreuzelse bijgeloof. Misschien was dat laatste nog wel het meest belangrijk, want daar kwam je zelfs met de beste logica en de beste wil van de wereld nog niet helemaal uit. Bij zijn speelse opmerking moest de vrouw dan toch een beetje blozen. Oh hemel, de kans dat ze heel vaak zou vragen of hij haar wilde ontkleden, dat zou waarschijnlijk niet snel voorkomen. Alleen de gedachte zat nu in haar hoofd. Voor haar geestesoog zag ze hem dat zichzelf vragen en daar volgende als vanzelf de gedachte op van wat er dan na dat ontkleden ging gebeuren. Daar moest ze nu niet aan denken. Ze was moe, misselijk en ze had nog een ernstig gesprek te voeren. Ze reageerde dus zelfs niet echt op zijn complimenten. Wat moest ze immers anders zeggen dan 'dank je' en daar verder een beetje fatsoenlijk bij blozen. Dat laatste deed ze overigens wél. Thomasin kneep zachtjes in zijn hand. Zie je, nu had ze hem laten schrikken. Deed ze dat wel terecht? Of hoorde de schrik bij zijn spel? Vervloekt, Irwin, waarom had hij dit nu moeten zeggen? "Gewoon, ik ben... de laatste tijd een beetje aan het piekeren geweest." Goed sinds vannacht vooral, maar die informatie was verder niet essentieel voor de kern van dit gesprek. "En ik vroeg me af of... of je er bewust voor had gezorgd dat ik dronken raakte, zodat... zodat ik bevattelijker zou zijn voor een huwelijksaanzoek? Nu meteen, of misschien later, als je ons geheim secuur had bewaakt en ik op den duur had moeten trouwen." Het klonk wel heel akelig, zeker om zoiets recht in het gezicht te zeggen van iemand die je eigenlijk niet wilde kwetsen. Verdorie, Irwin!!
  12. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Lichtelijk verdwaasd knipperde Thomasin wakker. Ze wreef even in haar ogen, merkte half dat haar haren al los waren, maar was er vooral even mee bezig dat ze geen vaste grond onder haar voeten had, maar dat ze moeiteloos in de armen van Armand lag. Hij glimlacht zo lief en warm naar haar dat ze niet anders kon dan terug te glimlachen. De warmte van de kus in haar haren gloeide nog na. Voor heel even leek dat gesprek gisteren met Irwin zo ver weg, leek het helemaal niet relevant. Het zou zo makkelijk zijn om het te vergeten weg te wuiven of te doen alsof het nooit had plaatsgevonden. Alleen makkelijk was nooit de route waar Thomasin voor koos als het niet ook de juiste route was om te bewandelen. Ze was het dus niet vergeten. Ze zou het straks ook zeker gaan aankaarten, maar niet nu. Niet als ze nog niet eens fatsoenlijk zaten, als ze nog niet binnen waren en als er -en dat was misschien wel het belangrijkste- personeel was dat mee kon luisteren. "Ja, ik meen dat de huwelijksnacht wel een goed excuus is," knikte Thomasin op Armands woorden. Ze glimlachte ook, hoewel zij nooit de warmte van de zijne kon evenaren. De situatie was voor haar momenteel ook te beladen. Ze had teveel aan haar hoofd. Ze voelde zich te huichelachtig bovendien als ze nu zou doen alsof er helemaal niets aan de hand was. Het personeel ontving hen met veel enthousiasme. Rosie strooide nog wat witte rozenblaadjes over Armand en haar uit, terwijl haar echtgenoot haar over de drempel tilde en ze werden door iedereen gemeend gefeliciteerd. Er werd duidelijk niet verwacht dat ze beneden in de salon nog wat zouden drinken, want de deur naar de slaapkamer stond al open. Het was de eerste keer dat Armand zich daar begaf, bedacht Thomasin zich vaag al maakte ze de gedachte niet kenbaar. "Dreuzels geloven dat je de bruid over de drempel moet dragen, zodat ze boze spoken en nare geesten van haar vorige leven, het leven voor ze getrouwd was, achter zich laat" kon ze ondertussen niet laten te vertellen, terwijl Armand haar voorzichtig op het bed neerlegde. Thomasin kwam wat overeind. "Zou je me willen helpen?" Normaal kon ze zichzelf heel prima wel uit- en aankleden, ook met deftiger gewaden, maar een bruidsjurk was toch wel een ander niveau van sluitingen. Opnieuw was hij zo lief, zo zorgzaam, zo attent... Ze kon het bijna niet over haar hart verkrijgen om dan nu een moeilijk gesprek aan te gaan, om verbloemd kritiek te leveren, om te beschuldigen zonder bewijzen. Ze kon haar gepieker echter gewoon niet wegstoppen en een eigen leven laten leiden. Thomasin speelde een beetje met haar losse haren, terwijl ze in haar onderjurk op het bed zat en keek naar een schilderijtje aan de muur, terwijl Armand zich van zijn bovenkleding ontdeed -daarnaar kijken was nog steeds wat onwennig en had nog iets te recent als ongepast in haar boekje gestaan-. "Armand..." De toon verraadde vast al teveel dat het serieus was. Goh, en hoe ging je dan verder, want hoewel ze wist dat dit aankaarten iets was wat ze moest doen, had ze nog niet goed bedacht hoe ze dat ging doen. Ze was niet goed met woorden. Ze was niet goed om dingen van tevoren al helemaal uit te denken. Ze was niet goed in bedenken hoe je iets het best kon zeggen zonder dat je de ander zou kwetsen of beledigen. Ze was doorgaans gewoon eerlijk en lichtelijk plompverloren. Zo ook nu. "Heb je me destijds expres dronken laten worden?" Oh Morgana, dit kwam er nu al verkeerd uit. Thomasin trok een gezicht en keek Armand toen maar gewoon even niet aan.
  13. [1836/1837]Marriage is indeed a manoeuvring business

    Vandaag was moeilijker geweest dan ze had gedacht. Dat had alles te maken met het bezoek van Irwin aan haar slaapkamer van de afgelopen nacht. Het had ervoor gezorgd dat ze was gaan piekeren en dat het nog een hele tijd had geduurd, voordat ze de slaap had kunnen vatten. Piekeren in combinatie met zenuwen voor de volgende dag was immers niet het meest bevorderlijke recept voor een goede nachtrust. Het was ook al vroeg geweest toen haar moeder haar kwam wekken, om samen met Rosie haar jurk, kapsel en al dat soort zaken in orde te maken. Ja, ze had enige wallen gehad -bedankt Irwin-, maar die waren met wat spreuken perfect te verbloemen geweest. Over de dag had ze zich zo keurig mogelijk gedragen. Ze had vrolijk gekeken althans haar best gedaan. Ze was ook in haar hagelwitte jurk naast hem gaan staan. Zonder te aarzelen, en het klonk nog best spontaan, had ze haar jawoord gegeven. Vijfentwintig juli, deze dag zou nooit meer hetzelfde zijn. Mogelijk werd het en feestdag waar ze met veel liefde en plezier aan dacht in de toekomst of het zou de dag zijn die ze in stilte zou vervloeken. Dankzij de woorden van Irwin, vreesde ze voor het laatste, maar ze bleef zich vasthouden aan de gedachte dat Armand heel misschien ook gewoon van haar hield en hoe hij ook was geweest vroeger, dat hij nu zijn best deed om te veranderen. Het feest zelf was leuk geweest. De taart zelf was heerlijk -goed uitgekozen door Armand- en was binnen gebleven. In plaats van champagne zat er bruisend water in haar glas, zodat het allemaal toch wat minder opviel voor de kritische gast en dat er werkelijk niets kon zijn wat haar huidige toestand weggaf. Thomasin wist ook niet hoe vaak ze wel niet had verteld dat Armand over twee weken al op een gevaarlijke reis ging voor zijn werk en dat de datum van zijn terugkeer nog niet vaststond. Alles om het verhaal maar duidelijk en helder te hebben naar de buitenwereld. Nu ging Armand overigens over een tijdje wel echt op zakenreis, alleen was deze reis mogelijk minder gevaarlijk dan ze nu deden voorkomen. Opgelucht dat ze de koets in kon stappen, nadat haar vader haar nog eenmaal met betraande ogen geknuffeld had, was Thomasin zeker ook. Ze was zo moe, dat haar vermoeidheid zich een eigen identiteit mocht gaan aanmeten. De laatste kwartieren had ze daadwerkelijk op haar tandvlees gelopen. De bruid had niet meer durven zitten, bang dat ze spontaan in slaap zou vallen, zodra ze zittend zou knipperen. Mogelijk zag ze wat bleek, mogelijk was de spreuk om wallen te verbloemen niet meer voldoende, mogelijk was ze een open boek voor Armand, want hij bood haar direct aan dat ze kon gaan slapen. Thomasin glimlachte kleintjes, dankbaar voor dit gebaar, en liet zich naar zijn schouder leiden. Ze had geen reden nu te weigeren en een steuntje om haar hoofd op te laten rusten was erg welkom. Eigenlijk mocht ze van zichzelf nu niet gaan slapen. Eigenlijk mocht ze van zichzelf nu niet zoveel vertrouwen uitstralen. Bij iemand durven slapen was immers toch wel het toppunt van vertrouwen en ze zou hem valse ideeën geven als ze dat signaal nu afgaf, maar ze kon het niet helpen. Ze sliep nog niet, maar haar ogen zakten wel meteen al dicht. "Het was mooi. Het is denk ik, voor de gegeven tijd van twee weken, wel een van de betere feesten die mijn moeder en ik hebben georganiseerd." Niet het beste feest in absolute zin, maar onder de huidige omstandigheden was het een ware topprestatie. "Heb je een fijne dag gehad?" Interesse in de ander tonen was belangrijk, dat mocht ze niet verzaken wegens haar eigen vermoeidheid. "We kunnen morgen wel de geschenken openen?" Vandaag was ze daar toch echt te moe voor. Daarbij wilde ze daar ook niet te lang mee wachten, want je hoorde toch ook weer bedankkaartjes te sturen en dergelijke. Thomasin zuchtte even. Nadenken werd steeds moeilijker, net als vechten tegen de slaap met de ogen dicht. Ze merkte dat ze steeds wel een seconde of wat wegviel. "Sorry, ik ben gewoon echt h-..." En toen was ze in slaap gevallen.
  14. [1836/1837] Quicksand

    oops
  15. IC Buitenwereld Mededelingen

    25 juli 1836 (Oeps, sorry, dit doet het werkleven met je) De Hertog en Hertogin Hastings van Ninfield kondigen met genoegen aan dat op 25 juli jongstleden hun dochter en erfgename Thomasin is gehuwd met Armand Foulkes-Davenport, achterneef van Ernest Adarion Foulkes-Davenport en Lorelai Foulkes-Davenport. Zij bedanken iedereen die op de dag aanwezig was om het jonge stel geluk te wensen.
×