Jump to content

Rhiann Cadwgan

Magisch Verbond
  • Content count

    105
  • Joined

  • Last visited

  • Days Won

    7

Rhiann Cadwgan last won the day on April 15

Rhiann Cadwgan had the most liked content!

About Rhiann Cadwgan

  • Rank
    You can lose it all in the blink of an eye

OOC Profiel Informatie

  • Naam
    Dails

Profile Fields

Recent Profile Visitors

454 profile views
  1. Verbannen of niet, Rhiann had nog nooit een man toegestaan de nacht aan haar zijde door te brengen. Och, er waren er genoeg geweest hoor – op Zweinstein of daarbuiten, en zelfs hier in de kleinste dreuzeldorpjes had ze er meer gelegenheid voor gehad dan een buitenstaander voor mogelijk zou kunnen houden. Ze had mannen wel eens een paar uur laten blijven maar had hen altijd voor het ochtendgloren weer haar bed uit gestuurd; dan wel omdat ze niet gewoon was dat een man aan haar zijde de nacht doorbracht, ofwel omdat ze bang was dat haar vader of buren achter meer zouden komen dan haar lief was. Daarnaast had ze zich wel eens geschaamd voor haar lichamelijke verlangens omdat ze zich op zo’n enkel moment niet kon inhouden al betrof het slechts een dreuzel, alsof ze aan zichzelf steeds moest bewijzen dat haar schandelijke verbanning onjuist was geweest. Het was dat Daniel voor haar dat laatste strohalmpje vormde dat het niet bepaald in haar was opgekomen hem weg te sturen. Maar dat zorgde de volgende ochtend, toen ze wakker werd met zijn arm om haar nek, wel voor wat verwarring. Even was ze doodstil blijven liggen, voordat haar vrije arm heel voorzichtig naar haar nachtkastje was bewogen waar ze een scherpe dolk uit haalde. Ze had de dolk al bijna in zijn borst gepland, toen een zuchtje wind haar gordijnen – waar reeds wat licht doorheen kwam! – wat deed wapperen en heel langzaam datgeen wat zich de voorgaande nacht had afgespeeld deed doorfilteren. Ze hield halt, staarde naar Daniel alsof het de eerste man was die ze in haar leven ooit had gezien, voordat ze zich heel voorzichtig uit zijn greep losmaakte, de dolk op haar nachtkastje terugwierp en naar haar ochtendjas greep. Het geklop op de voordeur dat haar had wakker gemaakt werd luider en ze begaf zich op haar blote voeten naar de gang, haar slaapkamerdeur halfopen latend. Even had ze gedacht dat haar vader dan toch eindelijk had besloten dat ze overbodig was en een van zijn loopmannen haar in de vroege ochtenduren was komen opzoeken! Maar zover was het blijkbaar vooralsnog niet gekomen… Ietwat bezorgd wierp ze in het voorbijgaan een blik uit het raam, waarna ze schatte dat het ongeveer een uur of acht was. Normaalgesproken zou ze al drie uur op zijn, had ze vast haar koe al gemolken en was ze reeds naar de ochtendmis geweest. Bij de voordeur aangekomen, waarbij het lopen iets lastiger ging dan voorheen (maar ook de reden daarvan kwam langzaam terug, en ze kon zichzelf niet echt inhouden zachtjes in zichzelf te grinniken terwijl haar gedachten terug naar de slaapkamer en een uur zo rond middernacht vlogen), wierp ze een korte blik in de spiegel. Haar donkere haar, normaal zo netjes opgestoken, zat lichtelijk door de war. Daarnaast had ze een roze blos op haar wangen en glinsterden haar grijze ogen net wat helderder dan normaal. Even probeerde ze nog wat aan haar haar te doen, maar degene voor de deur werd klaarblijkelijk ongeduldig en met een korte zucht opende ze de voordeur op een kier. Eigenlijk had ze gedacht dat het een van de buren was geweest, die vroeg waarom ze vanochtend niet bij de mis was geweest. Maar in plaats daarvan… “Oh, Dafydd” mompelde ze afwezig, terwijl ze de man even geschrokken aanstaarde maar zich snel herstelde. “Ik.. nee, het gaat wel goed. Ik ben…” Ze bedacht zich. “Of eigenlijk... nee, ik ben een beetje ziek.” Snel hoestte ze een paar keer zwakjes om haar woorden wat kracht bij te zetten. “Nee.. ik denk niet dat het door de wijn van gisterenavond komt. Je was je bril vergeten, toch? Wacht, ik pak ‘m wel. En…” Maar op dat moment hoorde ze voetstappen achter zich. “Of.. nuja, ik denk toch dat het beter is als je die op een later moment komt ophalen...”
  2. Ja, macht… was dat niet waar het uiteindelijk allemaal om draaide? Rhiann had er nooit veel problemen mee gehad dat je als vrouw formeel ondergeschikt was aan de man – er waren genoeg manieren om je eigen weg te vinden. Als er één ding was geweest wat ze vroeg had geleerd, dan was dat het wel. Maar teveel vrijheid, te weinig respect; dat was nu juist precies wat haar haar leven had gekost zoals ze zich dat altijd had voorgesteld. Zij en Aria waren uit de bocht gevlogen in hun zoektocht naar vrijheid, omdat ze de lijnen op de weg niet hadden gerespecteerd. De enige manier om je rechtmatige plek terug te krijgen was op eenzelfde manier – maar dan in de hoop dat het ditmaal goed zou gaan. En in die hoop was het ieder voor zich, waarbij ieder strohalmpje dat ook maar enigszins de goede richting op wees er zo aanlokkelijk uitzag dat ze er automatisch naar zou reiken. En ditmaal kwam die hoop en uitdrukking van macht in de vorm van Daniel Bennett, die zijn lippen dan toch uiteindelijk op de hare drukte. Zij had hem gekust in zijn werkkamer, voordat ze onderbroken werden door een klant – maar dit was anders. Ze voelde de brandende lust in zijn aanraking en reageerde zelf even vurig, al probeerde ze zich wat in te houden. Maar het was bij Daniel altijd al alles of niets geweest. En Rhiann, die niets meer over had om te verliezen, gaf hem dan toch alles.
  3. [1838]Taking steps is easy, standing still is hard

    Rhiann’s grijze ogen volgden Evangeline ietwat moedeloos terwijl het meisje heen en weer ijsbeerde door hun nieuwe kamer, vooral gefocust op het baby’tje in haar armen. Ach, ze wenste toch zo dat zij hem zou mogen vasthouden! “Ik… heb wel iets gehoord” sprak ze ietwat terughoudend, terwijl ze haar blik afwende en naar de haard staarde. Er waren blokken hout opgestapeld en het geheel was schoongeveegd, maar niemand had de moeite genomen om de haard ook daadwerkelijk aan te steken. Het was buiten best benauwd, zoals iedere Welshe zomer dat toch vaak was, maar de dikke muren en ramen lieten niet veel warmte toe. Even sloot ze haar ogen om datgeen terug te halen wat zich nog geen twee dagen geleden in de Keukens had afgespeeld. Twee van de kindermeisjes hadden behoorlijk overstuur in een hoek staan fluisteren terwijl zij haar lamsschenkel voorgeschoteld had gekregen. Het was haar vooral opgevallen omdat ze een bepaalde naam had opgevangen… “Maar het was een beetje raar verhaal” sprak Rhiann hoorbaar met enige tegenzin, die nog steeds hardnekkig naar de lege haard staarde. Ze wilde niet rondkijken. Ze wilde die ene, vage herinnering die ze aan deze plek had (of was het een vergelijkbare plek geweest, en niet deze plek per se?) niet ophalen en verdrong deze dan ook met de beelden van een paar dagen geleden. “Ik ehm…” Ze draaide zich nu dan toch wel richting Evangeline en toen ze haar blik die van het meisje kruiste vond ze het lastig iets van humor in haar grijze ogen te verbergen. Het was ook wel erg eh.. apart geweest, zeker nu het Daniel betrof – en deze plek maakte het op de een of andere manier nog Kafkaësker. “Wat ik hoorde.. En ik denk niet dat… Maar ik hóórde dat Mr. Bennett de kinderen van Lady Radnor zou hebben bedreigd met… nuja. Een blokfluit.” Even hield ze stil, voordat ze hardop in lachen uitbarstte. Dit was allemaal gewoon zo bizar. Het duurde even voordat ze zichzelf weer onder controle had, maar uiteindelijk wist ze zichzelf terug te brengen naar deze verschrikkelijke ruimte. “Ehm.. nuja. Ik zou niet geheel kunnen instaan voor het karakter van Mr. Bennett, maar hier zie ik hem dan weer niet echt voor aan." Haar blik werd wat weer serieuzer. “Maar... Ik denk wel dat er iets is gebeurd. Zeker nu wij zijn verplaatst en hier zijn opgesloten.” Ze dwong zichzelf om Eva te blijven aankijken en haar blik niet te laten dwalen. “Het lijkt gek als mijn vader dat zou doen voor enkel drie dagen, denk je niet?” Tenzij zij zou ‘mogen’ blijven in deze toren, die officieel toch aan het Cadwgan landgoed toebehoorde. Ze wist plotseling niet of ze ondanks al haar wensen gewoonweg liever weer verbannen zou zijn naar een of ander klein dorpje, ver weg van alles wat eens haar identiteit had gevormd maar wel vrij om binnen de beperkingen te gaan en staan waar ze wilde. Want ondanks dat ze verbannen was, was ze nooit opgesloten geweest in de nauwste zin van het woord. Ze was geen gevangene geweest, niet zoals Keane daar zijn dagen moest doorbrengen in de kerkers… bij de gedachte aan haar zoon stapelde een zware pit zich wederom op in het diepste van haar buik. Onbewust schoof ze wat dichter naar Evangeline toe, die ondertussen naast haar was neergezakt op de bank, en aaide ze ter afleiding voorzichtig door Griffith’s zachte babyhaartjes. "Maar goed, misschien heeft het wel een andere reden..."
  4. [1838]Taking steps is easy, standing still is hard

    Rhiann was even verbaasd als Eva toen de deur plotseling rond het middaguur werd geopend, maar wist haar gezicht nog enigszins in de plooi te houden. Ze zag de schrik over het gezicht van haar metgezel glijden maar schudde haar hoofd – want haar vader had dan zo zijn eigen beweegredenen voor datgeen wat hij deed, maar hij was alsnog een man van zijn woord. Zij had evengoed als Evangeline geteld dat ze nog drie dagen hadden en dus zou haar vader hen nog drie dagen geven. Nee… het leek alsof er iets anders was gebeurd, en terwijl ze haar spullen pakte en kritisch keek of Eva wel alle spulletjes van Griffith en de baby zelf had verzameld probeerde ze alle roddels die de afgelopen dagen tot haar waren gekomen nog eens in haar hoofd op een rijtje te zetten. Er was vast wel iets waar dit op kon duiden… Evangeline zag wel erg bleek en de vraag of het niet beter zou zijn dat ze het baby’tje even zou overnemen brandde op haar tong, totdat ze het ook daadwerkelijk vroeg. Toen haar verzoek werd genegeerd perste Rhiann even haar lippen op elkaar en keek ze de andere kant uit, een gepikeerde blik in haar lichtgrijze ogen. Ze wist niet precies waar ze heen gingen, al herkende ze in grote lijnen het terrein rond het kasteel wel uit haar jeugd. Er was een meertje achter die bosjes waar ze vroeger wel eens ging zwemmen met haar kindermeisje als haar vader niet thuis was. Haar vader had haar voor het eerst onder de cruciatusvloek gezet toen ze van die plek eens een gewond eendje mee naar huis had genomen en had geweigerd hem het beestje vlug uit zijn lijden te laten verlossen. Rhiann bleef even stokstijf stilstaan toen de toren in het zicht kwam, verscholen als deze was onder een muur van klimop en een spreuk die de grove stenen op de een of andere manier minder zichtbaar maakten. Ze werd echter gemaand om door te lopen en zette met enige moeite de volgende stappen. Toen de zware deur achter hen dichtviel slikte ze even, voordat ze zichzelf herpakte en met haar tas in haar trillende vingers de lange, spiraalvormige trap begon te beklimmen. De trap kwam uit op een ronde, simpel ingerichte torenkamer. Een tweede trap leidde verder naar boven, maar Rhiann stapte de eerste ruimte in en keek zoekend rond, alsof ze een punt van herkenning zocht, voordat ze zich langzaam richting Evangeline draaide. “Het terrein van Cadwgan Castle was vroeger minder omvangrijk. Dit is een van de torens van de vroegere buitenmuren” sprak ze zachtjes, voordat ze haar armen over elkaar sloeg en neerzakte op een van de banken. Rhiann deed zichtbaar enige moeite haar gevoelens te onderdrukken terwijl ze een blik op het baby’tje wierp. “Evangeline… ik denk dat het is uitgesteld. Dat je meer tijd hebt gekregen.” Ze zuchtte en schonk het meisje een waterige glimlach, al wist ze zelf niet zo goed wat ze ervan moest denken. Deze plek! Van alle plekken waar haar vader hen heen had kunnen sturen... “Ik denk dat er iets is… gebeurd.”
  5. [1838]Taking steps is easy, standing still is hard

    Ook Rhiann telde de dagen, al was het niet om geheel dezelfde redenen als Evangeline. Aan de ene kant leefde ze heus met het meisje mee en zou het ook haar toch wel wat pijnigen als Eva door haar vader ruw van haar zou worden losgetrokken. Het was iets waar Rhiann zich een tijd geleden al op had kunnen voorbereiden, maar wat het leed niet bepaald zou verzachten. Ze hadden ondertussen heel wat samen meegemaakt… maar aan de andere kant zou het betekenen dat ze Griffith geheel voor zichzelf zou hebben en kon ze haast niet wachten om de baby als de hare in haar armen te kunnen sluiten. Maar met het tellen van de dagen verliepen ook haar kansen; want ondanks dat Griffith een mooi hoofddoel was, wilde ze koste wat kost niet wederom in verbanning worden opgesloten. Ze wist dat haar vader haar nooit terug naar haar oude huisje zou sturen maar ze opnieuw zou moeten verhuizen, waarmee ze voor de derde maal haar weg zou moeten vinden in een dreuzeldorp waar niemand haar kende en voor de tweede maal met een baby’tje in haar armen. Och, haar vader zou er heus wel voor zorgen dat ze van enige gemakken was voorzien, maar wat als dit kindje op leeftijd kwam? Wat als hij hem weer van haar zou afnemen, zoals hij eerder met haar eigen zoon had gedaan? Nee, ze wilde meer, ze wilde haar plaats in de wereld die ze eens had gehad en ze wilde zekerheid, zoals Aria die had gekregen. En ze had haar vader nodig om die plek wederom te bemachtigen. Maar zoals het ging had ze wel enige vrijheid gekregen om op gezette tijden en geschaduwd door bewaking wat meters in het kasteel te maken. Ze liep haar vader echter niet tegen het lijf en na die ene keer zag ze ook Aria niet meer. Eenmaal werd ze op het verzoek dat ze naar de Graaf had geuit naar Keane gebracht en werd ze er kort aan herinnerd hoezeer ze haar vader haten kon. Ze vroeg zich af of het een waarschuwing was, gericht aan haarzelf, dat haar zoon er zo uitgemergeld uitzag, zijn groene ogen leeg en ontdaan van ieder vorm van vreugde. Hij was duidelijk onder invloed van de imperiusvloek, wat betekende dat ze niets voor hem kon doen als hij er zelf niet uitbreken zou. Het was vast een test van haar vader, die de jongen duidelijk reeds was gefaald. Ze had de tranen weggeslikt van machteloosheid en woede op zowel haar vader als op de jongen, die zich er blijkbaar bij had neergelegd, en was de kerkers uitgestampt; de weerzinwekkendheid van dat beeld brandend op haar netvlies. Daarnaast was haar toegestaan om in de Keukens dagelijks maaltijden te nuttigen die toch wat voedzamer waren dan datgeen wat Evangeline werd voorgeschoteld. Ook werden haar maten gemeten voor een stapeltje nieuwe, redelijk simpele jurken (maar Rhiann was allang blij dat ze even iets anders aan kon dan datgeen wat ze had gedragen op de dag dat ze was vertrokken uit haar dorpje) en mocht ze wat kinderkleding uitzoeken voor Griffith. Ze deelde enig voedsel wat ze kon meesmokkelen en een deel van de kleding die haar werd toebedeeld met Evangeline – maar het belangrijkste waren toch wel de flarden nieuws die ze in de keuken wist op te vangen. Ze hield echter ook veel voor zichzelf, zoals ze merkte dat Eva ook veel in zichzelf was gekeerd terwijl ze rouwde om het leven wat ze had kunnen hebben. En terwijl Rhiann plannen bedacht om haar vader te strikken, om hem te overtuigen dat ze zou mogen blijven en zich heus deze keer als een goede dochter zou gedragen, tikten de dagen voorbij… en ook zonder dat ze die ander zag, naar wie ze toch niet zou toegeven enigszins uit te kijken. Zelfs als ze hem toevallig in het kasteel zou tegenkomen, waaruit hij vast verbannen was al was hij haar vaders zwager, zou ze moeten doen alsof ze hem niet herkende. Daarnaast was het niet alsof hij iets voor haar zou kunnen betekenen. Maar Daniel Bennett was altijd al iemand geweest die kon optreden als katalysator in de breedste zin van het woord – en was dat niet precies wat ze nodig had? Maar al haar wensen werden niet gehoord. Veertien, dertien, twaalf, elf, tien, negen, acht, zeven, zes, vijf, vier, drie –
  6. Rhiann nam langzaam een slokje thee, voordat ze antwoord gaf. Hoe het was geweest om in Cadwgan Castle op te groeien? Het was… “Soms wel eenzaam” antwoordde ze eerlijk, voordat ze haar grijze ogen met een ietwat indringende blik over Evangeline heen liet glijden. “Ik kan mij weinig herinneren van mijn moeder, maar ik weet nog dat ik iedere dag zwart moest dragen nadat zij en mijn baby-broertjes waren overleden. Mijn vader… hij besloot niet direct te trouwen, daarna. Hij was veel weg, maar als hij thuis was dan mocht ik vaak op zijn werkkamer met mijn poppen spelen of dan nam hij mij op schoot om te vragen hoe mijn dag was geweest.” Rhiann glimlachte even terwijl ze de herinnering ophaalde naar de zeldzame momenten dat het even zij en haar vader tegen de wereld was geweest. Hij had altijd geprobeerd tijd voor haar vrij te maken, toen. “Toen ik een jaar of zeven, acht was besloot hij te hertrouwen. Toen… veranderde er eigenlijk wel veel.” Rhiann draaide het kopje thee in haar handen en keek naar de theebladeren op de bodem. Ze was plotseling vaag benieuwd wat eruit zou komen terwijl ze het verleden beschreef wat lang in haar gedachten onder een dikke laag stof had gezeten, bang om datgeen op te halen wat haar altijd had gemaakt tot wat ze was. Ze zou nu kunnen stoppen, het verleden te laten rusten… maar toch besloot ze door te vertellen. Al was het niet voor Evangeline, dan was het wel voor haarzelf. Ze was een Cadwgan en daar hoorde een bepaald verhaal bij. Het leek het juiste moment om dat verhaal op te halen. “Mijn nieuwe stiefmoeder was plotseling altijd thuis en daarom stuurde ze de gouvernante weg die voor mij had gezorgd sinds mijn moeder was overleden. Ik herinner mij nog dat ik plotseling alleen nog maar stijve jurken mocht dragen en mijn dagen vanaf dat moment gevuld waren met allerlei lessen, zoals etiquette en Engels, Frans, Duits en Latijn. Ze vond vooral mijn accent verschrikkelijk, maar dat kwam misschien omdat mijn gouvernante mij juist daarvoor ook wel een deel van die lessen had gegeven, maar dan in het Welsh. Dat was lastig weer af te leren.” Rhiann gniffelde even. Ze kon zich nog wel enkele stilzwijgende ruzies herinneren tussen haar vader en haar nieuwe stiefmoeder, waarbij die laatste vond dat haar accentloze Brits nog niet accentloos genoeg was. Volgens haar stiefmoeder was het er nooit helemaal uitgegaan, maar haar vader had haar altijd verteld dat je het nauwelijks hoorde. Was dat een leugen geweest, zoals al het andere? “Maar om je vraag te beantwoorden… ik zou het niet kunnen zeggen, denk ik. Mijn vader had vanaf dat moment minder tijd voor mij, ookal leek hij die tijd ook niet aan zijn nieuwe vrouw te besteden. Maar als hij er was, dan gaf hij mij altijd redelijk veel vrijheid.” Even hield Rhiann stil. Want ja, die grote vraag… Ze keek Eva aan. “Hij zette mij niet onder druk om te trouwen, bijvoorbeeld.” Ietwat opgelaten nam ze nog een slokje thee. Dit was een gevoelig onderwerp, zowel voor haarzelf als voor Evangeline. “Al was dat misschien wel… beter geweest.” OOC: Post 100!
  7. [1838] One Happy Family

    Ze waren vier (of eigenlijk nog net geen vier, maar dat kostte ongeveer een half uur om uit te zoeken haha). En helaas, geen snullen… hoewel Aria het natuurlijk fout kon hebben. Misschien was alleen het meisje magisch. Rhiann trok haar blik van de kinderen af en verplaatste deze naar Aria, voordat ze enkele stappen richting de vrouw zette die ze ooit haar beste vriendin had genoemd. Ze leek zich echter te bedenken en bleef ook plotseling weer stilstaan, twijfelend, alsof ze dacht dat ze er niet goed aan zou doen om… Maar hoeveel kansen kreeg ze nog? Het was zo onzeker wat de toekomst haar zou brengen. Was dat niet wat ze ook met Daniel had gedaan, zich zo onkarakteristiek in zijn schoot geworpen? Ze had dan misschien geen spijt, maar ze vroeg zich ergens toch ook wel af wat hij van haar denken moest. De gedachte aan hem sterkte haar wel weer wat. Want wat Aria kon, had zij ook gedaan. Een huwelijk met haar eigen vader voor een nacht met Aria’s broer – niet bepaald een eerlijke ruil, maar goed. Wie weet wat ze daar nog uit kon slepen. “Ik heb je gemist, Aria” sprak Rhiann zachtjes. Ze kwam nog wat verder naar voren en aaide Clementine over haar donkere haren. Het meisje keek even twijfelend naar haar moeder, voordat ze ook wat naar voren kwam om haar simpele jurk te bekijken. Rhiann glimlachte even naar het kind, voordat ze Aria met een serieuze blik in haar grijze ogen aankeek. “Ik zou zo graag willen dat alles weer terug zou gaan naar… hoe het vroeger was.” Ze haatte het om afhankelijk te zijn van anderen. Maar het was het enige wat haar nog restte, vanuit haar barre positie. En zou Aria haar niet enige handreiking kunnen geven die ze zo nodig had?
  8. Speeltijd was over – zoveel was duidelijk. Ooit had Rhiann wel degelijk van een lange jacht gehouden, van flonkerende blikken over glazen vol bruisende champagne, welke haast wel licht leken te geven in het halfduister van rokerige balzalen. Het paste een dame om zich op te stellen als prooi, nooit te gewillig maar altijd net in zicht – niet ver genoeg uit beeld om vergeten te kunnen worden maar ook niet dichtbij genoeg om het risico te lopen tot aangeschoten wild te bekomen. Camilla had zich duidelijk te ver uit Daniel’s beeld geplaatst. Of misschien was het meer dat Daniel nooit genoeg had gehad aan een enkele ziel in zijn bestaan en zich heer en meester moest en zou maken over alles wat het waard was om te kunnen krijgen. Hij leek daarin niet veranderd, al had ze nog te weinig tijd met hem gespendeerd om dat soort fijne karaktertrekken daadwerkelijk te doorgronden. Wellicht was het fout hem daarin te geven wat hij wilde, al was het een weerspel geweest van datgeen wat hij haar kon bieden en zij hem daarin terug kon verschaffen. Hij stond in een machtspositie boven haar en had ook heel goed datgeen kunnen nemen waar hij dacht dat hij recht op had zonder al deze moeite te doen. Alhoewel Rhiann zich daar wel degelijk in van bewust was, had ze toch niet het idee dat zij de gehele reden was dat Daniel had ingestemd Evangeline’s zaak aan te nemen. Maar gezien dat iets leek te betreffen wat speelde tussen Daniel en haar vader, was de kans klein dat ze daar ooit geheel achter zou komen. En maak geen vergissing; ze wilde hem even graag als de mate van begeerte die ze in zijn blik las toen hij die over haar heen liet glijden. Misschien nog wel meer, omdat hij voor meer stond dan het feit dat ze ooit vrienden waren geweest. Zijn naam en status hadden reeds enkele deuren voor haar geopend die ze voor altijd gesloten had gedacht. Dus ja, ze was voor nu van hem, en al wist ze wel beter door het verlies van vertrouwen en hoop de afgelopen twintig jaar, toch het liefst in ieder geval tot het vroege ochtendgloren zodat ze zich niet de slet zou voelen wiens cliënt als een dief in het holst van de nacht weer zou zijn vertrokken. Zijn woorden klonken dan toch in ieder geval alsof hij niet van plan was in tien minuten weer buiten te staan. Ook Rhiann leunde iets achterover, al werd het toch steeds lastiger de neutrale blik op haar gezicht wat te bewaren. “Misschien moeten we dan maar aan het begin van je lijstje beginnen” sprak ze rustig, al verraadde ze zichzelf door een lichtroze blos op haar wangen onder de meedogenloze blik van zijn bruine ogen. Loom haalde ze de toverstaf tevoorschijn die hij haar had gegeven en zwaaide er ietwat mee, wat haar in staat stelde voorzichtig haar schouders en armen uit de jurk te bevrijden. De beweging toonde haar korset en een met net kant afgezette onderjurk, die toch wel een stukje minder verhullend was dan de jurk van zojuist. “Al zul je iets specifieker moeten zijn in welke jurk je precies bedoelt” sprak ze plagend, voordat ze behendig de knoopjes van zijn overhemd deed openspringen. Ietwat keurend liet ze haar blik over hem heen glijden, voordat ze haar hand ergens op zijn bovenbeen plaatste en wederom wat in leunde. “Dat is mij nog niet geheel… helder.”
  9. [1838] One Happy Family

    Aan de ene kant vond ze het lastig het beeld van haar vader uit te sluiten als ze naar Aria keek. Het voelde als een grove doorkruising van het vertrouwen in haar beste vriendin nu ze er met haar vader vandoor was gegaan. Maakte het dan nog uit dat je elkaar twintig jaar niet had gezien? Was dat niet iets wat je gewoonweg.. niet deed? Daarbij… het was gewoon zo lastig voor te stellen dat Aria dat echt had gedaan, al had haar vader het haar verteld. En natuurlijk had ze haar stiefmoeder nooit echt gemogen en rouwde ze ook niet zozeer om haar dood, maar gewoonweg het feit dat Aria nu een betere titel had dan zijzelf… dat ze door het accepteren van de hand van haar vader Gravin was geworden… Eigenlijk had ze gedacht dat Aria dat wel in haar gezicht zou vegen, de eerste keer dat ze haar tegenkwam. Maar misschien was ze een beetje te overweldigd door haar plotselinge verschijning. Rhiann kon zich toch niet voorstellen dat dat opzet van haar vader was geweest. En misschien was het ook wel iets goeds. Ze had geen bondgenoten in dit verhaal, behalve dan diegenen die ze voorzichtig om zich heen had verzameld. Ze kon natuurlijk eenieder gebruiken en kon het zich niet veroorloven enige schilfetjes van vertrouwen te laten vallen. En Aria, die wellicht enige invloed over haar vader zou hebben… rationeel gezien was hun vriendschap doen herleven het beste wat ze kon doen. En toch, dat met haar vader… Na even stil te zijn geweest, zette Rhiann voorzichtig wat stappen richting de Gravin. Haar blik gleed over haar eigen jurk bij Aria’s woorden, en even glimlachte ze wat opgelaten. Het was nog steeds dezelfde, simpele, zelfgemaakte jurk – ze had een stapeltje nieuwe onderjurken gekregen, maar dat was het dan ook. “Dan lijkt ze op haar moeder” sprak ze zachtjes. “Hoe oud zijn ze?” Ze rechtte haar rug nog eens en bekeek het jongetje. Het kon een erfgenaam van het Cadwgan fortuin zijn, als haar vader dat zou willen… Als hij van Keane’s lijn af wilde. Hoeveel moeite was het de ene bastaard voor de andere in te wisselen? En dit was nog niet eens een bastaard, als ze het gokken moest... dit was het kind dat was geboren uit het huwelijk van Aria. De kleuter had Daniel’s neus en Aria’s haarkleur, en toch… iets in die blik leek ook wel een beetje op Keane, toen hij die leeftijd had. Maar dat was vast een moederlijk vooroordeel. “Hebben ze al tekenen van magie vertoond?” Ze waren half-dreuzel, hm? Wie weet was het jongetje wel een snul – dat zou Keane’s plaats als erfgenaam wel veilig stellen.
  10. Of Rhiann precies wist waar de Bennetts zich mee bezig hielden? Ze wist… genoeg, om het zo maar te stellen. Zeven jaar met Aria als haar beste vriendin en Daniel als een van haar beste vrienden, of in ieder geval als iemand die zich toch vaak om hen heen had bevonden al was het maar omdat ze in dezelfde afdeling hadden gezeten, hadden haar toch wel het een en ander duidelijk gemaakt. En ze had heus wel iets vermoed omtrent datgeen waar haar vader Daniel voor zou gebruiken, want ze had zich misschien niet al te lang, maar toch wel lang genoeg in de Cadwgan-kringen bevonden om te weten dat haar eigen vader ook heus niet altijd binnen de lijntjes kleurde – en het liefst het een en ander uitbesteedde als het even kon. Maar ach. Dat was business – al wist iedereen dat het gebeurde, dat maakte nog niet dat je erover praten zou. Hoe saai en mondain zou de wereld er dan toch uitzien! Daarnaast was ze nog nooit op een man gevallen door de enkele puurheid van zijn ziel. Wat geld, wat macht, ietwat van een toevallige, gezamenlijke geschiedenis daarentegen… “Wat een voorstel! Een smet op mijn besmeurde reputatie! Dat het toch ooit mogelijk zou worden misbruik te maken van een man” sprak Rhiann grinnikend, een twinkeling in haar grijze ogen. Even bewoog ze haar eigen, lege glas tussen haar vingers, alsof ze nog even twijfelde, voordat ze naar hem opkeek en zich wat langs hem bewoog zodat ze iets zijn oor kon fluisteren. Hij was nu dichtbij. Zo dichtbij dat ze gemakkelijk haar lippen over de rauwe stoppels van zijn kaak kon laten glijden. Dat was een interessant idee. “Ik smacht naar iets nieuws” fluisterde ze zachtjes, de uitdagende toon niet te missen - doch geheel naar waarheid. "Had je soms iets... specifieks in gedachten?"
  11. [1838] One Happy Family

    10 mei 1838 Cadwgan Castle, Wales Ze was nog geen week in Cadwgan Castle, maar het begon met de dag vertrouwder te voelen. Ja, natuurlijk was ze nog niet echt thuis, kon ze niet gaan en staan waar ze wilde en had ze niet eens een toverstaf om haar eigen te noemen, maar de kamer die tijdelijk aan haar en Evangeline Lennox was toebedeeld maakte toch wel degelijk deel uit van het kasteel; en dat was het meest dichtbij een normaal bestaan dan ze de afgelopen twintig jaren was geweest. Griffith, het baby’tje wat ze haar kleinkind noemen kon, groeide met de dag en werd wat sterker – maar iedere dag was er ook weer een die van Evangeline’s leven aftikte. Ze voelde het aan het meisje, voelde dat ze meer en meer aan de baby trok en hem vast wilde houden, alsof ze daarmee zichzelf redden kon. Ze liet haar maar, voor nu. Nog zeven dagen en dan zou het baby’tje de hare zijn. Terwijl Evangeline het kindje waste, was Rhiann voorzichtig de gang op gestapt om eens te zien of ze meer schone luiers konden krijgen. Die gingen er toch rap doorheen; ze hadden er nog maar één! De bewaker was er een geweest die ze nog niet kende en hij had haar gezegd dat ze maar naar de Keukens moest om een nieuwe stapel te halen. En Rhiann, die zich geen kans ontzegd zou zien om eens een rondje door Cadwgan Castle te dwalen, was vlug de kamer uitgeglipt zonder de bewaker nog een blik waardig te gunnen. Die luiers zou een huiself wel kunnen halen! Zij was vooral nieuwsgierig naar hoe alles eruit zag, hoezeer haar herinneringen van de plek waar ze was opgegroeid nog klopten. Ze had eerst voornamelijk de grote, ruimte plekken vermeden, bang dat ze was om direct gesnapt te worden voordat ze veel had kunnen zien, maar de nauwe gangen bovenin het kasteel waren toch wat te saai geworden en dus was ze naar beneden gedraald. In een van de zitkamers boven bleef ze even staan terwijl ze haar grijze ogen over de ruimte liet gaan. De gordijnen waren veranderd, maar achter de oude had ze zich als zesjarige vaak schaterlachend verstopt terwijl een van haar gouvernantes haar probeerde te vinden. En daar op het balkon had ze haar eerste sigaar gerookt, die een van de zonen van een vriend van haar vader voor haar had meegenomen. Even glimlachte ze afwezig, in gedachten verzonken naar een ver en ongrijpbaar verleden, toen twee kinderen plotseling luid giechelend de ruimte binnen kwamen rennen, hun appelvormige wangentjes rood van de inspanning. Rhiann schatte ze een jaar of vier, vijf. Ze wilde zich eigenlijk alweer omdraaien, want ze had weinig zin om door de bediende die deze kleuters achterna joeg te worden ontdekt, toen haar blik toch nog iets langer op het jongetje bleef hangen. Hij had wel iets weg van Keane. Maar Owen was nog een baby, toch? Dit kon hem niet zijn… “Goedemiddag” sprak Rhiann, een glimlach op haar gezicht terwijl ze iets naar voren stapte. De kinderen schrokken duidelijk een beetje, maar leken ook weer niet zozeer onder de indruk. Ze slopen vast vaker door het grote kasteel. “Wat zijn jullie aan het doen?” “Hallo, mevrouw” sprak de ene kleuter beleefd. “We moeten ons verstoppen!” “Ja, voor het monster!” vulde het jongetje aan. “Of nuja. Ze heet eigenlijk Thea.” Ze spraken accentloos Brits – iets wat ze eigenlijk al een tijdje niet had gehoord. De enkele keer dat ze Keane had gesproken, had ze ook bij hem toch wel iets van het Welshe accent erdoorheen gehoord. Niet zijn kinderen, dan? “Oh, en waar is dat monster dan wel niet? Of iemand anders die op jullie aan het passen is?” Rhiann keek om zich heen. "Hier zie ik geen monsters hoor!" Nee, de monsters in dit kasteel zaten redelijk goed verstopt... “Nou, daar is mama!” riepen de kinderen in koor, voordat ze vliegensvlug de ruimte doorkruisten naar iemand die zojuist was binnengekomen. Rhiann rechtte haar rug en draaide zich om. Ze wist niet zo goed wat ze had verwacht. Maar in ieder geval niet… “Oh. Aria” sprak Rhiann verbaasd. “Zijn dat… zijn ze… Pardon, ik…” Snel herpakte ze zich. “Ik… moet je feliciteren met een huwelijk, geloof ik.” OOC: Met Lily!
  12. Of Rhiann had gedacht dat ze zich ooit thuis zou kunnen voelen op een plek als dit? Natuurlijk niet; en natuurlijk zou ze ook nooit toegeven hoezeer dit haar thuis voorstelde– of nuja, dat was toch wat ze ophield. In werkelijkheid vormde de eenvoudige boerderij natuurlijk reeds tien lange jaren haar huis, en de tien jaren daarvoor was ze op eenzelfde plek verstoten geweest. Daniel zou van alle mensen toch wel moeten weten hoe groot het aanpassingsvermogen was van de mens; ze handhaafden zich in hun verbanning of in kelders, gevangenissen groot of klein. Rhiann had zich aangepast om te kunnen overleven – eerst met een kleine, tegenstribbelende, donkerharige kleuter op haar arm en vervolgens ontdaan van haar kind op een nieuwe plek en met andere mensen. En toch; haar ware thuis was Cadwgan Castle. Dit was… tijdelijk. Of zo had ze zichzelf al die jaren laten geloven, totdat het een waarheid was waar ze mee leven kon. Rhiann nam het Aria aan de ene kant kwalijk dat ze haar vader was getrouwd. Maar aan de andere kant… zou ze zelf ook niet iedere kans aanpakken om hogerop te komen? Was dat niet precies wat ze aan het doen was? Nuja, wellicht niet stipt wat ze op dit moment aan het doen was – al wist ze ook niet precies wat dit wel was. Ja, Daniel zou haar enigszins kunnen helpen om hogerop te komen; kon zijn naam, geld, invloed en juridische vaardigheden gebruiken als opstapje om iets voor haar te betekenen - als hij daar zin in had. Maar had hij daar zin in? Zou hij nog steeds bereid zijn haar te helpen na een avond als deze? Het bleef een vreemde gewaarwording dat hij hier echt naast haar op de bank voor het haardvuur zat, als relikwie uit andere en betere tijden. De zachte, zinderende spanning die zijn aanwezigheid opwekte was onmogelijk te negeren… hoe hij wat in leunde, hoe hij naar haar keek. Ze zag weerspiegeld in zijn blik hoe ze hem verwonderde, alsof ze een herontdekt speeltje was wat vergeten onder de kast was geschoven en nu na tijden plotseling was opgerakeld. Was het erg dat ze hetzelfde voelde? Was het problematisch om hieraan in te geven met het risico zijn nieuwsgierigheid te verzadigen? Had ze dat al niet gedaan door het initiatief te nemen hem te kussen in zijn kantoor – was dat niet precies het gedrag waarom haar vader haar had verbannen terwijl hij haar met boze woorden uitschold voor alle goedkope hoeren die hij bedenken kon? Ze wist het niet zo goed. Maar ze had ook voldoende wijn gedronken dat het haar allemaal ietsje pietsje minder schelen kon. Compenseren, hmm.. Ze wist wel een of twee dingen waar ze in kon compenseren. Rhiann grinnikte zachtjes bij zijn woorden, waarna ze ietwat spottend een slok van haar wijn nam, haar blik gevangen in de zijne. “Ach, of het nu echt een geheim was weet ik niet” sprak ze luchtig. “Al zou ik toch niet hopen dat je nu insinueert dat een heer als jij destijds misbruik hebt gemaakt van enige aangeschotenheid van mijn vijftienjarige zelf! Dat zou toch wel… verwerpelijk zijn.” Rhiann verplaatste haar arm iets, waardoor deze nagenoeg tegen die van hem aanlag – bijna, maar niet helemaal. “Al is het inderdaad zolang geleden, dat ik mij er ook weer niet zoveel van kan herinneren.” Ze glimlachte liefjes. “Misschien moeten we ons geheugen toch wat… opfrissen.”
  13. Wat Daniel te maken had gehad met de verbanning van zijn zuster? Ze wist het niet; ze had niet geweten dat haar beste vriendin zwanger was geweest tot het tijdstip dat vragen niet meer gesteld konden worden. Niemand had na Aria’s verbanning iets willen loslaten over hoe het met haar ging…. Aria’s ouders niet, Daniel niet. Misschien hadden ze het niet geweten; wellicht had het hen gewoonweg niets kunnen schelen. Niet zoveel later was haar hetzelfde lot overkomen en toen had ze helemaal niets meer kunnen vragen. Nu het allemaal wat minder pijnlijk leek zou ze wederom kunnen proberen de informatie te achterhalen, maar er waren momenteel toch belangrijkere dingen aan de orde. Daarbij was het meer iets voor Aria om het haar te vertellen dan haar broer; als alles liep zoals datgeen waar ze op rekende, zou ze toch genoeg tijd hebben om binnenkort met haar nieuwe ‘schoonmoeder’ bij te kletsen. Agh. “En nu is ze getrouwd met mijn vader” sprak Rhiann, de toon van lichte agitatie niet geheel verhullend. Mocht ze dat ook tot Daniel’s fouten rekenen? Ze hoopte het toch niet, want het kwam haar momenteel beter uit als haar vader en Daniel van twee verschillende zijden van het conflict hun keuzes maakten. Al gaf het haar wellicht kansen… De plotselinge sprong in stand die Aria had gemaakt was zachtzinnig uitgedrukt opvallend. Was ze niet getrouwd geweest met een dreuzel? Maar ach; wellicht was het huwelijk met haar vader toch niet zo plotseling geweest als de krant het had doen voorkomen. Ze had niet voldoende informatie; Evangeline had haar ook weer niet alles kunnen vertellen. En vanavond (of elke andere avond) was geen moment om Daniel uit te horen. Nee; vanavond was eerder om erachter te komen waarom Daniel hier precies was. Al kon ze wel iets afleiden uit de blik in zijn ogen. “Spijt kan een leven tekenen” sprak ze, haar stem zacht als fluweel over haar glas rode wijn. Bedachtzaam nam ze een slok, haar blik op hem gericht. “Dingen die wel zijn gebeurd die beter niet hadden kunnen gebeuren… dingen die niet zijn gebeurd maar bij voorkeur plaats hadden moeten vinden…” Vooral dat eerste; wellicht ook toch iets van het laatste. Iedere keer als haar vader in haar tienerjaren het woord huwelijk in zijn mond had genomen had ze daar niets van willen weten; hoe anders had haar leven er nu dan uit kunnen zien! Twintig jaar met een of andere saaie Baron aan haar zijde, waarschijnlijk, in plaats van het hier en nu. Ze wist wel dat ze die Baron kiezen zou. Hoewel de verbanning haar had gemaakt tot de persoon die ze nu was – haar leven getekend in de meest letterlijke zin. “Soms heb ik spijt dat ik je niet meer heb opgezocht, op Zweinstein” merkte ze op, luchtig alsof ze het over het weer had. Waarschijnlijk had ze dat ook wel gedaan, als hij het gezelschap van Camilla toch niet prefereerde over dat van haar! En het was niet alsof het ooit had zou kunnen worden, daar haar vader had geëist dat ze met iemand van adel trouwde, maar ach. Daarbij waren er genoeg anderen geweest... Ze grinnikte even, voordat ze iets achterover leunde en zijn blik zocht. De wijn versterkte de lichtrossige blos op haar wangen en deed haar grijze ogen ietwat glinsteren. “Ik was een groot deel van mijn vijfde jaar tot over mijn oren verliefd op je, wist je dat?”
  14. [1837/1838] Success occurs when opportunity meets preparation

    Was het een blik van teleurstelling, die over zijn gezicht gleed? Rhiann rechtte haar rug en draaide zich vlug om naar de haard, zodat welke ongenode gast dan ook niet zou zien in wiens gezelschap Daniel Bennett zich bevond. Ze haalde even diep adem terwijl ze haar ogen sloot, haar vingers zachtjes tegen haar lippen gedrukt. Dit betekende niks. Hij betekende niks. Dit was gewoon een domme actie, het verval in een patroon waarvan ze dacht dat die niet meer bestond. Ja, er was een kans dat hij deze rechtszaak alleen maar om haar had aangenomen, om precies dit – maar kon ze het in dat geval niet beter laten hoe het was? Was er niet een grotere kans om alles kapot te maken, om zijn hulp te verliezen als hij zich klaar met haar achtte, als ze in ging op gevoelens die wellicht ook bij hem speelden? Ze had zich zolang geprezen op de eigenschap om alleen datgeen te doen wat in haar voordeel zijn zou, had zich vroeger ook heus wel kunnen inhouden om niet alles om emoties en verlangens te laten draaien. Maar hij maakte iets bij haar los wat ze twintig jaar lang angstvallig bedekt had willen houden – de hang naar mooiere, betere tijden. Hij bekeek haar met de blik vanuit hoe ze was geweest, niet hoe ze nu was. Twintig jaar lang had niemand haar zo bekeken. Ze draaide zich om toen ze de deur wederom gesloten hoorde te worden. Een vijftal minuten – dat was langer dan twee. Ze had zich herpakt en keek hem even aan, een lichte twijfel in haar blik toen hij haar zei dat hij haar weer wilde zien. Het was niet verstandig, het was niet juist – niemand kende haar adres en ze kon niemand vertrouwen. Maar het voelde ook opgesloten dat enkel haar vader wist waar ze woonde (naast Evangeline en Keane, die bar weinig voor haar betekenen konden). Niemand zou haar vinden als er iets met haar gebeurde. En dus, ondanks haar eerdere en huidige twijfels, won haar zwakkere zelf. Ze liep naar zijn bureau, waar ze op zijn stoel neerzakte (ah, dat was geen slecht uitzicht..) en een stukje perkament naar zich toe trok waarop ze in krullerig handschrift de gegevens krabbelde. “De mensen die van deze informatie op de hoogte zijn, kunnen op één hand worden geteld” sprak Rhiann langzaam, terwijl ze op hem afstapte en het opgevouwen stukje perkament in de borstzak van zijn gewaad schoof. Ze zocht kort zijn blik om er toch enig teken van vertrouwen in te vinden, waarbij ze probeerde over te brengen dat een fout op dit vlak haar duur zou kunnen komen te staan. “Succes morgen. Ik zal aan jullie denken.” En aan hem, maar dat haalde hij waarschijnlijk ook wel zo uit haar woorden. “Is er een manier waarop ik ongezien naar buiten kan?” Ze had weinig zin dat zijn criminele cliënten straks wisten wie er nog meer in zijn wachtkamer had gestaan – de kansen dat die informatie de weg naar buiten zou vinden was al redelijk groot.
  15. Rhiann bestudeerde Daniel voor een moment terwijl hij rondkeek. Ze wist dat ze hem een rondleiding moest aanbieden, of zag aan hem dat hij dat in ieder geval op prijs had gesteld; en dat was precies waarom ze het niet deed. Ze hield liever in het midden hoe klein de overloop richting de keuken wel niet was, hoe armoedig de keuken, hoe ze geen hulp had en alles zelf had moeten doen. Ze wilde hem vervolgens niet in de gelegenheid brengen om te gissen hoeveel moeite alles haar wel niet had gekost. Ze had het kleed op de vloer zelf gemaakt van de wol van het schaap wat ze zelf ter wereld had gebracht; had de eieren in de keuken en de groenten in de voorraadkost zelf verzorgd door de kippen en planten in haar tuin. Ze was er redelijk trots op, maar niet in zijn gezelschap; omdat hij het nooit zou begrijpen, daar zij het zelf nooit had begrepen als de noodzaak haar er niet toe gedwongen had. Langzaam nam ze een slok van haar wijn, voordat ze haar glas wat liet zakken. Dafydd had haar de wijn gegeven voor een speciale gelegenheid – nu, dit was speciaal, niet? Hij was er dan niet bij, maar ach. En het was goede wijn, beter dan ze normaal kon krijgen dan. Al was het vast niet wat Daniel tegenwoordig gewend was. “Dat is altijd wel een risico, met een van ons beider achternamen” glimlachte ze op een eveneens luchtige toon, doelend op het ongelukkige lot van haarzelf en zijn lieftallige zus - al zou dat waarschijnlijk betekenen dat er wel een erg finaal einde aan haar bewustzijn was gekomen. Het was echter altijd al beter geweest daar grapjes over te maken dan er een al te serieuze gedachtegang aan te weiden. Haar blik bleef even kort op zijn trouwring rusten aan de hand waarmee hij zijn wijnglas vast had, voordat ze zijn vraag beantwoordde. “Nee… ik was eerst in Rhayader, totdat mijn vader besloot mijn kind als zijn eigendom te behandelen.” Zou het ooit mogelijk zijn daar zonder bittere nasmaak aan terug te denken? Keane was het enige in haar hele leven geweest wat aan haar had toebehoort – en ook dat had hij haar afgenomen. Het had haar zoon wellicht een beter leven gegeven, maar zij had er dan toch niets voor terug gehad. “Omdat hij vervolgens bang was dat Keane mij zou kunnen vinden, heeft hij mij hierheen laten verplaatsen. Dat was... tien, elf jaar geleden?” Ze wist niet zo goed waarom ze Daniel de waarheid vertelde. Het voelde op de een of andere manier goed om haar vaders geheimen ineen te laten storten, alsof het delen van informatie waar slechts zijzelf en de Graaf van op de hoogte waren haar meer macht gaf over haar vader. Even was ze stil, haar blik op de aantrekkelijk uitziende, donkerrode substantie in haar glas. Ze had al een tijdje geen wijn gehad, en nu ineens drie glazen! En de avond was nog niet om. “Daniel…” begon ze voorzichtig, voordat ze zich wat oprichtte en zijn blik zocht. Ze had hier zoveel tijd om na te denken! En ze vroeg zich gewoon af… “Heb je wel eens… spijt gehad?”
×