Jump to content

Leaderboard


Popular Content

Showing most liked content since 12/18/18 in all areas

  1. 5 points
    Hey guys! Laurelles vierde jaar als afdelingshoofd zit er alweer op, dus bij deze de verkiezing voor de positie van AH van Huffelpuf! In dit topic kan je je personage dat zich kandidaat stelt voor de positie opgeven, samen met een ge-wel-dige speech/verkiezingsbelofte om de leerlingen van Huffelpuf aan jouw kant te krijgen. Als je wint, ben je afdelingshoofd van schooljaar 1838/1839 tot en met schooljaar 1841/1842. Opgeven kan tot 31 januari 2019. Verder wil Laurelle herverkozen worden, want Laurelle vindt de macht wel leuk. Dat is de volledige speech. #PickLaurelleDummies
  2. 5 points
    Will Fernes

    [1837/1838]If I had a flower

    Maart 1838 Shut up. Het was natuurlijk een beetje jammer, hoe hoog de sneeuw nog lag hier in de Schotse heuvels. Tenminste, dat hing af van je houding, van je perspectief, want het zag er schitterend uit en was prachtig als plaatje of als uitzicht uit je raam. Om erdoorheen te banjeren met weinig mogelijkheden tot navigeren echter viel het vies tegen. Het semi doelloos ronddwalen werd er niet gemakkelijker op en op de een of andere manier ook nog minder bevredigend... De sneeuw deed alle landschappen er enigszins hetzelfde uitzien, ongenaakbaar en onaangeraakt, en nam het idee van vooruitgang weg. Maar hey. Het was wel schitterend. En Will was geduldig, had zich dik ingepakt, en had toch weinig idee van vooruitgang, aangezien zijn enige richtpunt ‘ergens in de heuvels rondom Edinburgh’ was en er daar goh, aanzienlijk wat van waren. Hij wist niet eens of hij het nog zou kunnen zien, of althans of het er hetzelfde uit zou zien tegen die tijd. Irwin had gezegd dat er ooit spreuken op hadden gezeten die het tegen Dreuzelogen als de zijne hadden beschermd, maar het niet hadden doen verdwijnen. Will had wat doorgevraagd naar waarom ze nog hadden gewild dat Dreuzels het hadden kunnen zien, maar daar was Irwin knorrig van geworden en dus had Will het laten gaan. Net zoals hij die gedachte nu liever negeerde, want, kom op, het was al een fool’s errand en dat hoefde er niet nog meer in gewreven te worden. Hij zou het zichzelf gewoon kwalijk nemen als hij het niet oprecht probeerde. Hij wist hoe dingen tussen hen stonden, wat Irwins ouders hem wijs hadden gemaakt. Hij was bij zijn eigen graf geweest. Hij kon dat niet laten voortduren... dus vakanties waarin hij niets beters te doen had kon hij net zo goed een eindje gaan wandelen. Hield hem ook fit, nietwaar. Ja, dat was echt een valide argument voor een smid. De zoveelste heuvel over gaan en daadwerkelijk het kasteel aanschouwen wat hij zich kon herinneren - al leek het nu verzorgder, en was dat een doolhof in de tuin? - scheen hem dan ook in eerste instantie toe als een mirage. Zo onwaarschijnlijk.. maar Will was een praktisch type, dus liep hij naar de mirage toe en klopte op de deur.
  3. 5 points
    "Oh nee, het is echt geen enkel probleem," ze lachte luchtig. "Kijk naar hoeveel ruimte we hebben." Ze maakte een gebaar naar het kasteel en maakte haar gebaar om hem binnen te laten komen dus nog maar wat uitnodigender. Misschien was dat juist wel angstaanjagender, dacht ze geamuseerd. Ze kwam nu waarschijnlijk heel naïef of heel machtig over, want anders liet je niet zo gemakkelijk een vreemde man binnen in je huis. Gelukkig voor haar was het het laatste, zij zou hem al tegen de muur hebben geplakt, voor hij haar beet zou kunnen grijpen. Maar wees van harte welkom, Will, ex van Irwin, heus. Ze had overigens echt geen kwade bedoelingen, hoor. Maar ze was nieuwsgierig. Irwin had gedacht, en zij daarmee ook, dat Will dood was... Hallo... Dan stuurde je hem toch niet weer zo weg van je bordes? Yara knikte. "Ja, die ken ik." Ze nam hem ondertussen, met magie, zijn mantel en hing het aan de kapstok. "Irwin woont hier. Dus u bent aan het goede adres." Er kwamen ook wat borstels aangevlogen om hem te ontdoen van de sneeuw, de natte vlekken in zijn kleding werden gedroogd en hij werd weer wat opgewarmd. "Zo, nu voelt u zich vast weer wat meer mens." "En het is geen probleem, hoor. In het ergste geval was er niemand thuis geweest..." Yara glimlachte weer en ging Will voor naar de salon. "Wilt u koffie? Of thee? Ik kan ook warme chocolademelk voor u laten maken? Of wellicht wat sterkers om uw botten te verwarmen? Whisky?" Oh, ze was zo gastvrij dat ze er zelf haast misselijk van werd. "Ik ben Yara, aangenaam kennis met u te maken." Ze liet een korte stilte vallen. "Irwin is aan het werk. Ik kan een boodschap voor hem doorgeven? Maar u kunt hier ook wel blijven wachten als u wilt? Hij is er denk ik met een uur... misschien twee?" In de salon stonden verschillende fotolijstjes. Er waren, natuurlijk, foto's van Irwin en Yara samen; van hun reis door Europa, geforceerd gezellig met feestdagen en verjaardagen, heel hard lachend na een practical joke waarbij Yara's haar overeind was gestaan. Er waren ook foto's van Irwin met Gabriel, Irwin met Thomasin, Irwin met Cassidy. Van Yara waren er ook foto's met haar vriendinnen, zoals Aelin, Andy en Jennifer én natuurlijk ook met Daniel. Verder waren er nog de standaard verplichte familieportretjes en dat soort geneuzel. Yara vond het zelf wel een gezellige bedoening zo in de salon en van Irwin had ze er nooit klachten over gehad. "Hoe hebben jullie elkaar eigenlijk ontmoet?", vroeg Yara onschuldig. Zo kon ze nog even doen alsof haar neus bloedde, maar kon er nooit worden gezegd dat ze vragen had gesteld die impliceerden dat ze niet had geweten wie hij was. Daarom vroeg ze ook niet waarvan ze elkaar kenden, want... dat zou een beetje raar staan als Irwin zich later aan het gesprek toe zou voegen.
  4. 5 points
    Will Fernes

    [1837/1838]If I had a flower

    Vanzelfsprekend was aankloppen bij het kasteel waar je wist dat je geheime vriendje drie jaar geleden niet eens gewoond had geen optimale aanpak van zaken. De lichtjes in de tuin waren weliswaar motiverend evenals het licht achter de ramen en de rook uit de schoorstenen inzoverre dat ze suggereerden dat het pand nu wel bewoond werd, maar dat zei natuurlijk helemaal niets over door wie. En zelfs als het nog Irwin was of diens familie - wat niet helemaal buiten de lijn van verwachting lag want het was een familieverblijf geweest en die familie gaf geen tradities prijs - dan was het alsnog niet vrij van gevaar voor Will om zich voor de deur te poten en charmant vanonder zijn muts te lachen naar wat er dan ook komen mocht. Best case scenario, Irwin had tegenwoordig iets met decoratie in de tuin, woonde hier alleen en deed voor hem open. Worst case scenario, de deur ging straks open door Daphne Foulkes-Davenport en dit waren zijn laatste tellen alvorens magie... maar dat dacht hij niet, niet echt, want ze had Schotland altijd gehaat volgens Irwin en bovendien zou Daphne nooit zichzelf ertoe verlagen om een deur open te doen. Dus dan kwam hij er vast wel mee weg. Soort van... negenennegentig procent kans dat het goedkwam. Het scenario hield voorlopig het midden tussen best en slecht, want het was niet Irwin die hem verbluft aankeek maar ook niet Daphne. Misschien z’n zusje? Daar was een groot leeftijdsverschil geweest, van iets van tien jaar, en ze had iets van dezelfde kleuren al leek ze verder niet echt op hem. Of het was een van de zoveel nichtjes. “Oh, wat vriendelijk,” glimlachte hij, “echt, heel aardig, maar ik wil niet in de weg zitten,” een weg waar Daphne Davenport zich mogelijk op bevond, “maar ik vroeg me af, kent u toevallig Irwin Foulkes-Davenport? Ik zoek hem namelijk. En nee, excuses dat ik niets heb laten weten, maar ik had het adres niet.” En anders de postbode toch zeker niet, en uilen waren ook nogal schaars in Dreuzeldorpjes. En als die brief bij iemand anders was aangekomen had hij dat weer. Welnu. Geen van de dingen die hij moest doen voor dit alles was ideaal. Hij kon zich er niet meer druk om maken. “Ik ben Will, overigens. William.” En hij hoopte maar gewoon dat hij niet te bedreigend overkwam. Maar ook niet te niet, want hij hoefde zichzelf niet meer aan de verkeerde kant van een toverstok te vinden.
  5. 5 points
    Er lag nog steeds sneeuw op het landgoed van Dunfermline. Yara had de tuin versierd met dansende lichtjes in glazen lantaarns langs het tuinpad en ook de bomen hadden wat lichtjes en warme en gezellige versieringen. Met de mogelijkheid dat ooit een dreuzel het zou aanschouwen, had ze geen rekening gehouden. Waarom zou ze ook? Alsof het bij iemand op zou komen dat de beveiliging van Foulkes-Davenport niet ook gericht zou zijn in het succesvol afweren van dreuzels? Het was overdag, maar Yara was thuis. Ze had de volgende week tentamens en op een responsiecollege na, waar je nog eventuele vragen kon stellen, was ze roostervrij als voorbereiding op studeren. Normaal zou Yara waarschijnlijk naar al dat soort colleges zijn gegaan, maar nu niet. Het overkoepelende thema van alle vakken was nu gif, vergiftiging en dat soort dingen. Inclusief hoe je dat kon herkennen wanneer je een lijk moest schouwen... Iedereen verwachtte dat ze al haar tentamens met vlag en wimpel ging halen en dat ze dit nu met twee vingers in haar neus zou doen, maar het tegenovergestelde was waar... Yara spijbelde, was meer thuis en studeren lukte helemaal niet meer. Het onderwerp was te confronterend en te zwaar. Inhoudelijk was de materie heus niet te moeilijk en ergens zou ze vast wel alle antwoorden weten, maar... op dit moment was ze niet in staat ook maar iets te reproduceren. Staren en in slaap vallen achter haar boeken leken sinds een kleine week een gewoonte geworden, maar Irwin leek niets door te hebben en Yara vond het prima om het voorlopig maar zo te houden. Dit was iets wat ze zichzelf had aangedaan en dan ook maar zelf moest oplossen. Daarover was Yara aan het mijmeren toen ze een klop op de deur hoorde. Lindi, de huiself, was aan het koken, Cassidy was Vriendje, de hond, aan het uitlaten en dus ging Yara zelf maar opendoen. In het ergste geval was het haar schoonmoeder en die kon ze na een kopje thee dan vast wel weer de deur uitwerken met de boodschap dat ze tentamens had en dus echt weer verder moest studeren... Yara opende de deur... En keek recht in het gezicht van Irwins overleden ex. Met grote ogen keek ze hem aan, knipperde even en herstelde zich weer. Ze glimlachte liefjes en charmant, zoals zij dat kon. "Oh, meneer, bent u nou helemaal door de sneeuw komen lopen? Ik had niemand verwacht... Wat kan ik voor u doen?" Ze deed de deur iets verder open. "Kom binnen." Hij leek wel op een wandelende boomstam, maar ze wist dat hij een dreuzel was, dus hij kon haar toch niets doen. "U moet toch op zijn minst even willen opwarmen bij het vuur..." En Yara wilde hier het fijne van weten.
  6. 4 points
    Vous les hommes êtes tous les mêmes Macho mais cheap Bande de mauviettes infidèles Si prévisibles, non je ne suis pas certaine, que tu m'mérites Z'avez d'la chance qu'on vous aime Dis-moi "Merci" 12 mei 1838 s'avonds een chique café/restaurant van een hotel voor invloedrijke gasten ________________________________________________________________________________________ Luce had het niet makkelijk gehad nadat Cain zijn geheimen had onthuld. Ze had geleefd met het idee dat zij twee een toekomst een hadden, dat zij twee gelukkig zouden worden, maar hoe kon ze ooit gelukkig worden met een bedrieger. Het huwelijk afblazen had haar hart gebroken. Het was geen makkelijke zaak geweest. De een vertelde ze een vaag verhaal over zogenaamde 'omstandigheden' die hun relatie hadden verpest. Een ander wilde meer details en kreeg deze in de vorm dat haar verloofde een baan had aangeboden gekregen in Amerika en dat zij onmogelijk Engeland kon verlaten. Het liefst had ze zich op haar kamer willen opsluiten. De dag spenderen in bed met dure chocolade en tijdschriften waarin ze over de problemen van anderen kon lezen. Echter dit hele huwelijk bracht haar reputatie in het gedrang. Mensen verwachtten dat ze salons gaf, bals, alles om hen van plezier te verschaffen. Ze zou ook haar oude beroep terug kunnen opnemen. Uiteindelijk was Cain het niet waard om om te treuren, zo'n miezerig stuk onbenul, zo'n klootzak. Ze zou zich vast wel beter voelen als ze haar gedachten kon verzitten, zaken had om op te focussen. Toch verliepen de dingen niet zoals vroeger. Daarom had ze Christa geschreven. Christa, haar confidante, de persoon bij wie ze haar hart kon luchten. Champagne stond reeds koud toen ze arriveerde. Luce zag er beter uit dan ooit, het was haar manier van wraak nemen, moest ze hem ooit nog zien, niet dat Cain zich in haar kringen kon vertonen zonder haar gezelschap. "Ach Christa ik weet niet wat het is, maar op de een of andere manier ben ik mijn talent kwijt. Vroeger kon ik me echt inleven. Meestal genoot ik er zelfs zelf van, maar nu. Soms voel ik me zelfs schuldig tegenover hem, dan denk ik terug aan wanneer we samen waren, maar waarom. Na wat hij me heeft aangedaan. Ik haat hem, waarom lukt het me dan alsnog niet mijn werkt terug op te pakken, toch niet met dezelfde bravura als vroeger."
  7. 4 points
    Seneca Damarcus

    [1837/1838] Eindfeest

    Donderdag 31 mei 1838 - ongeveer 19:30 - Binnenplaats - Een uitzonderlijke warme dag Seneca had alles uit de kast getrokken voor het eindfeest. Het was een doordachte investering, u mag het heus geloven. Niet alleen was dit zijn eerste schooljaar als schoolhoofd en moest hij zijn goede kant laten zien, ook straalde het macht uit. Naar zijn leerlingen, de ouders en de rest van magisch Engeland. Het zou in de krant genoemd worden dat de heer Seneca Damarcus, schoolhoofd van Zweinstein, voor een knaller van een afsluiting had gezorgd. Er was een grote hoeveelheid aan alcohol te vinden bij de volwassenen-bar, dat ook nog wel toegankelijk was voor meerderjarige leerlingen die door de betoverde leeftijdspoort heen konden. Hier waren er magische drankjes te vinden uit verre culturen en van oorspronkelijke hoge prijzen. Goed, alcohol was een belangrijk aspect van een partijtje, maar niet alleen de drankjes waren exotisch. Er was een gigantisch tijdelijk zwembad en overal waren er magnifieke dieren uit verre landen gehaald – totaal afgericht natuurlijk. Uiteindelijk was het toch een moeilijke beslissing om voor halfbloed-schorriemorrie te kiezen, die bekend waren in de tovenaarshoreca. Hij had zijn voorkeur voor betoverde modellendreuzels die als slaven konden dienen tijdens het feest, zodat het mannelijke volk ook nog hun eigen entertainment kon hebben. Dit werd natuurlijk weer eens niet geaccepteerd want: ‘het merendeel van de leerlingen hebben dreuzels als ouders.’ Waarop Seneca natuurlijk weer de neiging had om te reageren dat dat juist het hele probleem was in de magische samenleving tegenwoordig. Goed, hij had zich stil gehouden en zich aangepast. Hij koos zelf wel een leuke volbloed-leerlinge of wellicht wel lerares om zijn avond mee door te brengen. In ieder geval was het feest een prachtige bedoeling geworden, met teveel details om op te noemen. (Wees dus niet bang om uw fantasie te gebruiken.) Na iets teveel hebben ingedronken tijdens de voorbereidingen, klom schoolhoofd Seneca Damarcus op het podium met een zelfvoldane grijns. Bij de klim hield hij zijn glas ietwat schuin, waardoor de helft van zijn whisky op zijn pantalon terecht kwam. ‘Oepsie.’ Siste hij zachtjes, waarna hij zich snel herstelde en de zanger bij de magische stemverheffer weg beukte. Met zijn glas in zijn hand, moeite met balanceren en een verstrooid kapsel hief hij zijn armen in de lucht. Ja, hij was eigenlijk al té dronken. ‘Dames en heren, jongewns en meisjes!’ hij giechelde zachtjes. ‘Neem gerust een drankje bij de bar. Geloof me, ze zijn verrrukkkelijk!’ Hij nam nog een laatste slok van de resterende hoeveelheid in zijn glas en grijnsde weer naar het publiek. ‘Ik ben als schoolhoofd onwijs trots op sommigen…. En natuurlijk ook onwijs teleurgesteld om het niveau van bepaawlde dwazen.’ Seneca zou Seneca niet zijn, als hij niet een belediging eruit gooide, met een terechtwijzend vingertje richting het publiek. ‘Goed, zand erover voor alleen deze avond. Ik hoop dat jullie allemaal zullen genieten!’ Hij maakte een korte buiging en siste nog eens door microfoon: ‘Voortplanting en huwelijken zijn toegestaan, zolang jullie mij er maar niet mee lastig vallen.’ En dat was het. Zijn prachtige speech, dat uiteindelijk geëindigd werd met een luide schaterlach en een harde klap, omdat hij van het podium afviel. ‘I’m ok…’ Welkom bij het eindfeest van 1838.
  8. 4 points
    Tuesday the 22nd of May 1838 - in the evening - Lawrence's office She hadn't planned on this, in all honesty, but Lydia was unsure of her current relationship with planning. She had always learned that making plans was the best course through life: you set your goals, you figured out how to reach them as efficient as possible, and when you reached them, you went for new goals. There was always something else to reach, a different plan to make, and without plans you would just drift through space, like a comet bound to crash down on the first planet whose gravity they couldn't escape. And maybe that would've been a good metaphor for her relationship with Pearl. A beautiful planet, the source of life and destiny and poetry, and a comet, a piece of rock without purpose, without home, except the one she could make by throwing herself into destruction. Planning hadn't brought her a lot. Some parties, maybe, some charity works that she was supposed to be proud of, but since the goal had only been to make herself a respected part of society, a goal she had turned away from of late anyway, and not to actually help people it had never given her a lot of satisfaction. The best things in her life had happened without planning and it was probably that knowledge that caused her to pause when she glanced into his office and saw Lawrence sit there at his desk. She glanced back at the hallway, hadn't made up her mind yet, but no one was around and so she stepped inside and closed the door behind her. "Hello," she greeted him, a tad too late to have any real meaning, and then continued quickly with: "Look, I know you said you're not upset about this, and that probably means you really don't, but I did want to let you know I hadn't planned for this. I didn't invite Pearl back into our house because I hoped I could seduce her." But looking back, she couldn't entirely claim her feelings had been innocent either. Although that might depend on your definition of innocence. Private!
  9. 4 points
    Eind april 1838 - Op een bewolkte vrijdagmiddag - Een koets in Engeland en later Seaton Deleval Hall - Pearl is +/- 20 weken zwanger. “There is no preparing for parenthood; only research as a form of prayer and manic speculation.” Zoals Lawrence had gevraagd had Pearl uiteindelijk wel een eigen heler gekozen in het ziekenhuis, van de afdeling gynaecologie en verloskunde en ging ze daar nu met enige regelmaat op controle. Vandaag was een belangrijke controle geweest, want het was de termijn waarop het hartje echt goed te onderzoeken was en ze ook met zekerheid konden zeggen wat het geslacht van het kindje zou worden. Natuurlijk kon het wel eerder, met wat meer intensieve spreuken en dan was er nog wel een wat grotere marge dat ze het fout hadden. Daarom had Pearl nog even willen wachten, tot nu toe, totdat ze alles met een veel grotere zekerheid hadden kunnen zeggen. Ze was zenuwachtig geweest. Heel erg. Daarom was ze ook heel erg blij dat Lydia had meegewild. Alles rondom de zwangerschap was toch wat meer een vrouwending. Lawrence mocht dan wel een Heler zijn, maar dit was niet echt zijn gebied van expertise en hij wilde dit gedeelte ook niet meemaken als heler en dus mocht hij het ondergaan als de gemiddelde partner en dat was wat meer van de zijlijn. Al bleef het Pearl... Zodra ze thuis was, hoorde Lawrence dus vanzelf nog wel alles en deelde ze al haar gedachten en zorgen en stelde ze een heel deel van de vragen die ze pas op de weg naar huis had bedacht. Ze was ook niet het type dat vooraf een lijstje maakte met alles wat ze wilde weten. Dus vergat soms ook wel eens wat. De laatste tijd wat meer. Het scheen een kwaal van de zwangerschap te zijn. Nog een reden dat het goed was dat er iemand mee was. "Het wordt een meisje," zei Pearl, nog steeds verwonderd, tegen Lydia toen ze eenmaal in de koets zaten. "Allebei was leuk geweest, natuurlijk, maar ik denk dat ik ook wel het liefst een meisje wilde... Het voelde denk ik ook als een meisje, maar aan de andere kant is het ook wel een gek idee dat er een jongetje in je buik zit, omdat je zelf een vrouw bent." De vrouw glimlachte opgewekt naar haar vriendin. "Hoe was dat voor jou?" Oh. "En vond je het echt niet erg dat ik je had meegevraagd voor vandaag?" [OOC: Met Gianna en later ook Ann <3]
  10. 4 points
    Mat Muir

    [1838/1839]Allow me

    Hoofdschuddend, maar lachend, keek Mat naar Felix. "Dronken zwemmen... Dat... dat lijkt me toch wel..." Onverstandig? iets waarbij hij zelf zou verzuipen? En ja, vanaf een bepaalde hoogte werd water zo hard als beton. "Was toch wel eh..een laag vliegend.. schip?" Hoewel, als hij zijn pols had gebroken, dan was dat waarschijnlijk niet echt het geval. "Oh, dommie..." Maar die tijd was nu gelukkig voorbij. Mat lachte. "Nog geluk dat het eh...alleen je pols was." Hij had maar zo ook zijn nek kunnen breken. "Nooit eh.. doden gevallen?" "Wat niet laten? Beleefd? Zijn.." Of juist onbeleefde blijven? Mat snapte het niet helemaal, maar dat maakte niet uit. Dat lag waarschijnlijk ook aan hemzelf en niet aan Felix, want hij moest toegeven dat hij niet alles meer helemaal goed meekreeg, nu hij zijn bloed in zijn oren hoorde kloppen en nu Felix zo dichtbij was, dat zijn geurtje van zijn shampoo, kleding en gewoon Felix zelf hem in vervoering brachten. Hij voelde zich beneveld, gelukkig, oh zo verliefd... Het maakte niet uit wat de man zou zeggen of doen... Mat, in Felix' armen, was verkocht. En daar heel erg hard tegen aan het vechten... Want het zou wel niet dat Felix ook op hem verliefd was. En Felix was een Schouwer en mannenliefde was illegaal. En als Felix erachter zou komen, dan zou hij zich vast verraden voelen in hun vriendschap. Vies, omdat Mat naar hem begeerde en oneerlijk was geweest over wat hij hoopte en verwachtte van hun vriendschapsband. Niet dat Mat iets anders verwachtte dan vriendschap. Hij was daar ook heel dankbaar voor. Hij kon er gelukkig mee zijn... Maar stiekem hoopte hij natuurlijk op meer. En zoals hij nu in Felix' armen lag... Met zijn ogen dicht kon hij zich dat 'meer' al helemaal voorstellen, erover fantaseren, het willen, het verlangen... Maar hij durfde niet. En hij wist niet wat Felix precies had gezegd, maar blijkbaar had hij niet helemaal zoals van mensen werd verwacht gereageerd, want plots lagen zijn vingers op Mats wang en keek hij, haast bezorgd... Mat sloeg zijn ogen neer, terwijl hij een aangename rilling door zijn lijf voelde trekken, als bliksemschichten -maar dan minder dodelijk- van zijn wang naar zijn tenen. Hij had het nu helemaal niet koud, maar dat kon hij nu natuurlijk niet echt zeggen... Hij wilde het niet eens zeggen, want door zijn koukleumerij waren ze opeens samen onder de dekens beland. Het was als een soort droom en Mat kon haast niet geloven dat het waar was. Hij schudde snel zijn hoofd. Hij wilde niet liegen, maar de waarheid was geen optie. "Misschien is eh... het broodje niet eh... helemaal goed gevallen?", opperde hij snel. Of het geloofwaardig overkwam wist hij niet. Om de blik in Felix ogen maar niet te zien, als hij het niet geloofde, sloot Mat zijn ogen en legde, nog altijd onder de dekens liggend, zijn hoofd tegen Felix' schouders. Hij moest deze gevoelens onder controle krijgen. Dat moest. Dit kon zo niet... Maar hij had ook niet de wilskracht en de discipline om nu onder de dekens vandaan te gaan of meer fysieke afstand van Felix te nemen. "En jij?", vroeg hij schoor. "Voel jij je...eh...in orde?" Mat deed zijn ogen weer open en keek voorzichtig, een beetje schuchter, weer naar Felix op.
  11. 4 points
    Keane had bijna zijn toverstok laten vallen en de hoop opgegeven toen zijn grootvader zijn spreuken zo gemakkelijk pareerde. Het had hem zoveel wilskracht gekost, zoveel planning, al die lessen met Felicia en geheimzinnig gedoe… en nu leek er alsnog niets van zijn plannen terecht te zijn gekomen. Het was allemaal zinloos; ze waren hopeloos verloren. Hij zou Eva verliezen, ditmaal waarschijnlijk voor altijd, en hij zou terug naar Josephine moeten en alles moeten vergeten; en het zou allemaal zijn schuld zijn, zijn last om te dragen in al die lange jaren die nog komen moesten, zijn geweten en verdriet om het meisje en ongeboren kind wat hij zou zijn verloren – als zijn grootvader hem al zou laten leven. Maar toen werd de Graaf plotseling afgeleid en plotseling leek er een minuscuul klein kansje (al leek het een kans van niets) dat er toch nog hoop was – en Keane klampte zich aan de kans vast alsof zijn allerlaatste redmiddel hem zojuist was voorgehouden. Nu had de Graaf zich wellicht omgedraaid, maar Evangeline dacht klaarblijkelijk anders over zijn vluchtplannen en Josephine, die uiteraard van niets van dit alles op de hoogte was geweest, zag eruit alsof ze ieder moment kon gaan flauwvallen. Één barre seconde lang staarde Keane naar de situatie, voordat hij met zijn ene hand Eva’s toverstok van tafel griste en met de ander ruw haar handen van de stoel lostrok waar ze zich zo wanhopig aan had vastgeklemd. Normaal gesproken zou hij natuurlijk nooit zo hard tegen haar zijn, zeker in haar toestand – maar er zat niets anders op. “Eva, kom mee!” gromde hij tegen het roodharige meisje, voordat hij haar hardhandig begon mee te trekken. “En jij.. Josephine, kom! We moeten hier weg!” Hij klemde Josephine met zijn andere hand vast, waarin hij ook al twee toverstokken vasthield, en begon haar aan haar bovenarm richting de uitgang te slepen. Natuurlijk waren ze nog geen 30 centimeter in de richting van de deur vertrokken, voordat een groep tovenaars hen de weg versperde. “Laat ons-“ begon Keane, maar op dat moment stortte een tweede groep een heel arsenaal van flitsende groene en rode spreuken op de eerste groep. Deze lieten het daar niet bij zitten en pareerden, duelleerden, hun toverstokbewegingen zo snel en de flitsen zo hard dat sommige gemiste spreuken sissende brandplekken achterlieten op de houten tafeltjes. Paniekerig keek Keane door het geflits naar de deur, hier en daar wegduikend en zichzelf vervloekend dat dit allemaal zo uit de hand was gelopen. Dit was niet wat hij had gewild! Natuurlijk kon hij zich nu ook in dit geweld storten, maar eerlijk gezegd had hij geen idee wie hij precies moest verslaan om hierdoor heen te komen en als ze niet opschoten zou zijn grootvader hen allen gemakkelijk aan hun kraag uit dit gevecht kunnen trekken en straffen voor wat ze hadden gedaan. Gejaagd gleden zijn ogen door de ruimte. Wat zou Felicia doen… ze moesten hier nu weg! Gealarmeerd richtte hij zijn blik plotseling op het grote etalageraam. Op zich was er meer dan één uitgang… het kostte alleen wat moeite. Hij liet Josephine los en richtte zijn staf op het raam. “Finestra!” Het enorme raam explodeerde in tienduizend stukjes uiteen. Voor één seconde, die wel uren leek te duren, was het helemaal stil – voordat iedereen plotseling heel erg vlug in beweging kwam. Er werden bevelen door elkaar geroepen, de vervloekingen vlogen hen om de oren... een olielamp spatte na een spreuk uit elkaar en leek een klein brandje te veroorzaken ergens in een hoek. “Snel, naar buiten!” schreeuwde Keane, maar zijn stem ging verloren in het kabaal.
  12. 4 points
    Hoe uitnodigend het meisje dat gebaar ook wist te maken, het maakte toch niet echt verschil in of William van plan was om zich binnen in het kasteel te begeven: pas toen ze hem informeerde dat Irwin er inderdaad woonde, en dat hij met luttele uren thuis zou zijn, gaf hij toe. “In dat geval, graag - bedankt voor de gastvrijheid,” glimlachte hij beleefd en hij liet zich naar binnen geleiden; niet dat ze het hem echt had gevraagd, ze was er kennelijk voetstoots vanuit gegaan dat hij op dit punt haar advies zou nemen en haar welkom zou verwelkomen, want z’n jas ging er zonder hem vandoor en hij werd vervolgens ook nog eens afgeborsteld. Hij kon niet voorkomen dat hij er met ietwat grote ogen naar keek. Vond dat op zich ook niet zo erg. Tovenaars vonden al die dingen zo ontzettend normaal, maar dat waren ze niet en misschien zou het alleen maar goed voor ze zijn als ze zich dat af en toe nog eens wat nadrukkelijker beseften. Niet dat ze beter waren erdoor - dan sloeg het weer naar de verkeerde kant door - maar dat het bijzonder was, iets moois, iets onnatuurlijks... dat ze al genoeg werden verwend door het systeem doordat dit allemaal kon. Hij vond het overigens niet zo erg, dat het meisje dit allemaal deed. ‘t Was vast goed bedoeld, en hij kon toch niet elke keer dat iemand een toverstok trok in paniek raken, dat zou hem maar weer teveel moeite kosten. Beetje presumptuous was het natuurlijk wel... Maar in Irwins oude hoge kringen waarschijnlijk veel minder zo dan het zonder uitnodiging of aankondiging op de drempel staan. “Oh, allemaal lekker,” zei hij, want hoe gastvrij zij ook kon doen, hij kon evenredig opgaan in bescheidenheid en deed dat niet omdat hij niet wilde dat ze oordeelde of dat Irwin dat zou doen, maar gewoon omdat hij er altijd een natuurlijke weerzin tegen had gehad dat mensen moeite voor hem deden. “Ik neem graag wat u drinkt.” Dat had als verder profijt dat het waarschijnlijk net dat kleine beetje moeilijker was om iets in zijn drankje te doen zodat ze hem zoet slapend weer de sneeuwberg af kon rollen. Verwachtte hij niet! Natuurlijk niet. Hij had geen reden om aan te nemen dat ze wist wie hij was. Maar er stond ergens op een berg een steen met zijn naam erop die hem erop had gewezen dat het in Irwins wereld het beste was om niets maar dan ook niets voor lief te nemen. Diens verhalen hadden dat overigens ook wel duidelijk gemaakt. Op de foto’s in de salon zag hij er in elk geval tamelijk gezond uit, hier en daar gelukkig, al prikte Will door de meeste van de geforceerde glimlachjes heen - hij kende Irwin langer dan vandaag, hij wist hoe hij altijd en dan ook altijd geneigd was om te doen alsof, zonder daar echt talent voor te hebben. En hij wist hoe ongelukkig hij was geweest, hier en in het algemeen, en dus bejegende hij al deze olijke plaatjes met hetzelfde gepaste wantrouwen als hij voor de rest van de omgeving aanmat. “Oh, in Edinburgh,” antwoordde hij daarom luchtig, losjes, terwijl hij plaatsnam. “Hij kwam in het appartementje naast mij wonen, een paar jaar geleden.” Daarvan wist hij dat het voor Daphne al bekende kost was, daar was hij haar destijds nog tegen het lijf gelopen, toen alles mis was gegaan. “En u?” De naam ‘Yara’ klonk niet bekend. Zn zusje had toch anders geheten?
  13. 4 points
    Felix Azure

    [1838/1839]Allow me

    Eerlijk gezegd had Felix ook nooit zo van drukke pubs of feestdingen gehouden, al hield hij van de anonimiteit die het hem verleende, de enige manier waarop hij zich ongezien kon voelen soms in een grote groep mensen die hem allemaal niet tot nauwelijks kenden, maar hij was er wel veel geweest. Natuurlijk. Hij zou ten eerste nooit echt een uitnodiging ervoor afslaan en die waren ruimschoots voorhanden geweest en ten tweede... goh... het kwam gewoon vaak zo uit ofzo. “Mm. Beetje hetzelfde, maar soms city hopping... dat je bij iedereen langsgaat met een luchtschip voor een feest. Waarschijnlijk omdat de afstanden wat groter zijn, iedereen woont verder uit elkaar.” En met teveel op werd Verschijnselen steeds riskanter. “En daarna is er dan altijd iets flashy zoals een springkussen...” Hij grinnikte. “Of een duikplank. Troeven en overtroeven en onverstandige dingen met alcohol. Vandaar, de pols...” want vanaf een bepaalde afstand kon je best iets breken als je van een luchtschip in zee dook. Zelfs als je goed kon duiken. Zeker als er daarna iemand direct bovenop je dook. Gelukkig werkte linguïstiek, en daarna zijn bekentenis. Hij voelde zich er licht ongemakkelijk bij - dat was ronduit persoonlijke informatie - maar misschien was dat goed, was dat juist wat hij wilde. Vrienden zijn met Mat. Zolang die hem er maar niet minder leuk of indrukwekkend om vond. Of juist wel... Hij woelde door z’n haar. “Oke, dan hou ik het bij mijn onbeleefde manier van doen,” grinnikte hij geruststellend. “Ik weet toch niet of ik het bij jou altijd zou kunnen laten.” Oprecht. Hij was er goed in, maar Mat was... Mat. Lief, en verre van gewoontjes, maar op een heel accepterende, in en in vriendelijke manier waarbij de enige reden om je niet op je gemak te voelen was, dat je je kon afvragen of hij dat wel was. Moeilijk om u en weledelgestrengde tegen te zeggen, inderdaad. “En goh... het was wel... eng, denk ik...” Al kon hij zich niet herinneren dat hij echt bang was geweest. Eerder boos en gefrustreerd en wanhopig aan het zoeken naar iets, een oplossing, een manier om te helpen, terwijl hij onder het zware houten bed van zijn pleegouders lag en hen niet meer hoorde spreken. “Er was na een tijdje een kleine ontploffing in de servieskast. Tja, magische kinderen, he.” Het was niet expres geweest. Niet echt. Had wel goed gewerkt. Mat was zo verlegen dat hij altijd wel om de een of andere reden aan het blozen was, maar toch kon het Felix dit keer niet helemaal ontgaan. Licht raakte hij met twee vingers de gloeiende wang van de ander. “Misschien heb je het daarom altijd koud,” grapte hij, en hij trok de dekens over hen heen want aan die gedachte kon hij maar beter meteen een preventieve consequentie verbinden. “Omdat je al je warmte uitstraalt... maar, gaat het wel oke met je? Is er iets?”
  14. 4 points
    OOC: Open 13 Maart 1838 Het waren zonnestralen die zijn schouders verwarmden. Van dat zonlicht dat aan het einde van de dag te zien was, waarbij de roze, paarse en oranje gloed al langzaam een warme deken vormde in de lucht. Het was stil, buiten het getjirp van kleine vogels uit de bossen en de wind dat zijn iets te lange donkerbruine lokken door de war bracht. Zijn zwart-omringde ogen waren gesloten, terwijl hij achterover en nonchalant in één van de uitkijktorens van het kasteel zat met een fles rode wijn naast hem. In zijn rechterhand, met wel 4 ringen om zijn vingers, hield hij een pijp vast waar hij zo nu en dan een goede hijs uitnam, om vervolgens kleine wolkjes uit te blazen richting de diepte van de afgrond. Het was vredig, onverstoord en in harmonie. Alles was op zijn plek. De halflege fles dat symbool stond voor de heer Damarcus en de prachtige lucht op een ietwat koude dag, met het geluid van moeder natuur. Het was de cirkel van het leven en alles was op de juiste plek. Zowel bij Seneca als bij zijn omgeving. Heerlijk, is het niet? Zijn ogen waren geopend, terwijl hij verlangend naar de afgrond onder hem keek. Hij had er wel eens aan gedacht, om te springen. Een hele tijd geleden toen hij net het ouderlijk huis uit gevlucht was. Hij was toch uitschot en niemand zou hem missen. Hij had geen familie, geen vrienden, geen liefde – hij was niemand. Hij had vaker op een rand zoals deze gezeten, met een fles wijn en zelfs nog wel meer kalmerende middelen. Denkend aan de verlossing die hij zou hebben als hij toch dat ene stapje zou nemen, zich een klein beetje zou afzetten. De val, de adrenaline, het zou als eindeloos aanvoelen, want daarna zou het zwart zijn - zou zijn lichaam verpletterd zijn, waarbij al zijn dure kledij doorweekt was van het adellijke bloed en zijn lichaam in een straal van dertig meter in kleine deeltjes te vinden zou zijn. Erachter komen wie het was zou een puzzel zijn geweest en dan zou hij de verloren zoon zijn, waarvan nooit iemand meer iets van gehoord. Dat zou toch een goede manier zijn om afscheid te nemen? Of misschien nog wel beter: om wraak te nemen? Meerdere malen had hij gezeten op een rand als deze, waarbij bijna de wolken in de diepte hingen als warme bedden die hem op zouden vangen – waarbij de schoonheid van de val eindeloos zou zijn. Meerdere malen heeft hij er over getwijfeld om toch dat stapje te nemen. Hij deed het alleen niet, hoewel de verleiding nog zo groot was. Hij was niemand. En dat was juist het probleem. Hij wilde niet, weigerde, om op zo’n manier aan zijn einde te komen. Hij wilde niet als de zoveelste nietsnut eindigen zonder enige betekenis gehad te hebben. Hij wilde niet wraak nemen als niemand het door zou hebben, niemand hem zou missen. Het zou de makkelijke uitweg geweest zijn en dat is niet wat hij voor zichzelf gewild had. Hij was Seneca Damarcus en dat moest bekend worden, berucht zijn. Hij moest en zou een machtig man worden die gevreesd werd door allen. Net zoals zijn vader. Zijn vader die hem op straat had gegooid omdat kleine Seneca zo’n nietsnut was geweest. Hij zou hem even laten zien wat voor heersende duistere tovenaar hij was – wat hij allemaal kon bereiken. Zijn vader zou bij hem in het niets vallen. En daarom sprong Seneca nooit.
  15. 4 points
    Wel, wat waren ze blij om haar te zien. Ze wist meteen dat komen een fout was geweest, onafhankelijk van Owain, onafhankelijk van het gevaar waarvan ze zich niet bewust was; wist het toen ze zowel bij Keane als bij Evangeline een mengelmoes van schuldgevoel en irritatie in hun blik ontwaarde, als haar eigen themesong in uitdrukkingen want die blik volgde haar tegenwoordig waar ze ook maar ging. Dat was wat ze was. Schuldgevoel en irritatie. De emoties die collateral damage opriepen. Dat was het lot van haar familie. Charlie, de sod die gebruikt was voor zijn geld en reputatie; en zij, gebruikt voor... alles. Nu opgebruikt en weggegooid. Door iedereen. Ze had thuis moeten blijven bij haar zoon. Behalve dat dat natuurlijk geen thuis was: dat het huis bij de universiteit van Keane was; dat zij van Keane was (geweest, en nu afgedankt) en dat hij wel kon zeggen dat hij haar van alles gaf, maar dat dat toch geen stand zou houden op het moment dat hij was vertrokken. En toch haalde ze iets uit de herkenning van haar ellende in Evangeline’s blik. Deed het haar iets beter voelen dat er iemand tenminste wist wat zij doormaakte, ook al was het de persoon die het veroorzaakt had - wel, niet alleen zij, want dat Keane met haar getrouwd was ondanks Evangeline’s eerdere claim rekende ze toch echt haar echtgenoot aan. Minderjarig zou hij vast geweest zijn en ze had het hem vergeven - natuurlijk - indien hij daarna Evangeline had laten zitten maar dat was duidelijk niet gebeurd. Toen echter kwam Owain eraan en Josephine verstijfde, toen ze zich realiseerde dat hij dacht dat ze aan het aanpappen was met die twee. “Lord Radnor, ik ben geen genode gast,” sprak ze summier, kort, want dit was zo beledigend als aanname dat ze er niet eens echt beleefd over kon zijn. Maar vervolgens ging alles mis. Haar eerste gedachte was hoe blij ze was dat ze Owen niet had meegenomen. Haar volgende gedachte trok haar blik naar Evangeline’s buik. “Lord Radnor! U kunt niet -“ Dat was een onvergeeflijke vloek! Wat was dit? Ze had ook haar toverstok getrokken, prevelde de spreuk die de Schouwers erbij zou roepen. “Iemand, help, hij is gek geworden!” Want ja, niemand had haar nergens iets over verteld.
  16. 4 points
    Keane verstijfde, zijn hand nog om de mestbommen in zijn zak geklemd, voordat hij het doosje voorzichtig losliet en zijn vrije hand vlak op tafel legde. Meer problematisch was zijn andere hand, die hij toch zo knusjes met die van Eva had vervlochten, en heel langzaam liet hij het meisje los en leunde hij wat achterover. Bij het zien van Josephine was zijn eerste ingeving geweest om op te springen (en waarschijnlijk de ruimte dan maar op eigen houtje te verlaten, hoe laf dat ook klonk) maar hij wist dat die beweging beide dames, inclusief hemzelf en de baby, waarschijnlijk in levensgevaar had kunnen brengen door de vele goedbewapende tovenaars aan de tafeltjes om hen heen. Zijn grootvader zou hem niet toestaan het pand zonder enige vorm van afleidingsmanoeuvre op eigen houtje te verlaten – met of zonder Evangeline. In plaats daarvan bleef hij zitten en probeerde zijn zwakjes tegenstribbelende brein ertoe te zetten uit te vogelen hoe zijn echtgenote had geweten dat hij precies hier was, van alle plaatsen, en wat ze daarnaast van hem zou willen. Hij had haar via de brief verteld dat hij haar zou achterlaten, met genoeg geld voor haar en Owen om hem groot te brengen… was dat niet het betere scenario voor haar? Wat kon ze nog meer willen? Dacht ze dat het haar zou lukken hem van gedachten te doen veranderen – en waarom? In ieder geval was er wel een ander die zijn plannen graag zou doorkruisen; bij het aanzien van de Graaf, hoewel het een mindere verrassing was dan de aanwezigheid van zijn echtgenote (want van die eerste had hij tenminste geweten dat die in zijn nek hijgde) verstarde Keane opnieuw, ditmaal als een soort hert die zich gevangen weet in de koplampen van een toesnellende auto, voordat hij de adrenaline voelde opkomen. Hij was in paniek; maar dit was geen moment om te blijven stilstaan. Voorzichtig liet hij zijn rechterhand naar het handvat van zijn toverstaf afglijden, welke zich in de zak van zijn gewaad bevond. Hij voelde dat Eva meer zijn kant op schoof en pakte beschermend haar pols, waarbij het hem ditmaal niet kon schelen of Josephine dat nou zag of niet. Hij had zijn keuze gemaakt. Het was niet Josephine’s schuld dat ze hier de dupe van werd, het was dom dat hij haar had kunnen toestaan hier te komen en hij was het haar waarschijnlijk ook verschuldigd te proberen haar hier uit te krijgen – maar hij zou met Evangeline vluchten, hoe dan ook. Maar toen durfde zijn grootvader zo nonchalant Evangeline onder de imperiusvloek te brengen, alsof het iets was wat hij dagelijks deed, en met een klap waren al zijn zorgvuldig gemaakte plannen klaarblijkelijk te gronde gericht. En Keane, die alles op alles had gezet om deze middag te doen slagen, die het allemaal zo alleen in elkaar had moeten puzzelen, zonder ook maar iemand om zijn ideeën mee door te bespreken (behalve dan Helena Lennox, in het prille begin), verloor door die handelswijze een beetje zichzelf – en daarmee ging alle voorzichtigheid ook overboord. Hij haatte zijn grootvader, hij haatte hem om wie de man was, wie hij altijd zou zijn, en wat de Graaf hem, Evangeline, Josephine en zijn moeder had aangedaan. Hij haatte hem omdat hij in zijn aanwezigheid nooit zichzelf had mogen zijn, maar altijd had moeten opleven naar een ander; naar de vervloekte erfgenaam van het Cadwgan fortuin. De jongen wist, zoals hij altijd had geweten, dat als hij zijn hand in woede tegen de Graaf zou heffen het zijn dood zou betekenen; wellicht niet op dit moment, tussen al deze mensen van de advocaat, maar later – één vloek, en het was gedaan. Maar zijn grootvader had zoveel meer vloeken op hem afgevuurd, had hem zoveel meer pijn gedaan, dat de consequenties van zijn daden na vandaag hem niet meer konden schelen; niet meer als het betekende dat hij Evangeline opnieuw zou kwijtraken, inclusief zijn kindje. “Nee!” schreeuwde hij dan ook luid, en dat leek wel het startsein te zijn voor het tumult; mensen stonden op en toverstokken glommen in het gelige licht van de olielampen. Keane trok Eva naar zich toe, alsof hij daarmee de onvergeeflijke vloek zou kunnen verbreken. Het liefst zou hij Josephine nu achter zich hebben staan, maar hij had geen manier om haar omhoog te trekken terwijl hij een tegenstribbelende Eva vasthield en zijn toverstaf op zijn grootvader gericht hield, een vastberaden uitdrukking op zijn gezicht – maar de angst duidelijk te lezen in zijn groene ogen. “Laat haar gaan! Dit is waar het eindigt. Ze hoort bij mij.” En hij zwiepte zijn staf naar achteren, precies zoals Felicia hem had geleerd. “Expelliarmus! Paralitis!”
  17. 4 points
    25 mei 1838 Ze zag er zo fragiel uit. Broos. Alsof hij haar hand maar iets te hard moest vastpakken om haar onder zijn grip te voelen breken. Hij durfde nauwelijks een vinger naar haar uit te steken, eerlijk gezegd – en het voelde vreemd, zo vreemd, hij had haar altijd zo graag aangeraakt, had zich altijd zo graag gehuld in haar geur en het gevoel van haar atmosfeer om hem heen, was nooit goed geweest in haar vanop een afstandje graag zien. Gewoon. Omdat hij haar moest aanraken om te kunnen beseffen dat ze echt was. April had zichzelf altijd verheerlijkt tot een mythe, van wie een buitenstaander zo gemakkelijk zou denken dat ze niet met een mens te maken hadden. Een nimf, misschien. Een schim van iets beter dan slechts een frêle mens. Maar hier was ze dan. Pijnlijk menselijk in een ziekenhuiskamer. Hij wist niet hoelang al, was er maar via-via achtergekomen en was sneller dan hij aan haar toegeven zou afgekomen, om met slecht verholen bezorgdheid naar haar te staren. Alsof zijn wens een geneesmiddel moest zijn. Kieran zou willen dat het zo werkte. Het voelde zo verdomde verkeerd om hier te zitten met het idee dat April niet half zo onverwoestbaar was als ze zichzelf, en daarmee hij in het verlengde daarvan, zo graag had geacht. ‘April?’ mompelde hij toen hij beweging zag, een sprankje opflakkerende hoop en een druppel weemoed bij de idee dat hij hier wel naartoe kon zijn gevlucht, maar dat er nog altijd zoveel tussen hen inging. Hij stoof van zijn stoel, echter, ging naar haar bed toe toen haar ogen opengingen en hij twee vertrouwde kijkers zag. ‘Heb je pijn?’ vroeg hij, een in de weg liggende lok haar uit haar gezicht strijkend. Een heler die gepasseerd was in de tijd dat hij hier had gezeten, had geen eenduidig antwoord gegeven of ze pijn had… Had het niet geweten, misschien. Maar April wist het hopelijk wel. En dat was, eerlijk gezegd, het enige wat hij wilde weten op het moment. OOC: Privé met Lily! <3
  18. 4 points
    Woensdag 23 Mei 1838 - de grote balzaal op het Damarcus landgoed Saphir had een soort troon voor zichzelf laten maken. Deze troon stond in de grote balzaal en als hij gasten kreeg voor handel ontving hij ze maar al te graag daar, als een machtige koning. Stiekem heeft hij hem laten maken om altijd dat gevoel te hebben. En ook als zijn gasten er niet waren, was Saphir er vaak in te vinden. Net zoals de dag van vandaag, waar hij peinzend met zijn vingers onder zijn kin zat, starend naar de grote balzaaldeuren. Hij had een huiself gecommandeerd om Pandora te halen, want de vrouw waar hij zo ontzettend veel van hield, had helaas afwijkende gedragingen vertoond. Het nieuws wat hij had gekregen was iets om haar te verwijten, want bij zichzelf de blaam leggen was immers geen optie. En hier wachtte hij, op zijn Pandora, in een balzaal dat in puin lag. Maar wel op zijn troon. Eerder die dag had hij ook in zijn troon gezeten, met een heerlijk kopje dampende zwarte koffie, een zelfvoldane glimlach op zijn gezicht en de ochtendprofeet om hem te entertainen. Alles was perfect, tot de vredigheid van de ochtend werd verstoord door de huiself die hem zijn post kwam brengen. Een brief had hij ontvangen van een compagnon met de vraag of hij ook was uitgenodigd voor het huwelijk van de Myerscough. Het was woede dat zich meester maakte in Saphir en met een grote proest spuugde hij zijn koffie uit, waarna hij het gouden tafeltje waar alles op stond met een grote zwiep omver gooide. ‘Are they out of their fucking minds?!’ Hij brulde, sprong van zijn troon af en beende naar het dichtstbijzijnde schilderij. Met beide handen eromheen geklemd sloeg hij ermee tegen de grond tot het in wel twintig stukken lag. ‘Bring me my wife!’ krijste hij naar zijn huiself. ‘She must have something to do with this nonsense.’ Ditmaal praatte hij vooral tegen zichzelf, want de elf was al nergens meer te bekennen. ‘That whore is fucking destroying me.’ OOC: Privé met Kelly
  19. 4 points
    Evangeline had vaak gedacht aan het moment dat ze Josephine weer eens zou zien of spreken. Ze had oneindig veel gesprekjes gevoerd met het meisje (in haar hoofd, als ze niet kon slapen, wat steeds vaker was), ze had haar allerlei brieven geschreven (op papier, maar daarna verfrommeld, weggemoffeld, in het haardvuur gegooid, nooit verzonden) maar ze had niet verwacht dat ze het meisje hier zou zien, tijdens een geheime ontmoeting ergens in een café. Eva kon de onrust horen groeien, zacht gemompel aan tafeltjes om hen heen dat indiceerde dat er iets in alle plannen niet verliep zoals gepland. Eva hoefde maar een korte blik op Keane's gezicht te werpen om te beseffen dat dit ook geen onderdeel van zijn plan was. "Josie," mompelde ze geschokt, lichtelijk van haar stuk gebracht door de plotselinge aanwezigheid van het meisje en het gebrek aan woede dat ze met zich meebracht. In Eva's fantasieën was er toch altijd wel wat kwaad geschreeuw geweest. "Eh goed," antwoordde Eva verward. "Hoe is het met jou? Het spijt me van - wat... wat doe je hier eigenlijk?" Het maakte niet uit wat Josephine hier deed, of dit was in ieder geval niet het moment om het daar over te hebben, want Eva besefte ook wel dat met de komst van Josephine het tijd was om echt te gaan. Of ze nou met Keane mee ging of met haar eigen mensen, dit gesprek was ten einde. Veel te snel voor iets waar ze wekenlang naar uit had gekeken en ze vroeg zich af wat ze hier nu werkelijk mee had bereikt -wat ze nu eigenlijk precies had hopen te bereiken-, maar het was niet anders. Het was niet veilig meer, voor niemand niet. In ieder geval had Owain Cadwgan over één ding gelijk en dat was dat dit een goed moment was om binnen te komen. Iedereen was namelijk afgeleid. Eva zelf was al half overeind gekomen om een zwak excuus te mompelen zodat ze er vandoor kon toen ze hem aan zag komen lopen door haar ontsnappingsroute richting de deur en ze zich vlug terug op haar stoel liet zakken. Lord Radnor zag er intimiderend uit, terwijl hij met grote stappen tussen de tafels door hun kant uit liep en onbewust schoof Evangeline wat meer Keane's kant uit, verder bij de Graaf vandaan. Maar naast het sprankje van angst dat verantwoordelijk was voor die beweging voelde Eva ook wat anders, een soort opgekropte woede tegenover deze man en al zijn wandaden en de ongelofelijk roekeloze neiging om de confrontatie met hem aan te gaan. Haar hand sloot zich zorgvuldig om haar toverstok en Eva kon alleen maar hopen dat het feit dat niemand Owain Cadwgan nog had getackeld op weg deze kant uit, gewoon onderdeel was van Daniel's plan. "En ik heb niets te bespreken met u," onderbrak ze hem geïrriteerd, terwijl ze haar stoel wat naar achter schoof, zodat ze er makkelijker vandoor kon gaan. Niet dat hij haar dat gunde natuurlijk. Het moment dat Owain Cadwgan zijn toverstok haar kant uit richtte sprong er achter hen iemand omhoog, maar voor Daniel's handlanger werkelijk iets uit kon voeren lag hij al verstijfd op de vloer van het café. En zelf, zelf was ze gewoon net te laat en vanaf dat moment was er niets meer van de omgeving dat werkelijk tot haar door wist te dringen. Eva herkende het gevoel en ze haatte het. Misschien zelfs meer dan pijn, want aan pijn zat een einde en het kwijtraken van je eigen wil liet je over met nog minder opties dan gillen. Maar deze keer was wel anders. Sterker, sneller, terwijl het zich een weg vond naar haar brein en ze wanhopig tegensputterde. Het kindje in haar buik begon druk te bewegen, net zo min om zijn gemak bij deze invasie van het lichaam dat het bewoonde. Boos keek Eva Owain aan, alsof hem recht in de ogen kijken zou helpen om zijn spreuk verder van haar af te duwen, maar ze kon zich er alleen maar langzaam in voelen verdrinken totdat er geen lucht meer over leek om in te ademen zonder dat ze daar toestemming voor kreeg.
  20. 4 points
    Tweeëntwintig minuten en vijfendertig seconden lang was Owain Cadwgan, Graaf van Radnor, weduwnaar van twee vrouwen, echtgenoot van Aria Cadwgan-Bennett en grootvader van de meest grote lastpak van dit westelijk halfrond, zich al dood aan het ergeren aan de oetlul die hij toch ooit had aangenomen als zijn erfgenaam. Het was allemaal een grote fout geweest en dat had hij ongeveer drie seconden nadat Keane aan het tafeltje had plaatsgenomen en Evangeline Lennox met haar grote buik als een soort zeekoe naar binnen was gestampt kunnen weten. Al die jaren had hij toch gehoopt dat hij zijn kleinzoon zou kunnen vertrouwen, dat de jongen wellicht wat zou tegensputteren (maar dat toonde karakter!) en dan toch uiteindelijk zou handelen naar wat hem was opgdragen. Eerlijk gezegd had hij hier een hard hoofd in gehad in de periode dat de jongen bezig was met afstuderen van Zweinstein – maar toen had hij uiteindelijk toch Lady Josephine’s hand geaccepteerd, hij had gedaan wat hem was opgedragen, zelfs voor een opvolger gezorgd en die naar hemzelf vernoemd; en toen had het er toch even op geleken dat het toch nog allemaal goed zou komen. Uiteraard had hij de jongen rijkelijk beloond; hij had hem van studie laten switchen, van magische Economie naar magisch Recht, en had de jongen zelfs voorzien in zijn verschrikkelijke fascinatie met muziek en hem het theater geschonken waar hij kon doen en laten wat hij wilde, zolang hij er maar voor zorgde dat het niet allemaal naar de knoppen ging. Het enige wat de Graaf ervoor terug had gewild, was dat de familienaam niet werd bezoedeld en dat de jongen zijn uitgestippelde pad toch wel zo ongeveer zou volgen. En dat alles was klaarblijkelijk teveel gevraagd. Want hij had het grut heus wel met arendsogen in de gaten gehouden, en het moment dat de jongen die roodharige hoer in zijn gezichtsveld had gekregen wist Owain dat het vandaag niet zou lopen zoals hij had gewild – ondanks alle aanmaningen dat dat toch wel precies was wat hij van zijn kleinzoon had geëist. Misschien had hij zijn ogen gesloten omdat het Rhiann’s zoon was en hij niet alleen hem, maar ook haar nog een kans had willen geven – maar dat alles wat fout geweest, en nu zou hij ervoor moeten boeten. Nuja, hij zou de jongen ervoor laten boeten, uiteraard; maar dat betekende voor nu dat hij zo te werk zou moeten gaan dat de juiste kaarten uiteindelijk toch in zijn handen zouden vallen. En dat betekende; geduld. Nu was dit een kwaliteit die Owain doorgaans bezat, maar het was toch wel wat veel dat hij moest aanzien hoe Keane zich verdronk in de blik van het meisje, hoe zoetsappig hun handen in elkaar gleden – en toen Lennox ook nog naar voren boog en het lef had om het gezicht van zijn erfgenaam op die manier aan te raken had hij toch bijna zichzelf vergeten en het liefst alles opgeblazen om maar van het gedoe af te zijn. Maar dat zou hij nooit doen. Zulks een explosie zou toch wel wat lastig uit te leggen zijn, zeker nu hij wist dat de Bennetts en al die anderen erbij betrokken waren. Dus hij had zich ingehouden; maar toen kwam het moment dat hij erachter moest komen dat zelfs zijn schoondochter bij deze plannen betrokken was, en woede vlamde op in zijn onderbuik. Hij had het meisje er nimmer bij betrokken, haar vertrouwende dat ze nooit zou meewerken aan plannen van Keane om hemzelf omver te werpen (als de jongen al gedurfd had zoiets te uiten). Maar dat het dan toch zover was gekomen, dat Keane hem dit daadwerkelijk flikte terwijl hij toch zo zijn best had gedaan om alles tot in de puntjes te regelen zodat Evangeline Lennox in zijn klauwen zou vallen en hij de macht over hen beiden zou hebben; dat was laag. En al was het rationeel gezien wellicht beter geweest om te wachten (en daar was toch over te twijfelen, want wat zou nog een beter moment zijn?) wist Owain Cadwgan dat dit het moment was om te handelen. Een groot deel van de mensen in deze kroeg waren zijn mensen, die wel wisten hoe ze een schandaal in een doofpot zouden moeten stoppen; het overgrote gedeelte van de goede kaarten lag bij hemzelf. Deze absurde situatie moest tot een einde worden gebracht. “Lady Josephine, Miss Lennox… Keane.” Neerbuigend keek hij op zijn kleinzoon neer, zoveel minachting in zijn blik dat hij de woorden 'Lord' niet eens over zijn lippen wilde krijgen. “Wat hebben jullie hier een fijn onderonsje gecreëerd. Zo’n gezellig… drietal. Maar ik denk dat dit wel voldoende is voor ons poppenspel, hm? Het heeft weinig zin om nog te wachten welk verrassend einde jullie voor ons in petto hebben.” Owain glimlachte onheilspellend – een glimlach die zijn grijze ogen niet bereikte. “Ik heb een dringend verzoek voor Miss Lennox om zich bij mij te voegen en het gelukkig huwelijkskoppel toch wat privacy te gunnen – ze hebben vast zoveel te bespreken; al is er klaarblijkelijk al zoveel gezegd.” Zijn blik, vertrokken van koude woede, veranderde niet terwijl hij zijn toverstaf trok. “En ik ben bang dat ik geen nee accepteer.” Loom richtte hij zijn staf op Evangeline. “Imperio.”
  21. 4 points
    Felix Azure

    [1838/1839]Allow me

    Felix lachte zachtjes, nam een tevreden slok, merkte dat hij whisky absoluut wel kon waarderen ook al was het bier nog steeds een vraagteken. “Of misschien voelt het alleen maar minder hard... op het gegeven moment, aangezien je al zo dronken bent? Ben je de volgende dag alsnog beurs. Dat is meer mijn ervaring.... niet dat het me heel veel is overkomen... maar ik ben mogelijk wel een keertje wakker geworden met een gebroken pols en geen herinneringen daaromtrent.” Hij trok een mondhoek op. “Toen ik nog jong en onverstandig was enzo. En nog geen schouwer.” Want tegenwoordig dronk hij niet vaak meer zoveel, althans niet in de buurt van members of the general public. Was toch iets van een verantwoordelijkheid die je bij je bleef dragen, of je nu wel of geen dienst had. Plus, hij wist nu dus behoorlijk goed dat het niet hielp - hij was z’n zeventiende praktisch dronken geweest tenzij hij de volgende dag examens had en aan het einde van het liedje had hij meer problemen en meer ellende en wist hij niet eens meer precies waar het allemaal aan lag. Ah, de fouten van de jeugd. Van de enigszins mentaal toegetakelde jeugd. “Oh, dat klinkt ontzettend mooi,” knikte hij met een glimlachje. “Daar moeten we gewoon tijd voor maken. Anders doen we dat eerst, nog een mooie wandeling, daarna weer de show?” Hij nam nog een slokje. “Hoe heeft je vader een eiland? Komen jullie ervandaan?” Mats vader werkte bij het ministerie, dat hij wist, maar verder had hij niet heel veel details opgezocht. Hij was nieuwsgierig, natuurlijk, maar Mat was een persoonlijke connectie in plaats van een professionele en hoewel Felix daar weinig ervaring mee had - oke, misschien inmiddels geen ervaring mee had - vermoedde hij dat dat betekende dat je geen individuele achtergrondchecks uit moest voeren en gewoon behoorde te wachten totdat een vriend verkoos om bepaalde informatie met je te delen. Hij glimlachte wat breder, toen Mat in de buurt van een verplichting of commando kwam en er direct weer bij weg scharrelde, zelfs al had het geen kwaad gekund want Felix had het immers al gezien (net als iedereen anders in de onmiddellijke omgeving, logischerwijs, want die waren op het eiland). Het was toch lief, hoe hij zelfs hypothetisch niemand iets wilde voorschrijven. Hoe hij zelfs in dit geval niet wilde doen alsof hij de wijsheid in pacht had. Felix voelde zich ineens onverwachts warm en genegen jegens de verlegen klokkenmaker. Meer nog dan eerst, dus. Dat zeggen leek echter iets wat Britten niet zouden doen, waarbij Felix ook niet zou weten hoe hij moest beginnen, dus legde hij maar even licht z’n hand op Mats bovenarm. “Het is prachtig. Echt heel bijzonder, en heel anders dan waar ik vandaan kom, ook al heb je overal de zelfde ingredienten...” hij wapperde een beetje naar het raam. “Water, stenen, eilanden enzo. Toch een totaal andere sfeer. Jij zou er waarschijnlijk beter je vinger op kunnen leggen, met je artistieke geest...” Voor Felix was Canada de roman, en dit de gothische versie met iets meer geesten naast het liefdesverhaal. Het zong als het ware van de verhalen die al eeuwen over deze plek werden verteld. Hij lachte, want hier was Mat dan weer ongenadig, althans voor zijn doen. “Vertel mij wat,” grinnikte hij. “Mensen willen altijd dingen waar ze geen verstand van hebben. “Oh, ik weet dat ik even niet in publiek mag komen maar de sauna gaat heel prima, daar kom ik elke week, daar kan heus niets gebeuren...” Hij maakte er haakjes omheen terwijl hij het zei. “Alsof een routine iets veiliger maakt in plaats van heel nadrukkelijk de andere kant op. Maar hij ging naar z’n sauna, hoor.” Hij nam nog een slokje whisky. “Misschien moet je maar eerst de schilderijen afmaken. Dat je niet op bestelling werkt. Of zelfs anoniem. Voegt toe aan het mysterie, krijg je vast extra voor betaald en dan kan niemand andere dingen van je vragen.” Hij knipoogde. “Ik kan je wel helpen met een extra identiteit, hoor. Is niet eens tegen de wet - geen blamage op je smetteloze track record. En hey.” Hij grinnikte. “Niet jezelf wegcijferen, jij bent ook mooi, juist leuk voor de vrouwelijke clientèle. Dames willen toch ook koffie. Of... thee... Alleen zie ik jou niet echt met een dienblad lopen.” En hij? “Goh... ik ben een van die cliche schouwers die het wilde toen ik klein was. Nouja, veertien, vijftien. Maar ik heb wel een baantje gehad bij een edelsmid... dat was ook wel heel bijzonder. Alleen, erg veel stil zitten.” Hij lachte. “Toen ook al geen specialiteit.”
  22. 4 points
    Ze wist eigenlijk niet, waarom ze hierheen was gegaan. Waarom ze het briefje niet gewoon ter kennisgeving had genomen; waarom ze nog iets wilde van Keane, behalve dat hij weg zou gaan, want dat was wat ze wilde, toch, was dat niet wat ze haar gehele huwelijk haast had gewild behalve dat zij zich wel bewust was geweest van de consequenties die daaraan gehecht waren geweest, consequenties die nu allemaal hadden plaatsgevonden, sommigen had zij niet eens kunnen voorstellen. Niet in dit scenario. Niet waar het niet haar schuld was geweest... Maar dit was de negentiende eeuw en schuld deed er minder toe dan eer, dan reputatie, en die van haar was hoe dan ook aan gort. Dankzij Keane. Dus technisch gezien zou ze hem liever kwijt dan rijk moeten zijn. En misschien was ze dat ook wel, kwam ze hier voor een kwade speech, voor een laatste keer om hem de waarheid te kunnen zeggen, voor haar enige kans op... iets, iets wat niets goed zou maken, wat niet eens iets zou veranderen aan haar gevoel, want boos en verdrietig en verloren gingen niet weg door een potje schelden.... Of misschien, als dat niet waarschijnlijk leek, ging ze voor Owen, de Owen waarvan hij had geschreven te houden maar die hij nooit meer zou zien. Die hij opgaf voor die andere baby, die baby van de vrouw van wie hij hield. Of misschien ging ze omdat ze niet nog meer alleen wilde zijn... Omdat ze niet wilde dat hij ging... Maar ze was er, ze kwam de pub binnen, wierp er een blik door, verschoot van kleur toen ze zag dat Evangeline er ook was, haalde diep adem, ging erbij zitten en bestelde een glaasje water. “Hoe gaat de zwangerschap?”
  23. 4 points
    Mat Muir

    [1838/1839]Allow me

    Met een lachje keek Mat naar Felix en hij knikte. "Eh... Ja... Dat denk ik wel... Hoewel... Dronken schijn je... eh... zachter te vallen?" Maar waarom dat was, wist Mat eigenlijk niet precies. Misschien omdat je dan te traag was met reageren en je gewoon -floep- ondersteboven kukelde in plaats van dat je halsbrekende toeren uithaalde om maar niet te vallen en daar dan juist je nek bij brak... Of dat deed hij in ieder geval. Niet letterlijk. Hij had wel vaak dingen gebroken of gekneusd, maar gelukkig nog nooit zijn nek of rug of dat soort essentiële onderdelen van je skelet. Maar ze gingen dus terug naar het hotel en morgen zouden ze nog een keer hierheen komen en de trip afsluiten met het proeven van wat eilandbier. "Als we eh... niet al te laat zijn... Dan kan ik je nog wel een ander eiland laten zien... het ligt in de buurt en het is van mijn vader... Ehm... Met mooi zwart rots gesteente in het midden en eh..bossen...en dat dan via grasland uitloopt in strand en eh..dan is daar de zee....en daar zwemmen ook bruinvissen," Het was daar heel mooi. "En je hebt daar ook een strand met 'The Singing Sand.' Ehm... Het is prachtig." Hij glimlachte. "het is heel klein... eh...loopt maar één weg overheen en er is een ijskraam en een schooltje met eh...nou elf leerlingen zou veel zijn... En een winkeltje... En dat is het." Er woonden nog geen negentig mensen. "Eh..Brouwerij kan wel...Of distilleerderij... Maar dat eh...spreekt zo moeilijk uit." Dan was brouwerij wat makkelijker. Mat glimlachte en kwam naast Felix op het bed zitten. "Cheers." Hij kreeg het een beetje warm, niet alleen van het haardvuur, zeker na de knipoog. "Eh, graag gedaan... Dit is gewoon iets wat je eh... gezien moet hebben... Nou ja... Moeten, moeten... ehm... Het is aan te raden." Hij keek uit het raam en zocht naar de lijntjes van de golven. Dat lukte niet echt, maar hij was niet echt geconcentreerd, niet echt gemotiveerd, met Felix naast zich. De man eiste immers alle concentratie en inspanning tot focus op die Mat kon opbrengen. "Ehm.. Ja... Ik fantaseer wel eens over... eh... Nou... ik zou wel schilder... willen zijn? Alleen... dat commerciële dus..." Hij trok zijn neus op, want dat vond hij dus helemaal niets. "Klanten willen er altijd van alles over zeggen... En ze hebben er dus... eh... meestal... helemaal geen verstand van." En dat was vooral frustrerend en weinig productief. "Of eh... privé-kok..." Want in een restaurant was niets. "En ehm...ik vind koffie maken ook leuk, maar dat in een winkel doen en met iedereen moeten praten is dan weer eh..." Echt totaal niet zijn ding. "Maar er is eh... tegenwoordig wel een leuke winkel op de Wegisweg met twee hele mooie vrouwen. Dus ehm... Daar kan ik dan toch niet tegenop." Want hij was niet zo sociaal en hij had geen borsten... Dus dat ging hij dan niet winnen. "En jij?"
  24. 4 points
    Toen ze in zijn hand kneep gonsden voor een moment de vlinders in zijn buik en Keane moest moeite doen om zich niet in haar blik te verliezen. Gelukkig waren er genoeg andere prikkels om hem bij de les te houden… de brandende ogen van zijn grootvader in zijn nek bijvoorbeeld, die hij wellicht niet kon zien maar wel kon voelen. Hij liet zijn vingers over de rug van haar hand glijden en knikte. Ja, zijn grootvader vroeg veel. Hij kreeg er weelde voor terug, goud en aanzien, overweldadige luxe die zich uitstrekte van appartementen, theaters en zijn universitaire studie tot de hertenlerenlaarzen aan zijn voeten – de wereld lag binnen zijn handbereik. Maar uiteindelijk, als je er echt diep over nadacht, gedwongen door barre weemoed…. dan vroeg de man teveel, waren zijn eisen te hoog. Een tinteling liep over zijn rug en hij wist dat zijn grootvader het niet zou dulden, maar hij stond haar toe haar duim over zijn wang te laten glijden. Loom ving hij haar hand en hij moest zich inhouden om er geen kus op te drukken. Deze gevoelens waren hier totaal niet op zijn plek, behoorden heel ergens anders thuis… maar ze waren lastig uit te schakelen, zeker nu hij haar zo lang niet had gezien. Toch wist hij met moeite zijn blik van haar af te trekken en voor een moment gleden zijn groene ogen nerveus over de mensen aan de tafeltjes om hen heen. Hij zou niet kunnen zeggen welke de Graaf had omgekocht en welke tot de advocaat behoorden, al had zijn grootvader hem toevertrouwd dat hij toch wel het grootste aandeel in het café had kunnen bemachtigen. “We moeten naar de deur” fluisterde hij, een gejaagde noot in zijn fluisterende stem. “En we moeten verdwijnselen. Ik weet dat dat lastig kan zijn… met je buik.” Hij knikte, waarbij hij moeite deed om zijn gezicht zo emotie loos mogelijk te houden voor het geval dat zijn grootvader daar wel zicht op had. “Maar het is de enige manier, vrees ik.” Gespannen keek hij haar aan. Maar er was niets meer te zeggen, er was niet meer voorbereidingstijd dan dit. Hij zou het verhaaltje nog even op kunnen houden, maar dan zou iedere vorm van verrassing eraf zijn – en elk verrassingselement wat ze konden krijgen hadden ze nodig. Hij had een brok in zijn keel en moest moeite doen de volgende woorden uit zijn strot te krijgen. “Ik zal aftellen en dan lopen we zo snel als mogelijk naar de deur. Ik heb iets om ze af te leiden - Drie… twee… een…” Maar Keane kreeg niet de kans om de mestbommen in zijn zak in het cafe te laten afgaan, want op dat moment klingelde het belletje van de deur opnieuw en stapte er iemand naar binnen. En niet zomaar iemand.
  25. 4 points
    CW: Niet echt beschreven maar korte verwijzingen naar geweld naar jezelf. Ze had gister een hele hoop glazen tegen de muur van haar slaapkamer kapot gegooid, had de halve servieskast in haar armen genomen en heel snel de trap op gerend zodat ze in haar gebarricadeerde (ze wilde niet dat een van haar familie leden binnenkwam en haar in haar woede stoorde) slaapkamer eindelijk weer eens iets stuk kon maken. En toen er alleen nog maar scherven om haar heen lagen, en ze de laatste slok uit haar fles drank nam zodat ze die ook tegen de muur kapot kon laten slaan, en er zelfs in die ravage nog niks was wat kon uitbeelden in hoeveel scherven alles uit haar eigen leven stiekem lag, toen had ze zichzelf ook maar kapot gegooid. Niet eens uit een wil op zichzelf pijn te doen maar gewoon omdat de frustratie en het ongenoegen haar lichaam niet uit kon en ze hoopte dat het ergens tussen de vloer en de muur uit elkaar zou spatten. En ergens, tussen de muur en de deur waar ze haar hand tussen had geklapt zodat ze zeker weten naar het ziekenhuis moest, had ze ook gehoopt dat dit zou gebeuren, dat Kieran inderdaad zou komen, ergens was dit de allerlaatste test geweest of het echt over was. Want destructief als ze waren konden ze immers niet van elkaar wegblijven als alles kapot was. Misschien brachten scherven echt geluk. “Een beetje ” knikte ze en glimlachte flauwtjes. En zelfs al deed het geen pijn dan had ze ook wel gezegd van wel, Want ze wilde meer van die bezorgde blikken, ze wilde dat hij nog dichterbij kwam, ze wilde dat hij nooit meer wegging, dat ze hem en al zijn aandacht en aanwezigheid zich weer toe kon eigenen. Wilde hem liever consumeren dan elke drankfles die ze ooit in haar handen had gehad. “Ik ben blij dat je er bent”, zei ze maar. En het was waar. Maar het voordeel aan het ziekenhuis bed was dat je dat soort dingen makkelijker kon zeggen omdat mensen minder snel je trots durfden aan te vallen als er al anderen dingen gewond waren.
  26. 4 points
    Felix Azure

    [1838/1839]Allow me

    Wat Felix betrof had Mat prima het lichaam voor een wetsuit. Het was er namelijk een die het vlug koud had in koud water, en dat was - althans voor Felix - toch wel het voornaamste, in feite het enige criterium waarmee hij rekening zou houden, buiten mogelijk een onverklaarbare wetsuit allergie. Okay, en dames met een imposante voorgevel pasten ook niet in zijn wetsuit of althans dan werd het alleszins een heel andere bepaald minder praktische ervaring. Maar gezien zijn intentie van Mat dit onheilzame plan te laten vergeten althans tot juni ging hij daar maar niet verder op in, want het had geen zin om mensen t overtuigen van een punt wat je niet langer wilde maken. Grote goed verduisterde ruimtes, daar zou hij wel nog een keer op terugkomen, dat was een eitje. Als Mat het tenminste niet erg vond dat er af en toe een krijtstreep lijn op de grond stond. Haha, geintje, dat zou hij echt niet doen, hoor. Hij zou de lijn eerst weghalen. Och, Schouwerhumor. Daar moest je je niet teveel van aantrekken. Ze vielen allemaal verder best wel mee. Hoewel hij langzaam aan weer best nieuwsgierig werd naar bier dat niet naar bier smaakte - voor Felix was dat per slot van rekening niets dan goede reclame en nieuwsgierig naar nieuwe dingen was hij altijd - klonk whisky in de minibar toch eigenlijk op de een of andere manier nog een heel stuk beter. Aangezien Mat het van hem liet afhangen, zou dat moeten bepalen dat ze dat dan dus maar moesten gaan doen, zeker gegeven het feit dat als ze morgen hier weer naar een show zouden komen ze dan ook best het eilandbier een try-out zouden kunnen geven. Maar Felix was natuurlijk Felix en als zodoende wilde hij het liefst datgene kiezen waar Mat de voorkeur aan gaf, vond hij zijn eigen belang wat dat betrof wat minder relevant. Hij kon het ook niet adequaat uitleggen, wat het nog erger maakte. Meestal was Felix niet zo van het feestjes verlaten om rustig binnen te gaan zitten. Mat leek daar wel het type voor en daarop baseerde Felix dus maar zijn keus, op dat dat de beste aanwijzing was binnen zijn bereik van waar de voorkeur van zijn vriend naar uit zou gaan. “Minibar klinkt goed,” grinnikte hij, en hij bood de ander zijn hand opdat ze terug konden verschijnselen. “Dan komen we hier morgen terug voor nog een show en het bier. Whisky is bij jou waarschijnlijk ook het veiligst om met een bed te combineren. Of valt dat mee?” Hij lachte er goedmoedig bij - hij lachte Mat hier niet echt om uit. Hij was onhandiger dan Felix had geweten dat volwassen mensen konden zijn, maar... tja. Soms waren mensen nu eenmaal zo. Het deed in elk geval geen afbreuk aan hem. Behalve soms letterlijk. Eenmaal terug, in z’n eigen kamer dit keer, schonk hij voor hen beiden een fiks glas whisky in. “Oh, wordt hier gemaakt. Interessant... zou je daar ook heen willen? Een whisky brouwerij... stokerij... hoe heet dat eigenlijk. Oh well. Cheers.” Hij hief z’n glas naar Mat, plofte op het bed en klopte naast zich. “Bedankt dat je me naar Skye hebt meegenomen. Je hebt altijd nog een alternatieve carriere als gids in je mars.” Hij knipoogde. “Kom erbij- het uitzicht is mooi vanaf hier, je kunt in het donker de lijntjes van de golven in de zee zien.” “Denk je er wel eens over na? Alternatieve carrieres?”
  27. 4 points
    Lyre Lennox

    [1837/1838] Eindfeest

    Lyre Lennox had haar vierde schooljaar overleefd! Hoezee! Met een zachte glimlach bekeek ze zichzelf in de spiegel, terwijl ze haar lange haren borstelde voor de spiegel. Ze moest er goed uit zien voor het feest! Want, o hemel... Er was een jongen op Zweinstein... Oef, oef, oef. Hij zou verboden moeten worden... Het meisje zwijmelde weg, wanneer zijn naam genoemd werd. Zodra hij voorbij liep in de gangen, klonk er een verliefde zucht uit haar keel en haar hart bonsde harder, zodra ze voor de zoveelste keer haar naam met zijn achternaam opschreef op haar perkamentrol tijdens de les. Lyre was heimelijk verliefd, maar natuurlijk helemaal in het geheim! Niemand mocht het weten! Ook hij niet! Hij wist waarschijnlijk niet eens van haar bestaan af, tot haar verdriet. Maar daarom moest ze er nu dus extra mooi uit zien, want dan zou ze misschien bij hem in het oog vallen en dan zou iemand haar misschien kunnen voorstellen aan hem! Mits diegene hem kende natuurlijk... Afijn. Had je dit nou ooit verwacht van de stoere, heldhaftige, snot-bestuderende Lyre? Verliefd? En zo tuttig? Nee, ik ook niet. Met grote passen liep ze naar de grote zaal toe, waar het eindfeest van start zou gaan. De gangen waren kaal en leeg. Wel erg warm. Die loshangende lokken waren misschien toch niet zo slim geweest. Hoe dichter ze bij de grote zaal kwam, hoe warmer het werd. Hadden ze de kachels opgestookt of zo? Een kampvuur gemaakt in de zaal? Pfff... Maar zodra ze door de deuren liep, kwam ze er achter dat de warmte ergens anders vandaan kwam. Het was één groot tropisch paradijs. Overal planten uit het regenwoud, overal wild chirpende vogels met kleuren zo rijk als de regenboog. Dienbladen gevuld met hoge glazen, ook met de inhoud waar de felst gekleurde vlinders jaloers op zouden worden. Een zwembad! VERDORIE! EEN ZWEMBAD! WAAR WAS HAAR ZWEMKLEDIJ! Vlug keerde ze zich weer om en haastte zich heen en weer om een tas mee te nemen met zwemkledij. En een tijdje later was ze er weer, compleet met lederen tas, waarin haar zwemkledij was gepropt. Zo. Nu kon ze beginnen aan het feest. Het meisje liep rechtstreeks naar de jongerenbar, maar voor ze kon bestellen werd haar aandacht getrokken door het schoolhoofd... die blijkbaar al iets eerder was begonnen met pimpelen aan de volwassen bar. Oeps Professor, u slaat een flater... Lyre luisterde braaf naar de nogal... interessante speech en keek fronsend toe terwijl het schoolhoofd zich majestueus van het podium liet donderen en weer overeind kwam. "Nou... je zou denken dat een nieuw schoolhoofd verbetering zou geven wat betreft de evenementen... Deze past prima bij de rest van het zooitje ongeregeld..." Grapte ze met degene naast zich.
  28. 4 points
    Mat Muir

    [1838/1839]Allow me

    "Een wet... eh... wetsuit? Is dat wel... goh eh... iets voor mij?" Want Mat had heus wel ooit in zijn leven mensen op het strand daarmee gezien. Hij humde. "Ik weet niet... ehm... of ik daar wel helemaal het lichaam..." Want hij was nou niet echt de stereotype surfhunk. Nu zou hem dat natuurlijk niets uit moeten maken in bijzijn van Felix. Stom...Stom! Waarom zei hij dit nu weer hardop. Hij lachte maar half, een beetje ongemakkelijk en keek Felix verder niet aan. "... voor heb." En natuurlijk glom Mat van trots bij de reactie van Felix en hij was, na de lichtshow, en het oprechte compliment, inderdaad vergeten dat hij had aangeboden vrijwillig in zee in een ijspegel te veranderen. Hij glimlachte breed. "Ik eh... Wil zoiets wel vaker doen... Als jij voor een goed verduisterde, beetje grote ruimte kan zorgen?" Het kon natuurlijk ook wel in het klein, maar dat had dan toch wat minder effect en impact. En Mat werkte normaal al genoeg met gedetailleerd werk op kleine schaal en eens zo groot uit mogen pakken had wel degelijk enige charme. Daarbij nam hij met lichtjes niet daadwerkelijk die ruimte in, slechts tijdelijk. "Oh, broodjes... Lekker..." Zo gezegd, zo gedaan. De show was geweldig. Mat genoot door het overduidelijke plezier dat de zeehonden hadden en lachte smakelijk om hun maffe capriolen en clowneske duikelingen. Hij glimlachte breder toen Felix tegen hem aanleunde en voor een kwartier had hij ook losjes zijn arm om de man heengeslagen. Zo had hij het warmer...en kon hij makkelijker zitten...en het was prettig... totdat Mat er teveel over begon na te denken en hij dus maar snel zijn arm terugtrok, voordat Felix er het zijne van zou denken. Het werd langzamerhand gevaarlijk, realiseerde mat zich. Hij begon Felix te leuk te vinden en als hij niet 'ontdekt' wilde worden, dan moest hij gaan oppassen met wat hij deed. Hij wilde ook niet dat het hun vriendschap zou kosten, want Felix zou vast onmogelijk nog bevriend met hem willen blijven als hij ontdekte dat Mat zo...gestoord... zo vies... zo afwijkend was... als hij dacht dat Mat enkel bevriend was geweest vanwege een dubbele agenda... Dat zou verschrikkelijk zijn. "Ja, geweldig... Eh... We kunnen morgen wel ehm... Nog een keer?" Dat was iets wat Mat wel zag zitten. Met een blos haalde hij licht zijn schouders op. "Gewoon eh... uit de natuur... Daar zijn zoveel patronen...zoals eh...op vlinders, of een pauwenstaart... of eh..." Er waren nog zoveel meer voorbeelden te bedenken. De man knikte. "Ja, ehm... Zat er geen whisky in eh...de minibar van de kamer?" Hij dacht het in de vluchtigheid gezien te hebben. "En ehm... Anders proeven we hier het lokale bier... eh.. eilandbier.. Dat is heel donker... heel zoet... Smaakt niet echt als bier..." Mat haalde een hand door zijn haar en glimlachte snel. "Ehm... En eh... " Ja, hij wist eigenlijk ook niet meer wat hij verder wilde zeggen.
  29. 4 points
    Kijk Daniella kende Fletcher wel een beetje, niet echt, ook niet persoonlijk, maar ze was ooit wel eens een paar keer in zijn casino geweest. En nu had ze haar eigen, en natuurlijk vond ze haar eigen duizendmaal beter dus naar dat andere casino gaan was niet meer nodig, en alle klanten (of in elk geval de klanten die ze wilden hebben) vonden dat vast ook Fletcher. Maar ze kende hem dus en had daarom even van een afstandje staan luisteren net zolang tot het leuk voelde om erbij te gaan staan. Je moest altijd momentum kiezen om dingen te laten escaleren en dan kon je uit die escalatie weer nieuw momentum creëren voor meer escalatie. “Oh ja!”riep ze enthousiast terwijl ze ook aan de tafel ging zitten en op het gesprek inhaakte. “Ik heb gehoord dat hij incapabel was en daarom moest sluiten, er gaan vast andere verhalen rond maar dat lijken me allemaal excuses niet waar”, loog ze vrolijk terwijl ze Fletcher lieftallig aankeek.
  30. 3 points
    Zaterdagnamiddag 2 Juni 1838 - Ergens in een steeg Een befaamde (oke niet zo befaamde uitspraak maar ik zou het leuk vinden als dat het werd) uitspraak die ik zelf ooit zwaar onder invloed gedaan heb was, “drank, drugs en sigaretten, zijn de laatste sporen van het communisme’. (Dit is natuurlijk niet waar want die industrie is echt niet ethisch maar) Maar het is best een cultuur waar het gaat om delen en momenteel was Gideon, die verder niks met communisme had asjeblieft zeg, op-zoek naar iemand die met hem wilde delen. Hij was namelijk net weggerend uit een kroeg omdat hij zijn derde bier niet kon betalen en wilde nu gewoon roken om de stress even uit zijn lijf te krijgen. Maar zijn toverstok had hij dom genoeg niet mee, terug de winkelstraat in zodat hij naar huis kon lopen was nog iets te riskant, en hij kon ook niet echt wachten want hij wilde nu een sigaret roken. “Hey, heb jij toevallig een toverstok of een aansteker mee”, hij haalde grijnzend even zijn hand door zijn haar en stopte alvast een sigaret tussen zijn tanden (niet als metafoor !!!) zodat hij nog wat duidelijker kon maken waarvoor. (Straks dachten ze nog dat hij de vuilnisbakken waar hij momenteel tegen-aanleunde in brand wilde steken) “Of vuurstenen, iets gewoon, ik heb echt behoefte om deze sigaret nu aan te steken namelijk” OOC: Met Gianna <3
  31. 3 points
    Will knikte glimlachend. “Ik ben het niet zo gewend, nee,” gaf hij toe, “maar het stoort me niet, hoor.” Anders zou hij het ook niet toegegeven hebben, dat was waar, want hij was inderdaad niet van plan om aan een complete vreemdelinge te vertellen waar of niet hij al dan niet mee zitten kon; maar het viel ook oprecht mee. Bij Irwin had het hem nooit kunnen storen, maar Irwin was stiekem nogal een schatje en had meer dan genoeg morele scrupules over de dingen die hij deed en zijn handelingen jegens anderen om totaal te compenseren voor gedachten die Will daar dan weer over moest hebben. Hij had vrijwel nooit magie op hem gebruikt, er meestal toestemming voor gevraagd, en wanneer dat bij wijze van hoge uitzondering niet was gebeurd had een boze speech hem meestal wel weer terug naar aarde gesleept en was hij gestopt met wat hij dan ook aan het doen was. En had hij zich schuldig gevoeld, wat dan weer wat minder nodig was geweest, maar oke. Dat was de vorige keer geweest dat hij in Dunfermline was geweest. Dat Irwin hem ineens hierheen had gesleept, weg van de ziekte in het dorp waar hij vandaan kwam, om hem te beschermen... En ze hadden knallende ruzie gehad, want Wills familie was daar en zo werkten die dingen niet, en toen had Irwin hem teruggebracht. Zodoende. “Take me back!” “But you... you could die...” “I don’t care, I have to help, Irwin, take me back right now.” “No...” “You can help, you’re a wizard. And a doctor!” “I told you... I can’t, magic diseases aren’t - our physical make-up isn’t...” “Find a way. And take me home.” En hij had een manier gevonden, Irwin... maar als hij Daphne moest geloven, was hij er bijna aan onderdoor gegaan. Hij was hier om Irwin te vertellen dat hij leefde, maar ook om zijn excuses aan te bieden... die hij meende, maar ook niet. Als hij niet terug was gegaan, zou Irwin het niet hebben geprobeerd. Niet tot op dat punt van gevaar. Dus hij had spijt maar zou het ook zo weer doen. Hij luisterde ondertussen met een half oor naar Yara’s gekabbel, fronste toen. Oh. Getrouwd. Twee jaar. Dan moest het echt met een paar maandjes na Irwins thuiskomst zijn geregeld... Het was een verrassing, een onaangename. Eigenlijk had het dat niet moeten zijn, hij wist waarom Irwin was weggelopen, wist wat zijn ouders van hem eisten en toch. Ergens had hij misschien verwacht dat hij het langer vol zou houden. Op de een of andere manier. “Oh, nog gefeliciteerd,” zei hij maar met een milde glimlach. “En ja, het is inderdaad nogal een leeftijdsverschil... niet lastig?” Vast niet lastiger dan dat je man op een ander geslacht viel maar hey, dat zou ze niet weten. Gelukkig kwam op dat moment nog iemand binnen. “Hoi,” glimlachte hij breder. ‘Cassidy’ klonk wel bekend. “Ik ben Will, een vriend van Irwin. En ja, ze zijn verrukkelijk. Kan ik ergens mee helpen?”
  32. 3 points
    Kit Clemens

    In memoriam [1838]

    Pip knikte trots toen zijn broer zweerde alle aanwezigen op zijn begrafenis de stuipen op het lijf te jagen. De jongen kon zich geen betere broer wensen. "Dat is een geweldig idee. Ik zal zelfs de kleren dragen waarin je laatst bent gezien om het extra geloofwaardig te maken." Ondertussen had hij uit één van zijn vele zakken een krijtje gevist en was naar hartenlust al hun ideeën aan het uittekenen op de doodsprentjes. Hij tekende geesten en het vingerkootje van Pip's middelvinger. Zijn pret werd verstoord doordat een van hun saaie ooms hem bij zijn oor greep. "Wat zijn jullie twee nu weer aan het uitspoken." siste hij hen toe. Paniek glom in zijn ogen bij het zien van alle vernielde doodsprentjes. "Oh nee, wat een ramp, deze kunnen we toch niet uitdelen. Wacht maar tot ik jullie ouders hier over vertel en dit is dan de generatie die de zaak zal moeten overnemen, oh God beware me." Kit wreef over zijn pijnlijke oor. Waarom moesten hun nonkels en tantes altijd zo'n pretbedervers zijn. "Pip wat denk je, smeren we hem voor oom Irving mama en papa heeft kunnen halen?" Het was uitstel van executie, maar dan hoefden ze ten minste niet langer weg te kwijnen in deze saaie kerk bij deze depressieve mensen.
  33. 3 points
    Het was een beetje als schreeuwen, maar dan zonder dat iemand je kon horen. Te zwak om de deur naar haar wilskracht volledig dicht te duwen zodat hij er niet doorheen kon, maar te koppig om de hendel ook maar een stukje los te laten en het terug duwen volledig op te geven. Al leek het niet echt te werken. Keane's woorden zouden warm en geruststellend moeten voelen, zijn hand om haar pols beschermend, maar in plaats daarvan voelde ze alleen maar de neiging om zich los te trekken. Er waren geen duidelijke bevelen, maar er was wel een duidelijke wens en hoewel ze het probeerde, was het maar moeilijk om er omheen te kijken. Eva voelde hoe de grip op haar toverstok verzwakte, terwijl Owain zijn relaas hield. Ze wist niet wat ze zou zijn zonder toverstok, had ze nooit echt goed geweten sinds het stuk hout een verlengstuk was geworden van haar arm en al haar wensen. Toen ze net bij Rhiann verbleef had ze haar toverstok wel eens uitgeleend aan de vrouw en het had haar een beetje leeg doen voelen, alsof iets miste, meer ongemakkelijk dan onveilig, meer vervelend dan levensgevaarlijk. Toch voelde ze zich op een bepaalde manier rustiger deze keer, totaal niet bang, toen het hout tussen haar vingers door glipte en op de tafel voor haar kletterde. Dat kwam natuurlijk alleen maar door het geruststellende effect dat de Imperiusvloek leek te hebben op opgevolgde acties, want om nu je toverstok uit handen te geven terwijl het om je heen pure chaos aan spreuken was en je niet alleen jezelf maar ook nog een ander leven te beschermen had.... In ieder geval was het met een vrije hand wel makkelijker om iets vast te grijpen toen ze door Keane richting de deur werd getrokken. "Nee!" gilde Evangeline uit protest, terwijl ze zich vast probeerde te houden aan het eerste het beste voorwerp dat ze tegenkwam -toevallig een stoel- en zich schrap zette tegen de grond. "Laat los!" Je kon je natuurlijk afvragen tegen wie ze dat nou echt zei.
  34. 3 points
    "Oh ja, dat is het vast," zei Andromache, terwijl ze haar gezicht vertrok. Dat kreng! Ze had Achilles vast expres in bed gelokt met dat idee! En ja, oké, Achilles was vrijgezel (technisch gezien) en ja, oké, hij had niet bepaald ongelukkig geleken tijdens de bruiloft, maar alsnog, als Andromache alle schuld op Lucretia kon schuiven deed ze dat natuurlijk graag. Ook al was Achilles ook wel een klootzak, hoor. "'Nou ja, dat krijgt ze vast wel verpest," lachte Andromache. "Augeron is natuurlijk een prima achternaam," nee, ze had nooit erover nagedacht hoe die achternaam bij haar zou staan, ssh, "maar denk je echt dat iemand met één van haar kinderen wil trouwen? Dan moet het wel echt een grote bruidsschat zijn." Ze grijnsde tevreden. "Of misschien is Achilles met haar getrouwd voor het geld. Weet je toevallig hoeveel ze krijgt?"
  35. 3 points
    Oh god, sorry hoor, dat vergif niet dramatisch genoeg was voor Daniella Ingram. Claire rolde zo hard met haar ogen dat het haar bijna pijn deed, maar kom op?! Hoezo zou je één heel geschikt medium van moord achterwege laten alleen omdat het niet dramatisch was?! "Sorry hoor, dat ik er geen zin heb om straks mijn vaders bloed uit mijn jurk te moeten wassen," beet ze naar Daniella. "Maar het is toch belachelijk om te denken dat hij je niet aan ziet komen met een mes?!" Nee, vergif was veel beter voor verrassingen. En ja, oké, haar vader kende veel tegenvergif, maar toch niet alles? Hoopte ze. "Jij bent niet zo goed als je denkt," mompelde ze boos naar Chase, terwijl ze zich verontwaardigd achterover liet vallen in haar stoel. Echt, ze wist niet wie ze op dit moment meer haatte... Oké, ja, dat was Daniella. En daarna haar vader. Misschien moest ze Daniella vergiftigen, dan kon dat stomme kind ook niet zeuren over dat ze een mes moesten gebruiken. "Ik heb een goed idee, jij stormt er gewoon op af met een mes en als hij daar door is afgeleid vergiftigen wij hem, oké? Dag, Daniella!" Kon ze in één klap van allebei af komen. Dat beviel haar wel. Moest ze nog wel een manier vinden om van Chase af te komen, maar daar kwam ze vast wel uit.
  36. 3 points
    Heb tyfus hoge koorts en school begint weer morgen want als je mijn lichaam vraagt "hoe laat is het" gaat die bitch duidelokl niet antwoorden met "solidatiteit". Anyway afwezig ish todat my body won this fight (hoorde x dat koorts je lichaam was die ging riotten tegen bacteiren joe)
  37. 3 points
    Owain’s wenkbrauwen schoten in een uiting van milde verbazing omhoog toen Josephine hem vertelde dat zij hier op eigen naam aanwezig was, al deed het niets om de sceptische uitdrukking van woede in zijn grijze ogen te doen verminderen. Aan de ene kant zou hij niet hebben verwacht dat het meisje in dit soort plannen zou zijn meegegaan – het was een naïef soort halsstarrigheid waar hij haar op had uitgekozen, en het stelde hem toch wel teleur als Keane haar had kunnen overhalen zijn kant te kiezen. Aan de andere kant geloofde hij haar niet, maar er was te weinig ruimte om daar nu dieper op in te gaan. Op dat moment trok zijn kleinzoon namelijk zijn toverstaf en vuurde hij enkele vloeken op hem af. Owain pareerde met een simpele spreuk – niet omdat Keane’s spreuken per se zo zwak waren, maar toch wel zo verschrikkelijk voorspelbaar – terwijl een grijns zich rond zijn lippen krulde. Hij had ondertussen half door dat Lady Josephine de schouwers aan het oproepen was, maar liet dat gaan; uiteraard hadden zijn mensen de ruimte zo ingericht dat dat soort spreuken niet door de beschermende vervloekingen heen zouden komen… of niet op korte termijn, in ieder geval. “Dus je hebt eindelijk besloten jezelf te verdedigen, hm?” sprak de Graaf dreigend, terwijl hij zijn blik op het drietal liet hangen; Evangeline aan zijn rechterkant half verdoofd door de imperiusvloek, Josephine aan de linkerkant wit weggetrokken van angst en de held van het uur recht tegenover hem, een lichte blos op zijn bleke wangen terwijl de onzekerheid er klaarblijkelijk vanaf droop, als een soort puppy die met een zweem van trots weet dat hij iets stouts heeft gedaan. “Na al die jaren heb je het toch eindelijk gedurfd – bravo. Maar ik zal je eens wat vertellen…” Hij boog zich wat voorover, een duistere doch triomfantelijke blik in zijn donkergrijze ogen. “Dit is waar het eindigt. Als je goed luistert hoeft er niemand gewond te raken. Jullie laten je toverstokken vallen en komen rustig mee naar buiten, waar wij de Wegisweg per koets zullen verlaten. Op het moment dat wij – ah!” De spreuk schampte zijn achterhoofd en in een uitdrukking van woede draaide Owain zich om. Klaarblijkelijk hadden zijn mensen hem niet genoeg rugdekking gegeven, iets waar hij hen later wel voor zou straffen. Aan de andere kant van de ruimte ontwaarde hij een tovenaar waar hij nog wel een appeltje mee te schillen had, al had hij hem tot nu toe in het openbaar moeten negeren. Natuurlijk had hij geweten dat hij hier was, maar om de verrader dan ook echt hier aan te treffen… “Ontwapen hen en houd hen hier” gromde de Graaf tegen een willekeurig persoon, voordat hij mikte en een stroom vervloekingen richting de achterzijde van de ruimte vuurde. Als Daniel Bennett over de hoofden van hun personeel een duelleerwedstrijd wilde houden, dan was hij er niet één om daar veel moeite mee te hebben.
  38. 3 points
    Kijk, zie je, verliefd worden was helemaal niets voor meisjes van hun positie, want alle mannen bleken maar weer klootzakken te zijn. Audrey zat met Leon en Lucinda was gedumpt door Cain Attwell! Oké, oké, waarschijnlijk niet gedumpt, ze kon zich niet voorstellen dat Lucinda dat zou laten gebeuren, maar de geruchten die ze had gehoord waren niet fantastisch. En ja, Lucinda had haar nu wel netjes de waarheid verteld, maar toch... "Ach, lieverd toch," zei ze sneu, terwijl ze van een aardbei snoepte. De ruimte waar ze in zaten was daadwerkelijk prachtig, marmer en goud in overvloed, en Christa had zich natuurlijk bijpassend gekleed, in een rode jurk die zeker de aandacht zou trekken. Niet dat Lucinda er niet prachtig uit zag, zoals altijd... "Je moet hem echt niet dit laten verpesten! Je was hier altijd zo geweldig in, echt de beste mentor die een meisje zoals ik kon vragen, maar als je het niet leuk vindt, misschien moet je dan eerst iets anders doen?" Dat zou haar natuurlijk concurrentie schelen... "Of eigenlijk, ben je al met iemand naar bed geweest? Misschien helpt dat!" Een soort palate cleanser. Enthousiast begon Christa om zich heen te kijken. "Die man kan zijn ogen niet van je afhalen!"
  39. 3 points
    Maxwell wilde graag vrienden blijven en Phoenix wilde graag toehappen, gewoon 'ja, laten we doen alsof er niets is gebeurd' zeggen, alles wegstoppen op een plek waar het nooit meer getoond hoefde te worden, waar je er niet meer over hoefde na te denken, maar was wat ze hadden gehad daadwerkelijk wel vriendschap geweest? Ja, vanuit Phoenix, maar vanuit Maxwell... Zou Maxwell eerlijk kunnen zeggen dat niet alles wat hij had gedaan of had gezegd uiteindelijk het doel had gehad dat hij hoopte dat Phoenix dezelfde gevoelens kreeg? En misschien stelde Phoenix zich aan, misschien moest hij hier niet zo moeilijk over doen, maar eerlijk gezegd wist hij ook niet wat hij aanmoest met iemand die verliefd op hem was. Waarom? Hoe? Alles kwam ineens een stuk dichterbij en niet vanwege zijn eigen keuze. "Ik snap niet waarom je jezelf dat aan zou willen doen," mompelde hij zachtjes, mogelijk zou Maxwell hem niet eens verstaan, maar als hij er zelf over nadacht, zichzelf probeerde in Maxwells schoenen te zetten, dan... waarom? Waarom zou je vrienden willen blijven met iemand die niet op dezelfde manier aan je dacht? Waarom zou je daar elke dag bij in de buurt blijven? "Nee, natuurlijk ga ik het niet doorvertellen." Hij wilde Maxwell beschermen, op zijn eigen manier, en iemand anders alles vertellen was wel een hele domme manier om dat te doen, dat wist Phoenix ook wel. Ongemakkelijk pulkte hij aan zijn veters. "Ben ik... was ik... de eerste?" Waarom wilde hij dat überhaupt weten? Een soort ziek gevoel van nieuwsgierigheid?
  40. 3 points
    Godsamme. Valentine vloekte in zichzelf, terwijl hij zichzelf van haar wegtrok, maar tegelijkertijd zijn eigen lichaam dwong om zich te ontspannen, om beide voeten weer neer te zetten, zijn vuisten niet langer te ballen, eruit te zien voor de rest van de zaal alsof er helemaal niets was gebeurd, alsof hij zonet niet een rare kerm had geslaakt, alsof hij niet zijn handen van zijn eigen vrouw had afgetrokken alsof ze hem pijn deed. Had ze ook gedaan, verdomme. "Waar slaat dit op?" siste hij, terwijl hij onbewust afstand bewaarde tussen hem en Daniella. Hij had een glas laten vallen, tussen hen, en een bediende kwam er snel op af om wat op te ruimen, maar de man keek ongemakkelijk heen en weer en dat maakte Valentine nog bozer. "Ik deed niet eens wat!" Zijn vingers voelden nog steeds aan alsof ze onder stroom stonden, dus die schudde hij pijnlijk heen en weer.
  41. 3 points
    See, she might not like protective detail as much as she would come to like investigative work, but she definitely did like it - it was quite adorable really, to see her virtually bubble over with excitement over checking whether or not the cakes had been poisoned. Although he probably ought not mention that in exactly those terms to her. Aurors rarely appreciated being cute. And what did you know, one of the cakes actually was poisoned. The atmosphere, at least for the adults in the room, changed a little, became just a bit more grim, got another tone to its ongoing conversation, as the credible threat went from credible to actual. Katherine, paler than before, seemed uncertain. “I... ordered them from a shop in London. The one the children go to with their parents, I think.” Oh dear. The kids still seemed oblivious, fortunately. They were engrossed in their playthings. He re ran the spell, not necessarily because he thought Andy wouldn’t have done a good job on it but because before you started screaming at staff members it was always good to see if you hadn’t encountered a false positive, and got the same results. Thus, he picked up the cakes and put them all into a little bubble of a magical container. “True, it’s either a very clumsy attempt or we’re missing something,” he nodded approvingly to Andromache. “Depending on how good these people are, they could have poisoned everything with something that doesn’t show up from a standard aurors’ test...” So he ran a couple non-standard tests, explaining them as he went, but nothing showed. He then looked at the cake more closely. “What kind of cake is this?” What? He wasn’t well versed in baked goods, okay? Katherine looked at him quizzically. “Does it have... marzipan or alcohol or something that would have changed the odds of knowing who’d eat it,” he explained. “Oh,” she said, frowned and considered it. So clearly no, because if she had to think about it, she wouldn’t have stopped anyone from eating it. Georgia piped up, tugging at Andromache’s dress. “I wouldn’t eat it. I hate cakes. Can we draw pictures?”
  42. 3 points
    Desmond Thwaite

    [1837/1838] Eindfeest

    Lyre was niet de enige die verliefd was op dit eindfeest, Desmond was het ook! Niet dat hij wist van Lyre's gevoelens of dat Lyre wist van zijn gevoelens, dat waren van die dingen die je echt nog niet deelde als het allemaal nog zo nieuw was. Dit was de eerste keer dat hij verliefd was en hij vond het eerlijk gezegd behoorlijk verwarrend. Plotseling waren zijn gedachten gevuld door haar en hij was een paar weken geleden zelfs vergeten zijn huiswerk te maken omdat hij met haar een spelletje had gedaan. Ja, zij had hem gevraagd en hoe had hij nee kunnen zeggen? En sindsdien kon hij echt niets anders dan aan haar denken, aan de manier waarop ze lachte, hoe zenuwachtig hij zich voelde als hij bij haar in de buurt was en hoe mooi ze was. Dus, Desmond had zichzelf heel netjes aangekleed vandaag (volgens advies van Heaven Priest, hoor, niet volgens zijn eigen advies, dus alles matchte goed bij elkaar) en zijn haar netjes achterover gekamd met behulp van een beetje olie en hij zag er echt op zijn allerbest uit toen hij op het eindfeest terecht kwam. Zijn blik viel op Lyre en hij zwaaide even vrolijk naar haar. En liep toen door om naast Theresa te gaan staan. "Hallo," zei hij, een klein tikje ademloos want hij vergat haast hoe hij adem moest halen. Wat had Caspian hem ook alweer verteld toen hij om advies vroeg? Oh ja, geef haar complimentjes. "Je ziet er echt heel mooi uit vandaag!' En laat zien dat je veel geld hebt. "Wil je dat ik iets voor je koop?"
  43. 3 points
    Met haar beroep zou Audrey waarschijnlijk er van overtuigd moeten zijn dat alle mannen klootzakken waren, veel van hen die bij haar kwamen hadden immers een trouwring om hun vinger en een vrouw die bezorgd thuis zat. Maar eerlijk, ze stond er gewoon nooit zo bij stil. (Ze voelde zich vast schuldig als er echt een keer een echtgenoot naar het bordeel kwam om verhaal te halen maar zonder directe confrontatie dacht ze er gewoon niet bij na). Dus toen Christa vertelde dat ze verliefd was geweest op een klootzak was ze meteen heel geschrokken. “Oooooh wat vervelend”, medelevend keek ze haar vriendin aan, “wat deed hij dan?”, ze was natuurlijk wel nieuwsgierig. “En hielp winkelen bij jou om eroverheen te komen”, dat was ook belangrijk om te weten. Ze ging een hele winkel leegkopen als het haar over verliefdheid heen bracht.
  44. 3 points
    Goh, dit was meestal niet de emoties die hij gewoon was in de buurt van Daniella en moord. Iemand was altijd boos geweest, in alle eerlijkheid, of hij het nou was of Daniella... Hoewel er wel die ene keer was geweest dat hij erachter was gekomen dat ze zijn zus vermoord had, maar toen had hij eerder wanhoop gevoeld dan woede. Maar nu was het lijk dat naast hen lag in stukken geen probleem, want ze was niemand, niet van belang, en Daniella straalde. "Ze is iemands dienstmeisje," zei hij achteloos, terwijl hij Daniella tegen hem aantrok. "Geen familie, wilde een betere baan..." Zo had hij haar naar hen toe gelokt. Wat een dom kind, eigenlijk, was blijkbaar zo wanhopig om naar een ander huis te gaan dat ze zo met hem mee was gelopen toen hij haar aan had gesproken op de Wegisweg. "Ze liep zo met me mee de kelder in, maar toen ik de deur achter haar dichtgooide begon ze te huilen." Hij grijnsde, terwijl hij gretig zijn handen in Daniella's haren wikkelde. "En dat huilen hield niet op..."
  45. 3 points
    Thurion smiled, sipping from his wine. “Actually, the Healing is rather more a tradition on the Scottish side of the family, your uncle Thanatos, his father and grandfather and so on. They’re a more... traditional bunch.” He had a couple of bites of his food, not to postpone this discussion in any way - he did not mind it, he was rather curious to see what Phoenix would make of it. “Daniel married into that family, as you know and this seemed to best answer those expectations, what with Thanatos’ own son having foregone it.” Than had seemed very happy to have a Healer in the family still, and it had not seemed to occur to him that Elaine might have also done it - admittedly, Thurion would not have pressed that thought either, because she was a girl and it just wasn’t the same. There were some things a man had to take care of. Plus, he’d had other reasons not to press that thought, other reasons to go out of his way to use Daniel as a patch on both their families. Both Than and he had a stake in solving this little family blow up. In making sure their interests by and large aligned. He ate some more, finishing the starter. He always liked the small French portions where starters made you feel like the next course. “I studied history, in fact. So I’ve quite some experience with picking a study based on interest rather than the subsequent career options it provides... and I understand, I just wanted to give you that piece of advice.” He smiled carefully, reflecting on his memories. “I got a lot of grief over it from my dad at the time, let me tell you that, and I somewhat wish I’d listened - though I had a lovely time with my studies, and that’s very important as well. And of course, for me, what I studied didn’t prevent me from after that still doing quite well at what I wanted to do. That’s the advantage of a family business, isn’t it.” His food done, he proceeded with his wine quite contentedly until Phoenix would catch up. He was liking the boy more than he would have thought, liking the moment more than he would have thought, feeling uncharacteristically, unexpectedly like sharing in the company of his younger son, which prompted him to say: “You’d be most welcome to come and have a look there, too, incidentally, perhaps over the summer if you’d like.” He didn’t know what it was that was making this meal easy. Perhaps that Phoenix wasn’t yelling at him about abandonment and irresponsibility, which after all meant that it could have been worse. Perhaps he was just old enough now not to fuss anymore. Perhaps he was arrogant enough to have never fussed much. “The crystals? Ah, a good segue,” he grinned, leaning back. “They’re a family tradition. We have been in the jewelry business for hundreds of years... the most beautiful gems we find, the ones most special to us, we turn into family heirlooms... gifts. Wedding rings are a big one, so that our wives become part of the family, are accepted as such by the enchantments in our homes - the one you live in presently, in Edinburgh, is such a one, should you want to invite people into it they’ll have to carry a key - a stone. Children, under seventeen, that’s fine. And for you, the crystals I’ve given you, those are mine, they carry my magical signature. They’re for your achievements through a magical life.” He smiled. “You can use any of them to turn into yours and give them to the persons you want to share that magical life with. Well, that’s the long and short of the tradition, basically. Did that answer your questions?”
  46. 3 points
    Ja ja, het was illegaal. Nou en? Des te meer reden om het in deze context te doen, om ervoor te zorgen dat Pearl en Lydia wat er dan ook tussen hen speelde fijn en veilig thuis in Delavall Hall uit konden laten spelen, in plaats van dat hij er kwaad over werd en ze de volgende keer zo uit de bocht zouden vliegen in de lokale pub, nietwaar? Hier althans was hij er nog, was zijn reputatie en zijn aanwezigheid en zijn huwelijk met Lydia genoeg om enige verdenkingen van een dergelijk voorgeval in de ban te doen. Bij vrouwen gingen mensen er toch altijd wel van uit dat ze gewoon goede vriendinnen waren, nietwaar. En zelfs zijn eigen affaire met Pearl zou, als die uitkwam - wat niet zo’n ramp zou zijn, want zo schandalig waren reguliere affaires van rijke mannen met leuke meiden nou ook weer niet, beetje dime a dozen- als een extra schild tegen deze optie fungeren. Kon de wet Lawrence niet schelen? Welnu... nee, niet echt, niet wanneer hij de logica ervan niet kon inzien. Wat hij bij wetten over homoseksualiteit nooit zo had gekund. Het was of een ziekte, en dan moest je het genezen in plaats van het criminaliseren, of het was een ongewenst gedrag en dan moest je hem nog maar eens uitleggen waarom het dan zo ongewenst was. Hij kon er niet van walgen, of wel? Hij lachte, knuffelde Pearl losjes terug. “Dank je, dank je,” zei hij monter, een klein randje van humor aan de woorden. Geweldig, he? Maar het was fijn haar zo opgelucht te zien. Kon dat bij Lydia nou ook maar. Serieus, wat kostte het om haar gelukkig te maken? Hij had haar nu alles gegeven wat hij had, zijn liefje incluis! Maar hij bleef rustig, want zo was hij, en glimlachte. “Heel zeker,” bevestigde hij. “En ja, alles ging goed, maar op deze manier gaat het dan toch nog beter?” Hij had wel een paar vragen voor haar, over of ze lesbisch was, of ze dat eerder had geweten, of dat een invloed had gehad op haar karakter en haar... ah, mentale gesteldheid. Maar ze had nu te veel gedronken daarvoor en sowieso wist hij niet of hij het haar zou durven vragen. Straks ging ze er weer op achteruit. “Maar voor met z’n drieën in bed pas ik althans vannacht...” Hij grijnsde. “Gaan jullie maar lekker bij elkaar liggen en elkaar morgen gezelschap houden met de kater. Ik zal wat drankjes bereiden.” Hij kuste Pearl op haar voorhoofd en Lydia op haar hand, besloot met een “Slaap wel, dames”, en ging naar zolder om die drankjes alvast maar klaar te hebben. Mocht hij nadenken over wat Pearl en Lydia aan het doen waren ondertussen, dan was dat slechts met milde nieuwsgierigheid. lawrence out
  47. 3 points
    Uitgeput leunde Geoffrey achterover in zijn stoel en zuchtte. De werkdag was voorbij, het was weer slopend geweest, hoewel hij vandaag redelijk ongeschonden de lessen doorgekomen was. Het Dreuzelkundelokaal was nu leeg; tafels en stoelen waren verschoven omdat de laatste horde ouderejaars het lokaal als dolle stieren hadden verlaten. Hij sloot zijn ogen ervoor: er was niets wat de huis-elfen van Zweinstein niet op konden lossen, dus hij hoefde zich er niet druk om te maken. Stiekem, onderhuids, stak het onvermogen hem wel; dat hij niet in staat was om de leerlingen onder controle te houden. Hij had nul komma nul overwicht in de klas. Regelmatig zocht hij naar de voordelen daarvan: zou het niet gemakkelijker zijn om iets te leren van een vriend dan van een autoritaire docent? Want gek genoeg zag hij de kinderen die het zo op zijn gemoed gemunt hadden niet als vijanden. De resultaten waren doorgaans redelijk goed; er was nooit een hele klas met een onvoldoende en de keren dat hij een Zwakzinnig uit had moeten delen waren nog op één hand te tellen. Toch moest het beter kunnen. Hij haatte zichzelf om zijn incapabele voorkomen en dat hij zich al maanden op het randje van overspannenheid bevond. Hij deed zijn best en toch was hij niets waard. Op zijn bureau lonkte een stapel perkamenten: zou hij eerst met zijn collega’s thee gaan drinken, of zou hij eerst het werk van de vierdejaars Ravenklauwen beordelen? Eerst thee, fluisterde zijn zwakke gemoed. Eerst nakijken, brulde zijn innerlijke controlfreak. Met lichte tegenzin schoof hij het werk naar zich toe en nam zijn inktpot en veer ter hand. Een glimlach verscheen op zijn gezicht toen een leerling een uitgebreide omschrijving had gemaakt van een zwart Dreuzelpaard waarin zich een Terzieler moest verschuilen. Uiteraard strookte het niet met alles wat hij over paarden had verteld, dus helaas. Een klop op de deur liet hem opschrikken. “Binnen,” zei hij uit automatisme, en had daar gelijk spijt van, aangezien het Sergei zou kunnen zijn (om hem te ontslaan? Nee, toch?) en dan was het wel erg onbehulpzaam. Geoffrey vloog overeind, bedacht ondertussen al allerlei verontschuldigingen en opende de deur. Een eerstejaars staarde hem met grote ogen aan. “Miss Carrington,” groette hij. Het had zeker tot kerst geduurd voordat hij de namen van zijn leerlingen had geweten, en soms haalde hij ze nog door elkaar. “Toch?” voegde hij er onzeker aan toe. “Wat kan ik voor je doen?” ((OOC: Privé met Daila!))
  48. 3 points
    Normaal. Normaal. Niks was verdomme nog normaal. Haar hele leven was een puinhoop sinds afgelopen zomer en alles was veranderd. Ze sprak haar vrienden bijna niet meer, ze had haar familie al maanden niet meer gezien, ze kon zich niet eens meer normaal over straat bewegen of normaal afspreken met iemand een cafétje. zonder dat ze zich onveilig voelde Ze had geen studie meer, geen werk en haar enige nuttige bezigheid leek wel het voorbereiden van de rechtszaak en zelfs daarvan had ze het gevoel dat ze er incapabel voor was. Eva probeerde er nooit teveel bij stil te staan. Het hielp om te focussen op de toekomst, op de mogelijkheden, maar er waren momenten, momenten zoals deze, waarop het haar toch allemaal even overviel. Maar zo bedoelde Keane het natuurlijk niet en hij had gelijk, dit was niet het moment om de emoties de overhand te laten nemen, al was dat erg lastig als je lichaam vol stond van de hormonen en je af en toe niet eens meer wist waarom je nu opeens deze emotie ervaarde. Eva nam een slokje van haar thee en dat hielp, of misschien kwam het vooral door wat Keane toen zei. Hij had haar oma gesproken? Een hoopvolle, nieuwsgierige blik trok over haar gezicht en het liefst zou ze hem nu duizend vragen stellen. Het was alweer zo lang geleden dat ze haar oma voor het laatst had gezien. Ze had wel wat brieven met haar uitgewisseld, en met haar ouders, maar dat was niet hetzelfde en bovendien voelden brieven vol halve verwijten nou ook niet echt als thuiskomen. Eva zou dolgraag willen weten hoe het echt met ze ging, maar ook die vragen konden bovenop de stapel onderwerpen die ze later maar eens moesten bespreken. Als het waar was wat Keane zei –en ze ging er van uit dat het waar was, want ze kon zich niet voorstellen waarom hij dat zou verzinnen of dat zijn grootvader het goed zou vinden als hij contact met haar familie had gehad- dan hoefde ze zich wellicht niet zo’n zorgen te maken over zijn plan. Want het was haar familie, die zouden uiteindelijk toch alleen maar het beste voor haar willen? Eva besloot hem voor nu het voordeel van de twijfel te gunnen. Een schikking… Eigenlijk was het een kwestie van tijd geweest voor de Cadwgan’s haar ooit een schikking aan zouden bieden. Het had Evangeline half verbaasd dat Graaf Radnor haar voor Keane’s bruiloft niet om had proberen om te kopen. Niet dat dat veel effect zou hebben gehad. Eva was over het algemeen niet zo geïnteresseerd in veel geld. Nu wel, maar dat was de eerste keer dat ze er om had gevraagd. En deze hele rechtszaak ging niet alleen om geld. Het ging om zoveel meer dan dat. Voor haarzelf en voor haar kindje, maar ook voor Keane en zelfs zijn moeder. “Je kan hem vertellen dat hij die schikking kan steken waar de zon niet schijnt,” mompelde ze zachtjes achter haar theekopje, zodat alleen Keane het kon horen en ze wierp hem een schuin glimlachje toe. Maar dat was vast niet het antwoord waar de mensen om hen heen op zaten te wachten, dus besloot ze Keane’s voorbeeld maar te volgen en vervolgde iets luider. “En wat zijn de voorwaarden daarvoor precies?”
  49. 3 points
    Helena kon het niet helpen dat er een schamper lachje haar lippen ontglipte toen Keane Cadwgan verklaarde dat het allemaal niet zo makkelijk was geweest. Had deze jongen ooit wel eens iets van het echte leven gezien? Ze had wel eens gehoord dat Keane niet zijn hele leven in Cadwgan Castle was opgegroeid, maar daar gedroeg hij zich toch niet daar, want een beetje perspectief was er in zijn woorden niet te vinden. Er waren mensen op de wereld die letterlijk bijna dood gingen van de honger, maar ach, je zou maar wat reputatieschade oplopen. Zeker als man was dat iets wat toch wel te overkomen was en het was niks in vergelijking wat met vrouwen soms meemaakten voor nog veel minder. "Het vleit me dat u ook zo bezorgd bent om Evangeline's reputatie, maar als dat uw voornaamste argument is dan vrees ik dat u toch teleur moet stellen. De laatste keer dat ik er naar keek was er al niet echt meer iets van haar reputatie over. Gebroken relaties, gebroken verlovingen, een kind van een onzekere afkomst… En natuurlijk zijn dat allemaal dingen die u ook hebt meegemaakt, maar... voor vrouwen is het anders.” Ja, hij was een man en rijk en als hij wilde hoefde hij zich niet al te veel zorgen te maken over al die voorgenoemde zaken, want mannen konden best relaties hebben en gebroken verlovingen waren toch niet compleet hun schuld en kinderen kon je laten waar je wilde, precies zoals hij blijkbaar van plan was om te doen. Alsof de hele wereld alleen maar draaide om geld en je de rest van je problemen er achter kon verstoppen. Zijn hele plannetje zou niks betekenen iemands reputatie, behalve die van hemzelf. "Dus u bent er zeker van dat het een bastaard is?" reageerde ze, wat feller dan de bedoeling was, maar het gemak waarmee hij zijn oplossingen -die alles behalve echte oplossingen waren, maar meer het wegschuiven van een probleem- aan haar voorlegde irriteerde haar mateloos. Ze betwijfelde of Keane zo zeker was van zijn zaak, het klonk meer alsof hij gewoon de makkelijkste ‘oplossing’ aangreep. Dat was niet eerlijk, hij was onderdeel van het probleem hier en er ging niks veranderen zolang hij niet ook veranderde. “Wilt u de waarheid dan niet weten? Of kan u er wel mee leven als u mensen veroordeelt tot een leven dat ze misschien niet eens hebben verdient.” Wie weet had hij meer weg van zijn grootvader dan gedacht. En natuurlijk waren er meer families met bastaarden, maar hopelijk besefte Keane ook wel dat dat geen eerlijke vergelijking was. "Deze situatie lijkt me veel te complex om met andere families te vergelijken," veegde Helena kalm en snel zijn argument van tafel. "Bovendien is er in het scenario dat u zojuist hebt geschetst één ding dat u vergeet. Bastaarden, en zeker bastaarden met een onzekere claim op bepaalde zaken," en koppige moeders, "zullen altijd een bedreiging zijn." 'Dus meneer 'meer kan ik uiteraard niet doen', ik zou toch maar eens van je luie reet afkomen en niet zomaar alles aan het lot overlaten.
  50. 3 points
    De professor bood haar geen thee aan, merkte ze op. Dat was toch een beetje onbeleefd, maar het zou nog onbeleefder zijn om ernaar te vragen – en dus zakte ze ietwat op haar hoede in de fauteuil voor het haardvuur. Abby was nog maar een klein meisje, en haar voeten bungelden naar beneden terwijl ze haar tenen uitstrekte om wat meer warmte van het haardvuur te kunnen opvangen. Gelukkig was het in de leerlingenkamer van Griffoendor en op de slaapzalen wel warm! “Het is heel koud” knikte ze, terwijl ze de leraar een glimlachje toeschoof. “Kouder dan in Londen, heb ik het idee! Niet waar?” Ze wist niet waar professor Grey vandaan kwam, maar ze had altijd al iets gehad met accenten en hij klonk verre van noordelijk, dus vandaar dat ze dit wel met enige zekerheid kon vragen. Dat met accenten gold voor haarzelf overigens weer anders, want met een Amerikaanse vader en een Britse moeder wist ze dat haar eigen accent geografisch lastig te plaatsen was. Dat betekende niet dat ze niet goed was in andere accenten na doen, wat ze wel eens deed om haar grote broer en zus aan het lachen te maken. Vooral haar impressie van het knauwende Amerikaans van haar vader werd erg hilarisch bevonden. “We zijn het er niet over eens wat de groepsopdracht nou daadwerkelijk inhoudt, professor” legde ze uit, terwijl ze haar donkerblauwe ogen op de man focuste. “U zei dat we een scene uit het dagelijks leven van dreuzels moeten naspelen, met kleding en al, maar ik snap gewoon niet waar deze voor dienen!” Ze rommelde wat in haar tas, voordat ze een handvol krulspelden eruit haalde en deze op tafel deponeerde. “Clementine zegt dat deze bij dreuzelvrouwen horen en Lara Jane zegt dat ze zichzelf ermee kunnen verdedigen! Want kijk… die puntjes.” Ze wees naar de haren van de krulspelden. “Maar weet u..." Ze verlaagde haar stem ietwat. "... Ikzelf denk dat ze zijn voor… opvulling.” Abby’s wangen kleurden ietwat roze. “Nu… mijn grote zus Caroline vult wel eens… zaken op en ik dacht, misschien doen dreuzels dat zo!” Ze wees nogmaals naar de krulspelden. “Maar weet u, ik heb het uitgeprobeerd, en het is echt in het geheel niet fijn! Dus misschien is het voor straf? Of als de kinderen stout zijn? Maar volgens Clemmy behoorden ze toch echt specifiek tot de vrouwen… Maar worden dan alleen dreuzelmeisjes gestraft?” Dit was echt een groot mysterie.
This leaderboard is set to Amsterdam/GMT+01:00
×